Diksmuide leeft op kraanwater dat steeds meer zuivering vraagt

19 november 2025

De voorbije weken bleef de discussie over de waterkwaliteit in en rond Diksmuide maar doorgaan. De Pano-reportage over de aardappelsector, de verhoging van de norm voor triazolen en de uitleg in de gemeenteraad zorgden voor heel wat vragen bij inwoners. Intussen liggen officiële meetresultaten op tafel, net als kritische analyses van de wateraanvoer uit de Blankaart. Wie die gegevens naast elkaar legt, ziet dat het kraanwater in Diksmuide vandaag veilig is, maar dat het bronwater waarop de stad rekent zwaar onder druk staat.

Kraanwater veilig, maar met intensieve zuivering

Diksmuide wordt dagelijks bevoorraad vanuit het waterproductiecentrum Blankaart. Daar wordt ongeveer 3062 kubieke meter kraanwater per dag geproduceerd en verdeeld, wat na zuivering bij de inwoners uit de kraan komt. Het water wordt daar in verschillende stappen behandeld: het ruwe water wordt mechanisch voorgezuiverd, daarna volgen chemische en fysische behandelingen met onder meer vlokvorming, bezinking, zandfiltratie, actieve kool, ozon, UV en een chloorstap om het drinkbaar en stabiel te houden.

Uit de kwaliteitsgegevens van oktober 2025 blijkt dat het gezuiverde drinkwater in Diksmuide netjes binnen de huidige normen blijft, ook voor gevoelige parameters. Tegelijk vallen enkele waarden op. Voor 1,2,4-triazool, een afbraakproduct van gewasbeschermingsmiddelen, werd een gemiddelde bandbreedte gemeten tussen 0,130 en 0,730 microgram per liter. De norm in het leveringsgebied is voorlopig opgetrokken tot 1 microgram per liter, maar de oorspronkelijke Europese pesticidennorm bedroeg 0,1 microgram per liter. De hoogste waarde in Diksmuide ligt daardoor ongeveer zeven keer boven die eerdere grens en schuurt tegen de tijdelijk hogere limiet aan.

Ook andere stoffen worden in beperkte concentraties teruggevonden. Zo geven de gegevens waarden voor trifluorazijnzuur (TFA) tussen 2,1 en 7,6 microgram per liter, terwijl de voorzorgswaarde 15,6 microgram per liter bedraagt. De som van PFAS ligt tussen 0,009 en 0,056 microgram per liter, bij een norm van 0,1 microgram per liter, en het totaal aan PFAS blijft tussen 0,009 en 0,059 microgram per liter, ruim onder de grens van 0,5 microgram per liter. Voor trihalomethanen, die ontstaan bij de desinfectie, wordt een bandbreedte tussen 12 en 50 microgram per liter gemeld, terwijl de norm 100 microgram per liter bedraagt.

Volgens de onderliggende toelichting liggen de gemeten waarden voor 1,2,4-triazool ruim onder de gezondheidskundige drempel die door verschillende onderzoeksinstellingen werd bepaald. De tijdelijke afwijking tot 1 microgram per liter werd door de bevoegde minister toegestaan voor twee jaar, net om te vermijden dat de waterlevering in het gebied in het gedrang zou komen. De Europese grens van 0,1 microgram per liter voor pesticiden is in de regelgeving vooral ingevoerd vanuit het principe dat er idealiter geen restanten van menselijke activiteiten in drinkwater aanwezig zijn, niet op basis van toxicologische berekeningen.

Normverhoging legt structurele vervuiling bloot

Dat de norm voor 1,2,4-triazool naar boven werd bijgesteld, is voor verschillende waarnemers een signaal dat het bronwater in de regio niet langer aan de eerdere eisen kon voldoen. Het gaat daarbij niet alleen om 1,2,4-triazool zelf, maar ook om de parameter “som pesticiden”, waarvoor de norm in het leveringsgebied gelijktijdig tijdelijk werd verhoogd tot 1,5 microgram per liter.

Uit de officiële tabellen blijkt dat de som van pesticiden in het drinkwater in Diksmuide dezelfde bandbreedte vertoont als 1,2,4-triazool afzonderlijk, van 0,130 tot 0,730 microgram per liter. Daaruit kan worden afgeleid dat deze ene stof vrijwel volledig bepaalt hoe hoog de totale pesticidenlast in het gezuiverde water uitvalt. Het gaat dus niet om een restfractie van uiteenlopende middelen, maar vooral om één hardnekkige parameter die het hele dossier naar zich toetrekt.

De chemische druk op het watersysteem ontstaat volgens het persbericht door verschillende activiteiten die elkaar versterken. Landbouw levert fungiciden en herbiciden als triazolen, glyfosaat, AMPA en MCPA, die via afspoeling en drainage in beken en rivieren terechtkomen. Industrie brengt op haar beurt industriële triazolen in het watersysteem, terwijl rioolwaterzuiveringsinstallaties resten van geneesmiddelen lozen. Het eindresultaat is een samenloop van stoffen die aan de innamepunten steeds lastiger volledig af te vangen valt, zelfs met uitgebreide zuiveringstechnieken.

