Negen processen-verbaal na negeren van oppompverbod in West-Vlaanderen

23 september 2026
32 meldingen leiden tot controles op het terrein
De aanhoudende droogte heeft in West-Vlaanderen niet alleen geleid tot tijdelijke beperkingen op het oppompen van oppervlaktewater, maar ook tot controles en processen-verbaal. Bij de politiezones in de provincie kwamen tijdens de voorbije maanden 32 meldingen binnen over mogelijke overtredingen van het oppompverbod. Politieagenten en natuurinspecteurs maakten uiteindelijk negen processen-verbaal op. Provincieraadslid Kurt Himpe van N-VA kreeg die cijfers van West-Vlaams gouverneur Carl Decaluwé. De cijfers maken duidelijk dat de opgelegde droogtemaatregelen ook daadwerkelijk werden gecontroleerd. Een melding leidde niet automatisch tot een proces-verbaal. De politie moest telkens ter plaatse nagaan wat er precies gebeurde, uit welke waterloop water werd gehaald en of daar op dat ogenblik een verbod gold. Bij vijf tussenkomsten stelde de politie een proces-verbaal op. Natuurinspecteurs van het Agentschap voor Natuur en Bos maakten daarnaast vier processen-verbaal op. Daarmee komt het geregistreerde totaal op negen.
Vier politiezones stellen overtredingen vast
De vijf processen-verbaal van de politie werden opgesteld binnen de politiezones Regio Tielt, Middelkerke, Polder en Brugge. De beschikbare gegevens vermelden niet hoeveel processen-verbaal iedere politiezone afzonderlijk voor haar rekening nam. Evenmin is bekend hoeveel personen of ondernemingen bij de negen dossiers betrokken waren. De vaststellingen tonen wel dat mogelijke overtredingen op verschillende plaatsen in West-Vlaanderen werden onderzocht. De 32 meldingen kwamen via de politie binnen. Na ontvangst moest een ploeg de situatie beoordelen en controleren of sprake was van verboden wateronttrekking. Het verschil tussen het aantal meldingen en het aantal processen-verbaal vraagt om enige voorzichtigheid. Een melding is een signaal en nog geen bewijs van een overtreding. Ook kan bij aankomst blijken dat het oppompen al gestopt is, dat onvoldoende elementen beschikbaar zijn voor een vaststelling of dat op de betrokken locatie een uitzondering geldt. Over de concrete afhandeling van de overige meldingen zijn geen nadere gegevens beschikbaar.
Minstens 572.000 liter opgepompt in Merkem
Een van de opvallendste vaststellingen gebeurde in Merkem, een deelgemeente van Houthulst. Daar betrapten de politie en het Agentschap voor Natuur en Bos een loonwerker die water uit waterlopen in de omgeving oppompte. Op het ogenblik van de vaststelling zou al minstens 572.000 liter water zijn onttrokken. Het water was bestemd voor de beregening van landbouwgewassen. Een getuige had gedurende meerdere dagen tractoren met waterkarren zien rijden en bracht de politie op de hoogte. Agenten konden de betrokkene vervolgens betrappen terwijl water uit een bekken werd gepompt en naar een landbouwperceel werd vervoerd. De beschikbare informatie bevat geen gegevens over een eventuele verdere strafrechtelijke of administratieve afhandeling. Een proces-verbaal registreert de vaststellingen en wordt aan de bevoegde instanties bezorgd. Het betekent op zichzelf nog niet dat al een definitieve sanctie is uitgesproken. Ook over een mogelijk verweer van de betrokken loonwerker of over de uiteindelijke beoordeling van het dossier zijn geen gegevens bekend.
