Vredesonderwijs van HWPL gebruikt natuur en geschiedenis om de waarde van ieder mens te tonen

15 november 2025

Online training brengt docenten uit verschillende landen samen

In een online sessie van het HWPL Peace Educator Training Program verzamelden leraren uit uiteenlopende landen zich rond één centraal thema: hoe jonge mensen begeleiden naar een wereld met minder geweld. De bijeenkomst, intern aangeduid als HWPL G08, vormde de tweede sessie in een reeks voor zogenoemde Vista- en Phase Educator Training Programs.

Deelnemers volgden de les via videoconferentie vanuit zeer verschillende contexten. Andy Vermaut nam deel vanuit Brussel, waar hij eerder die dag verslag had uitgebracht over de Koningsdagviering in de Brusselse kathedraal, een viering waarin België als brugland tussen volkeren centraal stond. Ondanks een volle agenda met aansluitende vergaderingen bleef hij ingelogd, omdat het onderwerp van vredesonderwijs voor hem nauw samenhangt met zijn werk rond mensenrechten.

De sessie werd geleid door een team van HWPL, met onder meer spreker Sungmi Kim en een moderator die in de oproep als HWPL G08 werd aangeduid. Zij ontvouwden stap voor stap de opbouw van de vredescurricula en nodigden de aanwezigen uit om niet alleen didactische tips mee te nemen, maar ook hun eigen houding tegenover vrede opnieuw te bekijken.

Twaalf hoofdstukken over vrede in de klas

Het HWPL-curriculum bestaat uit twaalf hoofdstukken. In de eerste vier lessen krijgen leerlingen volgens de organisatoren zicht op de betekenis en waarde van vrede, en op de oorzaken en gevolgen van oorlog en structureel geweld. In de daaropvolgende onderdelen verschuift de aandacht naar concrete waarden die geweld kunnen terugdringen, zoals het overbruggen van vooroordelen, het tegengaan van discriminatie en het zoeken naar vreedzame manieren om met botsende belangen om te gaan.

Het doel is dat leraren de inhoud niet enkel doorgeven, maar eerst zelf doordenken. Pas wanneer docenten hun eigen houding ten opzichte van vrede, verschillen en verantwoordelijkheid hebben onderzocht, kunnen zij leerlingen volgens HWPL geloofwaardig begeleiden. Daarom werd tijdens de sessie voortdurend afgewisseld tussen uitleg, voorbeelden uit de natuur en gerichte vragen aan de aanwezige leraren.

Natuur als leslokaal: van biodiversiteit tot ondergrondse netwerken

Een groot deel van de sessie draaide rond de vraag wat natuur kan leren over samenleven. De spreker herinnerde eraan dat wetenschappers uitgaan van ongeveer 8,7 miljoen soorten leven op aarde. Die verscheidenheid is geen detail, maar een voorwaarde voor overleving. Genetische variatie helpt soorten zich aan te passen aan verandering, verschillende diersoorten maken voedselketens stabieler en uiteenlopende leefgebieden zorgen ervoor dat tal van organismen een geschikte omgeving vinden.

Daarna kwam een beeld aan bod dat veel deelnemers bijbleef: bomen die via schimmeldraden onder de grond voedingsstoffen en informatie uitwisselen. Dit zogenaamde “Wood Wide Web” werd uitgelegd als een fijnmazig netwerk waarbij oudere bomen jonge scheuten ondersteunen en zelfs stervende bomen nog voorraden afstaan. Volgens de lesgever is dat een treffend voorbeeld van stille samenwerking, waarbij geen enkele boom op zichzelf staat.

In plaats van natuur louter te tonen als toneel van strijd om voedsel of territorium, legde de cursus de nadruk op de wederzijdse afhankelijkheid van soorten. Zelfs daar waar dieren vechten, gaat het om overleven, niet om het uitroeien van soortgenoten om ideologische redenen. Dat onderscheid is in vredesonderwijs essentieel, zo klonk het.

Respect leren vanuit taal en klaspraktijk

Om de stap te zetten van natuur naar klaslokaal werd ingezoomd op het begrip respect. De spreker verwees naar de Latijnse oorsprong van het woord, met de gedachte van “nog eens kijken” of “opnieuw omkijken”. Echte waardering voor een ander begint, zo werd uitgelegd, wanneer iemand de tijd neemt om opnieuw te kijken naar zichzelf en naar de persoon die tegenover hem staat.

In concrete werkvormen werd dat vertaald naar opdrachten voor leerlingen. Zo kunnen leerlingen foto’s maken van planten en dieren in hun omgeving en naderhand bespreken welke verschillen en gelijkenissen opvallen. In een andere oefening vergelijken leerlingen hun eigen achtergrond met die van klasgenoten, bijvoorbeeld in een school met veel nationaliteiten, zoals een eerder project in Aruba. Niet om tegenstellingen te verscherpen, maar om te laten zien dat verschillen niet automatisch tot conflict hoeven te leiden.

