Peter Bossu waarschuwt voor waterbommen in Diksmuide

© Foto Kurt bvba
0475 / 75 39 89
051 / 72 67 39
info@fotokurt.be
www.fotokurt.be
Foto Kurt Desplenter ontvangen via Peter Bossu
26 oktober 2025
Het stadsbestuur van Diksmuide presenteerde op 15 oktober het meerjarenplan. Daarin ontbreekt nog aandacht voor waterveiligheid, ondanks de kwetsbare ligging van de regio. Peter Bossu pleit voor aanpassingen voordat het plan definitief naar de gemeenteraad gaat. Hij baseert zich op recente inzichten over extreme regenval.
Wat als de waterbom valt?
Extreme regenval neemt toe door klimaatverandering. Warme lucht houdt meer vocht vast, tot zeven procent extra per graad stijging. Als die lucht afkoelt, valt het water in korte tijd neer. Verstoorde stromingen laten buien langer hangen. Rivieren en riolen raken overbelast. Dat leidt tot overstromingen. Een studie naar risicogebieden en noodmaatregelen is dringend nodig. Peter Bossu keek naar data van de Zuidijzerpolder voor Diksmuide.
Waterveiligheid in Diksmuide
Bij regenval zoals in Wallonië in 2021 zou de schade in het IJzerbekken oplopen tot 73 miljoen euro. Meer dan 60 vierkante kilometer land zou onder water staan. Dat blijkt uit een rapport van De Vlaamse Waterweg, op vraag van voormalig minister Lydia Peeters van Open VLD. Ze koos voor een vooruitziende aanpak.
Het rapport bekijkt zeven rivierbekkens. Twee scenario’s: 107 millimeter in 48 uur, zoals in het Demerbekken, en 230 millimeter, zoals in de Vesdervallei. Voor het IJzerbekken, dat de Westhoek dekt, voorspelt het 12 miljoen euro schade bij het eerste scenario. Bij het tweede wordt dat 71 tot 73 miljoen. Onder water: tot 32,9 vierkante kilometer bij minder regen, 60,1 bij meer. Alveringem en Diksmuide lijden het meest.
De aanvraag kwam van Alveringem en de Zuidijzerpolder. Pieter-Jan Taillieu, griffier van de Zuidijzerpolder, noemt de overstromingen van november 2021 mild vergeleken met Spa. Toen viel 80 millimeter in 72 uur. Hij houdt zich bezig met het waterpeil van de IJzer. De studie opent zijn ogen. Een piek van 110 kubieke meter per seconde in Roesbrugge was hoog, maar extreem weer kan 138 bereiken. Beschermingswerken zijn daar niet op berekend. Ze moeten hoger.
Bij zware regenval raakt het gebied stroomafwaarts van Fintele onder druk. Het Blankaartgebied vult zich, met weinig woningen. Dan verschuift de druk naar industriegebied Heernisse en de monding van de Handzamevaart in het centrum van Diksmuide. Overstromingen in het centrum volgen. Schade stijgt snel.

Lessen uit het verleden
De overstroming van 2021 en het rapport tonen het belang van de IJzer- en Handzamevallei als buffer. De broeken, gras- en hooilanden, vangen water op in de winter. Dat beperkt schade. In 2005 viel 130 millimeter in 24 uur, zoals een kleiner scenario. De vallei ving 33 vierkante kilometer op. Bij een groot scenario is 60 vierkante kilometer nodig, zonder bebouwing. Dat bestaat nu niet. Een noodplan is essentieel. Werk uit hoe water langs de linkeroever van de IJzer te bergen, met infrastructuur.
Sommige politici vinden de studie overdreven. Alertheid volstaat volgens hen. Peter Bossu denkt anders. Plannen maken beperkt risico’s. Het extreme komt ooit, binnen maanden of jaren. Het beleid moet nu handelen. Bekijk het IJzerbekken als een geheel. De IJzer en Handzamevaart als hoofdaders, kleine beken als zijaders. Behoud ze, bouw niet bij, herstel waar nodig. Het noodplan langs de linkeroever sluit af. Bereid je voor op het ergste, in de hoop dat het niet komt. Net als een brandverzekering: beter hebben en niet nodig, dan omgekeerd.
Het rapport staat online: https://www.vlaamsewaterweg.be/sites/default/files/download/wat-als_analyse_simulatie_vlaanderen_-_rapport.pdf.
Dringende ingreep nodig
In 2021 was industriegebied Heernisse kritiek. Een ramp werd nipt vermeden. Om overstromingen te voorkomen, moet daar een berm of constructie komen. Dat beschermt het terrein en delen van Diksmuide.
Denk na over deze waarschuwing. Wat als zo’n bui hier valt? Het meerjarenplan kan sterker met deze input.
