Tweede Arc7-tanker wacht in Deense wateren terwijl druk op Fayard stijgt

20 juli 2026
De Georgiy Brusilov heeft op maandag 20 juli 2026 de Deense wateren bereikt en wacht tot de Rudolf Samoylovich het droogdok van Fayard in Munkebo, bij Odense Port, verlaat. Daardoor kan een tweede gespecialiseerde Arc7-tanker kort na het eerste schip bij de Deense werf worden onderhouden. De aankomst vergroot de druk in het geschil tussen Fayard en een coalitie van inmiddels 105 parlementsleden uit 17 Europese landen. Zij vragen dat de werf in 2026 geen nieuwe Arc7-schepen aanneemt die worden ingezet voor de uitvoer van Russisch lng uit het Yamal-project.
Twee tankers na elkaar bij dezelfde werf
De Georgiy Brusilov bevindt zich in Deense wateren, terwijl de Rudolf Samoylovich sinds dinsdag 30 juni 2026 bij Fayard ligt voor verwacht onderhoud. De Georgiy Brusilov zou het droogdok kunnen binnenvaren zodra het eerste schip vertrekt. Arc7-tankers zijn gebouwd om vloeibaar aardgas te vervoeren en door zwaar poolijs te varen. Ze vormen een essentiële vervoersschakel voor Yamal LNG in Siberië. Urgewald baseert de vaststelling over de positie van het tweede schip op een analyse van scheepssignalen. De organisatie werkt in dit dossier samen met B4Ukraine en Razom We Stand. Zij hadden eerder maximaal zes Arc7-tankers aangeduid die in 2026 mogelijk onderhoud nodig hebben. Naast de Rudolf Samoylovich en de Georgiy Brusilov gaat het om de Boris Davydov, Vladimir Vize, Nikolay Zubov en Nikolay Yevgenov. De drie organisaties noemen Fayard de laatste werf in de Europese Unie die de gespecialiseerde Arc7-vloot nog onderhoudt. Damen Shiprepair Brest nam na augustus 2024 geen nieuwe Arc7-opdrachten meer aan. Fayard betwist dat het de enige Europese werf of maritieme dienstverlener is die schepen met energieproducten van Russische oorsprong behandelt.
Coalitie groeit tot 105 parlementsleden
De politieke oproep wordt gedragen door 105 verkozenen uit Oostenrijk, Tsjechië, Denemarken, Estland, Finland, Frankrijk, Duitsland, Italië, Letland, Litouwen, Nederland, Polen, Roemenië, Slovenië, Spanje, Zweden en het Verenigd Koninkrijk. De ondertekenaars komen uit zes fracties in het Europees Parlement: de Europese Conservatieven en Hervormers, de Groenen/Vrije Europese Alliantie, Renew Europe, de Progressieve Alliantie van Socialisten en Democraten, Europees Links en de Europese Volkspartij. De coalitie telt vier ondervoorzitters van het Europees Parlement. Tot de genoemde ondertekenaars behoren Christel Schaldemose, Roberts Zīle en Nicolae Ștefănuță. De oproep werd gecoördineerd door de Deense Europarlementariër Villy Søvndal.
Politici vrezen langdurig effect van onderhoud
De parlementsleden vragen Fayard om verdere reparatie- en onderhoudsopdrachten voor Arc7-tankers en andere schepen die de Russische uitvoer uit het Noordpoolgebied ondersteunen, te weigeren. Hun vrees is dat onderhoud in 2026 de schepen nog jaren inzetbaar houdt, ook nadat de Europese regels strenger zijn geworden. Rihards Kols vindt dat één werf de Deense steun aan Kyiv niet mag aantasten. Małgorzata Tracz stelt dat Europese maritieme infrastructuur niet mag bijdragen aan inkomsten die de Russische oorlog ondersteunen. Oras Tynkkynen legt de morele verantwoordelijkheid bij de eigenaars en directie van Fayard. Jonas Sjöstedt wijst erop dat de Arc7-schepen een dragende rol spelen in de Russische gasuitvoer. De Deense premier Mette Frederiksen heeft de dienstverlening aan schepen met Russisch gas eerder onbegrijpelijk genoemd. Vladyslav Vlasiuk, sanctieadviseur van de Oekraïense president Volodymyr Zelenskyy, beschouwt de werf als een belangrijke schakel in de Russische logistiek.
Fayard verdedigt legaliteit van de opdrachten
Fayard antwoordde op vrijdag 17 juli 2026 aan de leden van het Europees Parlement en de nationale parlementen. De brief is ondertekend door CEO Thomas Andersen, operationeel directeur Kristian Eidnes Andersen en Bjarne Olesen, vakbondsvertegenwoordiger van de Deense metaalvakbond. De werf stelt dat haar werkzaamheden steeds binnen de geldende Europese regels zijn uitgevoerd. Fayard voert aan dat de Europese Unie zelf lng uit Yamal aankoopt en dat de werf geen handel met Rusland voert. Volgens de directie zijn de Arc7-schepen die zij heeft onderhouden eigendom van of in beheer bij Amerikaanse, Europese en Aziatische rederijen. Fayard zegt geen Russische schepen, gesanctioneerde schepen of schepen met gesanctioneerde lading te hebben behandeld.
