Abdel Fattah al-Burhan biedt Vladimir Poetin toegang tot de Rode Zee terwijl Soedanese inlichtingendiensten onder vuur liggen

Foto Kremlin Russia

Maxim Shipenkov/Pool Photo via AP

3 november 2026

De Soedanese legerleider Abdel Fattah al-Burhan heeft op vrijdag 30 oktober 2026 in het Kremlin in Moskou aan de Russische president Vladimir Poetin voorgesteld om Rusland toegang te geven tot een economische zone aan de Rode Zee. Het aanbod omvat opslagplaatsen voor brandstoffen en graan, mijnbouwconcessies voor goud en koper en Russische deelname aan de ontwikkeling van spoorwegen. De toenadering tussen beide landen gaat gepaard met vragen over de samenwerking tussen hun militaire inlichtingendiensten, de mogelijke rekrutering van Soedanese jongeren voor de Russische oorlog in Oekraïne en de invloed van islamistische organisaties binnen de Soedanese machtsstructuren. Terwijl de burgeroorlog in Soedan voortduurt, probeert Abdel Fattah al-Burhan de banden met Moskou verder uit te bouwen.

Een ontmoeting in het Kremlin met economische en militaire belangen

Op vrijdag 30 oktober 2026 ontving Vladimir Poetin de Soedanese legerleider Abdel Fattah al-Burhan in het Kremlin in Moskou. De ontmoeting volgde op de derde Rusland-Afrika-top, die eveneens in de Russische hoofdstad plaatsvond. De Soedanese delegatie bestond uit verschillende vertegenwoordigers van de politieke en militaire leiding. Minister van Buitenlandse Zaken Mohieddin Salem was aanwezig, evenals minister van Financiën Jibril Ibrahim, die onder Amerikaanse sancties valt. Ook Ahmed Ibrahim Mufaddal, directeur-generaal van de Soedanese algemene inlichtingendienst, en Mirghani Idris, directeur van het Soedanese defensie-industriesysteem, maakten deel uit van de delegatie. De besprekingen gingen over economische samenwerking, investeringen in grondstoffen en de ontwikkeling van infrastructuur. Abdel Fattah al-Burhan verklaarde dat Soedan bereid is Russische ondernemingen toegang te geven tot gebieden waar goud, koper en andere mineralen kunnen worden ontgonnen. Hij stelde ook voor om langs de Rode Zee een vrije economische zone te ontwikkelen. Binnen die zone zouden Russische bedrijven opslagplaatsen voor brandstof en graan kunnen bouwen. De Soedanese legerleider sprak eveneens over Russische deelname aan spoorwegprojecten, waaronder een mogelijke uitbreiding van de verbindingen vanuit Port Sudan naar het binnenland en richting Tsjaad. Vladimir Poetin toonde belangstelling voor verdere samenwerking. Een definitief akkoord over de voorgestelde investeringen werd tijdens de ontmoeting niet publiek bekendgemaakt.

De Rode Zee als toegangspoort voor Russische ondernemingen

De Soedanese kust aan de Rode Zee biedt mogelijkheden voor Russische handelsactiviteiten. Via deze zee bereiken schepen vanuit de Indische Oceaan het Suezkanaal en vervolgens de Middellandse Zee. De route wordt gebruikt voor het internationale vervoer van olie, graan, grondstoffen en industriële producten. Een economische zone aan de Soedanese kust zou Russische ondernemingen opslagruimte en toegang tot regionale transportverbindingen kunnen bieden. De voorgestelde spoorwegprojecten sluiten daarbij aan. Goederen uit het Soedanese binnenland zouden via spoorverbindingen naar de kust kunnen worden vervoerd, terwijl ingevoerde producten vanuit Port Sudan verder landinwaarts kunnen worden verdeeld. Voor Rusland zijn ook de Soedanese goud- en kopervoorraden interessant. Mijnbouwconcessies kunnen Russische ondernemingen toegang geven tot grondstoffen en inkomsten opleveren voor de autoriteiten die vanuit Port Sudan opereren. Over de duur van de mogelijke concessies, de eigendomsverhoudingen en de verdeling van de opbrengsten zijn geen definitieve afspraken bekendgemaakt. Evenmin is bevestigd dat de economische zone een Russische marinebasis zal omvatten. De bestaande discussies over Russische militaire toegang tot de Soedanese kust moeten daarom worden onderscheiden van de economische voorstellen die op 30 oktober 2026 werden besproken.