Ook de waterveiligheid ontbreekt in het Diksmuids meerjarenplan
Het stadsbestuur van Diksmuide lanceerde op 15 oktober jl. haar meerjarenplan/beleidsplan. Gezien de watergevoeligheid van onze streek en ook onze stad was het wenselijk daar ook het waterdossier in op te nemen. Dat is vooralsnog nog niet gebeurd. Gezien het stadsbestuur aankondigde nog rekening te houden met opmerkingen en adviezen vooraleer het definitief meerjarenplan aan de gemeenteraad voor te leggen geven we hier een beknopt overzicht van de ontbrekende schakel om te komen tot een duurzame waterveiligheid voor Diksmuide.
Wat als de waterbom valt?
Extreme regenval op korte tijd in een klein gebied, komt steeds vaker voor door de opwarming van de aarde. Warmere lucht kan meer waterdamp vasthouden: per graad stijging ongeveer zeven procent meer. Wanneer die vochtige lucht plots afkoelt, stort de opgebouwde watermassa zich in één keer uit. Daarnaast zorgen verstoorde luchtstromen en trager bewegende weersystemen ervoor dat buien langer boven één plaats blijven hangen. Het resultaat is een geconcentreerde, verwoestende regenval die rivieren en riolen niet kunnen slikken: een waterbom.
Om te weten waar een dergelijke waterbom grote tot catastrofale gevolgen zou hebben in de Westhoek zou er asap een studie moeten uitgevoerd worden naar 1) de risicogebieden en 2) welke nood maatregelen er nu al moeten genomen worden om die grote schade tot een minimum te beperken. Wij maakten, op basis van data van onder meer de Zuidijzerpolder deze oefening voor Diksmuide.

Waterveiligheid in Diksmuide: er ontbreken nog een aantal schakels in de veiligheidsketting
Mocht er in onze regio evenveel regen vallen als tijdens de ‘waterbom’ in Wallonië in de zomer van 2021, dan zou de schade in het IJzerbekken oplopen tot 73 miljoen euro en zou er 60,1 km² land onder water staan. Dat bleek uit een studie die De Vlaamse Waterweg uitvoerde op vraag van voormalig minister Lydia Peeters (Open VLD). De minister getuigde met dit initiatief van ‘voortschrijdend inzicht’, durven onderzoeken wat mogelijk binnen 3 maanden, binnen 3 jaar of binnen 33 jaar kan gebeuren. Ministers en andere politici zouden meer deze reflex moeten hebben.
Met de studie werd voor zeven Vlaamse rivierbekkens een ‘wat als’-scenario in geval van extreme neerslag uitgewerkt. In de analyse worden er twee scenario’s naar voor geschoven: een neerslaghoeveelheid van 107 mm binnen de 48 uur, zoals in het Demerbekken en 230 mm binnen een periode van 48 uur, zoals in de Vesdervallei (Wallonië) in juli 2021.
Een van de zeven rivierbekkens die in de analyse betrokken wordt is dus het IJzerbekken, dat een groot deel van de Westhoek omvat. Het onderzoek concludeert dat in het IJzerbekken er 12 miljoen euro schade zou zijn bij iets als in het Demerscenario 71 tot 73 miljoen euro voor het Spascenario.. Wat de betreft de totale landoppervlakte die onder zou lopen, kwamen de berekeningen op maximum 32,9 km² bij een regenval zoals in de Demervallei en maar liefst 60,1 km² bij een zoals in de Vesdervallei.
Daarbij werd ook onderzocht welke steden en gemeenten het zwaarst te verduren zouden krijgen bij zulke waterbommen. Vooral de streek rond Alveringem en Diksmuide zou op zo’n momenten in de problemen komen. Het waren trouwens de gemeente Alveringem en de Zuidijzerpolder die de aanvraag hebben ingediend om de ‘wat als’-studie uit te voeren.
“Op 29 november hadden we een historische debietpiek van 110 m³ per seconde in Roesbrugge, maar uit de studie blijkt dat dergelijke neerslageventen pieken kunnen genereren van 138 m³ per seconde. Daarop zijn de bestaande beschermingswerken niet voorzien en dat is wel een eyeopener. Bestaande waterkeringswerken moeten dus waarschijnlijk nog verhoogd worden”.
– Pieter-Jan Taillieu, griffier van de Zuidijzerpolder
De overstromingen die eind november 2021 het IJzerbekken troffen, waren volgens Pieter-Jan Taillieu slechts peanuts vergeleken met de waterbom van Spa: ‘toen is er in de Westhoek in 72 uur zowat 80 mm regen gevallen, veel minder dan in Spa’. Pieter-Jan houdt zich al jaren bezig met het waterpeil van de IJzer, maar de nieuwe studie bracht hem toch nieuwe inzichten.