Ook culturele voorbeelden passeerden de revue. Een orkest waarin allerlei instrumenten samen een geheel vormen, of de Olympische Spelen waar sporters uit tal van landen naast elkaar presteren, werden aangehaald als situaties waarin verscheidenheid en afstemming naast elkaar bestaan. Zulke beelden kunnen volgens HWPL helpen om abstracte begrippen voor jongeren tastbaar te maken.

Van Darwin en Hitler naar hedendaagse vredeslessen

Een opvallende passage in de sessie ging over de manier waarop ideeën misbruikt kunnen worden. De docent legde uit hoe Adolf Hitler het begrip “survival of the fittest” uit de theorie van Charles Darwin verkeerd gebruikte om zijn eigen racistisch wereldbeeld te rechtvaardigen. Waar Darwin in wezen beschreef hoe soorten zich aanpassen aan hun omgeving, maakte Hitler er een ideologie van waarin een vermeend “sterk” ras andere groepen mocht overheersen.

Aan de hand van dit historische voorbeeld werd duidelijk hoe levensgevaarlijk het kan zijn wanneer leerlingen alleen slogans kennen, zonder de context te begrijpen. Vredesonderwijs, zo luidde de redenering, moet daarom niet alleen idealen bespreken maar ook laten zien hoe taal en theorie misbruikt kunnen worden om massaal geweld goed te praten.

De sessie eindigde dit deel met een bekende gedachte uit de internationale vredestraditie: oorlog ontstaat in de gedachten van mensen, en moet dus ook daar worden tegengegaan. Leraren kregen de uitdrukkelijke oproep om leerlingen te helpen onderscheid te maken tussen beschrijving en ideologie.

De waarde van een naam, zelfbeeld en wederzijds respect

In het tweede deel van de training verschoof de aandacht naar de waarde van ieder mens. Aan de hand van een citaat van de Franse auteur van “De kleine prins” werd verteld dat sommige belangrijke dingen niet te zien of te voelen zijn, maar innerlijk worden ervaren. Een uitspraak van Eleanor Roosevelt over eigenwaarde volgde daarop, als opstap naar een gesprek over zelfbeeld.

De spreker vroeg de deelnemers stil te staan bij hun eigen naam. Ouders kiezen een naam niet willekeurig, werd gezegd, en kinderen geven hun favoriete knuffel of speelgoed vaak een naam die voor hen betekenis heeft. Namen van beroepen, zoals leraar of ontwerper, wijzen op rollen en verantwoordelijkheden. Door daarover na te denken, kunnen leerlingen leren dat hun bestaan niet te herleiden is tot cijfers of uiterlijke kenmerken.

Zelfwaardering werd omschreven als het vermogen om de eigen waarde te erkennen zonder zichzelf te overschatten of te ontkennen. Mensen die zichzelf volledig afwijzen, hebben vaak moeite om anderen te aanvaarden. Wie zichzelf als waardevol ziet, is volgens de cursus juist beter in staat om anderen ruimte te geven. Dat vormt dan weer een basis voor minder vooroordelen en minder haatdragende reacties.

Menselijke invloed, trekvogels en de saladekom

Vanuit het thema eigenwaarde werd de stap gezet naar invloed. Geen mens kan in zijn eentje in alle levensbehoeften voorzien. Voedsel, kleding en woningen bestaan omdat talloze mensen hun vaardigheden inzetten. Mensen zijn sociale wezens en oefenen voortdurend invloed uit op elkaar, via woorden, gedrag en zelfs alleen al hun aanwezigheid.

Om dat te illustreren, werd het beeld van trekvogels gebruikt. Wanneer vogels in V-vorm door de lucht gaan, verdelen zij de inspanning door om beurten voorop te vliegen en gebruik te maken van de luchtstromen achter de voorganger. Zo geraken ze verder dan een vogel die alleen vliegt. De lesgever trok daaruit de conclusie dat samenwerking inspanningen kan verlichten en resultaten haalbaar maakt die een individu niet kan bereiken.

In een ander voorbeeld kwam de zogenaamde salad bowl-theorie aan bod. In een salade blijven de ingrediënten herkenbaar, maar vormen zij samen een gerecht dat rijker smaakt dan elk ingrediënt apart. Die metafoor wordt in de sociale wetenschappen gebruikt om samenleven in een multiculturele samenleving te beschrijven: groepen behouden hun eigenheid, terwijl zij één stad of land delen. In de klas kan dat volgens HWPL een nuttig beeld zijn om leerlingen te laten zien dat verscheidenheid niet per definitie een probleem hoeft te zijn.

