Peking zet druk op Taiwan langs meerdere fronten

13 juni 2026
China voert de druk op Taiwan, de Zuid-Chinese Zee en de bredere Indo-Pacifische regio op via diplomatie, maritieme handhaving, kustwachtoperaties, onderzoeksvaartuigen en politieke beïnvloeding. Op zaterdag 13 juni 2026 is duidelijk dat Peking tegelijk werkt aan nauwere banden met Noord-Korea, maritieme machtsprojectie ten oosten van Taiwan, druk rond de Pratas-eilanden en Itu Aba, en een sterker narratief rond de een-China-politiek. De ontwikkelingen raken niet alleen Taiwan, maar ook Japan, de Filipijnen, Nederland, Nieuw-Zeeland, de Verenigde Staten en de NAVO.
Xi zoekt nauwere lijn met Pyongyang
Xi Jinping bracht van maandag 8 juni tot dinsdag 9 juni 2026 een bezoek aan Noord-Korea op uitnodiging van Kim Jong Un. Het was zijn eerste bezoek aan Pyongyang sinds juni 2019 en zijn eerste buitenlandse reis van 2026. Tijdens de ontmoeting werd gesproken over nauwere strategische coördinatie en samenwerking tussen China en Noord-Korea. Peking koppelde die samenwerking aan soevereiniteit, veiligheid en ontwikkelingsbelangen. Die woordkeuze is diplomatiek geladen, omdat Noord-Korea zijn nucleaire programma al jaren voorstelt als een kwestie van soevereiniteit en nationale veiligheid. Door in deze context niet te spreken over denuclearisatie, gaf Xi Pyongyang bijkomende politieke ruimte.
Noord-Korea krijgt meer speelruimte
De ontmoeting tussen Xi Jinping en Kim Jong Un komt in een periode waarin Noord-Korea nauwer samenwerkt met Rusland. Moskou heeft het Noord-Koreaanse nucleaire arsenaal steeds openlijker voorgesteld als een garantie voor het voortbestaan van het regime. Daardoor komt China onder druk om zijn eigen invloed in Pyongyang te behouden. Xi wil vermijden dat Noord-Korea te sterk naar Moskou opschuift. Tegelijk geeft Peking aan Washington en Seoul het signaal dat het niet zomaar zal optreden als bemiddelaar om Noord-Korea opnieuw richting denuclearisatie te duwen. Kim Jong Un liet vlak voor de komst van Xi ook een nieuwe installatie voor de productie van nucleair materiaal tonen, wat het signaal van nucleaire bestendiging nog sterker maakte.
Taiwanese oppositieleider in de Verenigde Staten
Cheng Li-wun, voorzitster van de Taiwanese oppositiepartij Kuomintang, rondde op vrijdag 12 juni 2026 een reis van twee weken door de Verenigde Staten af. Zij bezocht onder meer San Francisco, Boston, New York en Washington DC. In Washington ontmoette zij John Rose, Chuck Fleischmann, Thomas Suozzi en Steve Daines. Zij sprak ook met Dan Sullivan en Young Kim, twee Amerikaanse politici die actief zijn rond Indo-Pacifisch beleid en Taiwan. Sullivan zit in de Senaatscommissie voor de strijdkrachten en steunde wetgeving rond de verdediging van Taiwan. Young Kim leidt de subcommissie voor Oost-Azië in het Huis van Afgevaardigden en diende initiatieven in tegen Chinese druk op Taiwan.
KMT zoekt ruimte in Washington
Cheng Li-wun stelde tijdens haar Amerikaanse gesprekken dat de Kuomintang niet tegen Amerikaanse wapenverkopen aan Taiwan is. Dat ligt gevoelig, omdat zij eerder kritiek uitte op de omvang van Taiwanese wapenaankopen en op vertragingen bij Amerikaans materieel. Victor Chin, vertegenwoordiger van de Kuomintang in de Verenigde Staten, gaf aan dat Cheng sprak over wapenleveringen, Chinese militaire druk, en transparantie rond defensieaankopen. Cheng uitte ook interesse in samenwerking tussen Taiwan en de Verenigde Staten rond nucleaire technologie. Een geplande ontmoeting met de Amerikaanse Nationale Veiligheidsraad op woensdag 10 juni 2026 ging niet door. Ook een ontmoeting met president Donald Trump vond tijdens deze reis niet plaats.
