Barones Regina Sluszny genomineerd voor Simon-Wiesenthal-Prijs 2025 en krijgt bijzondere internationale hulde in het Oostenrijkse parlement

De Belgische Holocaustoverlevende en jarenlange pleitbezorger voor herinneringseducatie barones Regina Sluszny is opgenomen in de officiële nominatiepublicatie voor de Simon-Wiesenthal-Prijs 2025. Zij behoort tot de groep overlevenden en rechtstreekse getuigen die vanwege hun uitzonderlijke en langdurige inzet voor Holocausteducatie, herinneringscultuur, de bestrijding van antisemitisme en de versterking van democratische waarden een bijzondere waardering zullen ontvangen. Haar naam staat in het officiële document ondubbelzinnig geschreven als Regina Sluszny, met België als land van herkomst. De hulde vindt plaats op 12 november 2026 tijdens de uitreiking van de Simon-Wiesenthal-Prijs in het Oostenrijkse parlement.

Auteur: Andy Vermaut

Genomineerd en geselecteerd voor een bijzondere hulde

De kandidatuur van barones Regina Sluszny heeft binnen de procedure een bijzondere status. Zij staat niet tussen de tien organisaties en personen die in de drie competitieve prijsonderdelen voor het geldbedrag zijn geselecteerd, maar behoort tot de rechtstreeks voorgedragen Holocaustgetuigen die de jury afzonderlijk wil eren. De officiële website verduidelijkt dat deze getuigen voor de prijs waren voorgesteld en dat hun persoonlijke inzet een bijzondere waardering verdient. De jury beschouwt het vertellen van hun ervaringen als een van de meest indringende en betekenisvolle vormen van getuigenis bij de verwerking van de Holocaust en de strijd tegen antisemitisme. Hun levenswerk moet volgens de organisatoren als voorbeeld dienen voor de volledige samenleving. De formulering dat barones Regina Sluszny is genomineerd, is dus correct, maar haar uiteindelijke erkenning bestaat uit een speciale hulde aan haar werk als overlevende en getuige, los van de drie geldprijzen.

Officiële spelling van haar naam bevestigd

De correcte naam in de officiële Oostenrijkse nominatiepublicatie is Regina Sluszny. Ook de website van het Belgische koningshuis gebruikt precies deze schrijfwijze. Regina Sluszny, geboren in 1939, staat daar vermeld bij de personen aan wie de adellijke titel van barones werd verleend. Zij werd op 14 november 2023 samen met andere personen die een adellijke gunst of een hoog ereteken hadden ontvangen, ontvangen door koning Filip en koningin Mathilde in het Koninklijk Paleis in Brussel. Het Forum der Joodse Organisaties had eerder al bekendgemaakt dat koning Filip haar in 2022 in de adel had verheven als erkenning voor haar jarenlange werk rond de herinnering aan de Shoah, Joodse waarden, onderwijs en de bestrijding van antisemitisme. In langere vermeldingen wordt soms de familienaam van haar overleden echtgenoot Georges Suchowolski toegevoegd, waardoor ook vormen als Regina Sluszny-Suchowolski of Regina Suchowolski-Sluszny voorkomen. Voor de titel en de nominatie is Regina Sluszny echter de officiële en volledig correcte schrijfwijze.

Van ondergedoken Joods kind tot internationale getuige

Regina Sluszny werd in 1939 in Antwerpen geboren in een Joodse familie met Poolse wortels. Haar ouders, Jenta en Jacob, waren met hun gezin naar België gekomen en woonden met hun kinderen in Antwerpen toen de Duitse troepen in mei 1940 België binnenvielen. Regina was iets ouder dan één jaar toen de bezetting begon en de systematische vervolging van Joodse inwoners steeds verder werd doorgevoerd. Nieuwe antisemitische voorschriften beroofden Joden stelselmatig van hun rechten, bewegingsvrijheid, eigendommen en veiligheid. Uiteindelijk werd ook het leven van de kinderen rechtstreeks bedreigd. Regina overleefde de oorlog als een van de Joodse kinderen die onder een andere identiteit en buiten het zicht van de Duitse bezettingsautoriteiten moesten worden verborgen. Haar verhaal behoort tot de geschiedenis van de duizenden Joodse kinderen die in België dankzij onderduik, vervalste documenten, clandestiene netwerken en de moed van gewone burgers aan deportatie en vernietiging konden ontsnappen.

