Film over Daisy brengt Boliviaanse jongeren tot in de SenaaT

3 december 2025
In de Senaat in Brussel stond vandaag de toekomst van jongeren in Bolivia centraal. In Zaal K werd in aanwezigheid van senator Goedele Liekens de kortfilm Daisy getoond, over een jonge vrouw die overdag als huishoudhulp werkt en ‘s avonds studeert. De avant-première, gevolgd door een bezoek aan het parlement en een panelgesprek, gaf een concreet beeld van wat onderwijs kan betekenen voor jongeren die hun leven tegelijk rond werk en studie moeten organiseren.
Film Daisy brengt Bolivia dicht bij Brussel
Om 14.30 uur (uur van vaststelling) werden de genodigden ontvangen aan Leuvenseweg 7 in Brussel, in de gebouwen van de Senaat. De uitnodiging verliep exclusief en op naam; de deelname was gratis maar enkel mogelijk na voorafgaande inschrijving, omdat het aantal plaatsen beperkt was.
Na een korte verwelkoming begon om 14.45 uur (uur van vaststelling) een rondleiding door de Senaat, waarbij senator Goedele Liekens de bezoekers meenam langs enkele vergaderzalen en de werking van het parlement toelichtte. Om 15.15 uur (uur van vaststelling) verzamelden de aanwezigen in Zaal K, waar de kortfilm Daisy op het programma stond.
De film schetste in ongeveer twintig minuten het leven van Daisy, een jonge vrouw uit Bolivia die bij een gezin inwoont, het huishouden runt en tegelijk probeert een diploma te halen. De zaal volgde haar dag van vroeg in de ochtend tot laat in de avond: werken, zorgen, pendelen en daarna nog met volle aandacht in de klas zitten.
Een dag uit het leven van Daisy
In de film is te zien hoe Daisy in de vroege ochtend opstaat, ontbijt met het gezin en om 7.30 uur (uur van vaststelling) klaarstaat wanneer het vervoer voor de deur stopt. Overdag helpt ze in de keuken, doet ze boodschappen, houdt ze het huis draaiende en ondersteunt ze de kinderen die na school thuiskomen. De camera toont hoe zij tussen de middag nog snel een maaltijd deelt met haar werkgever om daarna opnieuw aan de slag te gaan.
Aan het eind van de namiddag, wanneer de kinderen weer thuis zijn en het huishouden op volle toeren draait, begint haar tweede traject. Zodra het werk gedaan is, vertrekt Daisy naar de avondschool. Daar volgt zij een technische opleiding in voeding en horeca bij een Don Bosco-school. De film laat zien hoe zij samen met andere jongeren oefent in de opleidingskeuken, recepten noteert en stap voor stap zelfvertrouwen opbouwt.
Haar verhaal staat voor een brede realiteit in Bolivia, waar een groot deel van de jongeren tussen vijftien en negenentwintig jaar zowel werkt als studeert. Voor wie de gewone lagere of middelbare school niet volledig kon afronden, bestaan trajecten waarbij ze toch een technisch diploma kunnen behalen.
Panel in de Senaat legt de link met het terrein
Na de film startte om 15.50 uur (uur van vaststelling) een panelgesprek. Aan tafel zaten senator Goedele Liekens, Florence Depierreux als directrice van VIA Don Bosco, en Sara Vermeulen, kandidate en getuige van de terreinreis in Bolivia. Het gesprek werd gemodereerd door Jens Vancaneghem, journalist van Het Nieuwsblad.
De sprekers vertrokken vanuit het portret van Daisy en verbreedden naar de situatie van jongeren in Bolivia. Zij schetsten hoe jonge vrouwen vaak lange dagen werken in huishoudens, fabrieken of informele jobs, en ‘s avonds proberen een opleiding af te maken. Daarbij spelen niet alleen armoede en gebrekkige toegang tot onderwijs een rol, maar ook de druk van familie, de zorg voor kinderen en de aantrekkingskracht van sneller geld in de informele economie of zelfs in de drugshandel.
Er kwam ook aandacht voor de weg die jongeren afleggen als ze een opleiding succesvol afronden. Voorbeelden passeerden van oud-studenten die nu een eigen kleine zaak uitbaten, in een garage jongeren opleiden of in een restaurant leiding geven aan een ploeg. Zij tonen dat een diploma niet alleen nieuwe kansen opent voor henzelf, maar ook voor hun kinderen en hun omgeving.
Onderwijs en werk als dubbele opdracht
Tijdens het gesprek werd uitvoerig stilgestaan bij de dubbele belasting voor jongeren in Bolivia. Overdag werken zij om het gezin te helpen rondkomen, ‘s avonds zitten zij in de klas. De docenten kennen die realiteit: ze zien studenten die moe binnenkomen, maar er toch in slagen om tijdens praktijklessen geconcentreerd te blijven.
De panelleden gaven aan hoe belangrijk het is dat opleidingen aansluiten bij het echte leven. In de scholen die werden bezocht tijdens de terreinreis, leren jongeren niet alleen koken of sleutelen aan motoren, maar ook hoe zij hun diensten kunnen aanbieden, een correcte prijs kunnen bepalen en met klanten omgaan. Voor Daisy betekent dat bijvoorbeeld dat ze niet enkel gerechten leert bereiden, maar ook leert hoeveel een portie mag kosten en hoe ze later haar eigen kleine eetzaak zou kunnen uitbouwen.
