Kinderen naar Sachalin, toeristen naar Mariupol: de nieuwe realiteit van bezet Oekraïne

27 november 2025

Programma’s voor kinderen als instrument van controle

Niet zo ver van de frontlijn zet Rusland gerichte programma’s in om kinderen uit bezette gebieden naar het eigen grondgebied te halen. Onder de naam “University Shifts” reizen tieners uit onder meer Shakhtarsk, in de bezette oblast Donetsk, naar universiteitscampussen in Rusland. Begin november kwamen dertig leerlingen uit de hoogste klassen aan op het verre Sachalin. Daar volgen ze onder meer lessen, maken ze kennis met de lokale cultuur en ontmoeten ze docenten van de staatsuniversiteit. Op Russische televisie vertelden sommigen dat ze hun toekomst op het eiland zien. Veel deelnemers zijn actief in pro-Kremlin jongerenorganisaties zoals “Movement of the First” of zijn kinderen van Russische veteranen die in Oekraïne gevochten hebben. Het programma is erop gericht om jongeren langdurig aan Rusland te binden en hen toe te leiden naar Russische opleidingen en een latere loopbaan op Russische bodem, terwijl hun band met Oekraïne verzwakt.

Patronage tussen Russische regio’s en bezette gebieden

Naast federale initiatieven spelen ook Russische regio’s een rol in het weghalen van Oekraïense kinderen uit de bezette gebieden. De gouverneur van de oblast Jaroslavl, Michail Evraev, meldde dat tegen eind 2025 ongeveer vierhonderd kinderen uit het bezette deel van de oblast Zaporizja daar op “vakantie” zijn geweest. Jaroslavl is door Moskou formeel aangewezen als “patroonregio” voor Zaporizja. Via die band organiseren lokale autoriteiten kampen en uitwisselingen die er in de praktijk toe leiden dat kinderen zich langere tijd in Rusland bevinden, intensief worden blootgesteld aan Russische symbolen en netwerken opbouwen die toekomstig vertrek uit Oekraïne kunnen vergemakkelijken. Op die manier verschuift een deel van de volgende generatie stap voor stap richting Russische instellingen en arbeidsmarkt.

Medische nood en nieuwe wet op jonge artsen

In de bezette gebieden zelf groeit intussen een ernstige crisis in de gezondheidszorg. In het bezette deel van de oblast Cherson was in april 2025 nog maar ongeveer veertig procent van de artsenplaatsen ingevuld. In de oblast Loehansk beschrijven inwoners een situatie waarin zelfs eenvoudige operaties in sommige ziekenhuizen niet meer kunnen worden uitgevoerd door het tekort aan gekwalificeerd personeel en geneesmiddelen. Daarbovenop zijn er meldingen van een tuberculose-uitbraak.

Moskou probeert die tekorten op te vangen door artsen uit Rusland te lokken. In mei 2025 werkte het Russische ministerie van Volksgezondheid een wet uit die afgestudeerde artsen verplicht drie jaar onder begeleiding te werken in ziekenhuizen of klinieken. Wie weigert, riskeert een boete die een veelvoud van het inschrijvingsgeld bedraagt. President Vladimir Poetin ondertekende de wet op “mentorschap in de gezondheidszorg” op 17 november 2025. Bezettingsbesturen in onder meer Zaporizja en Loehansk bieden daarnaast goedkope of gerenoveerde woningen aan om artsen aan te trekken. Er loopt ook een programma onder de naam “Zemskyi Doktor”, dat hogere lonen in de bezette gebieden in het vooruitzicht stelt dan in veel regio’s binnen Rusland zelf.

Omdat de maatregelen weinig effect hebben, werd de wet kort nadien aangepast. Voor sommige specialismen, zoals chirurgie, oncologie en neonatologie, blijft een verplicht traject van meerdere jaren gelden, maar afgestudeerden die kiezen voor een baan in bezet Donetsk, Loehansk, Cherson of Zaporizja hoeven nog maar één jaar verplichte werktijd te vervullen. De bezette gebieden worden zo gepresenteerd als een snelle route richting volwaardige registratie als arts. De kans is groot dat dit vooral jonge en minder ervaren artsen aantrekt, terwijl de tekorten aan doorgewinterde specialisten in de bezette regio’s blijven aanhouden. Daarmee rijst de vraag in welke mate Rusland voldoet aan de verplichtingen uit het Verdrag van Genève inzake de bescherming van burgers, dat bezettende machten opdraagt de bevolking te voorzien van voedsel en medische zorg.

