Iraanse burgers protesteren tegen waardedaling rial en hoge inflatie

29 december 2025

De snelle waardedaling van de Iraanse rial en de stijgende inflatie leiden tot aanhoudende protesten in verschillende steden. Op maandag 29 december 2025 gingen inwoners voor de tweede dag op rij de straat op in Teheran en Hamadan City om maatregelen van de overheid te eisen. De waarde van de nationale munt bereikte op zondag 28 december 2025 een historisch dieptepunt van 1.445.000 rial per Amerikaanse dollar. Hoewel de koers op maandag 29 december 2025 licht herstelde naar 1.371.000 rial, blijft de economische druk op de bevolking groot door langdurige sancties en internationale isolatie.

Economische onrust in Iraanse steden

In Teheran trok een groep van ongeveer honderd zakenlieden op maandag 29 december 2025 vanuit de Lalezarstraat naar het Imam Khomeini-plein. Zij riepen de regering op om in te grijpen in de economie. Veiligheidstroepen hielden de betogers tegen bij de Istanbul-kruising, waar het tot confrontaties kwam. Gelijktijdig vonden er acties plaats in de stad Hamadan, in het westen van het land. Op de Boalistraat in het zuiden van deze stad zette de politie traangas in om de menigte uiteen te drijven. Berichten van journalisten duiden erop dat er ook protesten waren op het eiland Qeshm in de Perzische Golf en in de stad Malard, in de provincie Teheran. Winkeliers in de hoofdstad gaven aan hun acties op dinsdag 30 december 2025 voort te zetten.

Begrotingsplannen en politieke wisselingen

De onrust valt samen met discussies over de begroting voor het jaar 2026/2027. President Masoud Pezeshkian stelde op zondag 28 december 2025 een belastingverhoging van 62 procent voor aan de parlementaire commissie om het begrotingstekort te dichten. De inkomsten uit olie zijn gedaald en dekten in 2025 slechts zestien procent van de verwachtingen. Critici wijzen erop dat de salarissen niet meestijgen met de huidige inflatie van 42,2 procent. De bevoegde commissie wees het begrotingsvoorstel op maandag 29 december 2025 af. Als reactie op de crisis verving de president de gouverneur van de Centrale Bank, Mohammad Reza Farzin, door oud-minister Abdol Nasser Hemmati. Er liggen plannen om transacties in goud, cryptovaluta en buitenlandse valuta te beperken om de rial te versterken.

Spanningen in Syrië en Irak

In de Syrische kustregio leidde onvrede onder de Alawitische bevolking op zondag 28 december 2025 tot gewelddadige incidenten. Betogers in de provincies Latakia en Tartous vroegen om betere beveiliging en de vrijlating van gevangenen. In Latakia City schoten gewapende groepen op veiligheidstroepen bij de Azhari-rotonde, waarbij een dode viel. In Irak koos het parlement op maandag 29 december 2025 Haibat al Halbousi als nieuwe voorzitter. Hij volgt zijn neef Mohammad al Halbousi op. Adnan Fayhan, die banden heeft met door Iran gesteunde groeperingen, werd verkozen tot eerste vicevoorzitter. Deze verschuiving geeft milities meer grip op de parlementaire agenda in Bagdad.

Militaire ontwikkelingen en technologie

Naast de politieke en economische verschuivingen werkt Iran verder aan zijn technologische capaciteiten. Rusland lanceerde op zondag 28 december 2025 drie Iraanse satellieten, genaamd Paya, Zafar 2 en Kowsar, met een Soyuz-raket. Deze satellieten worden gebruikt voor beeldvorming op afstand. Tegelijkertijd kwamen er berichten naar buiten over de Hadid 110, een jet-aangedreven drone die snelheden tot 510 kilometer per uur haalt. De Iraanse strijdkrachten verklaarden dat dit materieel kan worden ingezet bij grootschalige conflicten. De internationale gemeenschap kijkt met belangstelling naar de manier waarop deze technologische stappen de regionale veiligheidsverhoudingen beïnvloeden.

Bronnen:

Institute for the Study of War

Critical Threats Project

BBC Persian

Reuters

Andy Vermaut +32499357495 (Als je een probleem hebt met de inhoud van een artikel, kan je me altijd mailen op info@indegazette.be – best zo weinig mogelijk mensen in cc zetten, want anders komt dit in de spamfilter terecht. Voor elk artikel geldt een recht op antwoord van betrokkenen tot 3 maanden na publicatie van het artikel)