Diksmuidse frituuruitbater Khalid Mahmood is ziekteverzuim beu en roept ondernemers op zich te verenigen

Khalid Mahmood hier tijdens een ontmoeting met Dr. Shireen Mazari, voormalig minister van Mensenrechten van Pakistan. Op de foto schudden beiden elkaar de hand in de ambtswoning van de Pakistaanse ambassadeur in België.
11 oktober 2026
Een frituuruitbater met zaken in Diksmuide en Brugge trekt aan de alarmbel over de gevolgen van ziekteverzuim voor kleine ondernemingen. Khalid Mahmood, die al jarenlang als zelfstandige actief is, heeft genoeg van situaties waarin werknemers volgens hem zonder afdoende uitleg afwezig blijven, ziekteattesten vragen oproepen en de werkgever de kosten moet blijven dragen. Hij stelt zich openlijk vragen bij het voorschrijfgedrag van sommige huisartsen, wil dat ondernemers hun ervaringen uitwisselen en pleit voor een betere opvolging van arbeidsongeschiktheid. Zijn verklaringen berusten op persoonlijke ervaringen en gesprekken met andere zelfstandigen. De vermoedens van onregelmatigheden die hij beschrijft, zijn niet onafhankelijk bewezen. Toch wil Mahmood dat er een ernstig gesprek ontstaat over personeelsafwezigheid, de medische controle en de financiële gevolgen voor kleine werkgevers.
Van nieuwkomer in Diksmuide tot ondernemer met twee frituren
Khalid Mahmood kwam jaren geleden naar Diksmuide en bouwde er een bestaan op als zelfstandige. Vandaag baat hij twee frituren uit, één in Diksmuide en één in Brugge. Zijn ervaring met ondernemerschap en personeel strekt zich volgens zijn eigen verklaringen uit over ongeveer twintig tot dertig jaar. In die periode leerde hij de dagelijkse werkelijkheid van kleine ondernemingen kennen: medewerkers aanwerven, werkroosters opstellen, klanten bedienen, de kosten opvolgen en oplossingen zoeken wanneer iemand niet komt werken. Personeel vormt volgens hem een terugkerend aandachtspunt. Een kleine onderneming beschikt doorgaans niet over een uitgebreide personeelsreserve waarop onmiddellijk een beroep kan worden gedaan wanneer een medewerker uitvalt. In de horeca komt daar nog bij dat klanten op bepaalde uren rekenen op een snelle bediening. De afwezigheid van één medewerker kan daarom gevolgen hebben voor het hele werkrooster. Mahmood wil vooral duidelijk maken dat personeelsproblemen niet ophouden bij de vaststelling dat iemand ziek is. Voor de ondernemer begint op dat ogenblik een organisatorische en financiële zoektocht die volgens hem onvoldoende aandacht krijgt.
Gesprekken met bakkers, slagers en andere zelfstandigen
Mahmood vertelt dat hij in Diksmuide een uitgebreide kennissenkring heeft opgebouwd en regelmatig spreekt met andere ondernemers. Onder hen bevinden zich bakkers, slagers en uitbaters van kleine handelszaken. Tijdens die gesprekken komt het onderwerp ziekteverzuim volgens hem geregeld ter sprake. Hij hoort gelijkaardige verhalen over werknemers die afwezig blijven, over personeelsvervanging die moeilijk te organiseren is en over de kosten die werkgevers tijdens ziekteperiodes moeten dragen. De ondernemer meent dat zijn ervaringen niet beperkt blijven tot de horecasector. Hij hoort volgens eigen zeggen vergelijkbare klachten in Brugge en bij zelfstandigen die in andere beroepen actief zijn. Daaruit leidt hij af dat verschillende kleine ondernemingen met dezelfde vragen worstelen. Die gesprekken geven wel inzicht in de bezorgdheden binnen zijn zakelijke omgeving, maar vormen geen statistisch onderzoek naar ziekteverzuim in Diksmuide of Brugge. Mahmood beschikt naar eigen zeggen over concrete persoonlijke ervaringen en wil dat andere ondernemers eveneens hun verhaal kunnen doen.
