Jonge Europeanen in Sicilië delen zorgen en hoop over de toekomst van Europa

26 februari 2025

Een ontmoeting op Sicilië

Het begon als een zonovergoten dag in Palermo, Sicilië, waar we samenkwamen met een diverse groep jonge Europeanen in het kader van een ontmoeting rond het Europees Cohesiefonds. We spraken met verschillende mensen die afkomstig waren uit verschillende regio’s van Italië en die momenteel deelnemen aan een Erasmus uitwisselingsproject. Wat begint als een informeel gesprek bij een cafétafel, zorgt al snel tot een levendige discussie over gedeelde zorgen en verwachtingen. Wij staren ons immers al te vaak blind op de mooie palmbomen alhier, maar deze studenten bespreken met ons hun vooruitzichten op werk, hun visie op de toekomst van Europa, de uitdagingen van migratie en hoe de Europese Unie hierin een rol speelt. De sfeer is gemoedelijk maar serieus: iedereen beseft dat hun generatie op een kruispunt staat.

Zorgen over werkgelegenheid

Een van de eerste onderwerpen die ter sprake komen, is de arbeidsmarkt. Verscheidene studenten vertellen hoe moeilijk het is om na hun studie een stabiele baan te vinden. Een Italiaanse studente uit Sicilië merkt op dat veel van haar leeftijdsgenoten moeite hebben om in eigen regio werk te vinden. Ze schetst een beeld van jongeren die emigreren naar Noord-Italië of andere EU-landen op zoek naar kansen. Die realiteit wordt door een Spaanse jongen herkend: ook in Spanje kennen zij vrienden die ondanks een goede opleiding thuiszitten zonder werk. Deze ervaringen staan niet op zichzelf. Uit de bredere context blijkt dat de jeugdwerkloosheid in de EU de afgelopen jaren rond de 13% schommelde, maar dat in zuidelijke regio’s de percentages veel hoger liggen – op Sicilië is rond de 40% van de jongeren werkloos​

Dat cijfer verklaart de frustratie die doorklinkt in de stemmen van de Zuid-Europese studenten. Tegelijkertijd benadrukt een deelneemster dat in haar regio in Italië de situatie beter is, maar dat ook daar jonge mensen vaak eerst tijdelijke contracten of onbetaalde stages moeten doorlopen. Alle studenten delen de zorg dat hun generatie het minder zeker heeft dan die van hun ouders. Toch is er ook eensgezindheid over het belang van doorzetten: ze wisselen tips uit over het leren van nieuwe vaardigheden, stages in het buitenland en de mogelijkheden die Europese programma’s zoals Erasmus+ bieden om hun kansen te vergroten. De consensus is genuanceerd – ja, het is lastig, maar dankzij internationale ervaring en onderlinge steun blijven ze hoopvol dat ze uiteindelijk hun plek zullen vinden op de arbeidsmarkt.

Visies op de toekomst van Europa

Wanneer het gesprek verschuift naar de toekomst van Europa, ontstaat een andere soort stemming. De studenten bespreken hoe hun generatie aankijkt tegen de Europese Unie en het continent in het algemeen. Een studente wijst erop dat veel jongeren zich steeds meer bewust zijn van grote grensoverschrijdende kwesties als klimaatverandering en digitale privacy. Volgens hem verwachten jonge mensen dat Europa daarin een voortrekkersrol speelt, omdat individuele landen te klein zijn om die uitdagingen alleen aan te gaan. Anderen knikken instemmend. Tegelijkertijd merkt een ander studente op dat niet alle jongeren even betrokken zijn bij politiek of de EU. Ze vertelt dat sommige van haar leeftijdsgenoten in Sicilië het gevoel hebben dat de EU ver weg is, of dat besluiten in Brussel nauwelijks rekening houden met hun lokale realiteit. Dit leidt tot begripvolle reacties: de groep erkent dat er binnen hun generatie zowel pro-Europese gevoelens leven als sceptische geluiden. Sommigen uiten bezorgdheid over de opkomst van nationalisme en populisme in diverse landen, wat de eenheid van Europa op de proef stelt. Daartegenover staat de ervaring van deze uitwisseling zelf als voorbeeld van Europese saamhorigheid: het feit dat zij hier samen in Sicilië kunnen debatteren, zien ze als een resultaat van Europese integratie. Een deelnemer wijst erop dat hun vriendschappen over grenzen heen precies laten zien wat voor toekomst ze wensen – een Europa waarin samenwerking centraal blijft staan. De discussie over de toekomst mondt uit in een voorzichtig optimisme: ondanks politieke verdeeldheid gelooft de groep dat hun generatie bruggen kan bouwen tussen culturen en dat de Europese samenwerking door hun frisse ideeën nieuw leven kan worden ingeblazen.

