Islamistische netwerken sturen nu de burgeroorlog in Soedan

9 december 2025
De oorlog in Soedan wordt vaak beschreven als een strijd tussen twee generaals en hun rivaliserende legers. In een toespraak tijdens een conferentie over de burgeroorlog in Soedan schetst Heath Sloane, directeur geopolitieke inlichtingen bij B&K Agency, een heel ander beeld. Volgens hem is de kern van het huidige geweld niet alleen militair, maar in de eerste plaats ideologisch. Hij wijst op georganiseerde islamistische netwerken die de oorlog sturen, legitimeren en richting geven, terwijl bijna tien miljoen Soedanezen hun huis zijn kwijtgeraakt en hongersnood oprukt.
Sloane stelt dat wie de ontwikkelingen in Soedan wil begrijpen, en er als Europese beleidsmaker invloed op wil hebben. Achter SAF staat volgens hem een derde kracht: een ideologisch gestructureerd veld van geestelijken, organisatoren, financiers en politieke tussenpersonen dat de oorlog voedt en verankert in een religieus kader.
Een derde kracht achter de frontlinie
Sinds midden 2023 ziet Sloane een duidelijke verschuiving. Naast de strijd us er een netwerk van islamistische actoren dat SAF voorziet van morele rechtvaardiging, digitale propaganda en politieke bescherming. In steden als Port Sudan, Omdurman, Atbara en Kassala ziet hij hetzelfde patroon terugkeren: moskeenetwerken die preken met oorlogstaal verspreiden, Telegram-kanalen die rekrutering coördineren, jongerenbewegingen die strijders leveren en voormalige inlichtingenofficieren die opnieuw een rol spelen in de informatieoorlog.
Onderzoek van de geopolitieke analyseenheid van B&K Agency toont volgens hem een duidelijke samenhang tussen pieken in mobilisatie voor SAF en golfbewegingen van gecoördineerde preken in bepaalde regio’s, vooral in River Nile State en in het oosten van Soedan. In die preken wordt het conflict niet simpelweg omschreven als een militair treffen, maar als een religieuze plicht. Zodra een oorlog in dat soort termen wordt beschreven, wordt een staakt-het-vuren al snel voorgesteld als verraad, wat diplomatieke pogingen onder druk zet.
De moslimbroederschap als hedendaagse speler
In het westerse debat wordt de moslimbroederschap in Soedan vaak nog gezien als een erfenis uit de tijd van Omar al-Bashir. Sloane vindt dat beeld achterhaald. Hij beschrijft een netwerk van geestelijken, donoren, organisatoren en mediakanalen dat vandaag actief is in door SAF gecontroleerde gebieden en zich soepel aanpast aan de omstandigheden van de burgeroorlog.
Volgens hem vervullen deze structuren drie rollen tegelijk. Ze zetten religieuze mobilisatie in gang, onder meer via predikers zoals Abdel-Hay Youssef, die de strijd presenteren als verdediging van een islamitische staatsordening en zo rekrutering en een harde onderhandelingslijn aanwakkeren. Ze bieden de militaire leiding ook een soort ideologische schuilmuur: in gesprekken met buitenlandse delegaties wordt SAF neergezet als hoeder van de islamitische identiteit van Soedan, waardoor het weigeren van een staakt-het-vuren minder geïsoleerd lijkt.
Daarnaast beklemtoont Sloane de grensoverschrijdende dimensie. Hij verwijst naar figuren als zakenman Abdelbasit Hamza, die na de coup van 2021 opnieuw zichtbare invloed kreeg en in 2023 door de Verenigde Staten werd aangemerkt als financier van Hamas. Dat voorbeeld illustreert volgens hem hoe naadloos Soedanese islamistische netwerken kunnen schakelen tussen binnenlandse machtspolitiek en externe militante structuren.
Narratieven die aansluiten bij Hamas, Iran en de Houthi’s
De ideologische lijnen naar Hamas zijn volgens Sloane geen geschiedenisles uit het verleden, maar onderdeel van de manier waarop de oorlog vandaag wordt gepresenteerd. In islamistische communicatie in 2023 en 2024 wordt regelmatig verwezen naar het “verzetsmodel” dat na de aanval van Hamas op 7 oktober 2023 veel aandacht kreeg. Geestelijken in onder meer Noord-Kordofan en de provincie Gezira beschrijven het Soedanese strijdtoneel als één front in een bredere regionale strijd.
Daarbovenop komt wat Sloane beschrijft als een duidelijke verankering van Iraanse en Houthi-actoren in door SAF gecontroleerde gebieden. Hij verwijst naar geïdentificeerde onderdelen van Iraanse drones in Port Sudan, nieuwe opslagplaatsen die lijken op hangars voor onbemande toestellen en vrachtvluchten waarvan het materieel later in de gevechten verschijnt. Volgens hem bewegen Houthi-medewerkers langs de oostelijke corridor van Soedan, waar staatsstructuren zwak zijn en wapenstromen makkelijker lopen. In zijn analyse groeit Soedan uit tot een logistieke en ideologische corridor tussen Gaza, Jemen en de Sahel.