1992-consensus blijft politiek geladen
Cheng Li-wun herhaalde haar steun voor de 1992-consensus als basis voor vrede in de Straat van Taiwan. Die consensus wordt door de Kuomintang gebruikt als formule voor dialoog met Peking, maar blijft in Taiwan zwaar betwist. De afspraak houdt in dat Taiwan deel uitmaakt van China, terwijl beide kanten verschillend invullen wie China vertegenwoordigt. Peking ziet die formule als een nuttig kanaal om druk te zetten op de regering van Lai Ching-te en de Democratic Progressive Party. Cheng verklaarde dat zij tijdens haar eerdere ontmoeting met Xi Jinping niet over hereniging sprak en dat er nog geen goed werkend mechanisme bestaat voor effectieve gesprekken over de Straat van Taiwan.
Peking ziet kans via Taiwanese oppositie
China kan buitenlandse contacten van Cheng Li-wun gebruiken om eigen standpunten indirect meer ingang te geven in Amerikaanse beleidskringen en academische netwerken. Cheng nam eerder standpunten in die dicht bij Chinese formuleringen liggen over de Democratic Progressive Party, Japanse defensiemodernisering onder premier Sanae Takaichi en Europese veiligheidskwesties. Haar ontmoeting met Xi Jinping in 2026 was de eerste ontmoeting van dat type sinds 2016. Voor Peking past dat in een bredere poging om gesprekken met Taiwanese oppositiefiguren positief voor te stellen, zeker in aanloop naar lokale verkiezingen in november en de presidentsverkiezingen van 2028.
Chinese operatie ten oosten van Taiwan
Van zaterdag 6 juni tot woensdag 10 juni 2026 voerde het Chinese ministerie van Transport een speciale maritieme handhavingsoperatie uit ten oosten van Taiwan. Daarbij werkten de maritieme veiligheidsdiensten van Fujian en Guangdong, het East China Sea Navigation Support Center en het East China Sea Rescue Bureau samen. Minstens drie schepen van de Maritime Safety Administration en één reddingsschip namen deel. Twee schepen van de Chinese kustwacht escorteerden de operatie en patrouilleerden al sinds maandag 1 juni 2026 in het gebied. De operatie was een reactie op gesprekken tussen Japan en de Filipijnen over overlappende exclusieve economische zones ten oosten van Taiwan.
Japan en Filipijnen raken gevoelige zone
De Japanse premier Sanae Takaichi en de Filipijnse president Ferdinand Marcos Jr. kondigden op donderdag 28 mei 2026 aan dat Tokio en Manilla zouden spreken over de afbakening van overlappende zones op zee. Japan en de Filipijnen stelden dat gesprekken geen rechten van derde landen zouden aantasten. Peking reageerde fel, omdat het de wateren ten oosten van Taiwan beschouwt als deel van zijn eigen aanspraken op basis van de claim op Taiwan zelf. China ziet het feit dat Tokio en Manilla niet met Peking overleggen als een impliciete weigering om de Chinese claim op Taiwan te erkennen. Daardoor werd een technisch maritiem dossier meteen een geopolitiek conflict.
Taiwan spreekt over cognitieve oorlogsvoering
Taiwan veroordeelde de Chinese operatie als een aantasting van zijn soevereiniteit en als cognitieve oorlogsvoering. Peking presenteerde de actie als wetshandhaving op zee, maar de inzet van civiele handhavingsschepen geeft de operatie ook een politieke functie. China wil het beeld creëren dat het bevoegdheden kan uitoefenen in wateren die Taiwan als eigen gebied ziet. Tijdens de operatie vroeg het Chinese schip Hai Xun 6 aan drie passerende commerciële schepen informatie over route en bemanning. Zulke acties zijn belangrijk, omdat zij lijken op handelingen die China later zou kunnen gebruiken bij een quarantaine of blokkade rond Taiwan.
A2AD-strategie krijgt oefenruimte
De operatie ten oosten van Taiwan past in een bredere Chinese strategie om toegang tot bepaalde zeegebieden te ontzeggen of te controleren. In een crisissituatie kan China maritieme veiligheidsdiensten gebruiken om commerciële schepen te waarschuwen, weg te sturen of vast te houden, terwijl bewapende kustwacht- of marineschepen op de achtergrond aanwezig blijven. Dat model verlaagt de drempel voor druk en verhoogt tegelijk de onzekerheid voor rederijen. De aanwezigheid van onderzoeksvaartuigen Jia Geng en Da Yang Hao bij onderzeese verkenningen rond de Gagua Ridge toont dat Peking ook interesse heeft in de onderzeese ruimte ten oosten van Taiwan. Die kennis kan nuttig zijn voor sensoren, communicatie, onderzeese navigatie en militaire planning.