Een werknemer die volgens Mahmood een week afwezig bleef
Een gebeurtenis die de frituuruitbater bijzonder heeft getroffen, betreft een werknemer die volgens zijn relaas ongeveer een week niet op het werk verscheen zonder tijdig mee te delen waarom hij afwezig was. Mahmood verklaart dat de werknemer bij een later gesprek zelf zou hebben gezegd dat hij nog niet bij een arts was geweest. Nadien kreeg de ondernemer naar eigen zeggen toch een attest waaruit bleek dat de arbeidsongeschiktheid al vanaf een eerdere datum liep. Hij stelde zich daardoor vragen bij de totstandkoming van dat attest. Voor hem ontstond het vermoeden dat een arts de beginperiode van de arbeidsongeschiktheid had vastgelegd op basis van verklaringen van de patiënt. Uit het interview blijkt echter niet welke medische vaststellingen de arts deed, welke informatie de patiënt verstrekte of welke omstandigheden een eerdere begindatum konden rechtvaardigen. De juistheid van het betrokken attest is dus niet vastgesteld. Mahmood beschouwt zijn ervaring als een aanleiding om te vragen hoe werkgevers moeten handelen wanneer zij twijfels hebben bij de manier waarop een ziekteattest tot stand is gekomen.
Waarom sommige ziekteattesten bij de ondernemer vragen oproepen
De frituuruitbater stelt zich vooral vragen bij de verschillen die hij meent vast te stellen tussen huisartsen. Volgens hem gaan sommige artsen voorzichtig om met het bepalen van de duur van arbeidsongeschiktheid, terwijl andere artsen sneller een langere periode voorschrijven. Tijdens gesprekken met andere werkgevers zouden volgens Mahmood herhaaldelijk dezelfde namen van artsen naar voren zijn gekomen. Hij beschouwt dat als een reden om de medische beoordeling bij concrete vermoedens van onregelmatigheden te laten onderzoeken. Hij wil geen artsen publiekelijk bij naam beschuldigen. De ondernemer erkent dat hij niet over medische dossiers beschikt en daardoor geen zelfstandig oordeel kan vellen over de gezondheidstoestand van werknemers. Zijn kritiek is gericht op wat hij beschouwt als een mogelijke te soepele praktijk bij bepaalde ziekteattesten. Er zijn geen medische dossiers, uitspraken van tuchtinstanties of onderzoeksbevindingen beschikbaar die zijn vermoedens bevestigen. Het onderscheid tussen een persoonlijke ervaring, een vermoeden en een bewezen beroepsfout blijft daarom noodzakelijk.
Ziek personeel betekent volgens hem ook extra kosten
Voor Mahmood vormt het financiële gevolg van ziekteafwezigheid een van de grootste problemen. Wanneer een werknemer uitvalt, moet het werk worden overgenomen door collega’s, door de uitbater zelf of door een tijdelijke vervanger. In een frituur kan dat gevolgen hebben voor de voorbereiding, de bediening, de schoonmaak en de openingsuren. De ondernemer wijst erop dat een werkgever tijdens bepaalde periodes van arbeidsongeschiktheid gewaarborgd loon verschuldigd kan zijn, terwijl voor een vervanger afzonderlijke kosten ontstaan. Hij ervaart dat als een zware belasting voor ondernemingen die al voorzichtig met hun beschikbare middelen moeten omgaan. Volgens hem waren de financiële marges vroeger ruimer en kon een zelfstandige dergelijke gebeurtenissen gemakkelijker opvangen. Tegenwoordig beschouwt hij die bijkomende uitgaven als een mogelijke bedreiging voor de rendabiliteit van kleine zaken. De precieze loonkosten verschillen volgens het Belgische arbeidsrecht naargelang het statuut van de werknemer, de anciënniteit en de duur van de arbeidsongeschiktheid. Mahmood verstrekte tijdens het gesprek geen boekhoudkundige cijfers waarmee de financiële gevolgen voor zijn eigen ondernemingen kunnen worden berekend.