Werf wijst op veiligheid en Europese vraag
Fayard voert verder aan dat onderhoud nodig is voor de veiligheid op zee en de bescherming van het mariene milieu in Europese havens en wateren. De werf stelt dat Europa in de eerste helft van 2026 een recordhoeveelheid lng uit Yamal invoerde en dat de lading vóór een werfbezoek onder andere naar Frankrijk, België en Nederland werd gebracht. De installatie in Siberië is mede-eigendom van het Franse TotalEnergies. Fayard betwist ook dat het de enige Europese werf of maritieme dienstverlener is die schepen behandelt die energieproducten van Russische oorsprong vervoeren. De brief verwijst naar circa honderd schepen die in het voorbije jaar bij werven in Nederland, Duitsland, Polen en Litouwen zouden zijn behandeld. Fayard noemt daarnaast een Deense invoerwaarde van 240 miljoen euro aan staal en ijzer in 2025 als voorbeeld van de resterende handel met Rusland. Aan het einde van de brief kondigt de werf aan dat zij de dienstverlening aan deze schepen in 2026 zal beëindigen.
Onduidelijkheid over het moment waarop Fayard stopt
De toezegging van Fayard laat één belangrijke vraag onbeantwoord. De werf zegt dat de dienstverlening in 2026 eindigt, maar schrijft niet dat zij per direct geen nieuwe Arc7-tanker meer zal aannemen. Daardoor is nog niet duidelijk of de Georgiy Brusilov toegang krijgt tot het droogdok nadat de Rudolf Samoylovich vertrekt. Net die ruimte in de formulering houdt de discussie gaande. De coalitie vraagt een publieke bevestiging dat in 2026 geen extra schepen uit deze vloot worden toegelaten, terwijl Fayard enkel vastlegt dat de werkzaamheden dit jaar stoppen.
Søvndal corrigeert eerdere fout maar houdt kritiek aan
Villy Søvndal erkent dat hij de betrokken tankers eerder ten onrechte had ingedeeld bij de Russische vloot die wordt gebruikt om sancties te ontwijken. Hij erkent ook dat de huidige werkzaamheden bij Fayard wettelijk zijn toegestaan. Toch blijft hij bij zijn politieke en morele bezwaar. Hij richt die kritiek op de bedrijfsleiding en niet op de vakmensen die bij de werf werken. Volgens Søvndal gaat het niet om dringende herstellingen wegens een onmiddellijk veiligheidsrisico, maar om gepland onderhoud. Hij stelt dat een grote onderhoudsbeurt doorgaans ongeveer om de drie jaar plaatsvindt en dat een schip dat nu wordt behandeld daardoor nog geruime tijd kan blijven varen. Na de nieuwe beperkingen zouden de tankers voor gespecialiseerde werkzaamheden mogelijk naar China moeten uitwijken.
Miljardenwaarde aan Russisch lng vervoerd
De zes Arc7-tankers die voor mogelijk onderhoud in 2026 zijn aangeduid, hebben sinds de grootschalige Russische inval in Oekraïne elk gemiddeld circa 5,3 miljoen ton Russisch lng vervoerd. De geschatte waarde van die lading bedraagt circa 4 miljard euro per schip. De parlementsleden zien daarom geen gewone onderhoudsopdracht, maar een ingreep die de uitvoercapaciteit van Yamal LNG kan ondersteunen. Fayard verwerpt die voorstelling en legt de nadruk op eigendom, wettelijke naleving, maritieme veiligheid en de rol van Europese afnemers.
Europese regels maken de timing gevoelig
De Europese Unie heeft de invoer van Russisch lng uit bestaande langlopende contracten vanaf 1 januari 2027 verboden. Het twintigste sanctiepakket, aangenomen op donderdag 23 april 2026, bevat daarnaast een verbod op onderhoud en andere diensten voor Russische lng-tankers en ijsbrekers. De campagne rond Fayard gaat ervan uit dat de nieuwe beperking voor deze dienstverlening vanaf 1 januari 2027 doorslaggevend wordt. Fayard houdt vast aan het standpunt dat de huidige werkzaamheden legaal zijn en dat private ondernemingen het door politici vastgestelde energie- en sanctiebeleid uitvoeren.
Tweede schip maakt de keuze concreet
Alexander Kirk, sanctiecampagnevoerder bij Urgewald, stelt dat de situatie niet langer theoretisch is. Eén Arc7-tanker ligt in het droogdok en een tweede wacht in Deense wateren. Volgens hem kan iedere onderhoudsbeurt de Russische lng-uitvoer nog jaren ondersteunen. Fayard moet nu bepalen of de Georgiy Brusilov nog wordt toegelaten of dat de aangekondigde beëindiging van de dienstverlening onmiddellijk wordt toegepast. De werf heeft in haar brief geen afzonderlijk antwoord gegeven over dit tweede schip.
Bronnen:
Urgewald, mededeling over de Georgiy Brusilov en reactie van Alexander Kirk, ontvangen op 20 juli 2026.
Fayard, antwoord aan Europese en nationale parlementsleden van 17 juli 2026.
Urgewald, openbare informatie over de parlementaire oproep en de Arc7-vloot.
Raad van de Europese Unie, informatie over het negentiende en twintigste sanctiepakket en het verbod op Russische lng-invoer.
Europese Commissie, overzicht van het twintigste sanctiepakket
Andy Vermaut +32499357495 (Als je een probleem hebt met de inhoud van een artikel, kan je me altijd mailen op info@indegazette.be – best zo weinig mogelijk mensen in cc zetten, want anders komt dit in de spamfilter terecht. Voor elk artikel geldt een recht op antwoord van betrokkenen tot 3 maanden na publicatie van het artikel. AI wordt gebruikt als redactioneel hulpmiddel. De journalist controleerde de inhoud en feiten.)


