Diksmuide past parkeerregels aan en kijkt naar veiligere fietsroutes

18 november 2025
Op maandag 17 november 2025, in het stadhuis van Diksmuide, kwamen gemeenteraad en raad voor maatschappelijk welzijn samen voor een reeks dossiers over mobiliteit, parkeren, fiscaliteit en investeringen. Schepen voor financiën, mobiliteit en openbare werken Kurt Vanlerberghe lichtte onder meer nieuwe regels voor de blauwe zone toe, beslissingen rond deelfietsen en autodelen, aangepaste belastingreglementen en een grote lening die het meerjarenplan moet ondersteunen. Ook de verkeerssituatie in de Kleine en Grote Dijk en de discussie over voorstellen van Vlaams Belang voor de blauwe zone kregen aandacht.
Laadpaal in Noordbroekstraat voor wie geen eigen aansluiting heeft
Op 8 juli 2024 diende de stad bij de administratie Wegen en Verkeer van het departement Mobiliteit en Openbare Werken een aanvraag in voor een laadpaal volgens het principe “paal volgt wagen”. Dat systeem is bedoeld voor inwoners met een elektrische wagen die zelf geen laadpunt op privéterrein kunnen plaatsen. Zij hebben recht op een publieke laadpaal binnen een straal van 250 meter van hun woning.
In dit dossier gaat het om een locatie aan het begin van de Noordbroekstraat, wanneer men inrijdt vanuit de Woumenweg (N35), aan de linkerzijde van de straat. Om dat laadpunt juridisch in orde te brengen, wordt het aanvullend verkeersreglement aangepast. Zo wil de stad de opmars van elektrische mobiliteit praktisch mogelijk maken voor inwoners die niet over een oprit of garage beschikken.
Nieuwe retributies voor blauwe zone en bewonersparkeren
De gemeenteraad besliste dat bij vaststelling van parkeren in strijd met de voorschriften van de blauwe zone vanaf donderdag 1 januari 2026 een retributie van 33,50 euro wordt aangerekend. Het bestaande reglement over parkeren in zones met beperkte parkeertijd blijft voor het overige nagenoeg ongewijzigd gelden voor de komende jaren.
Om het gelijkheidsbeginsel te respecteren, wordt wel een passage aangepast. In artikel 6, paragraaf 3, eerste opsommingstekst verdwijnen de woorden “en buitenlandse nummerplaathouders”, zoals eerder al in de toelichting bij het reglement werd aangekondigd. Daarmee verdwijnt een onderscheid dat geen stand hield tegenover de algemene regel dat alle bestuurders gelijk behandeld worden.
Ook het reglement over bewonersparkeren en bewonerskaarten krijgt dezelfde correctie. De eerste bewonerskaart blijft gratis, terwijl de tweede en derde bewonerskaart 130 euro per jaar kosten. In artikel 11, eerste opsommingstekst, worden opnieuw de woorden “en buitenlandse nummerplaathouders” geschrapt. Zo lopen de juridische tekst en de eerder gegeven uitleg weer gelijk.
Deelfietsen en deelauto’s: oude systemen verdwijnen, nieuwe aanbod blijft
In 2019 liet de stad tien groene deelfietsen plaatsen aan het station van Diksmuide. Dat systeem is sinds kort buiten gebruik, omdat eind augustus 2025, in overleg met de Vervoerregio Westhoek, een nieuwe formule met deelfietsen van Mobit werd ingevoerd. De vroegere fietsen zijn geen eigendom van de stad meer. Daarom wordt het oude retributiereglement voor dat systeem opgeheven. De stad kan geen vergoeding aanrekenen voor fietsen die niet langer in haar patrimonium zitten.
Ook het project “Autodelen” uit 2017 wordt afgesloten. Destijds besliste de stad om één van haar voertuigen open te stellen voor inwoners die een auto wilden delen. Intussen voorziet de Vervoerregio Westhoek twee deelauto’s van Claus2You in de Bortierlaan, één elektrische wagen en één voertuig op benzine. Omdat de stad ook daarvan geen eigenaar is, vervalt het gemeentelijk reglement dat hieraan gekoppeld was. Diksmuide schuift daarmee door naar een rol als facilitator, terwijl externe aanbieders de gedeelde voertuigen uitbaten.
