IPYG zet jongeren centraal in driedaags vredesprogramma in Seoul, Zuid-Korea

6 augustus 2026

Vertegenwoordigers van de International Peace Youth Group, kortweg IPYG, hebben tijdens een overleg in Zuid-Korea hun plannen toegelicht voor een internationaal jongerenprogramma rond vrede, religie, cultureel erfgoed en lokale actie. De centrale bijeenkomst staat voorlopig gepland van donderdag 17 tot en met zaterdag 19 september 2026 in Seoul, met een oriëntatiemoment op woensdag 16 september. Jongeren en vertegenwoordigers van organisaties zullen er niet alleen spreken over oorlog en vrede, maar ook nagaan welke projecten zij nadien in hun eigen land kunnen uitvoeren.

Jongeren als dragers van vrede

IPYG maakt deel uit van de vredeswerking van HWPL en richt zich op jongeren, jongerenorganisaties en publieke instellingen die met jeugdbeleid bezig zijn. Luna Park, algemeen directeur van IPYG Branch 8, lichtte de werking toe samen met Stella Yang, coördinator voor Zambia, Susie Kim, coördinator voor Malawi en België, en Amy Kim, die betrokken is bij de activiteiten in Nederland. De organisatie werkt vanuit twee duidelijke doelen: oorlog helpen voorkomen en vrede bewaren voor jongere en toekomstige generaties. Die doelen worden omgezet in educatieve programma’s, plaatselijke projecten, internationale bijeenkomsten en samenwerking met organisaties die jongeren bij vredeswerk willen betrekken.

Vijf werkterreinen binnen HWPL

De bredere werking van HWPL bestaat uit vijf domeinen. Het eerste domein richt zich op internationaal recht en de Declaration of Peace and Cessation of War, de DPCW, die uit tien artikelen en 38 bepalingen bestaat. Een tweede domein houdt zich bezig met religie en de rol die levensbeschouwing kan spelen bij het voorkomen van conflicten. Het derde domein is vredesonderwijs, waarvoor twaalf lesboeken werden ontwikkeld. Het vierde domein richt zich op media en berichtgeving over vredesinitiatieven. IPYG vormt het vijfde domein en brengt jongeren samen rond opleiding, overleg en concrete inzet. De aanpak vertrekt van de gedachte dat vredeswerk niet beperkt mag blijven tot verklaringen, maar zichtbaar moet worden in onderwijs, beleid en dagelijkse keuzes.

Een jaarlijks traject van overleg naar actie

Een belangrijk instrument is de Youth Engagement and Peacebuilding Working Group, afgekort YEPW. Binnen dat traject brengen coördinatoren jongeren en organisaties bijeen om de behoeften in een land, regio of stad te bespreken. Daarna wordt een project gekozen, voorbereid en uitgevoerd. In september worden de resultaten bekeken en worden plannen gemaakt voor het daarna komende werkjaar. Deze aanpak laat ruimte voor uiteenlopende initiatieven, zolang jongeren zelf een actieve rol krijgen en de activiteit inspeelt op een plaatselijke vraag. Voor België kan dat gaan over vredesonderwijs, geweldloze communicatie, de-escalatie en activiteiten rond Europese instellingen. In Nederland ligt onder andere een kunstproject op tafel waarbij deelnemers samen een beeld opbouwen met kleine stickers.

Drie dagen met verkennen, leren en handelen

Het programma in Seoul draagt de titel “Be a Living Legacy of Peace”. Elke dag krijgt een eigen werkwoord mee: verkennen, leren en handelen. Op donderdag 17 september staat cultureel erfgoed centraal. De deelnemers bezoeken onder andere het War Memorial of Korea, Insadong Culture Street, Gwanghwamun en het Gyeongbokgung-paleis. De locaties worden gebruikt om na te denken over oorlog, herstel, cultureel geheugen, samenleven en de verantwoordelijkheid van jongeren. De eerste dag wil duidelijk maken dat erfgoed niet alleen over oude gebouwen of historische voorwerpen gaat. Ook de manier waarop een samenleving met herinnering, verlies en wederopbouw omgaat, bepaalt hoe toekomstige generaties naar vrede kijken.

Leren uit vijf religieuze tradities

Vrijdag 18 september staat in het teken van de International Religious Peace Academy for Youth. Jongeren krijgen er toelichting vanuit het boeddhisme, confucianisme, christendom, de islam en het hindoeïsme. De bedoeling is om vooroordelen en misverstanden terug te dringen door kennis te maken met teksten, waarden en vredesideeën uit verschillende religieuze tradities. De doelgroep loopt voorlopig van 18 tot 39 jaar. Het programma sluit aan bij de bepalingen van de DPCW over godsdienstvrijheid, religie en het verspreiden van een vredescultuur. De organisatoren willen niet eindigen bij een eenmalige kennismaking. Er wordt ook gewerkt aan verdere lessen waarin jongeren rechtstreeks met religieuze vertegenwoordigers in gesprek kunnen gaan.

Van gesprek naar een eigen vredesproject

Zaterdag 19 september draait om handelen. Deelnemers bezoeken ervaringsstanden, nemen deel aan opdrachten en delen voorbeelden van projecten uit hun eigen land. Daarna bespreken zij welke initiatieven in het nieuwe werkjaar haalbaar zijn. Het doel is dat deelnemers Seoul niet verlaten met alleen ideeën, maar met afspraken die thuis verder kunnen worden uitgewerkt. Daarbij wordt gekeken naar samenwerking tussen jongerenorganisaties, onderwijsactoren, religieuze vertegenwoordigers, lokale besturen en maatschappelijke organisaties. De uiteindelijke vorm kan per land verschillen. Een project in een grote hoofdstad vraagt een andere aanpak dan een activiteit in een kleine stad of landelijke regio.

