Europees perspectief op antisemitisme en Joods leven

24 juni 2026

Europese aanpak

De EJA-conferentie over besnijdenis, religieuze vrijheid en de toekomst van het Joodse leven in België krijgt ook een uitgesproken Europees luik. In het panel “EU and Pan-European Perspective” staat de rol van Europese instellingen en bredere Europese samenwerking centraal. Katharina von Schnurbein, European Commission Coordinator on Combating Antisemitism and Fostering Jewish life, geeft daarbij het perspectief van de Europese Commissie op de strijd tegen antisemitisme en op het versterken van Joods leven in Europa.

Antisemitisme als Europese uitdaging

Antisemitisme is geen louter nationaal vraagstuk. Het raakt aan veiligheid, burgerschap, religieuze vrijheid en de plaats van Joodse burgers in Europese samenlevingen. Door een EU- en pan-Europees perspectief in de conferentie op te nemen, wordt het debat over besnijdenis en religieuze vrijheid geplaatst binnen een ruimer kader van minderheidsrechten en bescherming van Joodse aanwezigheid in Europa. De rol van Katharina von Schnurbein sluit daarbij rechtstreeks aan bij de titel van haar functie: de bestrijding van antisemitisme en het bevorderen van Joods leven.

Joods leven beschermen

De toekomst van Joods leven in België kan niet los worden gezien van ontwikkelingen elders in Europa. Discussies over religieuze gebruiken, veiligheid, erkenning en minderheidsrechten komen in verschillende landen terug. Het Europese niveau kan daarin richting geven, maar ook zichtbaar maken dat Joodse burgers niet alleen afhankelijk mogen zijn van nationale debatten. De conferentie maakt duidelijk dat het gesprek over besnijdenis ook gaat over de vraag of Joodse families hun religieuze identiteit in vrijheid kunnen blijven beleven.

Pan-Europees perspectief

Het pan-Europese karakter van dit panel wijst op de nood aan samenwerking over landsgrenzen heen. Antisemitisme, religieuze vrijheid en de bescherming van minderheden stoppen niet aan nationale grenzen. Beleidskeuzes in één land kunnen invloed hebben op het gevoel van veiligheid en erkenning bij Joodse burgers in andere landen. Daarom krijgt het Europese perspectief een eigen plaats binnen de conferentie. Het gaat niet alleen om de Belgische situatie, maar ook om de bredere vraag hoe Europa zich verhoudt tot Joodse tradities en Joods leven.

Religieuze vrijheid en beleid

De aanwezigheid van een vertegenwoordiger van de Europese Commissie geeft het debat een beleidsmatige dimensie. Religieuze vrijheid blijft een grondrecht, maar dat recht vraagt ook om concrete bescherming wanneer religieuze praktijken onder druk komen te staan. De conferentie koppelt daarom het gesprek over besnijdenis aan thema’s zoals minderheidsrechten, antisemitisme en de toekomst van Joodse aanwezigheid in Europa. Die koppeling maakt het panel relevant voor beleidsmakers, religieuze vertegenwoordigers en iedereen die het Europese debat over grondrechten volgt.

Brit milah in Europees debat

De Europese Commissie ziet de bescherming van brit milah als een wezenlijk onderdeel van de vrijheid van godsdienst en van het voortbestaan van Joods leven in Europa. Katharina von Schnurbein, Europees Commissiecoördinator voor de bestrijding van antisemitisme en het bevorderen van Joods leven, sprak op woensdag 24 juni 2026, om 10.45 uur, tijdens de sessie EU and Pan-European Perspective van de European Jewish Association in Brussel over de Europese aanpak van antisemitisme, online haat, religieuze vrijheid en de discussie rond rituele besnijdenis. Volgens Von Schnurbein vindt het debat plaats in moeilijke omstandigheden. Zij wees daarbij ook op de veiligheidsmaatregelen die nodig zijn bij de toegang tot het gebouw waar de conferentie plaatsvond. De Europese Commissie staat volgens haar aan de zijde van de Joodse bevolking in Europa en neemt concrete initiatieven tegen bedreigingen waarmee Joodse burgers en organisaties vandaag worden geconfronteerd.