Gewaarborgd loon vormt slechts één onderdeel van de kosten
Een afwezige werknemer veroorzaakt voor een werkgever niet in iedere situatie dezelfde loonkosten. Bij gewone ziekte bestaat in België een regeling voor gewaarborgd loon, waarbij de voorwaarden voor arbeiders en bedienden verschillen. Voor bepaalde bedienden geldt gedurende de eerste dertig dagen een volledige loondoorbetaling door de werkgever. Voor arbeiders wordt het gewaarborgd loon volgens een andere regeling berekend. Sinds 1 januari 2026 gelden ook aangepaste regels voor herval na werkhervatting. Voor Mahmood is die juridische regeling slechts één onderdeel van het verhaal. Wanneer een zaak moet blijven draaien, kan de zoektocht naar een vervanger bijkomende kosten veroorzaken. De uitbater ziet vooral problemen wanneer ziekteafwezigheden zich herhalen en de werkgever telkens opnieuw de personeelsplanning moet aanpassen. Hij vindt dat de gevolgen daarvan bij het gesprek over het ziektebeleid moeten worden betrokken, zonder te betwisten dat werkelijk zieke werknemers recht hebben op de bescherming die de wet biedt.
Controlearts inschakelen kost volgens Mahmood opnieuw geld
De frituuruitbater wijst erop dat werkgevers bij twijfel over een arbeidsongeschiktheid een controlearts kunnen inschakelen. Tijdens het interview noemt hij bedragen van ongeveer 110 tot 111 euro voor bepaalde controles in een praktijk en ongeveer 200 euro wanneer een arts zich ter plaatse begeeft. Die bedragen zijn zijn eigen inschattingen en werden niet aan de hand van actuele tarieflijsten of facturen bevestigd. Ze mogen daarom niet worden beschouwd als vaste tarieven voor alle controlediensten. Mahmood vindt het moeilijk dat een werkgever eerst met een personeelsafwezigheid wordt geconfronteerd en vervolgens zelf kosten moet maken om een onafhankelijke medische controle te laten uitvoeren. Hij merkt op dat sommige werkgevers volgens zijn ervaringen stelselmatig controles laten uitvoeren, terwijl andere ondernemers die mogelijkheid minder vaak gebruiken. Hij vraagt zich af of kleine zelfstandigen op dat vlak nauwer kunnen samenwerken, informatie kunnen uitwisselen of gezamenlijk advies kunnen inwinnen.
Discussie over controle aan huis en oproeping bij een arts
Mahmood geeft tijdens het gesprek aan dat hij een onaangekondigde medische controle bij een werknemer thuis als nuttiger beschouwt dan een onderzoek waarvoor de werknemer vooraf naar een praktijk wordt geroepen. Volgens hem kan een werknemer zich bij een aangekondigde afspraak voorbereiden op het gesprek met de controlearts. Die opvatting vormt een persoonlijke inschatting van de ondernemer en bewijst niet dat aangekondigde controles minder betrouwbaar zijn. Hij heeft ook vragen bij attesten waarin staat dat een werknemer de woning mag verlaten. Hij vermoedt dat dergelijke vermeldingen het uitvoeren van controles kunnen bemoeilijken. Binnen de Belgische regelgeving betekent de toelating om de woning te verlaten echter niet dat de werknemer automatisch van medische controle is vrijgesteld. De geldende procedures bepalen onder welke voorwaarden een controlearts de werknemer kan onderzoeken. Mahmood wil vooral dat werkgevers op een werkbare manier een beoordeling kunnen verkrijgen wanneer zij op concrete gronden twijfelen aan een afwezigheid.
