Europees commissaris Hadja Lahbib bedankt Andy Vermaut en Pieter Paul Moens persoonlijk: “Jullie energie heeft al deuren geopend”

De Europese Commissie heeft haar waardering uitgesproken voor de inzet van Andy Vermaut en Pieter Paul Moens om de European Disability Card en de Europese parkeerkaart voor personen met een beperking beter bekend te maken. In een persoonlijk ondertekende brief van 15 oktober 2026 bedankt Europees commissaris Hadja Lahbib hen voor hun maandenlange inspanningen, hun doorzettingsvermogen en hun bijdrage aan een Europa waarin personen met een beperking gemakkelijker over de grenzen heen kunnen reizen en deelnemen aan het maatschappelijk leven. Opvallend is dat Lahbib niet alleen terugblikt op hun engagement, maar ook uitdrukkelijk laat weten dat zij in de toekomst graag op hun energie en inzet blijft rekenen. De brief komt bovendien op een bijzonder betekenisvol moment: amper twee dagen voor de EDC Fan Dag van 17 oktober 2026 in Diksmuide, waar toegankelijkheid, armoedebestrijding, inclusie en de European Disability Card centraal staan.

Persoonlijke brief vanuit de Europese Commissie

De brief, gedateerd in Brussel op 15 oktober 2026, draagt het officiële briefhoofd van de Europese Commissie en is persoonlijk gericht aan Andy Vermaut en Pieter Paul Moens. De boodschap begint met de rechtstreekse aanspreking “Chers Andy et Pieter”, waarmee Lahbib bewust kiest voor een persoonlijke toon in plaats van een algemene institutionele verklaring. Zij schrijft dat beiden zich de afgelopen maanden onvermoeibaar hebben ingezet om de Europese handicapkaart en de Europese parkeerkaart onder de aandacht te brengen. Volgens de commissaris vraagt dat werk niet alleen tijd, maar ook volharding, temeer omdat veel van die inspanningen buiten de publieke belangstelling plaatsvinden. Ze benadrukt dat hun passie en betrokkenheid bijdragen aan de verwezenlijking van het Europese vrij verkeer voor personen met een beperking. Het is een opvallende erkenning van burgerengagement door een lid van de Europese Commissie, waarbij de persoonlijke inspanningen rechtstreeks in verband worden gebracht met de praktische betekenis van Europese rechten.

“Ik wilde jullie persoonlijk schrijven om jullie te bedanken”

De openingszin van de brief laat weinig ruimte voor twijfel over het persoonlijke karakter van de boodschap. Lahbib schrijft in het Frans dat zij beiden persoonlijk wilde aanschrijven om hen te bedanken. Vervolgens verwijst zij naar de inspanningen die de afgelopen maanden werden geleverd om de Europese kaarten bekender te maken. Daarmee erkent zij dat de invoering van Europese regelgeving niet uitsluitend afhangt van juridische procedures, parlementaire besluitvorming en administratieve voorbereiding. Ook het werk van burgers, vrijwilligers en maatschappelijke organisaties die uitleg geven, aandacht vragen en beleidsmakers aanspreken, speelt een rol in de publieke bekendheid van dergelijke initiatieven. De commissaris onderstreept bovendien dat dit engagement vaak ver van de schijnwerpers plaatsvindt. Dat is een belangrijk onderdeel van haar boodschap, omdat het verwijst naar inspanningen die doorgaans minder zichtbaar zijn dan formele politieke beslissingen.

Europese rechten mogen niet ophouden aan de landsgrenzen

Een centraal onderdeel van de brief betreft het Europese beginsel van vrij verkeer. Volgens Lahbib vertegenwoordigen de European Disability Card en de Europese parkeerkaart een eenvoudig maar maatschappelijk belangrijk idee: de rechten van personen met een beperking moeten ook betekenis behouden wanneer zij door Europa reizen. In haar boodschap benadrukt zij dat de erkenning van de handicapstatus over de landsgrenzen heen moet bijdragen aan een gemakkelijker gebruik van diensten en ondersteuning. Daarmee raakt zij aan een fundamenteel probleem waarmee personen met een beperking bij grensoverschrijdende verplaatsingen kunnen worden geconfronteerd. Wanneer nationale erkenningssystemen sterk van elkaar verschillen, is het niet altijd eenvoudig om aan te tonen dat iemand recht heeft op bepaalde faciliteiten. De Europese kaarten moeten de wederzijdse erkenning verbeteren in de situaties waarop de regelgeving van toepassing is. Zij vormen echter geen algemene Europese uitkeringskaart en geven niet automatisch toegang tot alle nationale sociale, medische of financiële voorzieningen.