Digitale aanpak tegen antisemitisme

Von Schnurbein gaf eerst een overzicht van recente Europese initiatieven tegen antisemitisme. In de strijd tegen online haat wordt in Europa de Digital Services Act toegepast. Daarnaast werd de week voordien een netwerk van organisaties opgestart dat antisemitisme online in de EU-lidstaten moet kunnen herkennen en daarop moet reageren tegenover digitale platformen en bevoegde autoriteiten. Ook artificiële intelligentie kreeg een centrale plaats in haar tussenkomst. De Europese Commissie wil vermijden dat AI antisemitisme versterkt en wil net onderzoeken hoe technologie kan worden ingezet tegen haat en desinformatie. Daarom wordt dit jaar in Brussel een Europese hackathon georganiseerd waarin mensen met kennis van antisemitisme samenwerken met mensen die vertrouwd zijn met coderen. De bedoeling is om technologische kennis en inhoudelijke expertise samen te brengen in de strijd tegen online antisemitisme.

Nieuw onderzoeksknooppunt rond antisemitisme

Een tweede aandachtspunt was het gebrek aan structurele onderzoeksmogelijkheden rond antisemitisme en Joods leven in Europa. Von Schnurbein stelde dat onderzoekers op dit terrein vaak los van elkaar werken en dat het moeilijk blijft om een academische loopbaan rond deze thema’s uit te bouwen. De Europese Commissie wil daarop antwoorden met de oprichting van een nieuwe onderzoekshub rond antisemitisme. Die krijgt infrastructuur bij het European University Institute en moet onderzoekers helpen om sterker samen te werken. Het netwerk krijgt de naam Neuron en wordt volgende week gelanceerd. Volgens Von Schnurbein moet Europa op dit vlak ook eigen onderzoeksstructuren versterken, in plaats van vooral naar de Verenigde Staten of het Verenigd Koninkrijk te kijken voor kennis en analyse.

Samenwerking met lidstaten

De Europese Commissie wil de strijd tegen antisemitisme en de ondersteuning van Joods leven niet alleen vanuit Brussel voeren. Von Schnurbein wees op de samenwerking met de EU-lidstaten via de EU-werkgroep rond antisemitisme en Joods leven. Volgende week vindt in Wenen de negende bijeenkomst van die werkgroep plaats, samen met de Oostenrijkse bondskanselarij. Die werkgroep moet ervoor zorgen dat Europese beleidskeuzes ook in de lidstaten leiden tot concrete acties, onder meer via nationale actieplannen. Von Schnurbein verwees daarnaast naar de Simone Veil Prize, die twee jaar geleden door Commissievoorzitter Ursula von der Leyen werd gelanceerd om Joodse cultuur en erfgoed in Europa zichtbaarder te maken. De eerste prijzen worden in december toegekend en de oproep voor kandidaten loopt op dit ogenblik.

Rituele besnijdenis als kern van Joods leven

Het centrale deel van de toespraak ging over brit milah. Von Schnurbein plaatste de huidige discussie in het bredere kader van eerdere debatten over religieuze praktijken, waaronder sjechita en halal slachten. In 2022, toen pogingen werden ondernomen om ritueel slachten te verbieden, organiseerde de Europese Commissie een conferentie over vrijheid van godsdienst in het Egmontpaleis. Daar kwamen deskundigen rond sjechita, halal slachten en vertegenwoordigers van lidstaten samen. Volgens Von Schnurbein speelde die bijeenkomst een rol in het voorkomen van een verbod in Finland, dat vandaag moderne dierenwelzijnswetgeving heeft en tegelijk de vrijheid van godsdienst rond slachten zonder verdoving respecteert. Voor brit milah is de inzet volgens haar even fundamenteel. De Europese Commissie is zich ervan bewust dat een verbod op de eeuwenoude praktijk van besnijdenis in feite de mogelijkheid zou aantasten dat Joods leven in een lidstaat kan bloeien.