Werkgever kent medische diagnose doorgaans niet
Een ander punt dat Mahmood ter sprake brengt, is de vertrouwelijkheid van medische gegevens. Als werkgever weet hij volgens eigen zeggen niet altijd waarom een werknemer arbeidsongeschikt is. Hij vindt dat soms moeilijk wanneer de afwezigheid gevolgen heeft voor zijn planning en hij zich vragen stelt bij de duur ervan. Tijdens het interview bespreekt hij voorbeelden van klachten die voor een werkgever niet eenvoudig te controleren zijn. Daarbij komt ook maag- en darmproblematiek ter sprake. Het ontbreken van kennis over de diagnose betekent echter niet dat de afwezigheid onterecht is. Medische gegevens worden beschermd en het is aan bevoegde artsen om de arbeidsongeschiktheid te beoordelen. Voor werknemers in de voedingssector kunnen bepaalde ziekteverschijnselen ook gevolgen hebben voor de voedselveiligheid, waardoor werken ondanks klachten niet altijd verantwoord is. Mahmood pleit voor een systeem waarin de werkgever voldoende zekerheid krijgt over de geldigheid van een afwezigheid. Het interview bevat geen uitgewerkt voorstel om de bescherming van medische gegevens te veranderen.
Ook vermeende druk op huisartsen baart hem zorgen
Tijdens zijn gesprekken met artsen zou Mahmood vernomen hebben dat sommige patiënten sterk aandringen op het verkrijgen van een ziekteattest. Volgens zijn verklaringen zijn er situaties waarin artsen zich onder druk gezet voelen. Hij spreekt ook over mogelijke intimidatie en bedreigingen, al worden daarvoor geen concrete, onafhankelijk gecontroleerde gevallen aangehaald. Mahmood vindt dat een arts die daadwerkelijk wordt bedreigd, daarvan aangifte moet kunnen doen bij de politie. Hij beschouwt het als onaanvaardbaar wanneer een medische beslissing onder bedreiging tot stand zou komen. Tegelijk is niet vastgesteld dat een van de artsen met wie hij sprak daadwerkelijk onder dergelijke omstandigheden een onjuist attest heeft afgeleverd. De ondernemer wil vooral dat medische beslissingen op een zorgvuldige beoordeling berusten en dat artsen de ruimte krijgen om zonder druk hun beroep uit te oefenen.
Voorstel om bij twijfel eerst kortere ziekteperiodes te voorzien
Mahmood zou graag zien dat artsen in bepaalde omstandigheden eerst een korte periode van arbeidsongeschiktheid voorschrijven en daarna opnieuw beoordelen of een verlenging nodig is. Hij noemt als mogelijke werkwijze een attest voor twee of drie dagen, gevolgd door een nieuwe medische beoordeling. Volgens hem zou dat vooral nuttig kunnen zijn wanneer de ernst of de verwachte duur van een aandoening nog niet duidelijk is. Hij maakt daarbij een onderscheid tussen werknemers die ernstig ziek zijn en personen bij wie volgens zijn indruk sneller een langere afwezigheid wordt voorgeschreven. De ondernemer erkent dat hij zelf geen medische beoordeling kan uitvoeren. Hoe lang iemand arbeidsongeschikt is, hangt af van de aard van de klachten, de gezondheidstoestand, de werkzaamheden en het oordeel van de arts. Het voorstel van Mahmood is daarom een ondernemersstandpunt en geen algemeen toepasbaar medisch voorschrift.
Zelfstandige vergelijkt zijn arbeidsethos met dat van werknemers
Mahmood verwijst tijdens het interview naar zijn eigen ervaringen als zelfstandige. Hij vertelt dat hij gedurende zijn ondernemersloopbaan nauwelijks ziekteverzuim bij zichzelf heeft gekend en dat hij zich vaak verplicht voelde verder te werken wanneer hij zich niet goed voelde. Volgens hem kan een zelfstandige zijn zaak moeilijk sluiten telkens wanneer hij lichamelijke klachten heeft. Hij vindt dat sommige werknemers en werkgevers vaker met elkaar zouden kunnen overleggen over de mogelijkheden om het werk tijdelijk anders te organiseren. Daarbij noemt hij de mogelijkheid om, wanneer de gezondheid het toelaat, gedurende een beperkte periode te werken en vervolgens naar huis te gaan. De medische geschiktheid om te werken kan echter niet worden afgeleid uit de bereidheid van iemand om door te zetten. Een werknemer die arbeidsongeschikt is, moet kunnen herstellen en mag niet onder druk worden gezet om werkzaamheden uit te voeren die zijn gezondheid of die van anderen in gevaar brengen. Mahmoods verklaring geeft vooral weer hoe hij het verschil tussen zijn eigen verantwoordelijkheden als zelfstandige en de positie van werknemers ervaart.
