Doorbraak tegen een bloedige prijs: Houthulst eert de soldaten die in 1918 de bevrijding dichterbij brachten

In Houthulst is hulde gebracht aan de Belgische soldaten die tijdens het bevrijdingsoffensief van september 1918 het zwaar versterkte Bos van Houthulst heroverden. Op het Belgisch Militair Kerkhof legde onder anderen de provinciecommandant een bloemstuk neer. De plechtigheid herinnerde aan een beslissende doorbraak in de laatste oorlogsmaanden, maar ook aan de zware menselijke verliezen waarmee die gepaard ging. Meer dan een eeuw later bewaart Houthulst de herinnering aan militairen die de bevrijding dichterbij brachten en zelf niet meer naar huis terugkeerden.

Een eerbetoon met internationale aanwezigheid

Volgens het Militair Commando Provincie West-Vlaanderen werd de herdenking bijgewoond door de Italiaanse ereconsul, de burgemeester van Houthulst, een vertegenwoordiger van de Duitse ambassade, leerlingen van de lokale lagere school en talrijke vertegenwoordigers van vaderlandslievende verenigingen en civiele autoriteiten. De provinciecommandant bracht met een bloemenhulde eer aan de gesneuvelden. De aanwezigheid van schoolkinderen gaf de bijeenkomst ook betekenis voor de overdracht van de herinnering: de gebeurtenissen van 1918 behoren inmiddels tot een ver verleden, maar blijven verbonden met plaatsen, graven en namen in hun eigen omgeving.

September 1918: de aanval die het front in beweging bracht

Op 28 september 1918 begon in Vlaanderen een groots geallieerd offensief. Belgische, Britse en Franse troepen opereerden binnen de Legergroep Vlaanderen, onder bevel van koning Albert I. De aanval maakte deel uit van de laatste geallieerde opmars aan het westelijke front. Na jaren waarin de oorlog in deze streek grotendeels door versterkte stellingen en loopgraven werd bepaald, kwam het front opnieuw in beweging. De samenwerking tussen de geallieerde legers moest de Duitse verdediging doorbreken en de bezette gebieden bevrijden. De Canadese defensiedienst beschrijft hoe de Legergroep Vlaanderen vanaf 28 september snel terrein won en hoe de verdere opmars uiteindelijk ook tot de verovering van Oostende en Zeebrugge leidde. De strijd om Houthulst stond dus binnen een veel ruimere militaire operatie. Canada.ca

Het Vrijbos werd een Duits militair steunpunt

Het Bos van Houthulst, ook bekend als het Vrijbos, had tijdens de bezetting een belangrijke militaire functie gekregen. Onder de beschutting van het bos bouwden de Duitse troepen een uitgebreid netwerk uit voor de opslag en aanvoer van materiaal, munitie en andere voorraden. Spoorlijnen en smalspoorverbindingen doorkruisten het terrein. Daarnaast waren er observatieposten, oefenterreinen en talrijke versterkingen. Het bos was daardoor veel meer dan een natuurlijke hindernis: het ondersteunde de Duitse oorlogvoering in de omgeving. De combinatie van bevoorrading, verdedigingswerken en gecamoufleerde installaties maakte de herovering ervan tot een belangrijk doel van het geallieerde eindoffensief. Inventaris Onroerend Erfgoed

Vier jaar bezetting en verwoesting

De oorlog had Houthulst al in oktober 1914 ingrijpend getroffen. Volgens het historische overzicht van de gemeente viel het bos op 21 oktober van dat jaar, ondanks Belgische weerstand, in Duitse handen. De bevolking vluchtte of werd weggevoerd en de beschietingen richtten grote schade aan. De bezetter bouwde het terrein vervolgens uit met loopgraven, prikkeldraad en militaire verbindingen. Ook vóór september 1918 probeerden de geallieerden de Duitse posities in deze omgeving te veroveren. Tijdens het Britse offensief van 1917 werd de zuidelijke bosrand bereikt, maar het gewonnen terrein ging bij het Duitse tegenoffensief van april 1918 opnieuw verloren. Dat verleden verklaart waarom de aanval van september 1918 op een gevreesde positie was gericht. Houthulst