De militaire aanwezigheid binnen de Soedanese ambassade in Moskou

De diplomatieke vertegenwoordiging van Soedan in Moskou staat centraal in beschuldigingen over militaire samenwerking en inlichtingenactiviteiten. Volgens informatie uit Soedanese politieke kringen zou de ambassade naast de gebruikelijke diplomatieke functies beschikken over afzonderlijke afdelingen voor militaire betrekkingen, inlichtingenwerk en contacten met de defensie-industrie. De militaire attaché zou de rang van generaal-majoor bekleden en worden bijgestaan door veertien officieren van verschillende rangen. Een afzonderlijke vertegenwoordiging van de algemene inlichtingendienst zou eveneens worden geleid door een generaal-majoor, bijgestaan door twee stafofficieren en twee onderofficieren. Binnen de vertegenwoordiging van het defensie-industriesysteem zou een kolonel van de militaire inlichtingendienst samenwerken met vijf ingenieurs uit de militaire productiesector en een vertaler. Naast deze afdelingen beschikt de ambassade over de gebruikelijke diplomatieke functies, waaronder een ambassadeur, een consul, een gevolmachtigd minister en een eerste secretaris. De opgegeven personeelsaantallen zijn niet onafhankelijk bevestigd. De omvang van de militaire aanwezigheid zou, indien de cijfers correct zijn, wijzen op een uitgebreide organisatie voor contacten tussen de Soedanese en Russische defensiesector. Militaire attachés maken in verschillende landen deel uit van diplomatieke vertegenwoordigingen. De vraag is welke werkzaamheden de afzonderlijke Soedanese veiligheidsafdelingen daadwerkelijk uitvoeren en of zij zich uitsluitend bezighouden met erkende diplomatieke en militaire contacten.

Op de foto generaal Abdel Fattah Al-Burhan, opperbevelhebber van de Soedanese strijdkrachten; Mohieddin Salem, minister van Buitenlandse Zaken; Jibril Ibrahim, minister van Financiën, tegen wie Amerikaanse sancties gelden; Ahmed Ibrahim Mufaddal, directeur-generaal van de Soedanese algemene inlichtingendienst; en Mirghani Idris, directeur van het Soedanese defensie-industriecomplex.

Russische opleidingen voor Soedanese militairen

De samenwerking tussen de Soedanese en Russische strijdkrachten zou zich uitstrekken tot opleidingen, technische ondersteuning en medische verzorging. Soedanese militairen zouden in Rusland trainingen krijgen in het bedienen van drones en in de voorbereiding op leidinggevende functies binnen het leger. Volgens de beschikbare informatie zouden dergelijke opleidingsprogramma’s op regelmatige basis worden georganiseerd. Ook zouden hooggeplaatste Soedanese officieren en hun familieleden medische behandelingen in Rusland ontvangen. Daaronder zouden zich commandanten bevinden die tijdens de burgeroorlog in Soedan gewond raakten. Het aantal betrokken militairen, de Russische instellingen die de opleidingen verzorgen en de financiële afspraken zijn niet publiek vastgesteld. De aanwezigheid van Soedanese militaire en inlichtingenfunctionarissen in Moskou kan dergelijke contacten ondersteunen, maar bewijst op zichzelf niet dat alle beschreven programma’s bestaan. De betrekkingen passen binnen de Russische militaire aanwezigheid in verschillende Afrikaanse landen. Na de ontmanteling van de vroegere Wagnerstructuren kreeg het Africa Corps, dat onder Russische staatscontrole functioneert, een grotere plaats binnen de Russische militaire activiteiten op het Afrikaanse continent. De contacten met Soedan vormen een onderdeel van de diplomatieke en militaire betrekkingen die Moskou in Afrika onderhoudt.