Corruptie in de Krim en druk op dissidenten

Dat de bezettingsstructuren ook kansen scheppen voor persoonlijk gewin, blijkt uit recente arrestaties op de Krim. De adviseur van de bezettingsregering in de Krim, Olga Koerlaeva, maakte bekend dat de Russische veiligheidsdiensten de plaatsvervangend burgemeester van Jalta, Irina Belomestnova, hebben aangehouden. Zij wordt verdacht van het aannemen van een smeergeld van 2,5 miljoen roebel in ruil voor het ondertekenen van valse documenten rond de renovatie van een onderwijsinstelling.

Enkele dagen later volgden arrestaties in de top van het regionale veiligheidsapparaat: het hoofd van de afdeling cybercriminaliteit, zijn plaatsvervanger en een medewerker van het regionale onderzoekskomitee worden in verband gebracht met een afpersingszaak rond cryptomunten. De lokale politicus Stepan Kiskin, zelf actief binnen de bezettingsstructuren, reageerde met de uitspraak dat het om “weer een mislukking in de volledige binnenlandse beleidslijn” van de Krim gaat en riep Sergej Aksjonov, hoofd van de bezettingsadministratie, op om de volledige ploeg te vernieuwen. De ontwikkelingen sluiten aan bij eerdere beschuldigingen dat ook Denis Poesjilin, het hoofd van de bezettingsadministratie in de zelfverklaarde “Volksrepubliek Donetsk”, betrokken is bij corruptie rond heropbouwprojecten in Mariupol.

Tegelijkertijd blijven de bezettingsautoriteiten hard optreden tegen inwoners die als “ontrouw” worden gezien. In Loehansk en de oblast Cherson veroordeelden bezettingsrechtbanken recent twee jonge mannen van twintig en vijfentwintig jaar tot respectievelijk twaalf en veertien jaar cel wegens “spionage”. In beide gevallen ging het om beschuldigingen dat zij informatie aan de Oekraïense veiligheidsdiensten zouden hebben doorgegeven, onder meer via berichten op sociale media met een Oekraïense invalshoek. De drempel om langdurige straffen op te leggen voor zulke feiten is de voorbije jaren duidelijk gedaald.

Toeristische plannen in Mariupol en stijgende vastgoedprijzen

Terwijl een groot deel van de infrastructuur in de bezette gebieden nog in puin ligt, profileert Moskou zich naar binnenlands publiek als bouwheer van een nieuw toeristisch gebied aan de Zee van Azov. Zakenman Ivan Bogatov, eigenaar van de Russische Dobro Group, verklaarde dat Mariupol in de statistieken bovenaan staat wat betreft nieuwbouw en stijgende vastgoedprijzen. Volgens hem steeg de prijs per vierkante meter in Mariupol in korte tijd van ongeveer 110.000 roebel naar ongeveer 200.000 roebel. In de rest van de bezette oblast Donetsk zouden de prijzen in een jaar met een kwart zijn toegenomen.

Bogatov stelt dat er in de bezette oblast Donetsk ruim 270.000 vierkante meter aan nieuwbouw in uitvoering is en in de oblast Loehansk ongeveer 170.000 vierkante meter. In zijn woorden moet Mariupol uitgroeien tot een soort nieuw badoord naar het voorbeeld van de Russische kustplaats Gelendzjik. Daarmee kijkt Moskou vooruit naar mogelijke inkomsten uit binnenlands toerisme en verhuizing van Russische burgers naar het bezette gebied, terwijl het front op enkele tientallen kilometers afstand nog dagelijks slachtoffers maakt.