Dronebeleid in Taiwan onder druk
Taiwan probeert intussen een eigen drone-industrie op te bouwen. De regering van de Democratic Progressive Party diende op donderdag 5 juni 2026 een speciale wet in om de onbemande voertuigensector te ondersteunen. Het voorstel voorziet 550 miljard Taiwanese dollar, ongeveer 17,5 miljard Amerikaanse dollar, over vijf jaar. Dat geld moet de binnenlandse droneproductie versterken. De oppositiepartijen Kuomintang en Taiwan People’s Party blokkeerden eerder al dronefinanciering in een speciale begroting voor asymmetrische oorlogsvoering en stemden op donderdag 5 juni 2026 tegen het nieuwe speciale voorstel. Zij stellen dat financiering beter via de gewone begroting loopt.
Asymmetrische verdediging wordt knelpunt
Een eigen drone-industrie is voor Taiwan geen industrieel prestigeproject, maar een onderdeel van overlevingsstrategie. De oorlog in Oekraïne liet zien dat snelle productie, aanpassing en inzet van drones bepalend kunnen zijn op het slagveld. Taiwan oefende op dinsdag 3 juni 2026 voor het eerst met FPV-drones en Altius-600M antitankdrones. Ook vuurde Taiwan deze week Amerikaanse HIMARS-raketten af tijdens een oefening aan de westkust, met het oog op een mogelijk amfibisch aanvalsscenario. De discussie over financiering raakt dus aan de vraag of Taiwan snel genoeg kan moderniseren om Chinese militaire druk af te schrikken.
Pratas wordt nieuw drukpunt
Rond de Pratas-eilanden voerde China begin juni nieuwe druk uit. Het Chinese kustwachtschip CCG 3501 cirkelde van vrijdag 5 juni tot zaterdag 6 juni 2026 twee keer rond Pratas en bleef langer dan 24 uur in Taiwanese beperkte wateren. Tegelijk voer het Chinese onderzoeksvaartuig Hai Si Lu 6 langs de rand van die wateren. Taiwan zag daarin de eerste gecoördineerde actie van een kustwachtschip en een onderzoeksschip rond Pratas. De Pratas-eilanden liggen op een strategische plek in het noorden van de Zuid-Chinese Zee en worden door Taiwan bestuurd. De ligging, ver van het hoofdeiland Taiwan, maakt het gebied kwetsbaar voor grijzezone-operaties.
Onderzoeksschepen verliezen wetenschappelijke dekmantel
China gebruikt onderzoeksschepen vaak om onderzeese gegevens te verzamelen onder het mom van wetenschappelijk onderzoek. Wanneer zulke schepen samen optreden met kustwachteenheden, wordt dat civiele karakter minder overtuigend. Taiwan koppelt dit incident aan eerdere activiteiten van het onderzoeksschip Tong Ji, dat in mei rond Taiwan voer en op woensdag 7 mei en donderdag 15 mei wetenschappelijke apparatuur neerliet nabij delen van de Taiwanese aangrenzende zone. Toen de Taiwanese kustwacht via radio waarschuwde, antwoordde het schip dat er geen Republiek China bestaat, maar alleen de Volksrepubliek China. Dat antwoord maakte duidelijk dat de activiteit niet alleen technisch of wetenschappelijk was, maar ook politiek bedoeld.
Itu Aba in de Spratly-eilanden
Op donderdag 11 juni 2026 voeren twee Chinese overheidsschepen kort de beperkte en verboden wateren rond Itu Aba binnen. Het ging om Sansha Zhifa 301 en Sansha 2 Hao. Itu Aba, ook Taiping genoemd, is het enige door Taiwan bestuurde eiland in de betwiste Spratly-archipel en heeft een Taiwanese militaire en kustwachtbasis. Taiwan veroordeelde de actie als een schending van zijn soevereiniteit. Het schip Sansha 2 Hao is een roll-on-roll-offschip dat onder meer inzetbaar is voor transport, bevoorrading, administratieve taken, noodhulp, medische bijstand en onderzoek rond eilanden en riffen. China heeft rond Filipijnse posities in de Spratly-eilanden al vaker maritieme druk ingezet, maar Itu Aba lijkt nu gevoeliger te worden.
Nederlandse fregat door Taiwanstraat
Het Nederlandse fregat HNLMS De Ruyter voer door de Taiwanstraat nadat het eerder actief was rond de Paracel-eilanden. Xu Chenghua, woordvoerder van het Eastern Theater Command van het Chinese Volksbevrijdingsleger, stelde dat China zee- en luchtmiddelen inzette om het Nederlandse schip te volgen. Peking beschuldigde het fregat ervan eerst illegaal rond de Paracel-eilanden te zijn binnengedrongen en daarna door de Taiwanstraat te zijn gevaren. Nederland stelde dat het schip handelde in overeenstemming met het internationaal recht. Het was de eerste Nederlandse doortocht door de Taiwanstraat in twee jaar. In juni 2024 voer HNLMS Tromp door dezelfde zeestraat.