Belastingen 2026–2031: indexatie en gerichte vrijstellingen
Een tweede reeks gemeentelijke belastingreglementen voor de periode van 2026 tot en met 2031 werd ter goedkeuring voorgelegd. Voor de belasting op bedrijfsvestigingen blijven de grote lijnen behouden, met een indexatie van de tarieven. Tegelijk komen er drie nieuwe vrijstellingen. Student-zelfstandigen worden niet langer beschouwd als belastingplichtig, wat moet helpen om ondernemerschap tijdens de studieperiode aan te moedigen. Verenigingen van mede-eigenaars met een ondernemingsnummer, die zich uitsluitend bezighouden met het beheer van de gemeenschappelijke delen van appartementsgebouwen, worden voortaan niet meer belast. Ook startende ondernemingen krijgen in hun eerste jaar een vrijstelling, zodat de fiscale druk in de opstartfase beperkt blijft.
Het reglement voor de belasting op reclamedragers die zichtbaar zijn vanop de openbare weg wordt versoepeld na eerdere discussies over onbillijke situaties. Voortaan geldt een verwittigingsplicht: de stad wijst eigenaars van reclameborden eerst op een mogelijke belasting. Enkel borden die na vijf werkdagen nog altijd niet verwijderd zijn, geven aanleiding tot een effectieve heffing. Naast indexatie wordt duidelijk gesteld dat borden met de vermelding “te koop” en “te huur” vrijgesteld zijn, behalve wanneer het gaat om vastgoedpromotie. De vrijstelling voor borden in de nabijheid van de vestiging wordt verruimd: niet langer één bord binnen 250 meter, maar twee borden binnen 500 meter van de vestiging komen in aanmerking. Dit reglement staat los van de regels rond omgevingsvergunningen en verandert daar niets aan.
Voor de belasting op onbebouwde bouwgronden in woongebied en onbebouwde kavels in verkavelingen wordt eveneens geïndexeerd. Daarnaast komen er enkele gerichte aanpassingen. Percelen in woonuitbreidingsgebied waarvoor de gemeenteraad nog geen definitief vrijgavebesluit nam, worden vrijgesteld. Gronden die volgens een beslissing van een administratieve overheid niet voor bebouwing in aanmerking komen, bijvoorbeeld na een definitieve weigering van een omgevingsvergunning om die reden, worden eveneens vrijgesteld. Zo wil de stad vermijden dat eigenaars betalen voor percelen waarop in de praktijk geen woning kan worden opgetrokken.
Lening van 3,125 miljoen euro voor investeringen op lange termijn
De raad kreeg een bestek voorgelegd voor een lening van 3.125.000 euro, in lijn met het meerjarenplan 2020–2025. De looptijd is vastgesteld op twintig jaar. In het bestek wordt zowel een vaste rentevoet voor die volledige periode gevraagd als een driemaandelijks herzienbare rentevoet. Het college van burgemeester en schepenen zal aan de hand van de binnengekomen offertes bepalen welke formule op dat moment het voordeligst is voor de stadskas.
Volgens de toelichting blijven rentevoeten op korte en lange termijn afhankelijk van een brede waaier aan geopolitieke en economische factoren. De uiteindelijke keuze is daardoor nooit volledig voorspelbaar, maar moet wel zorgen voor een evenwicht tussen betaalbare aflossingen en ruimte voor toekomstige investeringen.
Kleine en Grote Dijk opnieuw bekeken vanuit de bril van de fietser
De verkeersveiligheid in de Kleine en Grote Dijk blijft een zorgpunt. Enkele jaren geleden werd in deze straten een fietszone ingevoerd, precies omdat fietsers er zich onveilig voelden. Toch tonen recente vaststellingen dat de situatie nog niet op niveau is. Er wordt plaatselijk te snel gereden, de controle daarop is beperkt en zowel de Kleine als de Grote Dijk functioneren in de ochtend- en avondspits als sluipweg voor autoverkeer.
Volgens schepen Kurt Vanlerberghe ontbreekt het sommige bestuurders aan discipline om achter fietsers te blijven. Zij duwen de fietser soms zelfs richting parkeerstrook, wat voor een kwetsbare weggebruiker zeer onaangenaam is. Fietsen tegen de rijrichting is door de smalle straatbreedte bijzonder lastig: er is nauwelijks ruimte om uit te wijken.