Rusland gebruikte zijn veto tegen bescherming van burgers in Soedan

Op maandag 18 november 2024 blokkeerde Rusland in de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties een ontwerpresolutie over de oorlog in Soedan. Het voorstel was ingediend door het Verenigd Koninkrijk en Sierra Leone en kreeg de steun van veertien van de vijftien leden van de Veiligheidsraad. Ook de drie Afrikaanse leden stemden voor. Rusland was het enige land dat tegenstemde. Omdat Rusland als permanent lid over een vetorecht beschikt, kon de resolutie niet worden aangenomen. De tekst vroeg een onmiddellijk einde aan de vijandelijkheden, betere bescherming van burgers en ongehinderde toegang voor humanitaire hulp. De strijdende partijen werden opgeroepen hun verplichtingen uit het internationaal humanitair recht na te komen. Rusland verdedigde het veto met verwijzingen naar de soevereiniteit van Soedan en kritiek op de manier waarop buitenlandse landen zich met de oorlog bemoeiden. De beslissing leidde tot internationale kritiek, omdat de overige leden van de Veiligheidsraad het voorstel hadden gesteund. Tijdens de ontmoeting in Moskou op 30 oktober 2026 bedankte Abdel Fattah al-Burhan Vladimir Poetin voor de Russische steun binnen internationale instellingen. Dat diplomatieke contact staat vast. Een rechtstreeks akkoord waarbij Rusland zijn veto van november 2024 zou hebben ingeruild voor concessies aan de Rode Zee, is niet aangetoond.

Burgers getroffen door bombardementen en aanhoudende gevechten

Sinds zaterdag 15 april 2023 woedt in Soedan een oorlog tussen de Sudanese Armed Forces, onder leiding van Abdel Fattah al-Burhan, en de Rapid Support Forces, de paramilitaire strijdmacht waarmee het leger in een gewelddadige machtsstrijd verwikkeld is. De gevechten hebben grote delen van het land getroffen. Woonwijken zijn beschadigd, ziekenhuizen en scholen hebben hun werkzaamheden moeten onderbreken en grote aantallen inwoners zijn hun woning ontvlucht. Beide strijdende partijen worden beschuldigd van aanvallen op burgers en andere schendingen van het internationaal humanitair recht. Ook luchtaanvallen van het Soedanese leger hebben burgerdoden veroorzaakt. In onderzoeksgegevens over bombardementen wordt gesproken over minstens 1.700 burgers die zouden zijn omgekomen bij aanvallen op woongebieden, markten, scholen en kampen voor ontheemden. De precieze onderzoeksperiode en de berekening van dat aantal zijn niet onafhankelijk vastgesteld. Het cijfer kan daarom niet als definitief slachtoffertotaal worden beschouwd. De oorlog heeft ook gevolgen voor de voedselvoorziening en de toegang tot medische hulp. In verschillende gebieden zijn hulporganisaties afhankelijk van toestemming en veilige doorgang om voedsel en geneesmiddelen te kunnen afleveren. Voor veel gezinnen is het moeilijk om contact te houden met familieleden die tijdens de gevechten zijn gevlucht. De mogelijkheid om naar hun woonplaats terug te keren hangt af van de veiligheidssituatie en de beschikbaarheid van basisvoorzieningen.

