Rusland bestookt Oekraïne, maar terreinwinst blijft uit

19 juli 2026

Tussen woensdag 15 en vrijdag 17 juli 2026 zette Rusland zijn grootschalige luchtcampagne tegen Oekraïne voort met honderden drones en tientallen raketten. De beweging aan de frontlijn bleef intussen beperkt. Oekraïense langeafstandswapens troffen Russische militaire doelen, energie-installaties, schepen en aanvoerroutes naar de bezette Krim. Daardoor kwam Moskou tegelijk bij zijn brandstofvoorziening, zijn luchtverdediging en zijn militaire logistiek onder toenemende druk te staan.

Drie nachten met 398 drones en 23 raketten

Rusland zette op 15 juli twee Kh-59/69-raketten en 122 drones tegen Oekraïne in. Een dag later ging het om acht Iskander-M- of S-400-ballistische raketten, vier Kh-22/32-kruisraketten, één antiradarraket en 146 drones. Op 17 juli werden nog één Kh-31P-antiradarraket, zeven Kh-59/69-raketten en 130 drones ingezet. Over de drie nachten samen kwam dat neer op 398 drones en 23 raketten. De aantallen tonen dat Rusland zijn langeafstandscampagne kan voortzetten, ook wanneer veranderingen aan de grond beperkt blijven.

Zwarte Zeehavens opnieuw onder vuur

Russische troepen hervatten hun aanvallen op Oekraïense haveninfrastructuur langs de Zwarte Zeekust. De aanvallen zijn gericht op installaties die belangrijk zijn voor de Oekraïense handel en uitvoer. Door havens en transportvoorzieningen te beschadigen, probeert Rusland de economische inkomsten van Oekraïne te verminderen en de uitvoercapaciteit te beperken. De aanvallen kwamen ook na Oekraïense acties tegen Russische vaartuigen in de Zwarte Zee en de Zee van Azov. Vergeldingsmotieven kunnen een rol spelen, al gebruikte Rusland dergelijke tactieken al eerder in de oorlog.

Oekraïne raakt Russische brandstofketen

Oekraïense troepen zetten op 15 en 16 juli hun aanvallen op Russische militaire installaties en energie-infrastructuur voort. Een belangrijk deel van die campagne richt zich op de toevoer van brandstof en militair materieel naar de bezette Krim. Rusland moet daardoor luchtverdedigingssystemen verspreiden over raffinaderijen, opslagplaatsen, havens, militaire bases en belangrijke transportverbindingen. Elke bijkomende beschermingsopdracht vermindert de middelen die elders kunnen worden ingezet.

De schade aan Russische raffinaderijen heeft ook gevolgen voor de binnenlandse brandstofvoorziening. Russische ondernemingen zochten bijkomende benzineleveringen in India, terwijl de Russische capaciteit om ruwe olie zelf te verwerken verder daalde. Rusland voerde tegelijk grote hoeveelheden ruwe olie over zee uit, maar kampte met problemen om die uitvoer logistiek te verwerken. Oekraïne probeert met zijn aanvallen dus niet alleen militaire installaties te raken, maar ook inkomsten en bevoorradingsroutes die de Russische oorlogvoering ondersteunen.

Krim dwingt Rusland tot moeilijke keuzes

De aanvallen op brandstofopslagplaatsen, transportverbindingen en militaire doelen op de bezette Krim vergroten de druk op de Russische luchtverdediging. Moskou moet keuzes maken tussen de bescherming van de Krim, raffinaderijen in Rusland, militaire vliegvelden, steden en een lange frontlijn. Oekraïense acties tegen schepen en brandstoftransporten maken ook de bevoorrading over zee riskanter. De Krim blijft hierdoor militair bruikbaar voor Rusland, maar het kost steeds extra middelen om de infrastructuur op het schiereiland operationeel te houden.