Trage Russische opmars rond Pokrovsk en Myrnohrad

Op militair vlak is de Russische strategie er al geruime tijd op gericht om de volledige oblast Donetsk onder controle te krijgen. De cijfers op het terrein laten echter een gemengd beeld zien. Russische troepen trokken voor het eerst Pokrovsk binnen op 31 juli 2025. Sindsdien schuiven ze in dat gebied gemiddeld slechts ongeveer twaalf centimeter per dag op. Na ruim 118 dagen controleert Rusland volgens beschikbare veldgegevens ongeveer twee derde van het stadsgebied, ondanks de inzet van onderdelen van minstens twee gecombineerde legerkorpsen.

Tussen 15 augustus en 20 november 2025 nam de totale door Rusland veroverde oppervlakte aan het front toe met gemiddeld 9,3 vierkante kilometer per dag. Dat gemiddelde wordt echter omhoog getrokken door sommige sectoren in de oblasten Dnipro en Zaporizja, waar de omstandigheden en de Oekraïense verdediging anders liggen. In Donetsk blijft het tempo dichter bij stapvoets. Bij een gelijkblijvend tempo zou het in theorie tot de zomer van 2027 kunnen duren voor Rusland de resterende door Oekraïne gecontroleerde delen van de oblast Donetsk verovert.

Rond Pokrovsk voerde Oekraïne de voorbije dagen gerichte tegenaanvallen uit. Oekraïense eenheden melden terreinwinst in het noordwesten en westen van de stad en langs de spoorlijn Donetska, die een belangrijke rol speelt in de bevoorrading. Tegelijk is er bewijs dat Russische troepen posities innemen in het noordoosten van de stad. Ten oosten van Pokrovsk probeert Rusland de kleinere stad Myrnohrad aan twee kanten te benaderen, via aanvallen vanuit het noorden en zuiden en vanuit nabijgelegen dorpen zoals Rivne en Svitle. Het frontbeeld blijft daar zeer beweeglijk.

Oekraïense tegenacties en de rol van westerse steun

De recente gevechten rond Pokrovsk passen in een bredere strijd die al sinds 2022 ruimschoots heen en weer is gegaan. Oekraïne dwong Rusland die lente tot een terugtocht uit Kiev en andere delen van Noord-Oekraïne en heroverde in het najaar van 2022 grote delen van de oblast Charkiv. Kort daarna volgde de terugtrekking van Russische troepen uit de rechteroever van de oblast Cherson na een gerichte Oekraïense campagne tegen bruggen en logistieke knooppunten. In totaal wist Oekraïne ruim de helft van het gebied terug te nemen dat Rusland sinds februari 2022 bezet had.

Die successen kwamen met hoge kosten, maar dwongen Rusland tot een langdurige stellingenoorlog met beperkte manoeuvreruimte. Russische operaties in de richting van Charkiv en de oblast Sumy in het voorjaar van 2024 en begin 2025 liepen vast op versterkte verdedigingslinies en gerichte tegenaanvallen. Oekraïense officieren wijzen erop dat goed getrainde en voldoende uitgeruste brigades Russisch terreinverlies kunnen stoppen of zelfs terugdraaien. Ze koppelen dat rechtstreeks aan tijdige leveringen van munitie, luchtverdediging en moderne systemen uit het Westen.

Voor mensen van buiten Oekraïne wringt hier een belangrijk punt: terwijl sommige buitenlandse stemmen suggereren dat Kiev best nu al zou instemmen met een vredesregeling uit vrees voor een slechter uitgangspunt, tonen de cijfers aan het front dat Russische doorbraken verre van zeker zijn.

Frontlijn van Sumy tot Hulyaipole

Aan de noordelijke grens, in de oblast Sumy, probeert Rusland een veiligheidszone uit te bouwen. Russische troepen vallen aan rond plaatsen als Andriivka, Varachyne en Yunakivka en zetten drones in tegen bruggen en overgangen om Oekraïense bevoorrading te hinderen. Reservisten en vrijwilligersformaties in de oblast Belgorod, zoals BARS-eenheden en lokale “zelfverdedigingsdetachementen”, kregen recent artilleriestukken, elektronische oorlogssystemen en terreinwagens. Dat type uitrusting wijst erop dat Moskou deze reservisten niet alleen aan de eigen grens wil laten patrouilleren, maar ook wil voorbereiden op inzet als fronttroepen.