Berichten over Soedanese jongeren in de Russische oorlog tegen Oekraïne

Er circuleren beschuldigingen over netwerken die jonge Soedanezen zouden rekruteren voor militaire dienst in Rusland. Volgens een Soedanees onderzoeksverslag worden daarbij advertenties op Facebook, reisbureaus en ondernemingen die visumdiensten aanbieden gebruikt. De betrokken jongeren zouden hoge salarissen en de mogelijkheid om de Russische nationaliteit te verkrijgen in het vooruitzicht worden gesteld. Ook Soedanese burgers die reeds in Moskou verblijven, zouden onder druk worden gezet om zich bij de Russische strijdkrachten aan te sluiten. De beschuldigingen gaan verder dan vrijwillige indiensttreding. Er wordt gesproken over misleidende beloftes en onvoldoende informatie over de omstandigheden waarin de rekruten zouden worden ingezet. Volgens het onderzoeksverslag zouden sommige jongeren naar de frontlinie in Oekraïne worden gestuurd. Een persoon die bij dergelijke netwerken betrokken zou zijn, noemt een overlevingspercentage van hoogstens vijftien procent. Dat percentage is niet onafhankelijk gecontroleerd en kan niet als vaststaand gegeven worden gebruikt. Ook een schatting van ruim 1.780 Afrikaanse strijders in Russische militaire dienst is onvoldoende onderbouwd om als bevestigd cijfer te publiceren. De mogelijke werving van Soedanese burgers voor de oorlog in Oekraïne verdient onderzoek naar de betrokken reisorganisaties, contracten, verblijfsdocumenten en militaire rekruteringskanalen. Daarbij moet ook worden vastgesteld of de Soedanese autoriteiten kennis hebben van eventuele misleiding of dwang. De aanwezigheid van militaire functionarissen binnen de Soedanese ambassade in Moskou vormt geen bewijs van medewerking aan illegale rekrutering. De vraag naar eventuele betrokkenheid kan pas worden beantwoord wanneer concrete documenten of getuigenverklaringen beschikbaar zijn.

De historische banden tussen de Soedanese machtsstructuren en islamistische organisaties

De politieke geschiedenis van Soedan wordt mede bepaald door de invloed van islamistische organisaties binnen het staatsapparaat. In juni 1989 kwam Omar al-Bashir via een militaire staatsgreep aan de macht. Tijdens zijn bewind kregen islamistische politieke netwerken invloed binnen de regering, de veiligheidsdiensten en andere instellingen. De Nationale Congrespartij en organisaties die voortkwamen uit de Soedanese islamistische beweging speelden een rol in het bestuur. In april 2019 werd Omar al-Bashir afgezet na maanden van protest. De daaropvolgende overgangsperiode moest leiden tot een burgerlijk bestuur, maar werd in oktober 2021 onderbroken door een nieuwe militaire machtsovername. De vraag welke personen uit vroegere islamistische netwerken nog steeds functies uitoefenen binnen het leger en de inlichtingendiensten, is onderwerp van politieke discussie. Er bestaan beschuldigingen dat aan de Moslimbroederschap verbonden personen invloed hebben binnen de veiligheidsstructuren die onder het gezag van Abdel Fattah al-Burhan functioneren. Daarbij worden ook diplomatieke vertegenwoordigingen in het buitenland genoemd. De historische aanwezigheid van islamistische functionarissen binnen de Soedanese staat betekent echter niet dat de huidige leden van de militaire leiding automatisch tot dezelfde organisaties behoren. Voor de vaststelling van organisatorische banden zijn gegevens nodig over individuele functies, lidmaatschap, financiering en contacten tussen betrokken personen.

De video toont een militair van de Soedanese strijdkrachten, die verbonden is aan het Hajanah-bataljon in de stad El Obeid en aan de zijde van het Russische leger vecht tegen Oekraïense burgers.

Europees Parlement stemt over netwerken van de Moslimbroederschap

Op donderdag 8 oktober 2026 nam het Europees Parlement in Straatsburg een resolutie aan over een Europese strategie tegen islamistische infiltratie en de invloed van netwerken van de Moslimbroederschap. De tekst werd goedgekeurd met 381 stemmen voor, 167 stemmen tegen en 15 onthoudingen. Het Parlement vraagt onderzoek naar de manier waarop politieke islamistische organisaties toegang proberen te krijgen tot Europese instellingen en gebruikmaken van verenigingen, stichtingen en andere organisaties. Ook de financiering van dergelijke netwerken en hun contacten met buitenlandse instellingen komen aan bod. De resolutie roept op tot een beoordeling van personen en organisaties die mogelijk voldoen aan de wettelijke voorwaarden voor plaatsing op Europese terrorismelijsten. De aangenomen tekst betekent niet dat de Moslimbroederschap automatisch op een Europese terrorismelijst is geplaatst. Daarvoor gelden afzonderlijke juridische procedures. Het Europees Parlement maakt eveneens onderscheid tussen de islam als godsdienst en politiek islamisme. De vrijheid van godsdienst blijft daarbij een recht dat voor alle burgers geldt. In Nederland werd eveneens gesproken over een verbod op de Moslimbroederschap en aanverwante netwerken. Een parlementaire motie vormt echter niet automatisch een wettelijk verbod. De Europese discussie heeft ook betrekking op mogelijke buitenlandse beïnvloeding via organisaties die contacten onderhouden met instellingen of personen buiten de Europese Unie.

