Ondergrondse commandobunker in Teheran geraakt, Israël breidt operaties uit naar Iraanse en Libanese doelwitten

7 maart 2026

Israël heeft gemeld dat het op vrijdag 6 maart 2026, in het hart van Teheran, met ongeveer vijftig gevechtsvliegtuigen een ondergrondse commandopost van de Iraanse leiding heeft aangevallen. Volgens de Israëlische krijgsmacht ging het om een doelwit dat over meerdere straten verspreid lag en dat als militair commandocentrum voor hoge functionarissen van het Iraanse regime werd gebruikt. Tegelijk maakte Israël bekend dat het zijn acties tegen Hezbollah in Libanon voortzet, met luchtaanvallen in Dahieh, in Beiroet, en met bijkomende aanvallen op andere infrastructuur in Libanon.

Aanval in Teheran

Volgens de Israëlische lezing was de getroffen site bedoeld als noodcommandocentrum voor de hoogste leiding van het Iraanse regime en bleef het complex ook nadien van belang voor de militaire aansturing van resterende hoge functionarissen. De aanval op vrijdag 6 maart 2026 volgde, zo klinkt het, na een inlichtingenwerk dat over jaren was opgebouwd. Daarbij werden onder meer de Research Division, Unit 8200 en Unit 9900 genoemd als onderdelen die het complex in kaart brachten en de luchtaanval mogelijk maakten.

Israël stelt verder dat de luchtoorlog boven Iran in de voorbije dag werd voortgezet met in totaal meer dan 2.500 sorties. Daarbij zou meer dan 60 procent van de Iraanse lanceerinrichtingen voor raketten zijn uitgeschakeld en zou ongeveer 80 procent van de Iraanse luchtverdediging zijn vernietigd. In diezelfde fase zouden ook twee hoge commandanten van het regime zijn gedood. De ondergrondse site in Teheran werd door Israël omschreven als een van de belangrijke centra voor bevelvoering en coördinatie, bedoeld om militaire operaties te laten doorgaan en aanvallen op Israël en westerse doelwitten te blijven sturen.

Operaties in Libanon

Naast Iran blijft ook Libanon een actief front. Israël stelt dat Hezbollah op zaterdag 1 maart 2026 de grens mee in brand heeft gezet door aanvallen op Israël uit te voeren. De Israëlische krijgsmacht zegt dat haar conflict niet tegen de bevolking van Libanon gericht is en dat vooraf waarschuwingen voor evacuatie zijn verspreid in het zuiden van Libanon en in Dahieh, een zone die door Israël wordt omschreven als een uitvalsbasis van door Iran gesteunde Hezbollah-leden.

Op vrijdag 6 maart 2026 voerden Israëlische gevechtsvliegtuigen volgens diezelfde lezing een brede golf van aanvallen uit in Dahieh. Daarbij zouden verschillende doelwitten van Hezbollah zijn geraakt, waaronder hoofdkwartieren en opslagplaatsen voor onbemande toestellen. Daarnaast zouden ook elders in Libanon installaties en andere infrastructuur zijn aangevallen.

Grensincidenten en gewonden

Israël meldt tegelijk dat Hezbollah actief blijft in het zuiden van Libanon, in een zone waar die beweging zich volgens eerdere afspraken niet zou mogen bevinden. Op donderdag 5 maart 2026 zouden Hezbollah-strijders antitankwapens hebben afgevuurd op Israëlische troepen aan de frontlijn, waarbij drie Israëlische militairen gewond raakten.

Bij een ander incident, op vrijdag 6 maart 2026, zouden vijf soldaten van de Givati Brigade zwaargewond zijn geraakt door raketvuur vanuit Libanon. Israël stelt dat zijn militairen aan de frontlijn blijven om een buffer te vormen tussen Israëlische burgers en dreiging over de grens.

Breder militair kader

Volgens de meegedeelde cijfers heeft Israël sinds het begin van deze fase van de strijd meer dan vijfhonderd doelwitten in Libanon aangevallen, ruim zeventig Hezbollah-leden gedood en zesentwintig aanvalsgolven in Beiroet uitgevoerd. In de Israëlische voorstelling vormen Hezbollah en het Iraanse regime geen losstaande dossiers, maar onderdelen van dezelfde gewapende as. Die lijn wordt door Israël gebruikt om de gelijktijdige druk op Iraanse en Libanese doelwitten te verantwoorden.

Bronnen:
Israel Defense Forces
LTC Nadav Shoshani

Andy Vermaut +32499357495 (Als je een probleem hebt met de inhoud van een artikel, kan je me altijd mailen op info@indegazette.be – best zo weinig mogelijk mensen in cc zetten, want anders komt dit in de spamfilter terecht. Voor elk artikel geldt een recht op antwoord van betrokkenen tot 3 maanden na publicatie van het artikel)