Hadja Lahbib verwijst uitdrukkelijk naar de Europese invoering tegen 2028

De commissaris legt in haar brief een rechtstreeks verband tussen de sensibilisering door Vermaut en Moens en de verdere Europese uitvoering van beide kaarten. Zij schrijft dat Europa vooruitgang boekt richting de volledige invoering tegen 2028 en noemt dat een belangrijke stap naar werkelijk vrij verkeer voor miljoenen mensen. Dat tijdsperspectief is van groot belang. De Europese regelgeving over de European Disability Card en de Europese parkeerkaart werd in 2024 aangenomen, maar de lidstaten moeten de bepalingen nog omzetten en toepassen. Richtlijn (EU) 2024/2841 bepaalt dat de lidstaten uiterlijk op 5 juni 2027 de nodige wettelijke en administratieve maatregelen moeten aannemen en publiceren. De toepassing van die bepalingen moet vanaf 5 juni 2028 plaatsvinden. Daarmee is 2028 niet zomaar een symbolisch jaartal, maar een concrete mijlpaal in de uitvoering van de Europese regelgeving. Het uiteindelijke resultaat zal afhangen van de manier waarop de nationale systemen functioneren en hoe toegankelijk de bijbehorende informatie en faciliteiten worden.

“Jullie energie heeft al deuren geopend”

Een van de meest betekenisvolle passages staat aan het einde van de brief. Lahbib schrijft dat de energie van beide betrokkenen al deuren heeft geopend en voegt eraan toe dat zij hoopt daar ook in de toekomst op te kunnen blijven rekenen. Het is een persoonlijke formulering die verder gaat dan een eenvoudig bedankje voor een afgeronde activiteit. De commissaris erkent hiermee dat blijvende maatschappelijke betrokkenheid waardevol kan zijn bij de bekendmaking en praktische uitvoering van Europese initiatieven. Tegelijk verdient deze passage een zorgvuldige interpretatie. De brief houdt geen officiële benoeming, structurele samenwerking, financieringsbelofte of formele opdracht van de Europese Commissie in. Wat wel duidelijk uit de tekst blijkt, is dat Lahbib het engagement van Vermaut en Moens waardeert en hen aanmoedigt om dat werk voort te zetten. Juist die combinatie van erkenning en toekomstgerichte aanmoediging maakt haar boodschap bijzonder.

Een opmerkelijke persoonlijke herinnering aan een ontmoeting in Brussel

Naast haar officiële dankwoord heeft Hadja Lahbib onderaan de brief een persoonlijk naschrift toegevoegd. Daarin verwijst zij naar haar eerdere ontmoeting met Andy Vermaut en Pieter Paul Moens tijdens de Youth Policy Dialogue in het Belgische Stripcentrum, het Musée de la Bande Dessinée, in Brussel. Zij schrijft dat het haar een oprecht genoegen deed beiden daar te ontmoeten en sluit af met een aanmoediging om hun werk voort te zetten. Dat detail geeft de brief een bijkomende betekenis. De commissaris beperkt zich niet tot een algemene waardering voor een maatschappelijk initiatief, maar verwijst uitdrukkelijk naar een concrete ontmoeting. De handtekening onderaan de brief versterkt het persoonlijke karakter van het schrijven. Voor de geadresseerden vormt de verwijzing naar die eerdere ontmoeting een aanwijzing dat hun gesprek en hun maatschappelijke engagement bij de commissaris zijn blijven hangen.