Waarom islamistische netwerken kiezen voor SAF
Sloane maakt duidelijk dat de steun van islamistische actoren aan SAF niet voortkomt uit persoonlijke loyaliteit aan legerleider Abdel Fattah al-Burhan. Het gaat volgens hem om een berekende strategie. Mocht RSF het halen, dan dreigt volgens zijn inschatting een lappendeken van militialanden met een economie gebaseerd op smokkel en gewapende controle. Een overwinning van SAF zonder islamistische invloed zou de deur kunnen openen naar een burgerlijke transitie.
Voor de islamistische (radicale) netwerken is het aantrekkelijkste scenario een SAF-zege die sterk steunt op religieuze mobilisatie en geestelijke ondersteuning. Dan kan een islamistisch project via een militaire structuur terugkeren in de machtscentra. In interne communicatie wordt de inzet volgens Sloane onverbloemd verwoord: bij verlies stort een islamitische staatsvisie in, bij winst krijgt die opnieuw vorm. Dat verklaart mee waarom er aan SAF-zijde herhaaldelijk “nee” wordt gezegd tegen staakt-het-vuren, zelfs als de militaire situatie daar niet meteen om vraagt. Ideologische druk speelt daar een grote rol.
Geweld volgens ideologische patronen
De omvang van het geweld in Soedan is enorm: moorden, massale vlucht, seksueel geweld, etnische zuiveringen en meldingen van chemische middelen. Sloane benadrukt dat dit volgens hem geen chaotische uitbarstingen zijn, maar vaak aansluiten op voorafgaande ideologische boodschappen.
In juni 2024 werden bepaalde bevolkingsgroepen in gecoördineerde preken weggezet als bron van rebellie. Kort daarna volgden gerichte aanvallen in buurten van Omdurman waar die groepen woonden. In de provincie Gezira doken later religieus geïnspireerde bewakingsgroepen op die oude “publieke orde”-codes opnieuw gingen handhaven, met pesterijen en arrestaties wegens vermeende kleding- of gedragsfouten. Het ging niet om formele wetten, maar om ideologisch gemotiveerde acties in een vacuüm van staatsgezag.Toch ziet hij een parallel: ook daar is geweld onderdeel van een doelgericht project in plaats van louter instorting van de orde. Soedan valt volgens hem niet alleen uiteen, het wordt tegelijk opnieuw ingericht door concurrerende gewapende en ideologische systemen.
Gevolgen voor Europa
Voor Europa blijft de oorlog in Soedan vaak ver weg, maar in de analyse van Sloane is dat een schijnveiligheid. Hij noemt drie terreinen waarop de ontwikkelingen directe gevolgen hebben voor Europese belangen.
Ten eerste verschuiven vluchtelingenroutes. Toen de provincie Gezira in 2024 verder instortte en de gevechten rond de hoofdstad heviger werden, weken steeds meer mensen uit via Libië en Egypte richting Middellandse Zee. Ten tweede wordt Soedan volgens hem een schakel tussen opstanden in de Sahel en militante bewegingen langs de Rode Zee. Ten derde waarschuwt hij voor een mogelijke nieuwe ideologische as van Gaza via Soedan naar Jemen, mede gedragen door Iraanse invloed en islamistische hergroepering in Khartoem en andere steden.
Als Soedan opnieuw uitgroeit tot een staat die zich duidelijk schaart aan de kant van islamistische machtsprojecten, blijft de impact volgens Sloane niet beperkt tot Port Sudan of de Hoorn van Afrika. Die ontwikkeling zou voelbaar worden tot in de zuidelijke rand van Europa.
Wat volgens Sloane nu nodig is
In zijn toespraak vraagt Sloane om een andere manier van kijken naar het Soedanese conflict. Hij pleit ervoor om de ideologische dimensie niet langer te verdoezelen met uitsluitend humanitaire of militaire termen. Voor duurzame vrede is het volgens hem noodzakelijk om de netwerken achter de religieuze mobilisatie in kaart te brengen en die harder te bevragen.
Hij ziet een duidelijke rol voor Europese landen in steun aan Soedanese actoren die op pluralisme inzetten: vrouwenorganisaties, minderheidsgroepen, onafhankelijke journalisten en burgerinitiatieven. Daarnaast vraagt hij om een veel preciezere monitoring van islamistische structuren, van moskeeën en onlinekanalen tot financiële stromen. In zijn analyse hoort daar nauwere samenwerking bij met partners in de regio om Iraanse verankering tegen te gaan en belangrijke financiers gericht aan te pakken.
Sloane besluit dat de bevolking van Soedan recht heeft op een toekomst die niet opnieuw wordt bepaald door een wisselspel tussen ideologische wurggreep en militaire instorting. Als de internationale gemeenschap duidelijk en consequent optreedt, ziet hij nog ruimte voor een andere koers. Blijft die uit, dan vreest hij dat dezelfde ideologische krachten die nu de oorlog aanwakkeren, de richting van het land nog decennialang zullen bepalen.
Bronnen:
Toespraak Heath Sloane, “Sudan in Crisis: Turning Humanitarian Action into Lasting Peace – Islamist Networks in Sudan’s Civil War”, B&K Agency, 9 december 2025
Andy Vermaut +32499357495 (Als je een probleem hebt met de inhoud van een artikel, kan je me altijd mailen op info@indegazette.be – best zo weinig mogelijk mensen in cc zetten, want anders komt dit in de spamfilter terecht. Voor elk artikel geldt een recht op antwoord van betrokkenen tot 3 maanden na publicatie van het artikel)