Er kwamen verhalen aan bod van jongeren die vanuit erg kwetsbare situaties in zo’n traject stappen: meisjes met een verleden van huiselijk geweld, jongeren die de straat kenden als enige houvast, of studenten die als tiener moeder werden en dankzij een crèche op de schoolsite toch konden blijven studeren. De aanwezigen in de Senaat kregen zo een scherp beeld van de inspanningen die nodig zijn om een diploma te halen als de dag al volledig gevuld is met werk.
Ontwikkelingssamenwerking onder financiële druk
Een belangrijk deel van de namiddag ging over de vraag hoe deze opleidingen kunnen blijven bestaan in een periode van dalende budgetten voor ontwikkelingssamenwerking. Florence Depierreux legde uit dat een aanzienlijk deel van de middelen van VIA Don Bosco afkomstig is van overheidssubsidies, aangevuld met giften van particulieren en bedrijven. Vanaf 1 januari 2026 daalt een deel van de overheidsfinanciering met een kwart, wat meteen voelbaar is in de werking.
De organisatie probeert daarom elke euro zo doelgericht mogelijk in te zetten. Lonen van leerkrachten, opleidingsmateriaal en begeleiding naar werk blijven prioriteit. Daarnaast zijn er trajecten waarbij jongeren worden ondersteund bij het zoeken naar een stageplaats of bij het uitwerken van een eigen klein bedrijf, bijvoorbeeld in de horeca of in de techniek. Soms is een beperkt startbedrag nodig om gereedschap, een eerste machine of grondstoffen te kopen; ook daarvoor wordt steun gezocht.
De panelleden gingen in op de vraag hoe ontwikkelingssamenwerking in België beter uitgelegd kan worden aan het brede publiek. Ze onderstreepten dat succesverhalen meer zichtbaar mogen worden gemaakt, naast de kritische blik op fouten uit het verleden. Verhalen als dat van Daisy, of van een jonge mecanicien die nu zelf leerlingen opleidt in zijn garage, maken concreet wat er gebeurt met publieke middelen en giften.
Kijk op België vanuit Bolivia
In de tweede helft van het panel werd de vergelijking gemaakt tussen jongeren in Bolivia en jongeren in België. Sara Vermeulen vertelde hoe haar opviel dat leerlingen in Bolivia vaak bijzonder gemotiveerd zijn om naar school te gaan, juist omdat onderwijs voor hen niet vanzelfsprekend is. Dat staat in contrast met hoe jongeren in België soms naar school kijken als iets wat erbij hoort, zonder er lang bij stil te staan.
Senator Goedele Liekens ging in op de link tussen onderwijs, gezondheid en de positie van meisjes en jonge vrouwen. In verschillende landen waar zij projecten bezocht, zag zij dat meisjes die langer op school blijven, later kinderen krijgen, beter geïnformeerd zijn over hun lichaam en meer kansen hebben op een eigen inkomen. Dat verkleint de kans op partnergeweld en geeft gezinnen beter zicht op hun toekomst. De film over Daisy maakte volgens haar duidelijk dat investeren in meisjes en onderwijs één van de meest doeltreffende manieren is om armoede terug te dringen.
Ook de band met Belgische klaslokalen kwam aan bod. VIA Don Bosco organiseert in België vormingen voor leerkrachten en scholen, waarbij de verhalen uit Bolivia en andere landen worden gebruikt om met jongeren hier in gesprek te gaan over onderwijs, ongelijkheid en solidariteit. Zo ontstaan er uitwisselingen waarin leerlingen in België nadenken over hun eigen kansen en hun rol in een wereld waarin levenslopen sterk kunnen verschillen.
Verhalen die blijven hangen na de film
Na het panelgesprek volgde om 16.30 uur (uur van vaststelling) een drink, waar bezoekers, sprekers en organisatoren verder konden napraten. Om 17.15 uur (uur van vaststelling) werd de namiddag officieel afgesloten. Onder de aanwezigen bevonden zich vertegenwoordigers van organisaties, geïnteresseerde burgers en ook mensenrechtenverdedigers die de situatie van jongeren en onderwijsprojecten al jaren van nabij volgt.
Veel aanwezigen gaven aan dat vooral de concrete verhalen bleven hangen: de jonge vrouw die twee banen in één dag lijkt te draaien, de mecanicien die naast zijn eigen inkomen ook plaats maakt voor jongeren in opleiding, de leerkrachten die hun leerlingen door vermoeidheid heen proberen te motiveren. De film en het gesprek maakten duidelijk dat onderwijs en werk in Bolivia sterk met elkaar verweven zijn in het dagelijks leven van jongeren, en dat gerichte steun het verschil kan maken tussen blijven steken in onzekere jobs of doorstromen naar stabieler werk.
In Zaal K van de Senaat werd zo op één namiddag tastbaar hoe een kortfilm, een panel en een reeks getuigenissen samen kunnen tonen wat cijfers alleen niet laten zien: de wil van jongeren als Daisy om ondanks lange werkdagen te blijven leren, en de vraag aan politiek en samenleving om die inspanning niet aan haar lot over te laten.
Bronnen:
Uitnodiging avant-première kortfilm Daisy in de Senaat
Programma en communicatie VIA Don Bosco
Panelgesprek met Goedele Liekens, Florence Depierreux, Sara Vermeulen en Jens Vancaneghem
Getuigenissen en terreinreis naar Bolivia
Andy Vermaut +32499357495 (Als je een probleem hebt met de inhoud van een artikel, kan je me altijd mailen op info@indegazette.be – best zo weinig mogelijk mensen in cc zetten, want anders komt dit in de spamfilter terecht. Voor elk artikel geldt een recht op antwoord van betrokkenen tot 3 maanden na publicatie van het artikel)