Droogte leidde tot een provinciaal verbod
Het tijdelijke onttrekkingsverbod werd ingevoerd omdat langdurige droogte de waterpeilen en debieten in de West-Vlaamse waterlopen sterk had doen dalen. Vanaf 14 juli 2026 gold een algemeen verbod op het onttrekken van water uit de onbevaarbare waterlopen en publieke grachten in West-Vlaanderen. De Oostkustpolder vormde daarop een uitzondering. Door water te blijven oppompen wanneer het debiet al erg laag is, kan de toestand van een waterloop verder verslechteren. Een lager waterpeil kan ook gevolgen hebben voor de waterkwaliteit, het zuurstofgehalte en kwetsbare dieren en planten. De maatregel richtte zich daarom op het beschermen van het resterende oppervlaktewater. Het ging niet om één afzonderlijke beek of gracht, maar om een brede provinciale maatregel voor de betrokken onbevaarbare waterlopen en publieke grachten. Voor sommige kwetsbare stroomgebieden gelden daarnaast permanente beperkingen. Dat is onder andere het geval in het stroomgebied van de Bornebeek en de bovenloop van de Hertsbergebeek.
Lokale besturen namen bijkomende maatregelen
Naast het provinciale oppompverbod namen enkele West-Vlaamse steden en gemeenten aanvullende maatregelen. Dat gebeurde onder andere in Ieper en Langemark-Poelkapelle. De precieze inhoud en duur van iedere lokale maatregel kan verschillen, omdat lokale besturen rekening houden met de toestand van de waterlopen en de omstandigheden op hun grondgebied. In Brugge en Oostende golden ook beperkingen die verband hielden met de aanwezigheid van blauwalgen. Die bacteriën kunnen zich ontwikkelen in stilstaand of traag stromend water, vooral wanneer de temperatuur hoog is en er veel voedingsstoffen aanwezig zijn. Contact met besmet water kan gezondheidsrisico’s meebrengen voor mensen en dieren. Een voldoende waterstand betekent daarom niet automatisch dat het water geschikt is voor beregening, recreatie of andere toepassingen. Ook de kwaliteit van het water moet worden beoordeeld. Gebruikers moeten de lokale waarschuwingen en de aanwijzingen van de bevoegde waterbeheerder blijven raadplegen.
Ook beperkingen op bevaarbare waterwegen
Voor de bevaarbare waterwegen golden tijdens de droge periode eveneens beperkingen en adviezen. Die vallen onder het beheer van De Vlaamse Waterweg. De regels voor bevaarbare waterwegen en onbevaarbare waterlopen zijn niet noodzakelijk identiek. Wie oppervlaktewater wil gebruiken, moet daarom eerst nagaan wie de betrokken waterweg beheert en welke maatregel daar op dat ogenblik geldt. Een provinciaal besluit voor onbevaarbare waterlopen vervangt de regels voor bevaarbare waterwegen niet. Daarnaast kunnen plaatselijke omstandigheden, zoals verzilting, blauwalgen of een uitzonderlijk laag debiet, aanleiding geven tot afzonderlijke adviezen. De maatregelen kunnen ook wijzigen wanneer regenval de toestand tijdelijk verbetert of wanneer het waterpeil opnieuw daalt.
Eerste versoepelingen sinds 17 september
Na plaatselijke regenval kon het tijdelijke verbod vanaf donderdag 17 september 2026 in een beperkt aantal gebieden worden versoepeld. Onttrekking werd opnieuw mogelijk binnen het werkingsgebied van de Oostkustpolder en de Nieuwe Polder van Blankenberge. Daarnaast kwamen afgebakende zones binnen de stroomgebieden van de Poperingevaart, Heulebeek, Gaverbeek, Mandel, Devebeek en Kerkebeek in aanmerking. Ook in de mondingsgebieden van de Grote Kemmelbeek, Martjesvaart en Handzamevaart werd opnieuw beperkte wateronttrekking toegelaten. Voor de overige waterlopen bleef het verbod gelden. De versoepeling betekende dus geen algemene opheffing voor heel West-Vlaanderen. De waterstanden waren plaatselijk verbeterd, maar de grondwaterstanden bleven zeer laag voor de tijd van het jaar. Ook de beschikbare debieten verschilden sterk van gebied tot gebied. Daarom werd gekozen voor een plaatselijke regeling op advies van de betrokken waterbeheerders.
