Iran verstevigt militaire banden terwijl spanningen in Irak en Syrië oplopen

3 december 2025
Iran oefent met militaire partners en zet in op drones
In Iran loopt van maandag 1 december 2025 tot en met vrijdag 5 december 2025 een vijfdaagse militaire oefening onder de naam “Sahand 2025”. De training vindt plaats op de basis van de Imam Zaman gemechaniseerde brigade in de provincie Oost-Azerbeidzjan, in het noordwesten van het land, waar de autoriteiten al jaren veiligheidsproblemen signaleren langs de grens met onder meer Turkije en Azerbeidzjan. Het gaat daar vooral om gewapende Koerdische groeperingen zoals de Koerdische Democratische Partij van Iran, Komala, de Partij van het Vrije Leven van Koerdistan en de Koerdische Vrijheidspartij, die door Teheran als bedreiging worden gezien.
Alle tien lidstaten van de Shanghai-samenwerkingsorganisatie stuurden militaire delegaties naar de oefening, onder wie Rusland, Belarus en China. Saoedi-Arabië, Azerbeidzjan, Oman en Irak namen deel als waarnemers. Door die brede aanwezigheid wisselen officieren uit verschillende landen in korte tijd ervaringen uit over het optreden tegen gewapende groepen en over het gebruik van nieuwe militaire technologie.
Opvallend is dat Iraanse eenheden tijdens de oefening gebruikmaken van zogeheten first person view-drones, kleine toestellen die via een bril of scherm rechtstreeks worden bestuurd. Zulke drones zijn in de oorlog in Oekraïne uitgegroeid tot een belangrijk middel voor verkenning en gerichte aanvallen. Door camera’s en dataverbindingen kunnen commandanten veel sneller zien wat er op het terrein gebeurt. Dat principe kan niet alleen worden ingezet aan de frontlinies, maar ook bij operaties tegen opstandige groepen in grensgebieden of bij het volgen van protesten in steden. Daarmee krijgt de Iraanse veiligheidsaanpak een extra technologische laag.
Herschikkingen in de Iraanse legerleiding
Op dinsdag 2 december 2025 maakten de Iraanse strijdkrachten verschillende benoemingen bekend binnen het reguliere leger en de IRGC. De commandant van de landmacht van het reguliere leger, brigadegeneraal Ali Jahanshahi, droeg brigadegeneraal Bahador Khajehvand aan als nieuw hoofd van het noordoostelijke regionale hoofdkwartier van de landmacht. Khajehvand leidde eerder de 58ste Zolfaghar-divisie in Shahrud, in de provincie Semnan, en krijgt nu de verantwoordelijkheid voor een groot grensgebied in het noorden van Iran.
Brigadegeneraal Sirous Amanollahi verlaat hetzelfde regionale hoofdkwartier en wordt de nieuwe plaatsvervangend commandant voor operaties binnen de landmacht. Hij bouwde zijn carrière op in speciale eenheden en stond onder meer aan het hoofd van de 65ste luchtlandingsbrigade, een elite-eenheid die tijdens de Syrische burgeroorlog naar Syrië werd gestuurd. Binnen de Iraanse strijdkrachten vallen officieren uit deze eenheid op door hun ervaring in buitenlandse operaties en in binnenlandse veiligheidstaken.
Ook binnen de IRGC verschoof het personeel. De commandant van de grondtroepen van de IRGC, brigadegeneraal Mohammad Karami, stelde brigadegeneraal Esmali Khalilzadeh aan als nieuwe plaatsvervangend commandant van de Hamzeh Sayyid ol Shohada-basis, die toeziet op de provincies Koerdistan en West-Azerbeidzjan. Brigadegeneraal Yadollah Abroshan krijgt de leiding over het Shahid Boroujerdi-hoofdkwartier, terwijl kolonel Mansour Abdollahzadeh aan het hoofd komt te staan van het Noordwestelijk Medisch Gevechtscentrum. De keuzes passen in een bredere herschikking van de legerleiding na de recente oorlog tussen Iran en Israël, waarbij bestuurders met front- en binnenlandservaring op sleutelposities terechtkomen.