Anna en Charel riskeerden hun leven om haar te redden

Een fundamentele plaats in het levensverhaal van Regina Sluszny wordt ingenomen door Anna en Charel, de mensen die haar tijdens de bezetting beschermden en verborgen hielden. Zij namen daarmee een levensgevaarlijk risico. Het verbergen van een Joods kind kon tijdens de Duitse bezetting leiden tot arrestatie, deportatie, gevangenschap of de dood. Voor Regina werden Anna en Charel veel meer dan tijdelijke beschermers. Ook na de oorlog bleven zij nauw met haar verbonden en maakten zij deel uit van haar familie. Zij waren aanwezig toen Regina op twintigjarige leeftijd trouwde met Georges Suchowolski, die de Holocaust eveneens als ondergedoken kind had overleefd en zeven familieleden tijdens de oorlog verloor. Anna en Charel waren ook betrokken bij het latere gezinsleven van Regina en Georges en werden door hun kinderen als familie beschouwd. Op verzoek van Regina ontvingen zij op 13 juli 2010 een officiële erkenning van Yad Vashem voor hun hulp aan vervolgde Joden. Regina bleef hun verhaal vertellen omdat hun moed volgens haar nooit uit het collectieve geheugen mag verdwijnen.

Een leven gewijd aan scholen, jongeren en herinneringseducatie

De betekenis van de nominatie ligt niet alleen in wat barones Regina Sluszny als kind heeft meegemaakt, maar vooral in wat zij daarna met haar ervaringen heeft gedaan. Gedurende tientallen jaren bezocht zij scholen, universiteiten, verenigingen, overheidsinstellingen en internationale bijeenkomsten om jongeren en volwassenen persoonlijk te vertellen hoe vervolging begint, hoe uitsluiting genormaliseerd kan worden en welke gevolgen ontstaan wanneer een samenleving onverschillig blijft tegenover haat. Zij legt daarbij niet uitsluitend uit wat er tijdens de Shoah gebeurde, maar verbindt haar geschiedenis met de verantwoordelijkheid van elke nieuwe generatie om discriminatie, racisme, antisemitisme en ontmenselijking tijdig te herkennen. Volgens haar eigen getuigenis sprak zij gedurende meer dan twintig jaar met scholieren vanaf ongeveer twaalf jaar, studenten en volwassenen in België en daarbuiten. Ook in 2026 bleef zij als voorzitter van het Forum der Joodse Organisaties scholen bezoeken en deelnemen aan Belgische en internationale herdenkingen.

Voorzitter van het Forum der Joodse Organisaties

Barones Regina Sluszny is voorzitter van het Forum der Joodse Organisaties, de koepelorganisatie die de belangen en bezorgdheden van de Nederlandstalige Joodse gemeenschap in België vertegenwoordigt. Daarnaast was en is zij nauw betrokken bij Het Ondergedoken Kind–L’Enfant Caché, de vereniging van mensen die de Jodenvervolging als ondergedoken kind overleefden. In die functies vertegenwoordigde zij de Joodse gemeenschap bij Belgische overheden, in het parlement, bij Europese instellingen en op internationale bijeenkomsten. Haar publieke optreden omvat niet alleen historische getuigenissen, maar ook waarschuwingen tegen hedendaags antisemitisme, Holocaustontkenning, complottheorieën en politieke of maatschappelijke onverschilligheid tegenover bedreigingen van Joodse burgers. Het Forum der Joodse Organisaties omschreef haar adellijke titel als een logische erkenning van een leven lang onbaatzuchtig werk voor de herinnering aan de Shoah en voor het overbrengen van een positieve boodschap van hoop en menselijke verantwoordelijkheid.