Waterkwaliteit blijft een aandachtspunt
Zelfs waar opnieuw water mag worden opgepompt, blijft voorzichtigheid nodig. Lage debieten kunnen zorgen voor een hogere concentratie van zouten, voedingsstoffen of andere stoffen in het water. In kustgebieden kan ook verzilting optreden. Daarnaast blijft het risico op blauwalgen bestaan. Landbouwers, loonwerkers en andere gebruikers moeten daarom niet alleen controleren of captatie juridisch is toegestaan, maar ook of het water bruikbaar is voor het beoogde doel. De toelating om water op te pompen vormt geen garantie voor de kwaliteit ervan. De situatie wordt verder opgevolgd door de provinciale diensten en de bevoegde waterbeheerders. Nieuwe regen kan verdere versoepelingen mogelijk maken, maar een nieuwe daling van het debiet kan opnieuw tot beperkingen leiden.
Handhaving steunt ook op meldingen
De vaststellingen tonen dat meldingen van burgers een rol kunnen spelen bij de handhaving. Bij een vermoeden van illegale wateronttrekking kan de politie de situatie ter plaatse controleren. Daarbij blijft het belangrijk dat melders concrete informatie doorgeven, zoals de locatie, het tijdstip, het betrokken voertuig en de waterloop waaruit mogelijk wordt gepompt. De politie bepaalt vervolgens of een interventie nodig is. Een melding mag niet worden voorgesteld als een bewezen overtreding. Pas na controle kunnen bevoegde agenten of inspecteurs vaststellingen opnemen in een proces-verbaal. Het dossier in Merkem illustreert hoe een melding uiteindelijk tot een vaststelling kon leiden. De beschikbare informatie laat niet toe om alle 32 meldingen afzonderlijk te reconstrueren.
Geen gegevens over definitieve sancties
De negen processen-verbaal tonen aan dat er formele vaststellingen zijn gedaan. Over de verdere behandeling ervan is voorlopig niets bekendgemaakt. Het is daarom niet mogelijk om te stellen dat alle betrokkenen al een boete kregen of werden veroordeeld. De bevoegde instanties moeten ieder dossier afzonderlijk beoordelen. Daarbij kunnen de exacte plaats van de wateronttrekking, de geldende maatregel, de hoeveelheid water en de omstandigheden van de vaststelling een rol spelen. Ook de rechten van verdediging blijven gelden. De cijfers van gouverneur Carl Decaluwé geven een overzicht van de handhaving, maar bevatten geen uitspraken over schuld of de uiteindelijke sanctie in de afzonderlijke dossiers.
Bronnen:
Document “Al negen processen-verbaal opgemaakt voor negeren oppompverbod in West-Vlaanderen”
Informatie verkregen door provincieraadslid Kurt Himpe van gouverneur Carl Decaluwé
Droogtemaatregelen in West-Vlaanderen – Vlaanderen.be
Waterschaarste en water onttrekken – Provincie West-Vlaanderen
Eerste versoepeling vanaf 17 september – Oostkustpolder
Droogtemaatregelen op bevaarbare waterwegen – De Vlaamse Waterweg
Vaststelling van minstens 572.000 liter in Merkem
Andy Vermaut +32499357495 (Als je een probleem hebt met de inhoud van een artikel, kan je me altijd mailen op info@indegazette.be – best zo weinig mogelijk mensen in cc zetten, want anders komt dit in de spamfilter terecht. Voor elk artikel geldt een recht op antwoord van betrokkenen tot 3 maanden na publicatie van het artikel. AI wordt gebruikt als redactioneel hulpmiddel. De journalist controleerde de inhoud en feiten.)


