Architectenerelonen in opspraak: roep om transparantie en hervorming

4 maart 2025
Een reeks recente gevallen in de bouwsector heeft de schijnwerpers gezet op misstanden rond erelonen bij architecten. Klanten klagen over onduidelijke kosten, verborgen commissies en onverwachte meerprijzen die pas laat aan het licht komen. Uit verschillende dossiers blijkt dat sommige architecten valse werfverslagen opstelden en opdrachtgevers misleidden met foutieve plannen en buitensporige kostenramingen. In één zaak riep een klokkenluider op tot een onafhankelijk onderzoek naar de rol van architecten en andere betrokkenen in deze praktijken. Het vertrouwen tussen bouwheer en architect krijgt hierdoor een flinke knauw, en de roep om meer transparantie en verantwoording klinkt luider dan ooit.
Gebrek aan transparantie in de praktijk
In België is het inschakelen van een architect bij de meeste bouwprojecten wettelijk verplicht om de kwaliteit en veiligheid te bewaken. Paradoxaal genoeg blijven de afspraken over het ereloon vaak ondoorzichtig. Er bestaan geen vaste tarieven: honoraria worden vrij overeengekomen, bijvoorbeeld een percentage van de bouwkost of een forfaitair bedrag. Zonder duidelijke offerte of schriftelijk contract kunnen klanten echter moeilijk inschatten waarvoor ze betalen. De Orde van Architecten verplicht haar leden wel om bij elke opdracht een schriftelijke overeenkomst op te stellen met een omschrijving van de opdracht en de vergoeding. In de praktijk gebeurt dit niet altijd consequent, wat ruimte laat voor misbruik. Zo zijn er gevallen bekend van architecten die pas tijdens of na de werken bijkomende kosten aanrekenen zonder dat de opdrachtgever hier vooraf van op de hoogte was. Ook het systeem van betaling op percentagebasis kan een pervers effect hebben: hoe duurder het project uitvalt, hoe hoger het ereloon, wat de prikkel vermindert om binnen budget te blijven.
Een ander heikel punt is de mogelijke belangenvermenging tussen architecten en aannemers. Officieel moet de architect onafhankelijk optreden en uitsluitend het belang van de klant dienen. De deontologische code verbiedt een architect dan ook om commissies of geschenken te ontvangen voor het aanbrengen van een aannemer of leverancier. Toch getuigen insiders dat het in de sector soms voorkomt dat een architect stiekem een commissie krijgt van een aannemer in ruil voor het toewijzen van de werken. Zulke verborgen afspraken ondermijnen de onafhankelijkheid: een architect die financieel voordeel haalt uit de keuze van een bepaalde aannemer zal minder geneigd zijn die kritisch te controleren of goedkopere alternatieven te zoeken. Voor de klant leidt dit tot onnodig hoge facturen en gebrek aan objectief advies, terwijl hij in de veronderstelling verkeert dat de architect zijn beschermengel is op de werf.

Juridische implicaties voor gedupeerde klanten
Wanneer bouwheren vermoeden dat er met de erelonen gesjoemeld is, belanden ze vaak in een moeilijke juridische strijd. Een contractueel conflict over architectenkosten is ingewikkeld en kan uitmonden in lange gerechtelijke procedures. Zonder duidelijke schriftelijke afspraken staat de opdrachtgever namelijk zwak: tot voor kort gold dat bij gebrek aan overeenkomst de architect eenzijdig zijn ereloon kon bepalen via een zogenaamde partijbeslissing, slechts marginaal getoetst door de rechter. Inmiddels is die praktijk tegenover consumenten aan banden gelegd door strengere wetgeving rond oneerlijke bedingen, maar in oudere dossiers speelde dit nog een rol. Klanten die zich opgelicht voelen, kunnen een klacht indienen bij de Orde van Architecten wegens schending van de deontologie. De tuchtprocedure van de Orde verloopt discreet en kan leiden tot sancties voor de architect (berisping, schorsing of schrapping), maar niet tot schadevergoeding voor de klant. Voor financieel verhaal moet men naar de burgerlijke rechtbank. Daar kan een rechter het ereloon herberekenen of matigen als bewezen wordt dat de architect zijn informatieplicht heeft verzaakt of excessieve kosten in rekening bracht. Dergelijke procedures vergen echter tijd, geld en gespecialiseerde juridische bijstand, wat voor particuliere bouwers vaak een hoge drempel is. Alternatieve bemiddeling, zoals de Verzoeningscommissie Bouw, biedt wel snelle oplossingen bij technische geschillen, maar is expliciet niet bevoegd voor klachten louter over te hoge erelonen of facturen. Dit betekent dat gedupeerde klanten dikwijls zijn aangewezen op onderhandelen of procederen om hun gelijk te halen.
Recente incidenten illustreren de mogelijke gevolgen. In Diksmuide dienden meerdere klanten een klacht in tegen een architect omdat zij zich misleid voelden over diens ereloonberekening. Ze stelden vast dat afgesproken budgetten zonder duidelijke reden overschreden werden, terwijl de architect hen gebrekkig informeerde. Tijdens de tuchtzitting bij de Provinciale Raad van de Orde van Architecten kwamen deze onregelmatigheden aan het licht. Hoewel de uitkomst van zulke klachten niet publiek wordt gemaakt, heeft de zaak het debat aangewakkerd over hoe klanten zich beter kunnen wapenen tegen onfaire praktijken. Daarnaast zijn er signalen dat justitie ernstiger optreedt tegen fraude in de bouwsector in het algemeen. Zo wordt onderzocht of het opmaken van valse werfverslagen en bewust verkeerd voorstellen van kosten kan worden gekwalificeerd als contractueel bedrog of zelfs strafbaar feit. In extreme gevallen riskeren malafide architecten dus niet alleen disciplinaire sancties, maar ook civiele aansprakelijkheid en strafrechtelijke vervolging wegens fraude.