Pieter Paul Moens zet zich al jarenlang in voor de European Disability Card

Voor Pieter Paul Moens vormt de European Disability Card al jarenlang een belangrijk aandachtspunt. Via EDC Fan Belgium vraagt hij aandacht voor de bekendheid van de kaart, de praktische toepassing ervan en de hindernissen die personen met een beperking blijven ondervinden. Zijn engagement richt zich niet uitsluitend tot Europese instellingen of nationale beleidsmakers, maar eveneens tot lokale besturen, politie, hulpdiensten, openbaarvervoermaatschappijen en andere organisaties die dagelijks met burgers in contact komen. Daarbij staat telkens de vraag centraal hoe een Europees instrument werkelijk verschil kan maken voor de personen die het gebruiken. De European Disability Card kan immers pas haar maatschappelijke betekenis waarmaken wanneer zowel de houders als de betrokken dienstverleners voldoende begrijpen waarvoor zij dient. De persoonlijke erkenning door Hadja Lahbib sluit rechtstreeks aan bij die benadering. Zij benadrukt namelijk dat de bekendmaking van de kaart en de volgehouden inzet van burgers bijdragen aan de verdere verwezenlijking van de Europese doelstellingen.

Andy Vermaut brengt Europese toegankelijkheidsrechten onder de publieke aandacht

Ook Andy Vermaut wordt in de brief rechtstreeks bedankt voor zijn betrokkenheid bij de sensibilisering rond de European Disability Card en de Europese parkeerkaart. Als journalist van indegazette.be en bestuurslid van de Europese Beweging België besteedt hij aandacht aan de maatschappelijke betekenis van deze instrumenten en aan de ervaringen van personen met een beperking. In de aanloop naar de EDC Fan Dag van 17 oktober in Diksmuide verschenen op indegazette.be talrijke afzonderlijke artikels over bijdragen van Europese, federale en lokale politici, belangenorganisaties, deskundigen en burgers. Daarbij kwamen onder meer de herkenbaarheid van de European Disability Card, de omgang met niet-zichtbare beperkingen, de rol van politie en hulpdiensten, de positie van neurodivergente personen en de noodzaak van toegankelijke informatie aan bod. De persoonlijke brief van Lahbib voegt een Europees institutioneel perspectief toe aan die berichtgeving en bevestigt dat het onderwerp ook op het niveau van de Europese Commissie aandacht krijgt.

Wat bepaalt de Europese wetgeving precies?

De Europese richtlijn over de European Disability Card en de Europese parkeerkaart werd op 23 oktober 2024 aangenomen als Richtlijn (EU) 2024/2841. De regelgeving heeft tot doel de wederzijdse erkenning van een handicapstatus in bepaalde grensoverschrijdende situaties te vergemakkelijken en een gemeenschappelijk model voor de Europese parkeerkaart in te voeren. De European Disability Card moet personen met een beperking bij kort verblijf in een andere lidstaat onder bepaalde voorwaarden toegang geven tot bijzondere voorwaarden of voorkeursbehandelingen die daar voor personen met een beperking worden aangeboden. Het kan bijvoorbeeld gaan om bepaalde toegangsvoorwaarden, aangepaste tarieven of ondersteuningsfaciliteiten, afhankelijk van wat in het bezochte land van toepassing is. De Europese parkeerkaart moet de herkenbaarheid van parkeerrechten verbeteren. Beide instrumenten hebben dus een eigen toepassingsgebied en mogen niet met elkaar worden verward. De richtlijn voorziet bovendien in verplichtingen rond toegankelijke informatie, uitgifte en erkenning. De Europese wetgeving vormt daarmee het juridische kader, maar haar uiteindelijke maatschappelijke betekenis zal in belangrijke mate afhangen van de uitvoering door de lidstaten.

De Europese parkeerkaart verdient evenveel aandacht

In het publieke debat krijgt de European Disability Card vaak de meeste aandacht, maar Hadja Lahbib verwijst in haar brief uitdrukkelijk naar twee kaarten. Naast de Europese handicapkaart noemt zij ook de Europese parkeerkaart voor personen met een beperking. Dat onderscheid is belangrijk, omdat beide instrumenten verschillende behoeften beantwoorden. Voor personen met een beperking kan aangepast parkeren een noodzakelijke voorwaarde zijn om zelfstandig of met ondersteuning te kunnen deelnemen aan activiteiten, afspraken na te komen of voorzieningen te bereiken. Een gemeenschappelijk Europees model moet de herkenbaarheid en wederzijdse erkenning van parkeerkaarten verbeteren wanneer mensen zich in andere lidstaten bevinden. De praktische parkeerrechten blijven evenwel verbonden aan de regels die op de betrokken plaats gelden. De invoering van beide kaarten vraagt daarom niet alleen technische en administratieve voorbereiding, maar ook duidelijke communicatie naar gebruikers, lokale overheden en handhavingsdiensten.

