De wereld in crisis: mensenrechten onder ongekende druk in 2024

29 april 2025

In 2024 wankelde het fundament van mondiale mensenrechten onder een golf van geweld, onderdrukking en ongelijkheid. Autoritaire regimes verstevigden hun greep, terwijl conflicten in Oekraïne, Birma en Jemen burgers in een wurggreep hielden. Vrijheid van meningsuiting werd wereldwijd gesmoord, discriminatie voedde verdeeldheid, en de klimaatcrisis dreef miljoenen tot wanhoop. Toch boden gerechtelijke stappen, zoals arrestatiebevelen van het Internationaal Strafhof, en burgerprotesten in landen als Zuid-Korea hoop op verandering. Dit verhaal schetst de strijd voor rechtvaardigheid in een wereld op een kantelpunt, met een oproep tot verzet die niemand kan negeren.

Gewelddadige conflicten en humanitaire catastrofes

Gewapende conflicten troffen in 2024 talloze landen, met burgers als voornaamste slachtoffers. In Oekraïne vernietigde Rusland systematisch civiele infrastructuur, zoals thermische energiecentrales, waardoor duizenden zonder elektriciteit zaten. Russische troepen hielden Oekraïense krijgsgevangenen vast en onderwierpen hen aan marteling en gedwongen verdwijningen. In Birma dwong aanhoudende vervolging van de Rohingya velen om hun huizen in Rakhine te ontvluchten, terwijl geweld in de Democratische Republiek Congo, Burkina Faso en Niger escaleerde. In Jemen belemmerden alle partijen humanitaire hulp, waardoor 18,2 miljoen mensen, waaronder 2,7 miljoen ondervoede kinderen, in acute nood verkeerden. Een cholera-uitbraak verergerde de crisis, met dagelijks honderden gevallen.

De gevolgen waren schrijnend. In Birma werden etnische spanningen aangewakkerd door systematische discriminatie, terwijl in Jemen Huthi-autoriteiten in juni 2024 dertien VN-medewerkers en tientallen ngo-werknemers oppakten, wat de hulpverlening bemoeilijkte. De VN-Veiligheidsraad, verlamd door veto’s van permanente leden zoals Rusland, slaagde er niet in om effectieve actie te ondernemen. Ondanks oproepen tot wapenembargo’s bleven wapenleveringen aan conflictgebieden doorgaan, terwijl bureaucratie en politieke obstructie humanitaire hulp beperkten. In Soedan leidde conflict tot 11 miljoen ontheemden, met hongersnood in het Zamzam-kamp in augustus 2024 als grimmig dieptepunt.

Onderdrukking van vrije meningsuiting en protest

Vrijheid van meningsuiting en vergadering werd in 2024 wereldwijd ingeperkt. Autoritaire regimes in Afghanistan, Bangladesh, Wit-Rusland, China, Rusland en Venezuela voerden wetten in om dissidenten en media te muilkorven. In Venezuela registreerde de ngo Espacio Público tussen januari en september 507 schendingen van vrije meningsuiting, waaronder het sluiten van radiostations en het blokkeren van sociale mediaplatforms na de presidentsverkiezingen van juli. De VenApp-applicatie van de regering stelde burgers in staat om critici aan te geven, wat leidde tot massa-arrestaties. In Vietnam verplichtte een decreet van november 2024 sociale mediagebruikers om accounts te koppelen aan persoonlijke identificatie, een maatregel om online dissidenten te traceren.

Journalisten betaalden een zware tol. Wereldwijd werden in 2024 124 journalisten gedood, terwijl in Vietnam bloggers zoals Duong Van Thai en leden van de Vietnam Onafhankelijke Journalistenvereniging, zoals Le Huu Minh Tuan, lange gevangenisstraffen kregen voor “anti-staatspropaganda”. In Zimbabwe werd journalist Thomas Zgambo in oktober gearresteerd na een kritisch artikel over regeringsfunctionarissen. Protesteren werd riskanter. In Bangladesh resulteerde een studentenprotest in 2024 in bijna duizend doden door militaire repressie, met “schiet-op-zicht”-bevelen die de chaos verergerden. In Nigeria, Kenia en Senegal werden demonstranten geconfronteerd met massale arrestaties en dodelijk geweld. Zelfs in democratische landen zoals Canada en Finland werden activisten die sociale rechten eisten, lastiggevallen. In Zimbabwe intensiveerde de regering haar onderdrukking voor de top van de Zuid-Afrikaanse Ontwikkelingsgemeenschap in augustus 2024, met meer dan 160 arrestaties van oppositieleden en journalisten. Toch dwongen protesten in Zuid-Korea in december 2024 de opheffing van een kortstondige staat van beleg, een zeldzame triomf voor burgerverzet.

Discriminatie en systematische ongelijkheid

Discriminatie bleef een motor achter mensenrechtenschendingen. In Birma voedde racisme tegen de Rohingya gewelddadige vervolging, terwijl migranten en vluchtelingen wereldwijd met harde maatregelen werden geconfronteerd. Pakistan deporteerde honderdduizenden Afghaanse vluchtelingen, en Wit-Rusland dwong migranten om EU-grenzen over te steken, wat leidde tot doden in barre omstandigheden. In Canada, Qatar en Saoedi-Arabië bonden visumregelingen migranten aan werkgevers, wat uitbuiting verergerde. Europese landen zoals Griekenland negeerden rechterlijke uitspraken die migrantenrechten beschermden, zoals een uitspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in 2024 tegen Griekenland voor dodelijk geweld tijdens grensoperaties.

