Peilbesluit De Blankaart kan landbouwers in Diksmuide rechtstreeks raken

25 mei 2026

Landbouwers in en rond het Blankaartgebied krijgen tot dinsdag 14 juli 2026 de kans om te reageren op het ontwerp van peilbesluit voor De Blankaart. Dat besluit moet vastleggen hoe het waterpeil in vijf deelgebieden wordt beheerd. Voor landbouwers in Diksmuide is dat geen klein technisch dossier. Het gaat over de vraag hoe nat of droog percelen mogen worden, wanneer gronden bewerkbaar blijven, hoe water wordt vastgehouden en hoe men tegelijk wateroverlast en droogteschade probeert te vermijden.

Openbaar onderzoek loopt tot 14 juli 2026

Het openbaar onderzoek over het ontwerp van peilbesluit De Blankaart loopt van vrijdag 15 mei 2026 tot en met dinsdag 14 juli 2026. In die periode kunnen inwoners, landbouwers, eigenaars, gebruikers en andere betrokkenen het dossier inkijken en opmerkingen indienen. Het dossier kan worden geraadpleegd bij de dienst Ruimtelijke ordening in het administratief centrum aan Heernisse 6 in Diksmuide. Dat kan tijdens de openingsuren, elke werkdag van 9 uur tot 12 uur, op dinsdagavond van 16 uur tot 19 uur en op woensdagnamiddag van 14 uur tot 17 uur. De documenten zijn ook online beschikbaar via de Vlaamse Milieumaatschappij en via de website van Stad Diksmuide. Opmerkingen moeten uiterlijk op dinsdag 14 juli 2026 schriftelijk worden bezorgd aan het college van burgemeester en schepenen, Grote Markt 6 in Diksmuide, of via het online formulier op de website van de Vlaamse Milieumaatschappij.

Vijf peilzones in één gevoelig gebied

Het ontwerp van peilbesluit heeft betrekking op vijf peilzones in het Blankaartgebied. Het gaat om De Blankaartvijver, Woumen- en Merkembroek, Engelendelft, Binnengebied Winterdijk en Walevaart. Elk van die zones heeft een eigen functie, eigen waterhuishouding en eigen gevoeligheden. De Blankaartvijver en Woumen- en Merkembroek zijn vooral belangrijk voor natuur, waterberging en de ecologische doelstellingen in het gebied. Engelendelft, Binnengebied Winterdijk en Walevaart zijn dan weer zones waar landbouw een centrale rol speelt. Net daarom is het peilbesluit voor landbouwers niet alleen een zaak van natuurbeheer, maar ook van bedrijfszekerheid. De kern van het ontwerp is dat waterpeilen niet langer alleen via losse afspraken of operationele keuzes worden beheerd, maar binnen vastgelegde marges. Die marges moeten aangeven welk peil wordt nagestreefd, wanneer er mag worden afgeweken en hoe waterbeheerders rekening houden met neerslag, droogte, waterveiligheid, natuur en landbouw.

Landbouw blijft belangrijk in drie zones

Voor landbouwers is vooral de situatie in Engelendelft, Binnengebied Winterdijk en Walevaart belangrijk. In die drie zones is landbouw de belangrijkste vorm van landgebruik. Het ontwerp stelt dat de peilen daar in de mate van het mogelijke worden ingesteld in functie van de landbouwdoelstellingen. Dat betekent dat de overheid erkent dat akkerbouw, graslandbeheer, maaien, begrazing en de bewerkbaarheid van gronden in die zones niet zomaar bijkomstig zijn. Het peilbeheer moet daar rekening mee houden. In het Binnengebied Winterdijk ligt de nadruk op landbouwbestemming. De bedoeling is om de waterpeilen daar niet te hoog te laten komen, zodat akkerbouw jaarrond mogelijk blijft. Tegelijk wil men water niet te snel afvoeren, omdat droogte in droge periodes voor landbouwers evenzeer schade kan veroorzaken. In Engelendelft zijn landbouwbehoeften vooral in het voorjaar en de warmere maanden sturend. Daar wil men zowel wateroverlast als watertekort vermijden. Het streefdoel is een stabiel peil waarbij landbouwgronden voldoende droog blijven om te bewerken, maar waarbij er ook genoeg water beschikbaar blijft om opbrengstverlies door droogte te vermijden. Voor Walevaart liggen de doelstellingen in dezelfde lijn als bij Engelendelft. Daar wordt een gelijkmatiger peil nagestreefd, onder meer omdat de infrastructuur voor peilregeling er anders is uitgebouwd.

Waar kan de impact het grootst zijn?