Haar levensverhaal vastgelegd in Vergeten oorlogskinderen

Het verhaal van Regina Sluszny en haar overleden echtgenoot Georges Suchowolski werd uitvoerig vastgelegd door auteur Paul De Keulenaer in het boek Vergeten oorlogskinderen: Het levensverhaal van de ondergedoken Joodse kinderen Regina en Georges. Het werk beschrijft niet alleen hun ervaringen tijdens de vervolging, maar ook de moeilijke stilte na de oorlog. Veel ondergedoken kinderen hadden het gevoel dat zij nauwelijks over hun eigen trauma mochten spreken, omdat anderen gedeporteerd en vermoord waren. Zij hadden de oorlog weliswaar overleefd, maar droegen vaak een verscheurde identiteit, angst, schuldgevoelens en onverwerkt verlies met zich mee. Pas vele jaren later ontstond er meer maatschappelijke aandacht voor de bijzondere ervaringen van de zogenoemde verborgen of ondergedoken kinderen. Het boek kwam tot stand na talrijke gesprekken en reflecties en vormt zowel een historisch document als een eerbetoon aan Belgische burgers die tijdens de bezetting hun leven riskeerden om Joodse kinderen te redden.

De Simon-Wiesenthal-Prijs verdedigt waarheid en rechtsstaat

De Oostenrijkse Simon-Wiesenthal-Prijs is genoemd naar Simon Wiesenthal, die leefde van 1908 tot 2005 en na zijn bevrijding uit het concentratiekamp Mauthausen de opsporing en gerechtelijke vervolging van nationaalsocialistische misdadigers tot zijn levenswerk maakte. Wiesenthal beschouwde het recht, en niet persoonlijke wraak, als het juiste antwoord op de misdaden van het naziregime. Hij verzamelde documenten, lokaliseerde verdachten en bleef aandringen op vervolging, ook toen de politieke en maatschappelijke belangstelling voor nazimisdaden sterk afnam. De prijs wil zijn strijd tegen vergetelheid voortzetten door personen en organisaties te erkennen die zich vanuit het maatschappelijk middenveld inzetten tegen antisemitisme of voor onderwijs over de Holocaust. De Oostenrijkse initiatiefnemers benadrukken dat antisemitisme niet uitsluitend aan de uiterste randen van de samenleving voorkomt, maar ook in het maatschappelijke centrum zichtbaar kan worden. Daarom mogen waakzaamheid, onderwijs en burgerlijke moed volgens hen nooit afnemen.

Jaarlijks 30.000 euro voor drie onderscheidingen

De Simon-Wiesenthal-Prijs beschikt jaarlijks over een totaal prijzengeld van 30.000 euro. De hoofdprijs voor uitzonderlijk maatschappelijk engagement tegen antisemitisme en voor voorlichting over de Holocaust bedraagt 15.000 euro. Daarnaast wordt 7.500 euro toegekend voor maatschappelijk engagement tegen antisemitisme en nog eens 7.500 euro voor maatschappelijk engagement gericht op voorlichting over de Holocaust. De praktische organisatie ligt bij het Nationaalfonds van de Republiek Oostenrijk voor Slachtoffers van het Nationaalsocialisme, dat aan het Oostenrijkse parlement verbonden is. Een gespecialiseerde jury beoordeelt de kandidaturen en legt een gemotiveerd voorstel voor aan het bestuur van het fonds, dat vervolgens de uiteindelijke laureaten kiest. De jury staat onder voorzitterschap van Katharina von Schnurbein, de coördinator van de Europese Commissie voor de bestrijding van antisemitisme en de bevordering van het Joodse leven. Andere leden zijn onder meer historici en prominente vertegenwoordigers van de Joodse gemeenschap.