Amerikaanse druk op de regeringsvorming in Irak
In Irak speelt zich tegelijk een politiek gevecht af rondom de vorming van een nieuwe regering. Op dinsdag 2 december 2025 meldden Iraakse media dat de Amerikaanse speciale gezant voor Irak, Mark Savaya, druk uitoefent op het sjiitische Coördinatiekader om kandidaten met uitgesproken banden met pro-Iraanse milities uit te sluiten van de post van premier en van strategische ministeries. Het Coördinatiekader is een los verband van sjiitische partijen, waarvan een deel nauwe relaties onderhoudt met Teheran.
Volgens politieke bronnen in Bagdad overweegt het Coördinatiekader zijn aanpak aan te passen onder invloed van deze druk. Binnen de groep wordt gezocht naar een kandidaat-premier die aanvaardbaar is voor zowel de eigen achterban als voor buitenlandse spelers die veel gewicht hebben in de Iraakse politiek, zoals Iran en de Verenigde Staten. Daarmee probeert het kamp een balans te vinden tussen twee rivaliserende invloedsferen.
Toch betekent het weren van enkele bekende figuren uit ministerposten niet automatisch dat de invloed van pro-Iraanse partijen binnen de overheid afneemt. In Irak plaatsen grote partijen al jaren vertrouwelingen op hoge ambtelijke functies, de zogeheten speciale graden, zoals directeurs-generaal en plaatsvervangende ministers. Via deze posities kunnen politieke blokken beleidsdossiers sturen en overheidsmiddelen naar hun netwerken leiden, ook als de minister formeel uit een andere hoek komt. Zelfs wanneer kandidaten met een duidelijk militair of militialabel worden gepasseerd, kunnen dezelfde partijen door middel van benoemingen achter de schermen een stevige greep houden op cruciale departementen, bijvoorbeeld door ervaren ambtenaren als technische experts te presenteren.
Druzen in Suwayda geconfronteerd met harde aanpak
In het zuiden van Syrië liep eind november de spanning op in de provincie Suwayda, waar overwegend Druzen wonen. De Suwayda National Guard, een gewapende formatie die samenwerkt met de Suwayda Autonome Regering, voerde op vrijdag 28 november 2025 een reeks arrestaties uit van lokale prominenten. Tien personen werden aangehouden op beschuldiging dat zij, samen met de Syrische overgangsregering, een plan zouden hebben om leiders van de autonome structuren in Suwayda te ontvoeren en aanslagen te plegen met autobommen en geïmproviseerde explosieven.
Onder de gearresteerden bevonden zich onder anderen de religieuze leiders sheikh Raed al Matni en sheikh Maher al Falout, zakenman Assem Abu Fakhr, Gandhi Abu Fakhr en drie familieleden van Laith al Balous, die bekendstaat als bondgenoot van de overgangsregering. Een dag later doken videobeelden op waarin leden van de Suwayda National Guard te zien zijn terwijl zij sheikh Matni mishandelen en zijn snor en baard afscheren. Gezichtsbeharing heeft voor veel Druzen een religieuze betekenis, waardoor de beelden sterk binnen de Druze bevolking hebben ingeslagen.
Op dinsdag 2 december 2025 werd het lichaam van sheikh Matni, volgens lokale bronnen met duidelijke sporen van foltering, afgezet bij de ingang van het ziekenhuis in de stad Suwayda. Lokale en regionale media melden dat ook sheikh Falout en Assem Abu Fakhr zijn omgebracht na mishandeling. De dood van zulke bekende figuren stuurt een hard signaal naar iedereen die de koers van de Suwayda Autonome Regering in twijfel trekt.
Sheikh Matni speelde eerder een rol bij de oprichting van de Suwayda Militaire Raad in februari 2025, die tijdens de interetnische gevechten in juli 2025 tegenover eenheden van de overgangsregering stond. Over zijn relatie met de hoogste Druze geestelijke leider, sheikh Hikmat al Hijri, doen verschillende lezingen de ronde. Sommige bronnen stellen dat Matni lange tijd dicht bij hem stond, maar later botste toen hij zich verzette tegen de vorming van de Suwayda National Guard in augustus 2025. Andere bronnen houden vol dat de National Guard hem vooral viseerde omdat hij een onderhandelingstraject met de overgangsregering zou hebben voorgesteld. Hoe dan ook lijkt de huidige strategie erop gericht de kosten van oppositie voor lokale leiders fors te verhogen.