Vragen over diplomatieke missies en contacten met dissidenten

De mogelijke invloed van islamistische organisaties binnen de Soedanese veiligheidsdiensten leidt tot vragen over de activiteiten van diplomatieke vertegenwoordigingen in Europa. Ambassades beschikken volgens het Verdrag van Wenen over bijzondere bescherming voor hun gebouwen, documenten en diplomatieke communicatie. Diplomatieke functionarissen genieten onder bepaalde voorwaarden immuniteit. Deze regels zijn bedoeld om diplomatieke betrekkingen tussen staten mogelijk te maken. Ze geven geen toestemming om buiten de erkende diplomatieke functies activiteiten uit te oefenen die in strijd zijn met internationale verplichtingen. Binnen de discussie over Soedanese diplomatieke missies wordt gevraagd hoeveel medewerkers een achtergrond hebben binnen het leger, de inlichtingendiensten of de defensie-industrie. Ook hun mogelijke contacten met islamistische politieke netwerken worden ter discussie gesteld. Een afzonderlijk onderwerp betreft de omgang met Soedanese burgers die in Europese landen wonen. Politieke tegenstanders van de militaire machthebbers zouden volgens bepaalde beschuldigingen kunnen worden gevolgd of onder druk gezet. Voor concrete betrokkenheid van de genoemde diplomatieke missies bij dergelijke activiteiten zijn geen onafhankelijk gecontroleerde gegevens beschikbaar. Het onderzoeken van mogelijke buitenlandse inmenging behoort tot de bevoegdheden van de betrokken veiligheidsdiensten. Daarbij moeten de rechten van individuele diplomaten, de toepasselijke internationale verdragen en de vereiste bewijsvoering worden gerespecteerd.

De Afrikaanse Unie handhaaft haar schorsing van Soedan

Na de militaire staatsgreep van oktober 2021 schorste de Afrikaanse Unie de deelname van Soedan aan haar activiteiten. De organisatie koppelde het herstel van de normale betrekkingen aan de terugkeer naar een burgerlijk geleid overgangsbestuur. De schorsing maakt deel uit van de reactie van de Afrikaanse Unie op de onderbreking van het politieke overgangsproces. Abdel Fattah al-Burhan bleef aan het hoofd van de militaire machtsstructuur staan. Sinds het uitbreken van de oorlog met de Rapid Support Forces in april 2023 is het bestuur van het land verder verdeeld geraakt. De autoriteiten die vanuit Port Sudan opereren, oefenen feitelijke macht uit over de gebieden die onder controle van de Sudanese Armed Forces staan. Dat gezag kan niet worden gelijkgesteld met een democratisch mandaat van de gehele Soedanese bevolking. De Afrikaanse Unie blijft aandringen op een politieke oplossing waarbij burgerlijke instellingen opnieuw een plaats krijgen in het bestuur. Voor de toekomst van Soedan is de vraag wie namens de bevolking afspraken mag maken met buitenlandse staten rechtstreeks verbonden aan de discussie over politieke legitimiteit.