Overleg tussen werkgever en werknemer kan problemen voorkomen
De ondernemer vindt dat een gesprek met een werknemer bij terugkerende afwezigheden een eerste mogelijkheid is om de situatie te bespreken. Volgens hem moet er ruimte bestaan om afspraken over de werkorganisatie en de communicatie bij ziekte te verduidelijken. Wanneer iemand afwezig is, moet de werkgever weten dat de medewerker niet beschikbaar is en hoe lang de afwezigheid vermoedelijk zal duren, zodat een vervanging kan worden geregeld. Dat staat los van het recht op bescherming van persoonlijke medische gegevens. Mahmood ervaart vooral moeilijkheden wanneer hij naar eigen zeggen geen tijdige informatie ontvangt of wanneer hij herhaaldelijk onverwacht een vervanger moet zoeken. De ondernemer vindt dat personeelsleden zich bewust moeten zijn van de gevolgen die hun afwezigheid voor collega’s en voor een kleine zaak kan hebben. Het gesprek biedt geen gegevens waarmee kan worden beoordeeld hoe vaak zulke communicatieproblemen zich daadwerkelijk voordoen.
Een klacht bij de Orde der artsen als mogelijke stap
Khalid Mahmood wil collega-ondernemers wijzen op de mogelijkheid om bij concrete vermoedens van beroepsmatige onregelmatigheden advies in te winnen over een klacht tegen een arts. Hij noemt daarbij de Orde der artsen. De provinciale raden van die Orde behandelen klachten binnen hun wettelijke bevoegdheid. Een werkgever die vragen heeft bij een ziekteattest kan ook nagaan of een controle door een bevoegde controlearts aangewezen is. Mahmood beseft dat hij niet zelfstandig kan bewijzen of een arts een medisch verantwoorde beslissing heeft genomen. Hij wil dat dergelijke beoordelingen bij de juiste instanties gebeuren. Er is in het interview geen bewijs aangeleverd van een formele klacht die al tot een tuchtrechtelijke vaststelling heeft geleid. Zijn oproep moet daarom worden gelezen als een voorstel om vermoedelijke misstanden zorgvuldig te laten onderzoeken en niet als de vaststelling dat bepaalde huisartsen de beroepsregels hebben overtreden.
Ontslag wegens ziekte is geen eenvoudige oplossing
Tijdens het gesprek wordt eveneens de mogelijkheid van ontslag besproken. Mahmood erkent dat een werkgever niet zonder geldige reden een werknemer kan ontslaan en dat ziekte bijzondere juridische bescherming met zich meebrengt. Hij merkt op dat personeel ontslaan geen eenvoudige oplossing is wanneer de werkgever geconfronteerd wordt met arbeidsongeschiktheid. Ook een beëindiging wegens medische overmacht is aan wettelijke voorwaarden en procedures verbonden. Voor de ondernemer blijft de praktische vraag hoe een zaak moet blijven functioneren wanneer iemand langdurig niet beschikbaar is. Hij wil voorkomen dat werkgevers in situaties terechtkomen waarin zij hoge kosten ervaren, maar onvoldoende zicht hebben op de mogelijkheden om een probleem op een correcte manier te beoordelen. Hij pleit voor meer kennis bij zelfstandigen over de juridische middelen die ze kunnen gebruiken zonder de rechten van werknemers te schenden.
Krachten bundelen en juridische kosten delen
Mahmood stelt voor dat zelfstandigen die vergelijkbare ervaringen hebben, met elkaar in gesprek gaan. Volgens hem kan samenwerking helpen om informatie te verzamelen, ervaringen te vergelijken en te bepalen of er reden bestaat om professioneel juridisch advies te vragen. Hij denkt aan een vorm van onderlinge ondersteuning waarmee ondernemers de kosten van juridisch advies kunnen dragen. Het gaat vooralsnog om een voorstel, niet om een formeel aangekondigde vereniging of opgericht fonds. Hij wil vooral voorkomen dat kleine ondernemers afzonderlijk met dezelfde vragen blijven zitten. Een gezamenlijke aanpak zou volgens hem kunnen helpen om met meer kennis van zaken gebruik te maken van bestaande procedures en controles. Hij stelt zich bereid om met collega’s uit Diksmuide, Brugge en andere gemeenten te spreken. In het interview geeft hij toestemming om telefonisch bereikbaar te zijn voor die gesprekken, maar een concreet telefoonnummer van Mahmood is niet opgenomen in het beschikbare bronmateriaal.