In de oblast Charkiv zetten Russische eenheden rond Vovtsjansk en verder naar het zuiden vooral infanterie in, vaak bestaande uit voormalige gevangenen. Een Oekraïense brigadewoordvoerder meldde dat groot opgezette pantseraanvallen in die sector sinds het voorjaar nagenoeg verdwenen zijn en plaats hebben gemaakt voor kleinere groepjes soldaten die met hulp van drones vooruit proberen te komen. Vergelijkbare tactieken duiken op in de omgeving van Lyman, waar Oekraïense bronnen spreken over slecht uitgeruste stormtroepen zonder kogelvrije vesten, terwijl beter uitgeruste speciale eenheden op de achtergrond opereren.

Verder naar het zuiden, bij de stad Hulyaipole in de oblast Zaporizja, claimen Russische milbloggers stap voor stap terreinwinst. Oekraïense bevelhebbers in het gebied schetsen een minder gunstig beeld voor Rusland. Zij stellen dat Oekraïense eenheden zich bij Vysoke hebben teruggetrokken naar gunstiger posities, maar nog steeds vrije aan- en afvoer hebben en dat Russische troepen daar dagelijks honderden verliezen lijden. Beide kampen gebruiken zware bommen, thermobarische systemen en een groeiend aantal drones. Oekraïne meldde zelf een opmars tot aan de regionale weg T-0401 ten westen van Danylivka, wat de druk op de Russische logistiek in die sector verhoogt.

In West-Zaporizja beschrijven Russische bronnen de situatie van minstens één eigen bataljon als “praktisch weggevaagd”, met slechts een kern van officieren en onderofficieren die de restanten bijeenhouden. Tegelijk zetten Russische troepen er nieuwe hulpmiddelen in, zoals Molniya-drones die als platform dienen om kleinere eerste-persoonsdrones met explosieven te lanceren.

Burgerdoden door langdurige raket- en dronecampagne

De burgerbevolking betaalt intussen een hoge prijs voor de Russische strategie van langdurige aanvallen met raketten en drones op infrastructuur en steden ver achter de frontlijn. Volgens cijfers van het mensenrechtenkantoor van de Verenigde Naties kwamen van januari tot en met oktober 2025 zeker 548 burgers om door dergelijke aanvallen en raakten 3.592 mensen gewond. Dat is een duidelijke stijging ten opzichte van dezelfde periode in 2024, toen 434 doden en 2.045 gewonden werden geregistreerd.

In 2025 voerde Rusland minstens vijftien grootschalige golfaanvallen uit met telkens meer dan vijfhonderd wapens, waaronder kruisraketten en een groot aantal drones. Op 7 september 2025 werden in één etmaal zelfs 823 projectielen en drones ingezet. In Kyiv lagen de totale aantallen slachtoffers door langeafstandswapens in de eerste tien maanden van 2025 ongeveer vier keer hoger dan in heel 2024. Ook steden als Dnipro en Zaporizja kregen zwaardere klappen. De reeks aanvallen is erop gericht de bevolking angstig en uitgeput te maken en tegelijk de energievoorziening te ontwrichten.

Oekraïense aanvallen op militaire doelen en commandoposten

Tegelijk slaat Oekraïne terug tegen doelen die rechtstreeks met de Russische oorlogsinspanningen te maken hebben. In de nacht van 25 op 26 november trof een Oekraïense drone een fabriek van VNIIR-Progress in de stad Tsjeboksary in Rusland. De fabriek produceert navigatiecomponenten voor Shahed-drones, Iskander-raketten, Kalibr-kruisraketten en geleidingssystemen voor zweefbommen. Videobeelden tonen branden in de buurt van het complex.

In de bezette gebieden meldde de Oekraïense legerleiding onder meer een aanval op een Tor-M1-luchtafweersysteem in Mariupol, op munitiedepots in Otsjeretyne en Kamjanka en op een commandopost van een onderdeel van het 58ste Russische leger in Vasylivka, ten zuiden van Zaporizja-stad. Dergelijke aanvallen moeten het Russische vermogen aantasten om de fronttroepen te bevoorraden en belangrijke doelwitten te beschermen.