De plan-MER-screening verwijst naar een landbouwimpactstudie. Die studie geeft aan dat de mogelijke impact voor landbouwers vooral kan spelen in het noorden, oosten en zuiden van het studiegebied. Daarbij worden de peilzones Walevaart, Engelendelft en Binnengebied Winterdijk genoemd. Dat is belangrijk. De officiële documenten stellen dat er geen aanzienlijk negatief effect op landbouwgebruik wordt verwacht, omdat de peilen in deze landbouwzones zoveel mogelijk worden afgestemd op landbouw. Tegelijk toont de landbouwimpactstudie dat sommige zones wel gevoeliger zijn voor wijzigingen in het peilbeheer. Die twee zaken spreken elkaar niet noodzakelijk tegen, maar ze tonen wel waarom het openbaar onderzoek van belang is. Op papier kan een peilbeheer landbouwvriendelijk zijn uitgewerkt, terwijl individuele percelen in de praktijk toch problemen kunnen ondervinden. Een perceel dat laag ligt, slecht afwatert of alleen in bepaalde periodes bereikbaar is met zware machines, kan sneller hinder ondervinden dan een perceel dat hoger of droger ligt.

Maaien, ploegen en berijden van percelen

Voor landbouwers gaat het peilbesluit niet alleen over waterstanden op een kaart. Het gaat over het dagelijkse werk op het veld. Wanneer een perceel te nat blijft, kan maaien later moeten gebeuren. Machines kunnen sporen trekken of wegzakken. Het risico op bodemverdichting stijgt. Bij akkers kan een natte bodem het zaaien, planten, oogsten of bewerken van de grond bemoeilijken. Voor graslanden kan een hoger peil gevolgen hebben voor het tijdstip waarop men kan maaien of beweiden. Voor akkerbouwers kan het verschil tussen een bewerkbaar en een onwerkbaar perceel soms afhangen van enkele centimeters grondwaterstand en enkele dagen droog weer. Daarom is het voor landbouwers belangrijk om niet alleen te kijken naar de algemene uitleg over de peilzones, maar ook naar de concrete ligging van hun eigen percelen. Vooral percelen langs waterlopen, lager gelegen gronden en percelen met bestaande afwateringsproblemen verdienen aandacht.

Water vasthouden tegen droogte

Het dossier draait niet alleen rond het vermijden van te natte gronden. Een belangrijk doel van het peilbesluit is ook het langer vasthouden van water. Dat is belangrijk omdat droge periodes steeds vaker voor schade zorgen aan landbouw, natuur en drinkwatervoorziening. Voor landbouwers kan dat ook voordelen hebben. Wanneer water in het gebied te snel wordt afgevoerd, kunnen graslanden en akkers later in het jaar sneller uitdrogen. Een doordacht peilbeheer kan helpen om water beschikbaar te houden in periodes waarin neerslag uitblijft. Het moeilijke evenwicht zit precies daar. Te veel water op het verkeerde moment kan landbouwgronden onbruikbaar maken. Te weinig water in droge periodes kan opbrengstverlies veroorzaken. Het peilbesluit probeert die twee risico’s samen te bekijken.

Natuurdoelen blijven zwaar doorwegen

De Blankaart is geen gewoon landbouwgebied. Het gebied heeft ook belangrijke natuurwaarden. Delen van het gebied zijn verbonden met Europese natuurdoelstellingen, onder meer voor vogels en natte natuur. Daardoor blijft natuurbeheer een belangrijke factor in het peilbesluit. In de zones De Blankaartvijver en Woumen- en Merkembroek worden de peilen vooral afgestemd op natuurdoelen. Toch blijft landbouw ook daar aanwezig, vooral via graslandgebruik en aangepast beheer. Dat betekent dat landbouwers die in of nabij die zones actief zijn, extra goed moeten nagaan welke gebruiksvoorwaarden en peilafspraken voor hun percelen gelden. Het spanningsveld is niet nieuw. In het Blankaartgebied bestaan al langer afspraken over waterbeheer tussen de betrokken actoren. Die afspraken maken deel uit van het raamakkoord De Blankaart. Het nieuwe peilbesluit moet die afspraken nu vertalen naar een formeler kader.

Waterveiligheid blijft een tweede groot luik

Naast landbouw en natuur speelt ook waterveiligheid een grote rol. Het Blankaartgebied ligt in een watergevoelige regio. Bij hevige of langdurige neerslag kan het gebied een rol spelen in waterberging en afvoer. Het ontwerp houdt daarom rekening met de mogelijkheid om peilen tijdelijk te verlagen wanneer er veel neerslag wordt verwacht. Zo kan extra bufferruimte ontstaan. Dat moet helpen om wateroverlast te beperken. Voor landbouwers is vooral de vraag belangrijk hoe snel en hoe voorspelbaar zulke ingrepen gebeuren. Wanneer peilen te laat worden aangepast, kunnen percelen te nat blijven. Wanneer te vroeg of te sterk wordt afgevoerd, kan dat later droogteschade versterken. De operationele sturing van het systeem wordt dus minstens even belangrijk als de peilen die op papier staan.