De Amerikaanse betrekkingen met de Soedanese legerleiding

De Verenigde Staten onderhouden contacten met de Soedanese autoriteiten in het kader van diplomatieke gesprekken over de oorlog en de humanitaire situatie. In september 2026 ontstond discussie over de verstrekking van een Amerikaans visum aan Abdel Fattah al-Burhan voor deelname aan de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties. Op dinsdag 22 september 2026 was er berichtgeving over het uitblijven van een visum voor de Soedanese legerleider. De kwestie werd in verband gebracht met de Amerikaanse houding tegenover de militaire machtsstructuren in Soedan. Ook Massad Boulos, adviseur van de Amerikaanse president, werd genoemd in verband met de diplomatieke contacten over het conflict. De bewering dat de Amerikaanse regering op 22 september 2026 formeel zou hebben verklaard dat Abdel Fattah al-Burhan geen constitutioneel gelegitimeerde regering vertegenwoordigt, kon niet met een officiële verklaring worden bevestigd. Evenmin staat vast dat de visumkwestie op zichzelf een definitieve wijziging van de Amerikaanse erkenningspolitiek betekende. Het Amerikaanse contact met de Soedanese legerleiding vindt plaats binnen een situatie waarin militaire machthebbers feitelijk gebieden besturen, terwijl een burgerlijk overgangsproces nog geen duurzame politieke regeling heeft opgeleverd.

De gevolgen van Russische investeringen voor de Soedanese economie

Het aanbod van Abdel Fattah al-Burhan aan Vladimir Poetin omvat verschillende economische sectoren die voor de financiering en het functioneren van de Soedanese staat van belang zijn. De mijnbouwsector levert grondstoffen op die op internationale markten kunnen worden verkocht. Russische investeringen in goud- en koperwinning zouden toegang geven tot nieuwe ontginningsgebieden, terwijl de Soedanese autoriteiten inkomsten zouden kunnen ontvangen uit concessies en andere commerciële afspraken. De voorgestelde opslagplaatsen voor graan en brandstof zouden kunnen worden gebruikt voor handel met landen rond de Rode Zee en in andere delen van Afrika. Spoorwegen kunnen het vervoer tussen landbouwgebieden, mijnbouwlocaties en havens mogelijk maken. De uitvoering van dergelijke projecten hangt echter af van de veiligheid in de betrokken regio’s en van afspraken over eigendom, financiering en beheer. Door de oorlog is het moeilijk om vast te stellen welke overheidsinstellingen op langere termijn verantwoordelijk zullen zijn voor de naleving van contracten. De verdeling van eventuele inkomsten uit buitenlandse investeringen vormt eveneens een aandachtspunt. Voor de Soedanese bevolking is van belang of opbrengsten uit grondstoffen en infrastructuur worden gebruikt voor openbare dienstverlening en wederopbouw, of voornamelijk terechtkomen bij de instellingen die tijdens de oorlog de macht uitoefenen. Over concrete financiële voorwaarden van het Russische aanbod zijn nog geen definitieve gegevens bekend.

Europa en de mogelijke Russische aanwezigheid aan de Rode Zee

De Europese Unie heeft verschillende belangen bij de veiligheid van de Rode Zee en de politieke situatie in Soedan. De scheepvaartroute wordt gebruikt voor het vervoer van goederen tussen Azië en Europa. Onveiligheid rond deze route kan gevolgen hebben voor handelsverkeer en transportkosten. De Russische belangstelling voor economische faciliteiten aan de Soedanese kust maakt deel uit van een internationale situatie waarin ook andere staten militaire of commerciële belangen in het gebied hebben. Voor de Europese instellingen komt daar de oorlog in Soedan bij. De humanitaire omstandigheden, de bescherming van burgers en het herstel van een burgerlijk bestuur blijven onderwerpen van diplomatiek overleg. De mogelijke banden tussen Soedanese veiligheidsdiensten en islamistische organisaties vormen een afzonderlijk vraagstuk. Een onderzoek naar dergelijke banden vereist controleerbare gegevens en mag niet worden gebaseerd op algemene vermoedens over de achtergrond van individuele personen. Ook de mogelijke rekrutering van Soedanese jongeren voor Russische militaire dienst vraagt afzonderlijk onderzoek. De economische voorstellen van Abdel Fattah al-Burhan kunnen pas volledig worden beoordeeld wanneer duidelijk is welke overeenkomsten worden gesloten, welke Russische instellingen erbij betrokken zijn en welke bevoegdheden de Soedanese autoriteiten aan buitenlandse ondernemingen willen geven.