Bekendheid bij politie, hulpdiensten en openbaar vervoer blijft een belangrijke uitdaging

Een van de terugkerende aandachtspunten in de werking rond EDC Fan Belgium betreft de bekendheid van de European Disability Card bij organisaties die rechtstreeks met burgers in contact komen. Personen met een niet-zichtbare beperking kunnen bijvoorbeeld moeilijkheden ervaren wanneer hun ondersteuningsbehoeften niet onmiddellijk worden herkend of wanneer hun gedrag verkeerd wordt geïnterpreteerd. Ook bij politie-interventies, contacten met hulpdiensten, het gebruik van openbaar vervoer of bezoeken aan openbare voorzieningen kan duidelijke communicatie belangrijk zijn. De European Disability Card vervangt geen medische informatie of officiële hulpverleningsprocedures, maar kan in bepaalde omstandigheden bijdragen aan de herkenbaarheid van een ondersteuningsbehoefte. Daarom is sensibilisering noodzakelijk. Een kaart die juridisch correct bestaat, maar door betrokken diensten nauwelijks wordt herkend, zal haar praktische doelstellingen slechts gedeeltelijk kunnen bereiken. De boodschap van Lahbib over het belang van bekendmaking sluit nauw aan bij deze concrete bekommernissen.

Niet-zichtbare beperkingen vragen bijzondere aandacht

Een aanzienlijk deel van de maatschappelijke discussie over toegankelijkheid gaat over beperkingen die voor buitenstaanders niet onmiddellijk zichtbaar zijn. Autisme, bepaalde neurologische aandoeningen, chronische ziekten en andere ondersteuningsbehoeften kunnen aanleiding geven tot situaties waarin iemand extra tijd, een rustige omgeving, aangepaste communicatie of praktische ondersteuning nodig heeft. Niet iedere behoefte kan op dezelfde manier worden opgelost en niet iedere persoon wil op hetzelfde moment medische of persoonlijke informatie moeten delen. Daarom blijft een respectvolle en individuele benadering essentieel. De European Disability Card kan in bepaalde situaties bijdragen aan de communicatie over erkenning en ondersteuning, maar mag niet worden beschouwd als een instrument dat alle mogelijke noden automatisch zichtbaar maakt. De verdere invoering van de kaart moet dan ook gepaard gaan met aandacht voor de ervaringen en wensen van de personen die ermee werken.

EDC Fan Dag in Diksmuide krijgt een bijzondere Europese dimensie

De brief van Hadja Lahbib komt aan de vooravond van de EDC Fan Dag, die op zaterdag 17 oktober 2026 plaatsvindt in Lokaal Dienstencentrum Ten Patershove in Diksmuide. De bijeenkomst wordt georganiseerd door de Europese Beweging België in samenwerking met EDC Fan Belgium, ter gelegenheid van de Internationale Dag voor de Uitroeiing van Armoede. Het programma brengt verschillende maatschappelijke stemmen samen rond toegankelijkheid, de European Disability Card, armoedebestrijding, autisme, niet-zichtbare beperkingen en solidariteit. Naast bijdragen van burgers, ervaringsdeskundigen en betrokken organisaties werden ook steunbrieven en videoboodschappen ontvangen van politici en vertegenwoordigers van uiteenlopende instellingen. De persoonlijke boodschap van Lahbib is niet uitdrukkelijk als toespraak voor deze bijeenkomst opgesteld, maar sluit inhoudelijk nauw aan bij de centrale thema’s. Bovendien richt de commissaris haar waardering tot twee personen die rechtstreeks bij de voorbereiding en bekendmaking van het evenement betrokken zijn.

Armoede en beperking kunnen elkaar versterken

Dat de EDC Fan Dag samenvalt met de Internationale Dag voor de Uitroeiing van Armoede is maatschappelijk relevant. Personen met een beperking kunnen geconfronteerd worden met extra kosten, problemen bij de toegang tot werk, mobiliteitsbeperkingen, ontoegankelijke woningen of ingewikkelde administratieve procedures. Wanneer financiële kwetsbaarheid en een beperking samen voorkomen, kunnen de gevolgen elkaar versterken. Een gebrek aan betaalbaar en toegankelijk vervoer kan bijvoorbeeld de toegang tot werk of sociale activiteiten bemoeilijken. Omgekeerd kan een beperkte financiële draagkracht het moeilijker maken om geschikte ondersteuning te organiseren. De European Disability Card lost deze structurele problemen niet op, maar past binnen een bredere discussie over maatschappelijke deelname en gelijke kansen. De erkenning door Lahbib onderstreept dat Europese instrumenten uiteindelijk moeten worden beoordeeld op hun betekenis voor het dagelijkse leven van mensen.