Blankaart en IJzer niet altijd bruikbaar als waterbron

Het waterproductiecentrum Blankaart is één van de belangrijkste schakels in de drinkwatervoorziening van West-Vlaanderen. Net daarom baart het zorgen dat in de afgelopen maanden geregeld tijdelijk geen water kon worden ingenomen uit de IJzer en de Blankaart, omdat de waterkwaliteit onder minimale drempelwaarden zakte. In die periodes moest tijdelijk worden teruggevallen op alternatieve bronnen en opslag, wat de druk op de infrastructuur verhoogt.

De Watergroep controleert de kwaliteit van het water daarom op verschillende plaatsen. Jaarlijks worden bij klanten in het leveringsgebied zestig stalen geanalyseerd volgens een beperkt pakket en twee keer per jaar wordt een uitgebreider pakket ingezet. In het productiecentrum zelf worden 102 beperkte en twaalf uitgebreide analyses uitgevoerd, verspreid over het jaar. Die intensieve monitoring zorgt ervoor dat het kraanwater bij de consument binnen de normen blijft, maar ze laat tegelijk zien hoe vaak en hoe sterk de bronwaarden schommelen.

Debat blijft onvolledig en eenzijdig

De manier waarop over het waterdossier gecommuniceerd wordt, staat opnieuw ter discussie. Op een recente informatieavond van Inagro, georganiseerd door de landbouwraad, kwamen enkel landbouwexperten en vertegenwoordigers van de sector aan het woord. Instellingen die zich dagelijks met waterkwaliteit bezighouden, zoals milieudiensten, onderzoeksinstellingen of waterbedrijven, waren niet aanwezig.

Tijdens die avond werd vooral gefocust op de rol van landbouw in het huidige model, terwijl andere factoren nauwelijks aan bod kwamen. Op de grafieken die getoond werden, waren bijvoorbeeld ook glyfosaat en andere herbiciden zichtbaar, maar daar werd weinig toelichting bij gegeven. Volgens critici ontstaat zo een beeld dat niet volledig is, omdat belangrijke spelers in het gesprek ontbreken en omdat niet alle aanwezige data worden uitgelegd.

Ook in de gemeenteraad werd vooral de boodschap herhaald dat er geen reden tot paniek is zolang het kraanwater aan de geldende normen voldoet. Die geruststelling is begrijpelijk, maar ze laat volgens tegenstemmen een deel van het verhaal liggen: dat de Blankaart geldt als één van de zwaarst belaste innamepunten van Vlaanderen, dat de normverhoging nodig was om de levering te kunnen blijven garanderen, dat de grafieken sinds 2018 een stijgende trend tonen en dat de Westhoek in verschillende kaarten voor waterkwaliteit steevast donkerder kleurt dan andere regio’s.

Oproep tot bronaanpak en open politiek debat

De auteur van het persbericht, Günther Claes van Diksmuide Voorop, vraagt daarom om een ander soort debat. Hij wijst erop dat het weinig zin heeft één sector met de vinger te wijzen. Volgens hem ontstaat de vervuiling door een beleid dat jarenlang te weinig heeft ingezet op bronbescherming en op strikte controle van lozingen. Landbouw, industrie, waterzuivering en overheid dragen elk een deel van de verantwoordelijkheid en zouden volgens hem samen rond de tafel moeten zitten.

In plaats van geruststellende slogans pleit hij voor open communicatie richting de inwoners, met duidelijke informatie over meetresultaten, tijdelijke overschrijdingen en de maatregelen die genomen worden om problemen te voorkomen. Denk aan strengere controle van lozingen, afspraken over gewasbeschermingsmiddelen, investeringen in zuiveringstechnieken en een beleid dat de druk op de bron stap voor stap naar beneden brengt. De boodschap blijft dat het kraanwater vandaag veilig is, maar dat dit resultaat steeds meer inspanning vraagt, zowel technisch als beleidsmatig.

Zuiver water wordt in het persbericht omschreven als een basisrecht, geen luxeproduct. Zolang het bronwater van de Blankaart in toenemende mate onder druk staat, kondigt Diksmuide Voorop aan het dossier op de agenda te houden, niet om angst te zaaien, maar om blijvende aandacht te vragen voor transparantie, verantwoordelijkheid en effectief beleid rond waterkwaliteit.

Bronnen:
Waterkwaliteit LG_W01, oktober 2025, waterproductiecentrum Blankaart
Persdocument “Diksmuide verdient de waarheid over haar water” van Günther Claes – Diksmuide Voorop

Andy Vermaut +32499357495 (Als je een probleem hebt met de inhoud van een artikel, kan je me altijd mailen op info@indegazette.be – best zo weinig mogelijk mensen in cc zetten, want anders komt dit in de spamfilter terecht. Voor elk artikel geldt een recht op antwoord van betrokkenen tot 3 maanden na publicatie van het artikel)