Een van de pistes waar de stad aan werkt, is een wandel- en fietsverbinding aan de achterzijde van de woningen, tussen de Beerstblotestraat en de Galileïstraat, doorgetrokken tot de Oostendestraat. Die route moet een alternatief traject creëren, weg van druk autoverkeer. Tegelijk ligt een fundamentelere vraag op tafel: blijft de huidige rijrichting in de Grote en Kleine Dijk behouden, of komt er een andere regeling? Een denkspoor is om bestuurders niet langer via deze straten van de Oostendestraat naar de IJzerlaan te laten rijden, maar hen verplicht te laten afslaan aan de Vismarkt. Binnen de herziening van het mobiliteitsplan zullen verschillende varianten onderzocht worden en later ter bespreking voorgelegd worden.
Blauwe zone, STOMP-principe en discussie met Vlaams Belang
De knelpunten in de blauwe zone vormden een afzonderlijk agendapunt. Het uitgangspunt van het parkeerbeleid blijft dat veel autobestuurders liefst zo dicht mogelijk bij hun bestemming parkeren, terwijl het aantal plaatsen beperkt is. Om daarmee om te gaan, hanteert de stad het STOMP-principe: eerst stappen, dan trappen met de fiets, vervolgens openbaar vervoer, daarna mobility as a service zoals deelvervoer en pas op het einde de eigen wagen. In een landelijke omgeving als Diksmuide blijft de auto evenwel sterk aanwezig, zodat regulering van het parkeren nodig blijft.
Wie langdurig in Diksmuide verblijft, wordt gericht naar de centrumparkings aan het station, in de Beerstblotestraat en in de Fabriekstraat. Bestuurders die maximaal twee uur willen parkeren, kunnen terecht in de blauwe zone. Voor korte boodschappen bij bijvoorbeeld bakker, apotheker of slager zijn er Shop & Go-plaatsen. Het doel is een voldoende rotatie zodat bezoekers een plaats vinden in het commerciële hart van de stad.
Volgens de toelichting botst een voorstel van Vlaams Belang met die uitgangspunten. De fractie erkent dat de blauwe zone bedoeld is om de parkeerrotatie te verhogen, maar stelt voor om de maximale parkeertijd in deze zone op te trekken tot vier uur, omdat dat volgens haar in vele steden de norm zou zijn. Vanlerberghe wijst erop dat artikel 27.1.2 van de Wegcode een standaardduur van twee uur vastlegt en dat een blauwe zone van vier uur haaks staat op het idee van een snelle doorstroming van parkeerplaatsen. Als bezoekers toch vier uur op de Grote Markt of in de Generaal Baron Jacquesstraat zouden mogen staan, daalt de stimulans om een centrumparking te gebruiken.
Vlaams Belang vraagt daarnaast extra aandacht voor personen met een handicap en stelt voor om het aantal Shop & Go-plaatsen op te trekken van dertig naar zestig, waarbij op een aanzienlijk deel van die plaatsen houders van een parkeerkaart tot vier uur zouden mogen blijven staan. Volgens Vanlerberghe creëert dat het risico dat plaatsen dicht bij bakkers, slagers en apothekers een hele dag ingenomen blijven. Dat strookt volgens hem niet met de vraag van handelaars en van de meeste inwoners, die snel even willen parkeren voor een basisboodschap.
Voor zorgverstrekkers herinnerde de schepen eraan dat er al acht jaar een systeem bestaat met stickers op garagepoorten, waardoor zij vlak bij de woning van hun patiënt kunnen parkeren. In zijn ogen is dat praktischer dan Shop & Go-plaatsen lang bezet te houden. Het bijkomende voorstel om zorgverstrekkers bovendien twee uur op parkeerplaatsen voor personen met een handicap te laten staan, lijkt volgens hem in te gaan tegen het doel van deze plaatsen en mogelijk ook tegen artikel 27bis van de Wegcode. De voorgestelde wijzigingen worden daarom niet overgenomen.
Bronnen:
Stad Diksmuide – persnota gemeenteraad en raad voor maatschappelijk welzijn 17 november 2025
Kurt Vanlerberghe, schepen voor financiën, mobiliteit en openbare werken stad Diksmuide
Andy Vermaut +32499357495 (Als je een probleem hebt met de inhoud van een artikel, kan je me altijd mailen op info@indegazette.be – best zo weinig mogelijk mensen in cc zetten, want anders komt dit in de spamfilter terecht. Voor elk artikel geldt een recht op antwoord van betrokkenen tot 3 maanden na publicatie van het artikel)