Koerdische strijdkrachten tussen Damascus en Ankara
Verder naar het oosten woedt een politiek debat over de toekomst van de Syrisch Koerdische strijdkrachten. De in Turkije gevangen zittende leider van de Koerdische Arbeiderspartij, Abdullah Öcalan, presenteerde op maandag 24 november 2025 aan leden van het Turkse parlement die betrokken zijn bij het ontwapeningsdossier een plan waarin de Syrische Democratische Strijdkrachten zich zouden aansluiten bij het Syrische ministerie van Defensie. In dat scenario zouden de eenheden formeel deel uitmaken van het nationale leger, maar hun eigen interne veiligheidsstructuren behouden in het noordoosten van Syrië.
Dit voorstel wijkt af van het beeld dat in februari 2025 ontstond, toen Öcalan stelde dat alle gewapende groepen hun wapens moesten neerleggen. Turkse verantwoordelijken gingen er toen van uit dat die boodschap ook de Syrische Democratische Strijdkrachten omvatte. De commandant van die strijdkrachten, Mazloum Abdi, maakte echter duidelijk dat hij het signaal anders interpreteerde. Hij verklaarde dat de oproep om te ontwapenen enkel voor de Koerdische Arbeiderspartij gold en dat de Syrische Democratische Strijdkrachten in Syrië een andere rol vervullen. Wel liet hij weten dat hij strijders zonder Syrische nationaliteit uit de rangen wilde verwijderen.
De recent geschetste lijn van Öcalan sluit beter aan bij de visie van Mazloum Abdi, die inzet op een gedecentraliseerde staatsstructuur in Syrië. De Syrische Democratische Strijdkrachten willen in het noordoosten ruimte behouden voor lokale verkiezingen van militaire, administratieve en veiligheidsverantwoordelijken. De Syrische overgangsregering houdt daarentegen vast aan een sterk gecentraliseerde staat waarin gouverneurs worden aangesteld vanuit Damascus. Voor die regering wekt elke vorm van decentralisatie de vrees dat het land verder uit elkaar valt. Aan de andere kant zien Koerdische leiders de centralistische lijn juist als een terugkeer naar autoritair bestuur.
Tegen deze achtergrond nadert de deadline van dinsdag 31 december 2025, vastgelegd in het akkoord van 10 maart, zonder dat een wezenlijke toenadering zichtbaar is. Zolang beide kampen vasthouden aan hun uitgangspunten over de verdeling van macht, blijft het risico bestaan dat spanningen rond de Koerdische gebieden in Syrië weer kunnen omslaan in openlijke gevechten. Voor inwoners van het noordoosten betekent dit dat de toekomst van hun bestuur en veiligheid opnieuw ongewis blijft.
Dreiging van nieuwe escalatie tussen Israël en Libanon
Ook aan de grens tussen Israël en Libanon stapelen zorgen zich op. In Libanese berichtgeving doken op dinsdag 2 december 2025 verwijzingen op naar Israëlische mediaverslagen waarin wordt gesproken over voorbereidingen van het Israëlische leger voor grootschalige operaties in Libanon op korte termijn. Media die dicht bij Hezbollah staan, verwijzen naar de openbare omroep in Israël, die melding zou maken van plannen voor een grotere militaire campagne tegen doelen in Libanon.
Libanese bronnen koppelen deze signalen aan geruchten dat er in diplomatieke kanalen waarschuwingen zijn verspreid richting Beiroet. Volgens die berichten zou Israël na het vertrek van de paus uit Libanon een zwaardere aanpak aan de noordgrens overwegen. Paus Leo XIV sloot zijn officiële bezoek aan Libanon af op dinsdag 2 december 2025. Dat bezoek verliep zonder grote incidenten, maar de berichtgeving over mogelijke Israëlische stappen nadien voedt de vrees voor een nieuwe ronde van geweld tussen Israël en Hezbollah.
Bronnen:
Analyse van een internationaal onderzoeksinstituut over veiligheidsontwikkelingen in Iran, Irak, Syrië en Libanon, update 2 december 2025
Persoverzicht Midden-Oostenregio, 2 december 2025
Andy Vermaut +32499357495 (Als je een probleem hebt met de inhoud van een artikel, kan je me altijd mailen op info@indegazette.be – best zo weinig mogelijk mensen in cc zetten, want anders komt dit in de spamfilter terecht. Voor elk artikel geldt een recht op antwoord van betrokkenen tot 3 maanden na publicatie van het artikel)