Taiwanstraat blijft juridische twist
China claimt de hele Taiwanstraat, maar het internationaal zeerecht laat in het midden van de zeestraat een corridor waarin geen enkel land buitenlandse schepen zomaar mag weren. De Verenigde Staten en bondgenoten voeren sinds de jaren 2010 regelmatig operaties uit in de Taiwanstraat en de Zuid-Chinese Zee om buitensporige maritieme claims te betwisten. Voor Nederland is de passage van De Ruyter dus deel van een bredere westerse inzet rond vrije doorvaart. Voor Peking is elke zulke doortocht een signaal dat buitenlandse machten de Chinese lezing van soevereiniteit en maritieme rechten niet aanvaarden.
Cai Qi krijgt sleutelrol in partijapparaat
In Beijing werd Cai Qi op vrijdag 5 juni 2026 benoemd tot hoofd van de Centrale Partijschool. Cai geldt als een van de vertrouwelingen van Xi Jinping en is ook eerste secretaris van het Centraal Secretariaat en directeur van het Algemeen Bureau van de Chinese Communistische Partij. De Centrale Partijschool is een belangrijk opleidingscentrum voor hoge partijfunctionarissen en speelt een rol in ideologische vorming. De benoeming geeft Cai bijkomende invloed over organisatie, doctrine en bestuur binnen de partij. Eerdere leiders zoals Xi Jinping en Hu Jintao stonden ooit ook aan het hoofd van de Centrale Partijschool, maar bij Cai wordt vooral de nauwe band met Xi gelezen als de kern van de benoeming.
Huawei blijft NAVO-zorg
Ook Europa speelt in de bredere China-discussie een rol. Joshua Young, China-coördinator van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken, riep NAVO-bondgenoten tijdens een top in Brussel in mei op om Chinese onderdelen van Huawei Technologies Co. uit netwerken en kritieke infrastructuur te vervangen. Die boodschap werd gekoppeld aan defensie-uitgaven en veiligheid van digitale infrastructuur. Vooral Duitsland en Spanje worden genoemd in het debat over Europese terughoudendheid om Chinese telecomleveranciers verder uit te sluiten. De discussie raakt aan cyberveiligheid, economische afhankelijkheid en de mogelijkheid dat Peking via technologiebedrijven druk kan uitoefenen op Europese staten.
Scarborough Shoal onder nieuwe aandacht
In de Zuid-Chinese Zee volgt de Filipijnse kustwacht verschillende structuren of objecten bij Scarborough Shoal. Jay Tarriella, woordvoerder van de Filipijnse kustwacht, verklaarde op dinsdag 9 juni 2026 dat de Filipijnen acht afzonderlijke structuren of objecten in de omgeving opvolgen. Een overvlucht van de Filipijnse luchtmacht op maandag 8 juni 2026 bevestigde dat één structuur bemand was door zes personen en mogelijk een antenne bevatte. Manilla diende op dinsdag 9 juni 2026 een formeel diplomatiek protest in bij China. Mao Ning, woordvoerder van het Chinese ministerie van Buitenlandse Zaken, ontkende de aanwezigheid van de structuur niet en stelde dat Scarborough Shoal Chinees grondgebied is.
Status quo kan verschuiven
De aanwezigheid van een bemande structuur bij Scarborough Shoal is gevoelig omdat de ASEAN-China-verklaring van 2002 oproept om onbewoonde eilanden, riffen, zandbanken en andere kenmerken in de Zuid-Chinese Zee niet te bewonen. China en ASEAN onderhandelen nog altijd over een bindendere gedragscode voor de Zuid-Chinese Zee. Peking kan proberen de feitelijke situatie rond Scarborough Shoal te wijzigen vóór zulke afspraken sterker worden vastgelegd. In het verleden gebruikte China geleidelijke aanwezigheid, daarna landaanwinning en uiteindelijk militaire infrastructuur om zijn positie in delen van de Zuid-Chinese Zee te versterken. Scarborough Shoal ligt dicht bij Filipijnse wateren en heeft daarom grote waarde voor maritieme controle.