Vier kandidaten voor de hoofdprijs

Voor de hoofdprijs voor maatschappelijk engagement tegen antisemitisme en voor voorlichting over de Holocaust werden vier kandidaturen geselecteerd. Het gaat om ELNET uit Duitsland, de Ichthys Gemeinde Wiener Neustadt uit Oostenrijk, de Oostenrijkse historica Martha Keil en het Duitse project Meet A Jew. Deze kandidaturen vertegenwoordigen verschillende vormen van burgerlijk engagement, gaande van educatieve ontmoetingen en historisch onderzoek tot maatschappelijke netwerking en initiatieven die rechtstreeks contact tussen Joodse en niet-Joodse burgers mogelijk maken. De jury beoordeelt projecten onder meer op hun bijdrage aan kennis over de Holocaust, hun vermogen om hedendaags antisemitisme zichtbaar te maken, hun voorbeeldfunctie en hun duurzame invloed op de democratische cultuur.

Drie nominaties voor de strijd tegen antisemitisme

In de afzonderlijke categorie voor maatschappelijk engagement tegen antisemitisme zijn drie Duitse initiatieven genomineerd. Het Centrum für Antisemitismus- und Rassismusstudien verricht onderzoek en onderwijs over antisemitisme en racisme. Coffee With A Jew wil persoonlijke ontmoetingen en gesprekken mogelijk maken, waardoor vooroordelen en stereotiepe denkbeelden kunnen worden doorbroken. De Kreuzberger Initiative Gegen Antisemitismus werkt rond politieke vorming en preventie van antisemitisme in een grootstedelijke en cultureel diverse omgeving. De selectie toont dat de bestrijding van antisemitisme volgens de jury zowel wetenschappelijk onderzoek als onderwijs, dialoog en concrete aanwezigheid in wijken en gemeenschappen vereist.

Onderwijs over de Holocaust krijgt een eigen prijs

Voor maatschappelijk engagement rond voorlichting over de Holocaust nomineerde de jury Johannes Czwalina uit Zwitserland, Memento Wien van het Dokumentationsarchiv des Österreichischen Widerstandes en de Duitse TikTok Shoah Commemoration & Education Initiative. Met deze combinatie brengt de jury klassieke herinneringseducatie, historisch onderzoek, lokale geschiedenis en digitale communicatie samen. Vooral de aanwezigheid van een TikTok-initiatief illustreert dat de overdracht van historische kennis zich steeds meer moet aanpassen aan de mediakanalen waarmee jonge generaties dagelijks in aanraking komen. Digitale educatie kan de persoonlijke ontmoeting met een overlevende nooit volledig vervangen, maar wordt steeds belangrijker naarmate het aantal mensen dat de Holocaust zelf heeft meegemaakt onvermijdelijk kleiner wordt.

Eenentwintig getuigen genoemd in de officiële nominatiefolder

Naast barones Regina Sluszny vermeldt de verspreide officiële nominatiefolder nog twintig andere getuigen die vanwege hun langdurige inzet zullen worden geëerd. Het gaat om Hedi Argent uit het Verenigd Koninkrijk, Heinz Rudolf Adolph Böhme uit Oostenrijk, Greta Elbogen uit de Verenigde Staten, Eva Erben uit Israël, Marion Fischer uit Oostenrijk, Gertraud Fletzberger uit Oostenrijk, Erika Freeman uit de Verenigde Staten, Elisabeth Ganglberger uit Oostenrijk, David Gur uit Israël, Roman Haller uit Duitsland, Benno Kern uit Oostenrijk, Erika Kosnar uit Oostenrijk, Thomas Lachs uit Oostenrijk, Siegfried Loewe uit Oostenrijk, Eveline Elisabeth März uit Oostenrijk, Harry Merl uit Oostenrijk, Theodor Much uit Oostenrijk, Elisabeth Schipek uit Oostenrijk, Katja Sturm-Schnabl uit Oostenrijk en Josef Sznajer uit België. Samen met Regina Sluszny komt het aantal in de folder daarmee op 21 getuigen.