Er is volgens Pieter-Jan ook een verklaring waarom Diksmuide bij een ‘grote’ waterbom veel zwaarder getroffen zou zijn dan bij een ‘kleine’ waterbom. “Bij een grote waterbom zal ook het gebied stroomafwaarts van Fintele onder druk komen te staan. Vervolgens kan het Blankaartgebied zich opvullen, maar daar staan nauwelijks woningen die getroffen kunnen worden en vervolgens zal de druk zich verplaatsen naar het industriegebied Heernisse en de monding van de Handzamevaart in het centrum van Diksmuide. En dan kan je wel degelijk overstromingen hebben in het centrum, waardoor de schade snel kan oplopen’.
De overstroming van november 2021 bewijst samen met de studie nog maar eens dat de overstroombaarheid van de IJzer- en Handzamevallei van levensbelang zijn om vele dorpen, wijken en zelfs stad Diksmuide van regelmatig waterellende te besparen. Dankzij het feit dat de ‘broeken’ nog werken als ‘winterbed’, als overstroombare (vooral) gras- en hooilanden blijft schade aan mens en goederen beperkt.

Een ‘kleine waterbom’ van 107mm in 48 uur zoals in de Demervallei hebben we al eens gehad in 2005 met als grootteorde 130mm in amper 24 u. Tijdens zo’n overstroming komt er 33km² of 3300 ha nodig en dat kan de vallei aan. Hebben we te maken met een ‘grote waterbom’ zoals in de Vespervallei dan hebben we 60km² of 6000 ha overstroombaar gebied nodig waar geen of nauwelijks bebouwing staat. Dat is er op vandaag niet.
Daarom moet er dringend werk gemaakt worden van een noodplan waarbij een scenario uitgewerkt wordt en de nodige infrastructurele ingrepen uitgevoerd om het mogelijk te maken dat er in noodgevallen langs de linkeroever van de IJzer water kan geborgen worden.
Sommige politici vonden dat de studie te veel paniek zaait en dat alert blijven voldoende is. Wij hebben daar een andere mening over. De risico’s beperken en zelfs rampenplannen maak je om op het moment dat het bijna ondenkbare wel gebeurd, klaar te zijn om de gevolgen zo veel mogelijk te beperken. Dat bijna ondenkbare kan binnen een paar maanden of binnen pakweg 20 of 35 jaar gebeuren, maar dat het gaat gebeuren staat vast. Het beleid mag echter geen tijd verliezen en moet daar nu geïntegreerd werk van maken.
Een geïntegreerde visie: het IJzerbekken als een bloedvatenstelsel
In heel dat plan moet het IJzerbekken bekeken worden als een systeem zoals het bloedaderstelstel van een lichaam waarbij zowel de slagaders, zijnde de IJzer en de Handzamevaart, maar ook alle kleine en middelgrote aders, zijnde de kleine beken en beekvalleien behouden, niet meer bebouwd of opgevuld en waar nodig hersteld worden.
Het noodplan om in zeer extreme gevallen snel water te kunnen langs de linkeroever van de IJzer moet het sluitstuk zijn van dat beleid. Goed voorbereid zijn op het extreme, in de hoop dat het zo weinig mogelijk nodig is. Een beetje zoals het principe van een brandverzekering nemen: hopelijk moet je er nooit een beroep op doen, moet je dat echter wel dan is het goud waard er een te hebben en mag je er niet aan hebben dat je er geen had.
Het volledige rapport is te raadplegen via volgende link:
https://www.vlaamsewaterweg.be/sites/default/files/download/wat-als_analyse_simulatie_vlaanderen_-_rapport.pdf
Een dringende, lokale ingreep: het industrieterrein Heernisse
Maar er is ook nood aan een snelle ingreep in een specifieke zone op Diksmuids grondgebied. Tijdens de overstromingen van 2021 was de zone van het industrieterrein Heernisse een zeer kritieke zone. Op het randje werd hier een ramp vermeden. Om in de toekomst overstromingen van het industrieterrein en (een deel) van bewoond Diksmuide te voorkomen, moet in deze zone dringend werk gemaakt worden van een bedijking door een berm of een andere constructie. Het verhogen van de kwartring met 30 cm is een goeie stap, maar ook de zone van de rechteroever van de IJzer van de kwartring stroomafwaarts naar de Handzamevaart moet aangepast/aangepakt worden. Bovendien is een aanpassing in deze, hoe belangrijk ook, ruim onvoldoende bij heel extreme regenval, de zogenaamde ‘waterbom’ zoals hierboven beschreven. Voor dit laatste is een extra buffergebied nodig dat in extreme situaties kan gebruikt worden.
Bronnen
Polderbestuur Zuidijzerpolder
Pieter-Jan Taillieu, voorzitter van de Vlaamse Vereniging van Polders en Wateringen
Natuurpunt, Peter Bossu
Foto Kurt Desplenter en foto’s Andy Vermaut +32499357495