Moeizame vooruitzichten voor onderhandelingen

Terwijl de strijd op de grond voortduurt, blijft het politieke spel rond mogelijke onderhandelingen bijzonder stroef. Een hoge Amerikaanse militair waarschuwde recent dat Rusland de oorlog nog lang kan voortzetten en dat Oekraïne wellicht ooit vanuit een zwakkere positie om vrede zal moeten vragen, als er geen politieke oplossing komt. Moskou speelt al langer in op het beeld van een uiteindelijk onvermijdelijke Russische overwinning, onder meer in het kader van een zogenoemd 28-puntenplan dat in buitenlandse media opdook.

Tegelijk sluiten invloedrijke figuren in Moskou elke echte compromisformule af. Vice-minister van Buitenlandse Zaken Sergej Rjabkov verklaarde dat er “geen sprake kan zijn van concessies” over de kernpunten van het Russische standpunt en dat Rusland zijn doelstellingen desnoods met langdurige strijd zal proberen te bereiken. Uit een uitgelekt gesprek tussen presidentieel adviseur Joeri Oesjakov en onderhandelaar Kirill Dmitriev blijkt hoezeer de Russische leiding erop aandringt dat elk vredesvoorstel in feite alle Russische eisen moet weerspiegelen. De woordvoerder van het Kremlin, Dmitri Peskov, noemde het onlangs “te vroeg” om te stellen dat een akkoord dichtbij is.

Voor de internationale diplomatie is dat een duidelijk signaal: Rusland wil een deal presenteren als resultaat van zogenaamd wederzijds overleg, maar weigert tot nu toe iedere regeling die afwijkt van de eigen maximale territoriale en politieke eisen.

Belarus (Wit-Rusland) blijft dicht bij Moskou

In deze evolutie speelt Belarus (Wit-Rusland) een eigen rol. President Aleksandr Loekasjenko ontmoette Vladimir Poetin op 26 november 2025 tijdens een top van de Collectieve Veiligheidsverdragsorganisatie in Bisjkek. Loekasjenko onderstreepte daar nogmaals de nauwe band tussen Minsk en Moskou en stelde voor om eventueel onderhandelingen tussen Rusland en Oekraïne in de hoofdstad van Belarus (Wit-Rusland) te houden.

Tegelijk blijft Belarus (Wit-Rusland) zijn militaire infrastructuur met hulp van Rusland uitbreiden. Zo ontving het land op 25 november bijkomende Tor-M2-luchtafweersystemen. Analisten zien daarin een verdere stap in de geleidelijke inbedding van Belarus (Wit-Rusland) in een gemeenschappelijk militair kader met Rusland, waarbij de ruimte voor een eigen koers steeds kleiner wordt. Voor Oekraïne betekent dit dat het ook in het noorden rekening moet blijven houden met militaire druk en luchtdreiging vanuit Belarussisch (Wit-Russisch) grondgebied.

In de bezette delen van Oekraïne en langs de frontlijn komen meerdere lijnen samen: deportatie van kinderen, reorganisatie van het zorgsysteem, stevige strafrechtelijke repressie, bouwprojecten die vooral Russische belangen dienen, een trage maar aanhoudende militaire opmars en een diplomatieke lijn die weinig ruimte laat voor een duurzaam compromis. Voor wie de oorlog vanop afstand volgt, blijft de vraag hoe lang bevolking en strijdkrachten dit tempo en dit patroon nog kunnen dragen.

Bronnen:
Institute for the Study of War
Officiële Oekraïense militaire berichtgeving
Officiële Russische verklaringen en bezettingsadministraties
Verenigde Naties – Human Rights Monitoring Mission in Ukraine
Regionale en lokale meldingen uit bezette gebieden

Andy Vermaut +32499357495 (Als je een probleem hebt met de inhoud van een artikel, kan je me altijd mailen op info@indegazette.be – best zo weinig mogelijk mensen in cc zetten, want anders komt dit in de spamfilter terecht. Voor elk artikel geldt een recht op antwoord van betrokkenen tot 3 maanden na publicatie van het artikel)