Verschil tussen de nominatiefolder en de online lijst

Er bestaat op dit punt een klein maar relevant verschil tussen twee officiële publicaties. De nominatiefolder vermeldt Roman Haller uit Duitsland, terwijl zijn naam momenteel ontbreekt in de opsomming op de officiële website van de Simon-Wiesenthal-Prijs. De andere namen stemmen wel overeen. De online lijst bevat daardoor twintig getuigen, terwijl de folder er 21 noemt. Voor barones Regina Sluszny bestaat geen enkele onduidelijkheid: zij staat zowel in de officiële folder als op de website vermeld als Belgische getuige die in het kader van de Simon-Wiesenthal-Prijs 2025 een bijzondere waardering zal ontvangen.

Ook Josef Sznajer vertegenwoordigt België

België wordt bij de bijzondere hulde niet alleen door barones Regina Sluszny vertegenwoordigd. Ook Holocaustgetuige Josef Sznajer staat op de officiële lijst. Daarmee behoren twee van de geselecteerde getuigen tot de Belgische herinneringscultuur. Hun aanwezigheid onderstreept de belangrijke rol die overlevenden in België hebben gespeeld bij het documenteren en doorgeven van de geschiedenis van de Jodenvervolging. België was tijdens de Tweede Wereldoorlog bezet gebied en duizenden Joodse inwoners werden vervolgd, opgepakt en via de Dossinkazerne in Mechelen gedeporteerd. De getuigenissen van mensen die vervolging, deportatie of onderduik overleefden, vormen daarom een onmisbare aanvulling op archieven, gerechtelijke dossiers, foto’s en officiële documenten. (wiesenthalpreis.at)

Laureaten worden pas op 12 november bekendgemaakt

De oproep voor de Simon-Wiesenthal-Prijs 2025 begon op 19 september 2025. Kandidaturen konden worden ingediend tot 31 maart 2026, waarna de jury in juni samenkwam. Op basis van de nominaties nam het bestuur van het Nationaalfonds op 1 juli 2026 zijn beslissing over de drie laureaten. Hun namen worden echter pas op 12 november 2026 tijdens de officiële plechtigheid in het Oostenrijkse parlement bekendgemaakt. Op diezelfde dag worden barones Regina Sluszny en de andere geselecteerde getuigen gehuldigd. De benaming Simon-Wiesenthal-Prijs 2025 verwijst dus naar het jaar waarin de oproep werd geopend, hoewel de juryprocedure en de uitreiking in 2026 plaatsvinden.

Een erkenning die veel verder reikt dan één ceremonie

De nominatie en aangekondigde hulde voor barones Regina Sluszny vormen een internationale erkenning van een levenswerk dat al tientallen jaren in klaslokalen, parlementen, musea, synagogen, herdenkingsplaatsen en maatschappelijke organisaties wordt voortgezet. Haar boodschap is niet uitsluitend dat de slachtoffers moeten worden herinnerd, maar ook dat burgers moeten begrijpen hoe snel uitsluiting kan veranderen in georganiseerde vervolging wanneer propaganda, leugens en ontmenselijking niet worden tegengesproken. De Simon-Wiesenthal-Prijs verbindt haar getuigenis met het levenswerk van Simon Wiesenthal: feiten verzamelen, slachtoffers hun naam en waardigheid teruggeven, daders verantwoordelijk houden en verhinderen dat onverschilligheid opnieuw de ruimte creëert waarin antisemitisme en politieke vervolging kunnen groeien. Dat een Belgische overlevende hiervoor in het Oostenrijkse parlement wordt geëerd, maakt van de nominatie niet alleen een persoonlijke onderscheiding, maar ook een krachtige Europese erkenning van het blijvende belang van directe getuigenissen over de Shoah.

Andy Vermaut +32499357495