Europese instellingen en burgerinitiatieven hebben verschillende maar aanvullende rollen

De Europese Commissie, het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie vervullen hun eigen institutionele taken bij de totstandkoming van regelgeving. De lidstaten zijn vervolgens verantwoordelijk voor de omzetting en uitvoering van de richtlijnen binnen de vastgelegde termijnen. Burgerinitiatieven en belangenorganisaties hebben een andere rol. Zij kunnen knelpunten signaleren, ervaringen verzamelen, informatie verspreiden en overheden aanspreken op de praktische gevolgen van beleidskeuzes. Het is belangrijk die verantwoordelijkheden niet met elkaar te verwarren. De brief van Hadja Lahbib bewijst niet dat de betrokken burgers persoonlijk verantwoordelijk waren voor het aannemen van de Europese richtlijnen. Wel laat zij uitdrukkelijk weten dat zij hun sensibiliseringswerk waardeert en dat zij maatschappelijke betrokkenheid belangrijk vindt voor de verdere ontwikkeling van de kaarten. Daarmee erkent zij de toegevoegde waarde van engagement buiten de formele Europese instellingen.

De persoonlijke erkenning schept ook verwachtingen voor de toekomst

Wanneer een Europees commissaris in een persoonlijk ondertekende brief schrijft dat het engagement van burgers al deuren heeft geopend en dat zij hoopt op hun verdere inzet, krijgt zo’n boodschap vanzelfsprekend een bijzondere betekenis. Tegelijk roept zij vragen op over de manier waarop maatschappelijke organisaties en ervaringsdeskundigen bij de uitvoering van Europese regelgeving betrokken worden. De richtlijn voorziet dat representatieve organisaties van personen met een beperking bij relevante onderdelen van de ontwikkeling, uitvoering en evaluatie worden betrokken. Daarmee bestaat er een formeel kader om ervaringen uit de praktijk mee te nemen. De verdere uitdaging bestaat erin dat die betrokkenheid daadwerkelijk betekenis krijgt. Niet alleen grote instellingen en gevestigde organisaties, maar ook de ervaringen van individuele gebruikers kunnen waardevolle informatie opleveren over problemen die op papier moeilijk zichtbaar zijn.

Een persoonlijk ondertekende brief is meer dan een formele beleefdheid

Het persoonlijke karakter van het schrijven verdient afzonderlijke aandacht. De brief draagt niet alleen het officiële briefhoofd van de Europese Commissie, maar bevat ook een rechtstreekse aanspreking, een warme dankbetuiging, een eigenhandige ondertekening en een naschrift over een eerdere ontmoeting. Die combinatie maakt duidelijk dat de boodschap bewust persoonlijk is geformuleerd. Lahbib verwijst naar concrete inspanningen en verbindt haar waardering met een toekomstgericht Europees beleidsdossier. Hoewel het schrijven geen formele rechtsgevolgen creëert, heeft het wel een duidelijke publieke betekenis. Het laat zien dat engagement rond toegankelijkheid niet uitsluitend in vergaderzalen en parlementaire commissies wordt besproken, maar eveneens tot rechtstreeks contact tussen burgers en Europese beleidsverantwoordelijken kan leiden.

De praktische uitvoering tegen 2028 wordt de echte toetssteen

De verdere ontwikkeling van de European Disability Card en de Europese parkeerkaart zal uiteindelijk moeten worden beoordeeld op basis van de ervaringen van de gebruikers. Worden de kaarten in andere lidstaten daadwerkelijk herkend? Is duidelijk welke faciliteiten van toepassing zijn? Kunnen mensen gemakkelijk betrouwbare informatie vinden? Zijn procedures toegankelijk? En beschikken betrokken organisaties over voldoende kennis om correct te handelen? Dergelijke vragen zullen de komende jaren bepalend zijn voor het maatschappelijke succes van de Europese regelgeving. De doelstelling van 2028 vormt daarbij een belangrijke juridische mijlpaal, maar niet noodzakelijk het einde van alle praktische uitdagingen. Ook na de invoering zullen evaluatie, informatieverstrekking en eventuele bijsturing noodzakelijk blijven.