Kunstproject groeit door deelname van bezoekers

Amy Kim gaf toelichting bij een Nederlands project waarbij bezoekers afzonderlijke stickers op een doek aanbrengen. Zo ontstaat stap voor stap een gezamenlijk beeld. Het initiatief werd onder andere ingezet rond Koningsdag in Nederland. De boodschap daarachter is dat mensen met uiteenlopende achtergronden samen aan één zichtbaar resultaat kunnen werken. Inmiddels zijn twaalf doeken afgewerkt. Een tentoonstelling behoort tot de mogelijke latere stappen. Ook voor België werd gesproken over een gelijkaardig participatief kunstwerk, eventueel gekoppeld aan een publieke vredesactiviteit.

Voorstel voor Europa Dag in Brussel

Een van de ideeën is om op zondag 9 mei 2027, tijdens Europa Dag, een vredeswandeling en een gezamenlijk kunstproject in Brussel te organiseren. De Europese instellingen trekken die dag veel bezoekers uit verschillende landen. Daardoor kan een activiteit rond jongeren en vrede een internationaal publiek bereiken. Er werd gesproken over een locatie in de Europese wijk en over samenwerking met partners uit verschillende Europese landen. Het voorstel is nog niet definitief. De praktische uitwerking, de partners, de exacte plaats en de vereiste toelatingen moeten nog worden vastgelegd. Net daarom is de voorbereiding in september belangrijk: daar kan worden bepaald wie welke verantwoordelijkheid opneemt.

Geweldloze de-escalatie als Belgische bijdrage

Van Belgische zijde werd aandacht gevraagd voor trainingen rond geweldloze de-escalatie. Jongeren krijgen daarin geen louter theoretische uitleg, maar oefenen situaties waarin spanning, groepsdruk of agressie kan ontstaan. Rollenspelen maken zichtbaar hoe snel een conflict kan escaleren wanneer vrienden elkaar willen verdedigen of wanneer iemand impulsief reageert op politieoptreden of provocatie. De training leert deelnemers om steun te bieden zonder zelf geweld te gebruiken. Ook wordt besproken waar deelnemers persoonlijk de grens tussen actie, beschadiging en geweld leggen. Zulke oefeningen zijn bruikbaar in scholen, jeugdwerkingen, acties en publieke bijeenkomsten.

Kleine steden vragen een eigen aanpak

Tijdens het overleg kwam ook het verschil tussen grote steden en kleinere plaatsen aan bod. In een stad met honderdduizenden inwoners zijn deelnemers, lokalen en partnerorganisaties vaak makkelijker te vinden. In West-Vlaanderen liggen steden en dorpen verder uit elkaar en zijn jongeren over een groter gebied verspreid. Daar is een aanpak nodig die rekening houdt met vervoer, beperkte middelen en kleinere groepen. Net in die context kunnen terugkerende workshops veel betekenen. Een kleinschalige training kan jongeren leren hoe zij in hun eigen vriendenkring, school of vereniging met conflicten omgaan. Het aantal deelnemers hoeft daarbij niet het enige criterium te zijn. De kwaliteit van de oefening en de bereidheid om nadien verder te werken zijn minstens even belangrijk.

Samenwerking met Belgische organisaties wordt onderzocht

Er werd gesproken over mogelijke samenwerking met Belgische en Europese organisaties die actief zijn rond grondrechten, publieke diplomatie, Europese samenwerking en vredesonderwijs. Een formele samenwerkingsovereenkomst ligt nog niet vast. Eerst moeten de doelstellingen, taken en verwachtingen duidelijk worden omschreven. Voor het Belgische luik is vooral van belang dat een project niet alleen in Brussel zichtbaar is, maar ook jongeren bereikt in kleinere steden. Daarnaast wordt bekeken hoe religieuze organisaties en jongeren uit verschillende levensbeschouwingen bij de septemberbijeenkomst en latere activiteiten kunnen worden betrokken.

Nog geen vast eindpunt

Het programma voor september heeft een duidelijke structuur, maar enkele onderdelen kunnen nog wijzigen. Deelnemers, locaties en latere afspraken worden verder afgestemd. De kern staat wel vast: jongeren moeten niet alleen horen wat vrede betekent, maar ook leren hoe zij zelf een conflict kunnen afremmen, een activiteit kunnen organiseren en mensen met verschillende overtuigingen rond een concreet doel kunnen samenbrengen. Vanuit Seoul kan zo een traject ontstaan dat in 2027 ook in Brussel, Nederland en andere Europese regio’s zichtbaar wordt.

Bronnen:
Gespreksnotities van het overleg met IPYG Branch 8 en het voorlopige programma voor september 2026

Andy Vermaut +32499357495 (Als je een probleem hebt met de inhoud van een artikel, kan je me altijd mailen op info@indegazette.be – best zo weinig mogelijk mensen in cc zetten, want anders komt dit in de spamfilter terecht. Voor elk artikel geldt een recht op antwoord van betrokkenen tot 3 maanden na publicatie van het artikel. AI wordt gebruikt als redactioneel hulpmiddel. De journalist controleerde de inhoud en feiten.)