Genderdiscriminatie trof vrouwen en LGBTI-personen zwaar. In Afghanistan verbood de Taliban in 2024 vrouwen en meisjes om in het openbaar te verschijnen, waarmee hun recht op werk en onderwijs werd uitgehold. In Iran leidden nieuwe hoofddoekwetten tot geselingen en gevangenisstraffen voor vrouwen die zich verzetten. In Venezuela rapporteerde de ngo Red de Mujeres Constructoras de Paz dat 71% van de vrouwen psychisch geweld en 41% fysiek geweld ervoer. LGBTI-rechten stonden onder druk in Ghana, Malawi en Oeganda, waar wetten consensuele homoseksuele relaties criminaliseerden. In Jemen veroordeelde een Huthi-rechtbank in januari 2024 negen mannen tot de doodstraf op beschuldiging van “homoseksualiteit”. Toch waren er lichtpunten: Thailand legaliseerde als eerste Zuidoost-Aziatische land het homohuwelijk, en Namibië schrapte wetgeving tegen homoseksualiteit, ondanks een regeringsberoep.

Inheemse volkeren kregen te maken met schendingen. In Bolivia, Indonesië en Maleisië gingen extractieve projecten door zonder instemming van inheemse gemeenschappen. In Venezuela bedreigde illegale mijnbouw de Yanomami, met watervervuiling door kwik die hun gezondheid en voedselvoorziening aantastte. In Nieuw-Zeeland ondermijnden nieuwe wetten de rechten van de Māori, een stap achteruit in de erkenning van inheemse rechten.

Klimaatcrisis en economische stagnatie

De klimaatcrisis bereikte in 2024 een kritiek punt. De mondiale temperatuur steeg voor het eerst boven 1,5 graden Celsius ten opzichte van pre-industriële niveaus. Zuid-Azië werd getroffen door hittegolven en overstromingen die miljoenen ontheemden, terwijl Zuid-Amerikaanse bosbranden de Amazone en ecosystemen vernietigden. In Somalië wisselden droogtes en overstromingen elkaar af, met instortende lokale economieën en massale verplaatsingen. In Zimbabwe verklaarde de regering in april 2024 een nationale noodtoestand vanwege een door El Niño veroorzaakte droogte, die 7,6 miljoen mensen in voedselonzekerheid stortte. De COP29-onderhandelingen in 2024 leverden een zwakke financieringsovereenkomst op, die arme landen verder in schulden dreigde te storten.

Economisch gezien haperde de strijd tegen armoede. De Wereldbank waarschuwde dat de armoedebestrijding tussen 2020 en 2030 vrijwel stilstaat. In Venezuela kostte een basisvoedselmand voor een gezin van vijf in december 2024 498,47 dollar, terwijl het minimumloon slechts 2,36 dollar bedroeg, waardoor 82% van de bevolking in armoede leefde en 53% in extreme armoede. Wereldwijd leidden conflicten, inflatie en schuldenlast tot voedselonzekerheid voor honderden miljoenen. Overheden bleven subsidies verstrekken aan de fossiele brandstofindustrie, terwijl belastingontwijking door bedrijven en individuen de middelen voor gezondheidszorg en onderwijs uitholde. In Vietnam, waar 42% van de elektriciteit uit niet-fossiele bronnen kwam, stegen kolenemissies tot recordhoogtes, een paradox in de energietransitie.

Technologie als bedreiging

Technologie werd in 2024 vaker een instrument voor onderdrukking. Gezichtsherkenningstechnologie ontmoedigde protesten in Indonesië en Thailand, terwijl spyware werd ingezet tegen activisten en journalisten. In Venezuela gebruikte de regering de VenApp-applicatie om critici te laten aangeven, wat leidde tot willekeurige detenties. In Vietnam werden Chinese studenten in het buitenland gevolgd via digitale platforms, en in Thailand en Oeganda groeide technologie-gestuurd gendergerelateerd geweld. Sociale mediabedrijven zoals Meta en TikTok verwijderden informatie over seksuele en reproductieve rechten, terwijl hun algoritmes haatzaaiende inhoud versterkten. De Europese Unie probeerde met de Digitale Dienstenwet en de Kunstmatige Intelligentiewet enige regulering af te dwingen, maar wereldwijd bleven techbedrijven grotendeels ongereguleerd.

Hoop te midden van chaos

Te midden van deze crises waren er tekenen van verzet. Het Internationaal Strafhof vaardigde in 2024 arrestatiebevelen uit tegen de Birmese generaal Min Aung Hlaing voor misdaden tegen de Rohingya en tegen zes leiders van de al-Kaniyat-groep in Libië voor oorlogsmisdaden. In Gambia werd een wetsvoorstel verworpen dat genitale verminking zou herinvoeren, en Zimbabwe schafte de doodstraf af, hoewel een nieuwe wet deze straf onder een noodtoestand kan herinvoeren. In september 2024 kwamen alle 193 VN-lidstaten overeen om een verdrag tegen misdaden tegen de menselijkheid op te stellen, een stap naar meer internationale samenwerking. Wereldwijd stemden burgers in 64 verkiezingen vaak voor partijen die mensenrechten verdedigden, een teken dat autoritaire trends niet onomkeerbaar zijn.

Een oproep tot actie

De wereld staat op een kruispunt. Zonder krachtig verzet dreigt een toekomst waarin mensenrechten worden opgeofferd aan macht en winst. Overheden moeten de VN-Veiligheidsraad hervormen, wapenleveringen aan conflictgebieden stoppen en technologie reguleren om burgers te beschermen. Burgers en activisten blijven de frontlinie van verzet vormen, van de straten van Bangladesh tot de rechtbanken van Den Haag. De strijd voor rechtvaardigheid is nog lang niet gestreden, maar de veerkracht van miljoenen mensen wereldwijd biedt hoop voor een rechtvaardigere toekomst.

Bronnen:

  • Amnesty International Report 2025, The State of the World’s Human Rights, april 2025