Nieuw-Zeeland krijgt Chinese sancties
China legde sancties op aan vier parlementsleden uit Nieuw-Zeeland omdat zij Taiwan bezochten. Mao Ning beschuldigde hen ervan zich te mengen in interne Chinese aangelegenheden en verbood hen één jaar lang de Volksrepubliek China te bezoeken. Premier Christopher Luxon noemde de sancties ongepast en gaf aan dat hij de kwestie in diplomatieke gesprekken met China zou opnemen. Nieuw-Zeeland heeft traditioneel een voorzichtiger relatie met Peking dan sommige andere leden van het Five Eyes-inlichtingennetwerk, waartoe ook de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk, Canada en Australië behoren. De sancties kunnen daarom een diplomatieke test worden voor Wellington.
China test grenzen van partnerschappen
De Chinese druk op Nieuw-Zeeland past in een breder patroon waarin Peking probeert verdeeldheid te creëren tussen landen die op veiligheidsvlak met elkaar samenwerken. Nieuw-Zeeland kreeg eerder al diplomatieke spanningen met China over Chinese invloed in de Cookeilanden, een vrije associatie van Nieuw-Zeeland. Door sancties op parlementsleden, maritieme acties rond Taiwan en druk in de Zuid-Chinese Zee te koppelen aan de een-China-politiek, probeert Peking partners ertoe te brengen Taiwancontacten te beperken. Voor kleinere landen wordt de kost van politieke of parlementaire contacten met Taiwan daardoor hoger.
Een breed drukmodel
Het opvallende aan de huidige Chinese strategie is dat zij niet uit één instrument bestaat. Peking gebruikt partijpolitieke contacten met Taiwanese oppositiefiguren, maritieme patrouilles, onderzoeksschepen, kustwachtoperaties, diplomatieke sancties, druk op NAVO-infrastructuur via het Huawei-dossier en strategische toenadering tot Noord-Korea. Elk onderdeel heeft een eigen doel, maar samen sturen ze dezelfde boodschap: China wil zijn positie in Oost-Azië, de Taiwanstraat, de Zuid-Chinese Zee en binnen internationale instellingen versterken. Dat gebeurt vaak net onder de drempel van open militair conflict, maar met duidelijke gevolgen voor veiligheidsplanning.
Gevolgen voor Taiwan en bondgenoten
Voor Taiwan betekent dit dat de druk niet alleen rond het hoofdeiland voelbaar is. Ook Pratas, Itu Aba, de wateren ten oosten van Taiwan en de internationale steunlijnen zijn betrokken. Voor Japan en de Filipijnen betekent het dat bilaterale zeegrensgesprekken onmiddellijk in een Taiwan-China-context worden getrokken. Voor Nederland en andere Europese landen toont de doortocht van HNLMS De Ruyter dat vrije doorvaart ook een Europese kwestie blijft. Voor de Verenigde Staten wordt de uitdaging nog groter: Washington moet tegelijk afschrikking rond Taiwan, contacten met Taiwanese oppositie, wapenleveringen, NAVO-infrastructuur en maritieme stabiliteit beheren.
Komende maanden worden bepalend
De komende maanden zullen tonen of China de druk verder opvoert in de aanloop naar de Taiwanese lokale verkiezingen van november en de presidentsverkiezingen van 2028. Peking kan blijven inzetten op gesprekken met Taiwanese oppositiefiguren, terwijl het tegelijk de Democratische Progressive Party van Lai Ching-te afschildert als bron van spanning. Op zee kan China zijn civiele handhavingsschepen en kustwacht vaker inzetten om jurisdictie te tonen zonder formeel oorlogsdreiging uit te spreken. Voor Taiwan wordt het cruciaal om militaire weerbaarheid, droneproductie, diplomatieke steun en publieke communicatie tegelijk te versterken.
Bronnen:
Institute for the Study of War en China-Taiwan Update van 12 juni 2026
Reuters over Chinese kustwacht- en onderzoeksschepen bij de Pratas-eilanden
Reuters over Chinese maritieme handhaving ten oosten van Taiwan
Reuters over Taiwanese HIMARS-oefeningen aan de westkust
Associated Press over de reis van Cheng Li-wun in de Verenigde Staten
Officiële verklaringen van Taiwanese, Chinese, Filipijnse, Nederlandse, Amerikaanse en Nieuw-Zeelandse instanties zoals verwerkt in de aangeleverde bijlage
Andy Vermaut +32499357495 (Als je een probleem hebt met de inhoud van een artikel, kan je me altijd mailen op info@indegazette.be – best zo weinig mogelijk mensen in cc zetten, want anders komt dit in de spamfilter terecht. Voor elk artikel geldt een recht op antwoord van betrokkenen tot 3 maanden na publicatie van het artikel. AI wordt gebruikt als redactioneel hulpmiddel. De journalist controleerde de inhoud en feiten.)