Migratie en solidariteit

Op Sicilië is migratie geen abstract begrip, en dat weerspiegelt zich in het gesprek. De studenten zijn zich terdege bewust van de beelden van bootvluchtelingen die hier aankomen. Een lokale Italiaanse student deelt zijn ervaringen: hij heeft vrijwilligerswerk gedaan in een opvangcentrum en vertelt hoe complex de situatie is. Aan de ene kant ziet hij het menselijke leed van mensen die de oversteek hebben gewaagd; aan de andere kant merkt hij de spanningen die in de lokale gemeenschap ontstaan door de constante stroom nieuwkomers. Een Griekse collega herkent dit spanningsveld uit zijn eigen land, dat net als Italië in de frontlinie ligt van de Europese migratiecrisis. De groep bespreekt hoe de migratiekwestie hun generatie verdeeld raakt: er is medeleven en de overtuiging dat Europa humanitaire verantwoordelijkheid draagt, maar er zijn ook zorgen over integratie en druk op voorzieningen. Feit is dat het aantal migranten dat Europa binnenkomt de afgelopen tijd fors is toegenomen. Zo hebben dit jaar alleen al meer dan 100.000 mensen via de Middellandse Zee de Italiaanse kust bereikt – meer dan dubbel zoveel als het jaar ervoor​

Die realiteit zet druk op landen als Italië, Griekenland en Spanje. De studenten zijn het erover eens dat geen enkel land zo’n uitdaging alleen aankan. Ze bespreken initiatieven waarbij EU-lidstaten de opvang verdelen, maar constateren dat solidariteit binnen de Unie niet altijd vanzelfsprekend is. Vooral deelnemers uit landen die minder migranten opvangen, luisteren aandachtig en tonen begrip dat de zuidelijke lidstaten zich soms in de steek gelaten voelen. Tegelijk benadrukken ze dat hun medestudenten thuis vaak een eenzijdig beeld krijgen via media. Volgens een Belgische student kan uitwisselingen zoals deze helpen om elkaars perspectief te begrijpen: “We zien hier met eigen ogen dat er geen gemakkelijke oplossingen zijn, en dat iedereen in Europa hiermee te maken heeft,” vat hij samen in zijn eigen woorden. Zonder directe citaten weer te geven, wordt duidelijk dat de gehele groep pleit voor een gezamenlijke, menselijke aanpak van migratie, waarin zowel draagvlak in de lokale gemeenschappen als veiligheid en waardigheid voor migranten centraal staan.

De rol van de EU

Steeds komt het gesprek terug op de vraag wat de Europese Unie kan en moet doen. De studenten beoordelen de rol van de EU met een kritische maar eerlijke blik. Meerdere aanwezigen erkennen dat zij dankzij EU-programma’s hier samen kunnen zijn – bijvoorbeeld door studiebeurzen, Erasmus-uitwisselingen of vrijwilligersprojecten die door Brussel gefinancierd worden. Deze persoonlijke voordelen illustreren voor hen de meerwaarde van Europese samenwerking. Toch klinkt er ook teleurstelling door. Een Spaanse deelneemster geeft aan dat ze van de EU had verwacht dat er meer banenprojecten voor jongeren zouden zijn, zeker na de financiële crisis die hard toesloeg in Zuid-Europa. Ze herinnert de groep eraan dat er weliswaar een Jongerengarantie en fondsen voor jeugdwerkgelegenheid zijn opgezet, maar dat de resultaten in haar omgeving beperkt voelbaar zijn. Daartegenover vertelt een Ierse student dat in zijn land Europese subsidies geholpen hebben om trainingsprogramma’s op te zetten voor werkloze jongeren, en dat die initiatieven sommige van zijn vrienden aan een baan hebben geholpen. Als het gesprek op Brusselse politiek komt, geven de meesten toe dat de EU vaak traag en bureaucratisch overkomt. Ze noemen het moeizaam bereiken van overeenstemming over migratiequota als voorbeeld, en ook de complexiteit van EU-regelgeving die jongeren weinig bekend is. Toch blijft de toon gematigd: er is geen blinde afkeer, eerder een roep om verbetering. De studenten formuleren gezamenlijk de wens dat de EU meer naar de jeugd luistert en hen betrekt bij beleidskeuzes. Iemand suggereert dat Europese beleidsmakers vaker dit soort gesprekken met jongeren zouden moeten voeren om voeling te houden met wat er leeft onder de nieuwe generatie. Wat de groep verbindt, is het geloof dat de EU – ondanks haar tekortkomingen – een sleutelrol speelt in het adresseren van grote uitdagingen. Of het nu gaat om het creëren van eerlijke kansen op werk, het aanpakken van klimaatverandering of het beheren van migratiestromen, de unie wordt gezien als noodzakelijk om samenwerking tussen landen te faciliteren. Het is die overtuiging die blijft hangen terwijl de avond valt in Palermo.

In de Siciliaanse coworkingspace waar we zaten, eindigt het gesprek net zo spontaan als het begon. De jonge Europeanen staan op van de koffietafel met het besef dat hun zorgen en dromen grotendeels overeenkomen, ondanks hun verschillende achtergronden. Ze hebben elkaar beter leren begrijpen en inzichten gedeeld over de realiteit in elkaars regio’s. Hun discussie weerspiegelt een generatie die kritisch is maar niet cynisch, bezorgd maar ook hoopvol. Objectief gekeken tonen deze studenten dat de Europese identiteit van hun generatie wordt gesmeed in dialoog en gedeelde ervaringen. Ze vertrekken met de afspraak om in contact te blijven en hun ideeën verder te verspreiden. Uiteindelijk overheerst het gevoel dat de toekomst van Europa niet louter wordt bepaald in parlementen of beleidsstukken, maar ook rond tafels zoals deze – waar jongeren van uiteenlopende afkomst met elkaar praten in confrontatie me de journalisten die via het Europees cohesiefonds alhier zijn gekomen. Het krachtige slotakkoord van de bijeenkomst is een gedeeld inzicht: samenwerking en wederzijds begrip zijn essentieel om de uitdagingen van morgen aan te gaan. Die namiddag op Sicilië is misschien voorbij, maar voor deze jonge Europeanen voelt het als een begin van iets groters, zo ook wij als journalisten, wij voelen het ook.