Geen volledig automatisch systeem

Het ontwerp werkt met peilmarges en operationele beslissingen. Er is geen volledig automatisch systeem waarbij één vaste neerslagdrempel altijd tot dezelfde actie leidt. Waterbeheerders houden rekening met weersvoorspellingen, actuele waterstanden, terreincondities en de functies in het gebied. Dat biedt ruimte voor maatwerk, maar het vraagt ook vertrouwen. Landbouwers zullen willen weten wie beslist, wanneer wordt ingegrepen, hoe zij worden geïnformeerd en hoe hun schade of hinder wordt vermeden. In een gebied waar natuur, landbouw, waterwinning en veiligheid samenkomen, is communicatie geen detail.

Waarom landbouwers best reageren

Het openbaar onderzoek is het moment waarop landbouwers concrete bezwaren, opmerkingen of vragen kunnen indienen. Algemene ongerustheid is begrijpelijk, maar het sterkst zijn reacties die duidelijk aangeven over welk perceel het gaat en welk probleem men verwacht. Een landbouwer kan bijvoorbeeld aangeven dat een perceel al vaak te nat staat, dat maaien in bepaalde jaren pas laat mogelijk was, dat machines moeilijk op het land raken, dat drainage niet goed werkt of dat een bepaalde waterstand in het verleden schade heeft veroorzaakt. Ook informatie over teelten, graslandbeheer, beweiding, oogstmomenten en bereikbaarheid kan relevant zijn. Hoe concreter de reactie, hoe moeilijker ze kan worden genegeerd. Een opmerking die verwijst naar een exact perceel, een bestaande situatie en een praktisch gevolg voor de bedrijfsvoering heeft veel gewicht in een openbaar onderzoek.

Belang voor Diksmuide

Voor Diksmuide raakt dit dossier aan veel belangen tegelijk. De stad ligt in een regio waar waterbeheer altijd een bepalende factor is geweest voor wonen, landbouw, natuur en veiligheid. De Blankaart is bovendien een herkenbaar gebied met grote waarde voor natuur, water en landschap, maar ook met gronden waarop landbouwers werken en investeren. Het debat mag daarom niet worden herleid tot natuur tegenover landbouw. De echte vraag is hoe het peilbeheer zo wordt geregeld dat landbouwers rechtszekerheid krijgen, natuurdoelen haalbaar blijven en wateroverlast of droogte niet worden doorgeschoven naar één groep. Voor landbouwers is het vooral belangrijk dat het peilbesluit niet alleen klopt in modellen en plannen, maar ook op het terrein. Een veld dat te nat blijft, een maaibeurt die niet kan doorgaan of een akker die te laat bewerkbaar wordt, zijn geen abstracte effecten. Dat zijn rechtstreekse gevolgen voor inkomen, planning en bedrijfsvoering.

Een dossier dat om precisie vraagt

Het ontwerp van peilbesluit De Blankaart wil afspraken vastleggen over waterpeilen in een gebied waar elke centimeter telt. Voor landbouwers in Diksmuide kan dat bescherming bieden tegen droogte en wateroverlast, maar het kan ook vragen oproepen over natte gronden, gebruiksbeperkingen en de praktische uitvoering van het peilbeheer. Daarom is het openbaar onderzoek tot dinsdag 14 juli 2026 belangrijk. Wie in of nabij het gebied landbouwgrond gebruikt, doet er goed aan het dossier nu te bekijken. Niet algemeen, maar perceel per perceel. Het Blankaartgebied is te belangrijk om pas achteraf vast te stellen dat een peil op papier anders uitpakt op het veld.

Bronnen:
Stad Diksmuide, openbaar onderzoek peilbesluit De Blankaart
Vlaamse Milieumaatschappij, ontwerp peilbesluit De Blankaart
Vlaamse Milieumaatschappij, korte samenvatting ontwerp peilbesluit De Blankaart
Plan-MER-screening inclusief passende beoordeling en verscherpte natuurtoets bij het ontwerp peilbesluit De Blankaart
Raamakkoord De Blankaart en bestaande afspraken over peilbeheer

Andy Vermaut +32499357495 (Als je een probleem hebt met de inhoud van een artikel, kan je me altijd mailen op info@indegazette.be – best zo weinig mogelijk mensen in cc zetten, want anders komt dit in de spamfilter terecht. Voor elk artikel geldt een recht op antwoord van betrokkenen tot 3 maanden na publicatie van het artikel. AI wordt gebruikt als redactioneel hulpmiddel. De journalist controleerde de inhoud en feiten.)