Frontlijn blijft nagenoeg vast

Oekraïense troepen boekten plaatselijke terreinwinst in de richting van Oleksandrivka. Russische eenheden kwamen eerder vooruit in het noorden van de oblast Kharkiv. Op vrijdag 17 juli werd echter aan geen van beide zijden een bevestigde vooruitgang vastgesteld. In de eerste zeventien dagen van juli verloren Russische troepen netto gemiddeld ongeveer 1,6 vierkante kilometer per dag. Dat wijst erop dat plaatselijke Oekraïense tegenaanvallen minstens een deel van eerdere Russische terreinwinst ongedaan maakten.

De Russische krijgsmacht lijkt vooral ingericht op langdurige positionele gevechten met infanterie, drones en artillerie. Die aanpak kan Oekraïense verdedigers blijven uitputten, maar levert niet automatisch de gemechaniseerde doorbraken op die nodig zijn om snel grote gebieden te veroveren. Rusland blijft manschappen en materieel inzetten, terwijl de terreinwinst beperkt en plaatselijk blijft.

Economische druk bereikt het Kremlin

De Russische keuze om de oorlog voorrang te geven en minder doelmatige economische beslissingen te nemen, draagt bij aan een bredere economische achteruitgang. Russische zakenlieden en vermogende personen brachten geld naar het buitenland om zich te beschermen tegen economische risico’s en pogingen van de staat om privébezittingen over te nemen. De problemen bij raffinaderijen, stijgende kosten en verstoringen in de brandstofvoorziening maken de economische gevolgen van de oorlog steeds zichtbaarder binnen Rusland.

Een aan de Russische staat gelieerd peilingscentrum registreerde daarnaast een van de grootste dalingen in de waardering voor president Vladimir Poetin sinds het begin van de grootschalige invasie. Die terugval kwam na enkele maanden waarin zijn waarderingscijfers al geleidelijk daalden. De militaire en economische druk leidt daarmee niet alleen tot praktische problemen, maar raakt ook het politieke beeld dat het Kremlin van de oorlog probeert te behouden.

NAVO volgt Russische voorbereidende acties

Poolse en Baltische autoriteiten waarschuwden opnieuw dat Rusland mogelijk een operatie onder valse vlag tegenover de NAVO voorbereidt. Poolse diensten meldden ook Russische observatie van oefeningen waarbij luchtverdedigingssystemen van NAVO-landen rond de Baltische Zee op elkaar werden afgestemd. De meldingen hebben betrekking op mogelijke voorbereidende activiteiten en vormen geen bevestiging dat een aanval al is beslist. Ze tonen wel dat landen aan de oostelijke NAVO-grens rekening houden met Russische spionage, beïnvloeding en militaire verkenning.

Wissels binnen de Oekraïense regering

De militaire ontwikkelingen vielen samen met personeelswissels binnen de Oekraïense regering. Minister van Defensie Mykhailo Fedorov bevestigde op woensdag 15 juli dat hij zijn functie neerlegde. President Volodymyr Zelensky stelde op donderdag 16 juli Yevheny Khmara aan als tijdelijk minister van Defensie. Een dag later kondigde Zelensky bijkomende personeelswijzigingen aan. De wissels vonden plaats terwijl Oekraïne zijn aanvallen op Russische energievoorzieningen en militaire logistiek verderzette.

Bronnen:
Institute for the Study of War, Russian Offensive Campaign Assessment, 15 juli 2026
Institute for the Study of War, Russian Offensive Campaign Assessment, 16 juli 2026
Institute for the Study of War, Russian Offensive Campaign Assessment, 17 juli 2026

Andy Vermaut +32499357495 (Als je een probleem hebt met de inhoud van een artikel, kan je me altijd mailen op info@indegazette.be – best zo weinig mogelijk mensen in cc zetten, want anders komt dit in de spamfilter terecht. Voor elk artikel geldt een recht op antwoord van betrokkenen tot 3 maanden na publicatie van het artikel. AI wordt gebruikt als redactioneel hulpmiddel. De journalist controleerde de inhoud en feiten.)