Rollen, verantwoordelijkheden en de les van olifantenmest

Een opmerkelijk verhaal dat tijdens de sessie werd verteld, ging over olifanten en papier. Eén olifant kan dagelijks ongeveer vijftig kilogram uitwerpselen produceren, waarin vezels zitten die geschikt zijn om papier van te maken. Uit tien kilogram vezels zijn naar schatting zo’n zeshonderdzestig vellen papier te halen. Op jaarbasis komt dat neer op ongeveer 240.000 vellen papier per olifant. Daarvoor zouden anders ongeveer 240 bomen gekapt moeten worden.

Dit voorbeeld diende om te laten zien dat zelfs iets dat op het eerste gezicht nutteloos of onaangenaam lijkt, toch een rol kan spelen in een breder geheel. De boodschap aan de leraren was dat ook leerlingen die zichzelf minder waard voelen, in feite een betekenisvolle bijdrage kunnen leveren, zeker als zij inzicht krijgen in hun eigen sterke kanten.

Daarna werd ingezoomd op verantwoordelijkheden. In de natuur vervult chlorofyl in bladeren een duidelijke functie bij de aanmaak van voedingsstoffen en zuurstof. Het lichtverschijnsel dat bekendstaat als poollicht is onder meer zichtbaar bewijs van beschermende lagen rond de aarde die schadelijke straling filteren. Het menselijk lichaam bestaat uit talloze, vaak onzichtbare onderdelen die alleen samen een werkend geheel vormen. Als één onderdeel faalt, kan het hele organisme in gevaar komen.

De spreker gebruikte deze beelden om uit te leggen dat ook in een klas, een school of een samenleving ieder zijn rol heeft. Wanneer te veel mensen er maar van uitgaan dat een ander het werk wel zal doen, wordt de groep zwakker. De zogenaamde Ringelmann-effect werd aangehaald als waarschuwing: in grotere groepen dreigt het gevaar dat individuele inzet afneemt als verantwoordelijkheden niet duidelijk zijn.

Herstellende kracht van natuur en lessen uit de Golf van Mexico (Amerika)

De training besteedde ook aandacht aan de herstellende kant van natuur. De olieramp in de Golf van Mexico in april 2010 werd aangehaald als voorbeeld. De enorme hoeveelheid olie leek het mariene leven voor zeer lange tijd te bedreigen. Specialisten voorspelden dat het gebied jarenlang beschadigd zou blijven.

Naast menselijke interventies, zoals het opruimen van olie aan het oppervlak, bleken uiteindelijk vooral olie-etende bacteriën een doorslaggevende rol te spelen. Deze micro-organismen braken de olie geleidelijk af, waardoor het ecosysteem sneller herstelde dan heel wat deskundigen eerst hadden ingeschat. In de training werd dat aangegrepen om te laten zien dat herstel soms komt van kleine, weinig zichtbare actoren. Voor vredesonderwijs betekent dat volgens HWPL dat ook stille, alledaagse keuzes van leerlingen en leraren op termijn verschil kunnen maken.

Deelnemers delen persoonlijke indrukken

Aan het einde van de sessie vroegen de organisatoren naar de indrukken van de deelnemers. Andy Vermaut wees op het belang van verscheidenheid als voorwaarde voor een evenwichtige samenleving. Het beeld van bomen die via schimmels ondergronds informatie en voedingsstoffen uitwisselen, raakte hem zichtbaar. Volgens hem toont dat hoe samenwerking buiten het zichtveld toch heel tastbare gevolgen heeft.

Ook andere deelnemers, onder wie Mweene Haamaundu, Ryan Walusiku, Vida Namuchimba en Lion Malasiku, gaven aan dat zij het begrip vrede voortaan anders bekijken. Voor hen maakten de voorbeelden duidelijk hoe ecosystemen kunnen functioneren zonder dat mensen voortdurend ingrijpen, en hoe menselijk handelen tegelijk een grote verantwoordelijkheid inhoudt.

De sessie werd afgesloten met een praktische mededeling: wie een certificaat als Peace Educator wil ontvangen, moet na elke van de vijf sessies een schriftelijke terugblik indienen via een gedeelde link. De organisatoren riepen de deelnemers op om niet alleen inhoudelijk te antwoorden, maar ook eerlijk te beschrijven wat de lessen met hen doen.

Bronnen:
HWPL Peace Educator Training Program – online sessie G08 over vredesonderwijs
Interventies van deelnemers Andy Vermaut, Mweene Haamaundu, Ryan Walusiku, Vida Namuchimba en Lion Malasiku
indegazette.be – verslag over de Koningsdagviering in de Brusselse kathedraal

Andy Vermaut +32499357495 (Als je een probleem hebt met de inhoud van een artikel, kan je me altijd mailen op info@indegazette.be – best zo weinig mogelijk mensen in cc zetten, want anders komt dit in de spamfilter terecht. Voor elk artikel geldt een recht op antwoord van betrokkenen tot 3 maanden na publicatie van het artikel)