De vraag naar vertrouwen op de werkvloer
Achter de kritiek van Mahmood schuilt ook de vraag hoe werkgevers en werknemers met elkaar omgaan wanneer ziekteafwezigheden zich herhalen. Voor hem draait betrouwbaar personeel om vakbekwaamheid, het respecteren van afspraken en een tijdige communicatie over afwezigheden. Hij erkent dat mensen ziek kunnen worden, maar verwacht dat het bestaande systeem correct wordt gebruikt. Dat vertrouwen werkt in twee richtingen. Werknemers moeten erop kunnen rekenen dat hun gezondheid en rechten worden gerespecteerd, terwijl werkgevers erop moeten kunnen vertrouwen dat arbeidsongeschiktheid medisch verantwoord wordt vastgesteld. Wanneer een ondernemer twijfels heeft, zijn objectieve controle en een correcte procedure aangewezen. Persoonlijke vermoedens of gesprekken met andere werkgevers volstaan niet om een werknemer of arts van misbruik te beschuldigen. Mahmood wil dat er over zulke situaties gesproken kan worden zonder dat de dagelijkse problemen van zelfstandigen uit het oog worden verloren.
Een oproep vanuit Diksmuide en Brugge
Na jaren ondernemerschap heeft Khalid Mahmood naar eigen zeggen weinig geduld meer met situaties waarin hij langdurige afwezigheden moeilijk kan plaatsen en de gevolgen daarvan voor zijn rekening moet nemen. Hij wil dat zelfstandigen hun ervaringen delen, mogelijke onregelmatigheden via de bevoegde procedures laten beoordelen en gezamenlijk zoeken naar oplossingen voor de kosten van personeelsvervanging. Zijn verhaal is dat van een ondernemer die dagelijks verantwoordelijkheid draagt voor twee frituren en die vindt dat ziekteverzuim bespreekbaar moet zijn. De verklaringen bevatten geen bewijs dat de door hem bekritiseerde artsen onjuiste attesten hebben afgeleverd. Mahmood blijft er wel bij dat werkgevers met concrete vragen niet met hun bezorgdheden mogen blijven zitten. Hij vraagt overleg, een zorgvuldige beoordeling van medische attesten en meer aandacht voor de financiële omstandigheden van kleine ondernemingen.
Andy Vermaut +32499357495 (Als je een probleem hebt met de inhoud van een artikel, kan je me altijd mailen op info@indegazette.be – best zo weinig mogelijk mensen in cc zetten, want anders komt dit in de spamfilter terecht. Voor elk artikel geldt een recht op antwoord van betrokkenen tot 3 maanden na publicatie van het artikel. AI wordt gebruikt als redactioneel hulpmiddel. De journalist controleerde de inhoud en feiten.)
Wil je de onafhankelijke journalistiek van indegazette.be ondersteunen?
Iedere dag zetten we ons in om nieuws, reportages en verhalen te brengen uit de Westhoek, België, Europa en de rest van de wereld. Dat doen we met veel inzet en een sterke overtuiging dat onafhankelijke journalistiek toegankelijk moet blijven voor iedereen.
Wil je onze redactie een financieel duwtje in de rug geven? Elke vrijwillige bijdrage, groot of klein, helpt ons om ons journalistieke werk voort te zetten.
Je kunt ons ondersteunen via:
☕ Ko-fi:
☕ Buy Me a Coffee:
https://buymeacoffee.com/andyvermaut
Hartelijk dank voor je vertrouwen, je betrokkenheid en je steun aan indegazette.be!
Andy Vermaut
Hoofdredacteur indegazette.be