Hadja Lahbib benadrukt dat Europa ook door betrokken burgers vorm krijgt

De persoonlijke brief van 15 oktober 2026 draagt uiteindelijk een bredere boodschap uit. Europese rechten krijgen hun werkelijke betekenis wanneer mensen ze begrijpen, kunnen gebruiken en daadwerkelijk ervaren dat zij hun deelname aan de samenleving verbeteren. De Europese instellingen kunnen daarvoor het juridische kader vastleggen, maar maatschappelijke betrokkenheid blijft belangrijk om problemen zichtbaar te maken en oplossingen onder de aandacht te brengen. Door Andy Vermaut en Pieter Paul Moens persoonlijk te bedanken, erkent Hadja Lahbib dat ook individuele inspanningen en vrijwillig engagement een plaats hebben in dat proces. Haar boodschap vormt daarmee niet alleen een erkenning van het verleden, maar eveneens een aansporing om de komende jaren te blijven werken aan de praktische toepassing van Europese toegankelijkheidsrechten.

Van een ontmoeting in Brussel naar een boodschap voor heel Europa

De verwijzing naar de Youth Policy Dialogue in het Belgische Stripcentrum geeft de brief een bijzonder menselijke afsluiting. Wat begon als een ontmoeting en een gesprek over maatschappelijke betrokkenheid, heeft geleid tot een persoonlijk dankwoord vanuit de Europese Commissie. De boodschap van Lahbib onderstreept dat het thema toegankelijkheid op verschillende niveaus aandacht verdient: van individuele ervaringen en lokale initiatieven tot nationale uitvoering en Europese regelgeving. Voor de EDC Fan Dag in Diksmuide vormt de brief een betekenisvolle erkenning van de inspanningen die rond de European Disability Card worden geleverd. De komende jaren zullen moeten aantonen hoe de Europese ambities worden omgezet in concrete verbeteringen voor de miljoenen mensen voor wie deze kaarten bedoeld zijn.

Een duidelijke toekomstboodschap: Europese rechten moeten voelbaar worden in het dagelijkse leven

Met haar schrijven van 15 oktober 2026 heeft Hadja Lahbib niet alleen haar dank uitgesproken aan Andy Vermaut en Pieter Paul Moens. Zij heeft ook duidelijk gemaakt dat volharding, sensibilisering en maatschappelijke betrokkenheid een waardevolle aanvulling vormen op Europese beleidsvorming. Haar brief benadrukt dat de Europese handicapkaart en parkeerkaart pas werkelijk betekenis krijgen wanneer personen met een beperking er in hun dagelijkse leven gebruik van kunnen maken. De persoonlijke herinnering aan de ontmoeting in Brussel, de expliciete verwijzing naar 2028 en haar aanmoediging om het werk voort te zetten maken de boodschap bijzonder. De centrale gedachte is dat toegankelijkheid geen abstract Europees ideaal mag blijven, maar een praktische werkelijkheid moet worden voor mensen die nog te vaak met onnodige hindernissen worden geconfronteerd.

Steun de onafhankelijke berichtgeving van indegazette.be

indegazette.be blijft aandacht besteden aan de European Disability Card, de uitvoering van Europese regelgeving, de rechten van personen met een beperking en de ervaringen van burgers en maatschappelijke organisaties. Onafhankelijke journalistiek over deze onderwerpen vraagt onderzoek, tijd en een blijvende inzet om informatie toegankelijk te maken voor een breed publiek. Wie deze vrijwillige journalistieke werkzaamheden financieel wil ondersteunen, kan contact opnemen met de redactie via info@indegazette.be voor meer informatie over de steunmogelijkheden. Zo kan indegazette.be ook in de toekomst maatschappelijke initiatieven, mensenrechten en Europese besluitvorming blijven volgen.

Auteur: EU Review

Bron: Persoonlijke brief van Europees commissaris Hadja Lahbib aan Andy Vermaut en Pieter Paul Moens, gedateerd 15 oktober 2026, met persoonlijke ondertekening en naschrift. Juridische achtergrond: Richtlijn (EU) 2024/2841 betreffende de European Disability Card en de Europese parkeerkaart voor personen met een beperking.