Europese strategie erkent religieuze praktijk

Von Schnurbein verwees naar de EU-strategie tegen antisemitisme, waarin Joods leven en de vrijheid van godsdienst of overtuiging uitdrukkelijk aan bod komen. Joodse burgers drukken hun Joods-zijn uit via culturele, traditionele en religieuze praktijken die hun geschiedenis bewaren en lessen doorgeven aan toekomstige generaties. In die context moet ook de bescherming van brit milah worden gezien. De Europese Commissie erkent volgens Von Schnurbein dat er bedreigingen bestaan en onderschat die niet. Zij stelde dat brit milah van mannelijke baby’s op de achtste dag na de geboorte centraal staat voor Joodse families, ongeacht of zij sterk religieus, eerder cultureel of seculier betrokken zijn bij het Jodendom. De praktijk geldt in de Joodse traditie als bevestiging van het verbond tussen God en Abraham.

Geschiedenis toont de gevoeligheid van de praktijk

Von Schnurbein bracht ook historische voorbeelden naar voren die aantonen hoe gevoelig brit milah in Europa is. Zij verwees naar Alfred Garwood, een Shoahoverlevende die zij eerder dit jaar ontving tijdens een conferentie rond Holocaustherdenking. Garwood werd in 1943 geboren in het getto van Przemyśl. Zijn ouders lieten hem toen niet besnijden, omdat zij wisten dat dit hem kon verraden en zijn overlevingskansen kon verkleinen. De familie werd later bevrijd in Bergen-Belsen. Ook na de Tweede Wereldoorlog aarzelden Joodse ouders in sommige Centraal-Europese landen om hun zonen te laten besnijden, uit veiligheidsoverwegingen. Het herstel van vertrouwen nam tijd. Voor sommige mannen werd de besnijdenis pas later uitgevoerd, nadat zij aliyah hadden gemaakt en vóór zij onder de chuppah traden. In Bulgarije en andere postcommunistische landen leidde de heropleving van Joods leven in de jaren negentig tot talrijke volwassen mannen die hun Joodse identiteit herontdekten en zich alsnog lieten besnijden.

Stoel van Elia als tastbaar erfgoed

De betekenis van brit milah is volgens Von Schnurbein ook zichtbaar in museale collecties. Zij verwees naar de brit milah-stoel, de stoel van Elia, waarop de grootvader of vader het kind vasthoudt tijdens de religieuze handeling. Zo’n stoel is niet alleen een voorwerp, maar ook een tastbaar teken van Joods leven. Het Joods Museum in Brussel bezit volgens haar een bijzondere stoel uit Lubumbashi. Die werd in 1991 na de ineenstorting van Zaïre meegebracht door Moshe Debbi, de voormalige grootrabbijn van Congo. Met dat voorbeeld wilde Von Schnurbein aantonen dat brit milah al duizenden jaren verankerd is in Joodse traditie, cultuur en identiteit, en dat de Europese Commissie zich daarvan bewust is.

Gotische kathedraal met roosvenster en torens in Brussel.

Eenheid als voorwaarde voor Europese antwoorden

Aan het einde van haar toespraak riep Von Schnurbein op tot eenheid onder Joodse organisaties en vertegenwoordigers. Zij erkende de grote verscheidenheid binnen Joods leven in Europa, maar stelde dat bij actuele bedreigingen een gezamenlijke houding noodzakelijk is. Alleen al het publieke debat over een mogelijk verbod is volgens haar pijnlijk voor Joodse burgers. Daarom is het belangrijk om samen op te treden. Zij verwees daarbij ook naar de boodschap van haar Amerikaanse ambtgenoot, rabbi Yehuda Kahane, de Amerikaanse speciale gezant voor de opvolging en bestrijding van antisemitisme, die eerder dit jaar in Europa eveneens opriep tot eenheid. Von Schnurbein waardeerde ook de samenwerking van de European Jewish Association met vertegenwoordigers van de islam, omdat er op dit terrein gedeelde belangen bestaan. Daarnaast moeten volgens haar ook christelijke denominaties worden betrokken. In het geval van IJsland was het spreken van christelijke vertegenwoordigers volgens haar belangrijk in de verdediging van religieuze vrijheid.

Andy Vermaut +32499357495 (Als je een probleem hebt met de inhoud van een artikel, kan je me altijd mailen op info@indegazette.be – best zo weinig mogelijk mensen in cc zetten, want anders komt dit in de spamfilter terecht. Voor elk artikel geldt een recht op antwoord van betrokkenen tot 3 maanden na publicatie van het artikel. AI wordt gebruikt als redactioneel hulpmiddel. De journalist controleerde de inhoud en feiten.)