De positie van burgerlijke organisaties in de toekomst van Soedan

De burgeroorlog heeft het politieke overgangsproces in Soedan onderbroken en de positie van burgerlijke organisaties verzwakt. Voor de staatsgreep van oktober 2021 namen burgerlijke bewegingen deel aan onderhandelingen over een bestuur waarin militairen en burgers verantwoordelijkheden zouden delen. Na de machtsovername en het uitbreken van de oorlog werd die politieke ontwikkeling verder bemoeilijkt. Verschillende burgerlijke organisaties blijven pleiten voor een staat waarin de macht voortkomt uit politieke vertegenwoordiging en waarin burgers gelijke rechten genieten, ongeacht hun geloof of afkomst. Ook de verdeling van bevoegdheden tussen het centrale bestuur en de verschillende regio’s maakt deel uit van die discussie. De militaire samenwerking met Rusland verandert niets aan de noodzaak om een politieke regeling voor de oorlog te vinden. Economische investeringen kunnen infrastructuur opleveren, maar vormen op zichzelf geen oplossing voor de strijd tussen het leger en de Rapid Support Forces. Ook de aanwezigheid van buitenlandse militaire partners geeft geen antwoord op de vraag hoe de Soedanese bevolking opnieuw invloed kan krijgen op de instellingen die haar besturen. De terugkeer van burgerlijk gezag, de veiligheid van ontheemden en de toegang tot humanitaire hulp blijven onderwerpen waarover de strijdende partijen en politieke vertegenwoordigers afspraken moeten maken.

Andy Vermaut +32499357495 (Als je een probleem hebt met de inhoud van een artikel, kan je me altijd mailen op info@indegazette.be – best zo weinig mogelijk mensen in cc zetten, want anders komt dit in de spamfilter terecht. Voor elk artikel geldt een recht op antwoord van betrokkenen tot 3 maanden na publicatie van het artikel. AI wordt gebruikt als redactioneel hulpmiddel. De journalist controleerde de inhoud en feiten.)

Steun onafhankelijke journalistiek. Steun indegazette.be!

Onafhankelijke journalistiek is belangrijker dan ooit. Iedere dag brengt indegazette.be nieuws, diepgaande reportages, kritische analyses en verhalen die ertoe doen. Van de Westhoek tot de rest van België, van Europa tot ver daarbuiten.

Wij volgen de actualiteit op de voet, stellen kritische vragen, geven mensen een stem en besteden aandacht aan gebeurtenissen die elders soms nauwelijks aan bod komen. Daarbij laten we ons leiden door journalistieke onafhankelijkheid, feitenonderzoek en de overtuiging dat iedereen recht heeft op betrouwbare informatie.

Maar onafhankelijke journalistiek vraagt ook tijd, middelen en financiële ondersteuning. Achter ieder artikel schuilen uren werk, contacten met bronnen, onderzoek en de voortdurende inzet om onze lezers zo goed mogelijk te informeren.

Daarom doen we graag een beroep op iedereen die onze journalistieke inzet waardeert.

Met een vrijwillige bijdrage, hoe klein ook, help je ons om verder te investeren in onafhankelijke berichtgeving, onderzoeksjournalistiek en verslaggeving vanuit binnen- en buitenland.

Iedere bijdrage wordt bijzonder gewaardeerd. Ook door onze artikels te lezen en te delen, help je indegazette.be om een steeds groter publiek te bereiken.

Je kunt ons rechtstreeks ondersteunen via:

☕ Ko-fi: https://ko-fi.com/andyvermaut

☕ Buy Me a Coffee: https://buymeacoffee.com/andyvermaut

Samen kunnen we ervoor zorgen dat onafhankelijke journalistiek een plaats blijft behouden in het medialandschap, met aandacht voor feiten, mensen en maatschappelijke ontwikkelingen.

Hartelijk dank voor je vertrouwen, je betrokkenheid en je steun. Dankzij lezers zoals jij kunnen we ons journalistieke werk met dezelfde overtuiging voortzetten.

Andy Vermaut

+32499357495
Hoofdredacteur indegazette.be