Drie Belgische linieregimenten trokken het bos binnen

De opdracht om het bos te heroveren kwam bij de 7de Infanteriedivisie terecht, onder leiding van generaal-majoor Van Acker. Het 4de, 23ste en 24ste Linieregiment namen daarbij verschillende delen van het terrein voor hun rekening. Het 4de rukte op in het zuiden, het 23ste viel centraal aan en het 24ste opereerde in het noorden. Volgens het Militair Commando Provincie West-Vlaanderen telden de drie regimenten elk ongeveer 2.500 manschappen. Het gemeentelijke overzicht vermeldt dat om 2.30 uur een omvangrijke artilleriebeschieting begon en dat de infanterie om 5.30 uur ten aanval trok. Nog diezelfde dag bereikten de Belgische troepen de oostelijke bosrand. De snelheid van de doorbraak nam niet weg dat de gevechten bijzonder zwaar waren en veel slachtoffers maakten. Inventaris Onroerend Erfgoed

De doorbraak betekende nog geen einde aan de strijd

De herovering van het bos verzwakte de Duitse verdediging en hielp de verdere geallieerde opmars mogelijk te maken. Toch was de oorlog voor de militairen die de aanval overleefden daarmee niet voorbij. Ook op 29 en 30 september werd verder gevochten. Na een tijdelijke onderbreking hervatte het offensief op 14 oktober in alle hevigheid. De opeenvolgende gevechten verklaren waarom de herinnering in Houthulst niet alleen verbonden is met één aanvalsochtend. Het militaire kerkhof verwijst naar een langere periode van zware strijd, waarin de bevrijding stap voor stap dichterbij kwam. Een gewonnen positie kon voor het leger een doorbraak betekenen, terwijl voor families het wachten op een zoon, vader of broer uiteindelijk zonder weerzien eindigde. Houthulst

Een begraafplaats voor gesneuvelden uit de ruimere streek

Het militaire kerkhof werd na de oorlog ingericht als verzamelbegraafplaats. De Belgische staat kocht in 1923 grond aan de bosrand; de aanleg volgde in 1924 en 1925. Hier werden graven samengebracht van Belgische militairen uit de streek tussen Diksmuide, Ieper, Menen en Lichtervelde, voor zover hun stoffelijke resten niet naar hun plaats van herkomst waren overgebracht. De begraafplaats herinnert daardoor aan meer dan uitsluitend de aanval op het bos. Volgens de erfgoedinventaris kwamen bijna 1.200 van de 1.723 Belgische doden die de site herdenkt om tijdens het bevrijdingsoffensief, vooral op 28 en 29 september 1918. Die verhouding maakt duidelijk hoe sterk deze plaats verbonden is met de laatste, bloedige fase van de oorlog. Inventaris Onroerend Erfgoed

Ook Italiaanse krijgsgevangenen worden herdacht

De aanwezigheid van de Italiaanse ereconsul sluit aan bij een minder bekend deel van de geschiedenis van de begraafplaats. Er staan ook 81 Italiaanse grafkruisen. De betrokken Italianen waren krijgsgevangenen die door het Duitse leger als arbeidskrachten werden ingezet, onder meer bij transport- en spoorwegwerken. Hun graven werden later naar Houthulst overgebracht. Daarmee bewaart de site ook de herinnering aan mensen die ver van hun vaderland in de oorlog terechtkwamen en er het leven verloren. De herdenking omvat zo zowel de Belgische militairen van het bevrijdingsoffensief als Italiaanse slachtoffers van krijgsgevangenschap. Inventaris Onroerend Erfgoed

Na de bevrijding moest Houthulst opnieuw worden opgebouwd

Voor de plaatselijke bevolking betekende de bevrijding het begin van een nieuwe, moeilijke periode. Woningen, hoeves, wegen en openbare gebouwen moesten worden hersteld of opnieuw opgetrokken. Ook het bos was zwaar verwoest en moest worden ontmijnd en gedeeltelijk heraangeplant. De gemeente beschrijft hoe de wederopbouw het dorp opnieuw vormgaf. In het huidige stratenplan bleven verwijzingen naar de betrokken militaire eenheden aanwezig, onder meer in de 4de-, 23ste- en 24ste-Liniestraat. De herinnering aan de oorlog beperkt zich in Houthulst dus niet tot de begraafplaats: ze is ook terug te vinden in de inrichting en de namen van het heropgebouwde dorp. Houthulst

De betekenis van de bloemenhulde

Het eerbetoon op het militaire kerkhof verbindt de militaire geschiedenis met de mensen die erdoor werden getroffen. De aanval van 28 september 1918 was een belangrijke stap naar de bevrijding, maar de graven maken zichtbaar welke prijs daarvoor werd betaald. Door de gesneuvelden te blijven herdenken, bewaart Houthulst zowel de herinnering aan hun inzet als aan het verlies dat de oorlog achterliet. De bloemenhulde van de provinciecommandant en de aanwezigheid van burgers, verenigingen, internationale vertegenwoordigers en leerlingen geven die herinnering telkens opnieuw een plaats in het openbare leven.

Andy Vermaut +32499357495