Hervormingen en oplossingen voor eerlijke erelonen
De golf van klachten en onthullingen heeft beleidsmakers en belangenorganisaties aangezet tot nadenken over hervormingen. Consumentenverenigingen pleiten voor betere bescherming van bouwheer tegen onduidelijke tarieven. Een vaak gehoorde eis is om de informatieplicht van de architect te versterken: voordat een contract getekend wordt, moet de klant in begrijpelijke taal weten wat de diensten inhouden en hoeveel ze vermoedelijk zullen kosten. In dat kader is voorgesteld om een gestandaardiseerd architectencontract in te voeren, met transparante bepalingen over het ereloon, bijkomende kosten en hoe wijzigingen tijdens het project worden verrekend. Duidelijke afspraken bij de start kunnen veel conflicten voorkomen. Ook wordt gedacht aan het uitbreiden van de bevoegdheden van de Verzoeningscommissie, zodat die in de toekomst eventueel ook betwistingen over honoraria kan behandelen. Dat zou particulieren een laagdrempelige weg bieden om discussies over erelonen te beslechten zonder meteen naar de rechter te stappen.
Daarnaast kijken velen naar de Orde van Architecten om proactiever op te treden. De Orde zou steekproefsgewijs architectencontracten kunnen controleren op naleving van de deontologische regels. Ook meer sensibilisering is nodig: toekomstige bouwheren moeten beter geïnformeerd worden over hun rechten. Zo wordt potentiële klanten aangeraden om meerdere offertes bij architecten op te vragen en die te vergelijken. Transparantie werkt in twee richtingen: een architect die een eerlijke prijs vraagt voor duidelijk omschreven prestaties heeft baat bij een klant die begrijpt waarvoor hij betaalt. Verder ligt op tafel dat architecten bij wet verplicht zouden worden om hun opdrachtgever actief te wijzen op eventuele belangenconflicten. Dit betekent bijvoorbeeld dat als een architect voorstellen doet die hem zelf financieel voordeel opleveren (zoals werken met een bepaalde aannemer of dure materialen), hij dat open kaart moet spelen. Zulke maatregelen moeten voorkomen dat er nog achterkamertjesdeals ontstaan ten koste van de klant.
In de politiek is er intussen beweging. In 2024 werd de oude Architectenwet van 1939 gemoderniseerd, waarbij de onafhankelijkheid van de architect opnieuw werd beklemtoond. Ook binnen het nieuwe Burgerlijk Wetboek – dat de regels voor dienstverleningscontracten actualiseert – is meer aandacht voor de positie van consumenten. Onredelijke clausules in contracten, zoals eenzijdige prijsbepaling of buitensporige opzegvergoedingen, worden expliciet als nietig bestempeld. Deze veranderingen geven bouwheren juridisch sterkere kaarten in geval van onenigheid. Tegelijkertijd worden bonafide architecten hierdoor niet benadeeld: zij die steeds al transparant werkten en redelijke tarieven hanteerden, zien hun aanpak nu bevestigd als norm.
De opschudding over ondoorzichtige architectenerelonen legt een breder probleem bloot in de bouwsector: zonder duidelijke afspraken en toezicht kunnen kwaadwilligen misbruik maken van het vertrouwen van klanten. Gelukkig groeit het bewustzijn dat openheid over kosten en strikte ethische regels in ieders belang zijn. Eerlijke architecten willen niet over dezelfde kam geschoren worden als rotte appels, en klanten verdienen volledige inzage in waar hun geld naartoe gaat. Met nieuwe wetgeving, actief ingrijpen door toezichthouders en alertheid bij consumenten ligt een eerlijker speelveld in het verschiet. Zo kan de samenwerking tussen bouwheer en architect weer stoelen op wederzijds vertrouwen, waarbij heldere afspraken over erelonen de basis vormen van elke geslaagde bouwervaring.
Sebastiaan Hoedt en Andy Vermaut
Bronnen:
- IndeGazette, “Schandalen in de bouwsector: misleiding en fraude aan het licht”, 12 januari 2025.
- IndeGazette, “Lessen uit een klacht bij de Orde van Architecten inzake een architect uit Diksmuide”, 5 februari 2025.
- Orde van Architecten – Reglement van Beroepsplichten (Art. 20, KB 18/04/1985) – Verplichting schriftelijke overeenkomst.
- Orde van Architecten, webpagina “Waarvoor kan ik terecht bij de Orde van Architecten?” – over klachten en ereloonbetwistingen (laatste update 13/08/2024).
- Test Aankoop, dossier “Geschil met aannemer of architect – Verzoeningscommissie Bouw”, 2023.
- Elfri.be (juridische bibliotheek), “Verhoogde erelonen voor bekende architecten vergen uitdrukkelijk akkoord” (8 april 2023) en “Ereloon van architect bij gebrek aan overeenkomst – partijbeslissing” (19 februari 2021).


