Russisch Rassvet-satellietprogramma kampt met problemen na tweede lancering

02 september 2026
De tweede groep Russische Rassvet-satellieten heeft na de lancering van 19 juli 2026 de beoogde operationele banen niet bereikt. Geen van de zestien satellieten uit deze lancering bevond zich op 31 augustus op de verwachte hoogte van 550 kilometer. Veel toestellen bleven tussen ongeveer 300 en 400 kilometer, sommige verloren al hoogte en minstens twee zouden richting terugkeer in de atmosfeer bewegen. De problemen vormen een tegenslag voor de Russische poging om een eigen satellietcommunicatienetwerk voor militaire toepassingen op te bouwen nadat Russische eenheden hun toegang tot Starlink boven Oekraïne verloren.
Zestien satellieten blijven te laag
De zestien Rassvet-satellieten die op 19 juli werden gelanceerd bereikten eind augustus niet de verwachte baanhoogte. Veel exemplaren bleven op ongeveer 300 tot 400 kilometer boven de aarde. Voor het uiteindelijke Rassvet-systeem wordt tevens een hogere operationele baan van ongeveer 870 kilometer genoemd. Satellieten die op lagere hoogte blijven, ondervinden sterker de invloed van de buitenste lagen van de atmosfeer. Daardoor verliezen ze sneller snelheid en hoogte en moeten ze meer brandstof gebruiken om hun baan te behouden. Dat kan hun bruikbare levensduur verkorten.
Eerste groep kende eveneens problemen
Ook de eerste zestien Rassvet-satellieten, gelanceerd op 24 maart, bereikten niet allemaal hun geplande baan. Op 31 juli hadden twaalf van de zestien toestellen de verwachte hoogte van ongeveer 550 kilometer bereikt. Die twaalf waren daar eind augustus nog aanwezig. Zij konden Russische troepen boven Oekraïne naar verluidt twee dagelijkse perioden van satellietverbinding bieden, samen goed voor maximaal ongeveer anderhalf uur per dag. Dat is nog ver verwijderd van een permanente verbinding, maar kan tijdens bepaalde operaties wel bruikbaar zijn.
Verlies van Starlink verhoogt Russische haast
Op 1 februari verloor Rusland toegang tot Starlink-communicatie voor zijn troepen in Oekraïne. Daardoor kreeg het Rassvet-programma grotere militaire urgentie. Satellietcommunicatie is belangrijk voor commandovoering, gegevensoverdracht en de besturing van bepaalde onbemande systemen. De Russische industrie probeert daarom sneller een eigen alternatief op te bouwen. De problemen met de tweede lancering wijzen er echter op dat het versnellen van het programma technische en logistieke grenzen heeft.
Honderden satellieten nodig voor permanente dekking
Voor stabiele communicatie gedurende 24 uur per dag zijn veel satellieten nodig. De Oekraïense adviseur voor defensietechnologie Serhiy “Flash” Beskrestnov schatte op 31 mei dat Rusland minstens 200 tot 300 succesvolle satellieten nodig zou hebben om boven Oekraïne een stabiele permanente verbinding te bieden. Voor verdere dekking zouden uiteindelijk nog enkele honderden toestellen nodig kunnen zijn. Het Russische ruimtevaartbedrijf Bureau 1440 heeft aangekondigd tientallen nieuwe lanceringen te willen uitvoeren om honderden Rassvet-satellieten in een baan te brengen.
Soyuz-2.1b vormt beperking voor tempo
Een belangrijk knelpunt is de beschikbaarheid van draagraketten. Rusland is voor deze lanceringen sterk afhankelijk van de Soyuz-2.1b. Dat is een kostbare draagraket die ook voor andere militaire, wetenschappelijke en commerciële ruimtevaartmissies nodig is. Sinds 2022 werden naar schatting slechts zes tot acht lanceringen met dit type uitgevoerd voor alle doeleinden samen. Bij een dergelijk tempo zou Rusland over vier jaar maximaal ongeveer 128 Rassvet-satellieten kunnen lanceren, zelfs wanneer een groot deel van de beschikbare capaciteit voor dit ene programma wordt gebruikt. Bovendien bereikt niet iedere gelanceerde satelliet noodzakelijk een bruikbare baan.
Slechts deel van gelanceerde toestellen duurzaam operationeel
Tot eind augustus had ongeveer 37,5 procent van alle gelanceerde Rassvet-satellieten een duurzame operationele baan bereikt. Dat percentage is te laag voor een snelle uitbouw van een groot netwerk. Iedere mislukte of gedeeltelijk geslaagde lancering betekent dat Rusland opnieuw een dure draagraket, satellieten en tijd moet investeren om dezelfde geplande dekking te bereiken. Oekraïense aanvallen op productielocaties en lanceerinfrastructuur kunnen het programma bovendien verder vertragen.
Beperkte dekking kan toch militair bruikbaar zijn
De huidige problemen betekenen niet dat Rassvet geen bedreiging vormt. Zelfs korte perioden met satellietverbinding kunnen Russische troepen helpen bij specifieke operaties. Een drone kan bijvoorbeeld op een gepland moment via satellietcommunicatie gegevens ontvangen of doorgeven. Naarmate meer werkende satellieten beschikbaar komen, zullen de verbindingsvensters langer worden en vaker voorkomen. Oekraïne moet daarom ook rekening houden met een gedeeltelijk functionerend netwerk.
Front blijft tegelijk in beweging
Naast de ontwikkelingen in de ruimte vonden op verschillende plaatsen langs het front terreinverschuivingen plaats. Oekraïense troepen boekten recent vooruitgang in de richtingen Soemy, Borova en Slovjansk en in de tactische zone Kostjantynivka-Droezjkivka. Russische eenheden maakten eveneens terreinwinst in de richting Slovjansk en in de zone Kostjantynivka-Droezjkivka. Oekraïne zette daarnaast langeafstandaanvallen in de Russische oblast Belgorod voort. In de nacht voorafgaand aan 31 augustus zette Rusland één Kh-59-kruisraket en 121 drones tegen Oekraïne in.
Poetin houdt mobilisatie-optie open
President Vladimir Poetin lijkt daarnaast vast te houden aan het bestaande model voor het aanvullen van Russische troepen, terwijl een mogelijke verborgen mobilisatie na de verkiezingen voor de Staatsdoema van 18 tot 20 september niet wordt uitgesloten. Op 31 augustus ontmoette Poetin de Chinese president Xi Jinping en de Indiase premier Narendra Modi voorafgaand aan de top van de Shanghai Cooperation Organization. Tegelijk waren er signalen dat Amerikaanse, Oekraïense en Russische functionarissen opnieuw beperkte bilaterale contacten over beëindiging van de oorlog oppakten. Russische functionarissen bleven daarnaast dreigende taal tegenover de NAVO in het Noordpoolgebied gebruiken.
Bronnen: ISW Publications – analyse van 31 augustus 2026, auteurs Samuel Frykholm, Tetiana Trach, Arielle Sher, Jennie Olmsted, Grace Mappes en Kateryna Stepanenko
Andy Vermaut +32499357495 (Als je een probleem hebt met de inhoud van een artikel, kan je me altijd mailen op info@indegazette.be – best zo weinig mogelijk mensen in cc zetten, want anders komt dit in de spamfilter terecht. Voor elk artikel geldt een recht op antwoord van betrokkenen tot 3 maanden na publicatie van het artikel. AI wordt gebruikt als redactioneel hulpmiddel. De journalist controleerde de inhoud en feiten.)


