China schuift zijn pionnen in Azië, Europa en het Midden-Oosten

Foto Kristalina Georgieva

8 november 2025

China probeert zich tegelijk als betrouwbare handelspartner, veiligheidsactor en diplomatieke bemiddelaar te presenteren. De recente APEC-top in Zuid-Korea, nieuwe militaire initiatieven in de Zuid-Chinese Zee, het interne debat in Taiwan en dossiers rond universiteiten in Europa en raketbrandstof voor Iran laten zien hoe breed Peking inzet op invloed. Terwijl Washington en zijn bondgenoten hun positie aanscherpen, zoeken landen in Azië en Europa naar houvast in een steeds spannere geopolitieke omgeving.

Xi gebruikt APEC-top om beeld van Peking te hertekenen

Op vrijdag 31 oktober 2025 sprak de Chinese partijleider Xi Jinping de APEC-top in Zuid-Korea toe. In zijn toespraak zette hij vier principes centraal: het bevorderen van vrede en stabiliteit, openheid en economische integratie, zogenoemde win-win-samenwerking en inclusieve ontwikkeling. Tussen de regels door zette hij de Verenigde Staten neer als een partner die vooral inzet op tarieven en handelsdruk, terwijl hij China profileerde als voorspelbare economische speler.

Formuleringen als het afwijzen van “protectionisme” en het “weerstand bieden aan unilaterale pesterijen” waren duidelijk gericht op het Amerikaanse tariefbeleid. Tegelijk schuift Peking exportcontroles naar voren op kritieke mineralen en zeldzame aardmetalen, wat de technologische productie van de Verenigde Staten en hun partners raakt. De boodschap aan landen in Azië en daarbuiten is helder: wie moeite heeft met Amerikaanse tarieven, kan volgens Xi bij China terecht voor handel en investeringen.

Aan de zijlijn van de top in Zuid-Korea sprak Xi met de Canadese premier Mark Carney, de Japanse eerste minister Sanae Takaichi, de Thaise premier Anutin Charnvirakul en de Zuid-Koreaanse president Lee Jae Myung. Het gaat stuk voor stuk om leiders uit landen die historisch nauw samenwerken met Washington. De top werd afgesloten met een gezamenlijke verklaring over de voordelen van economische integratie en de noodzaak om toeleveringsketens beter bestand te maken tegen schokken. Wie de diplomatieke agenda bekijkt, ziet een Chinees leiderschap dat nadrukkelijk aan tafel wil blijven bij partners die tegelijk leunen op de Verenigde Staten.

APEC 2026 in Shenzhen zet Taiwan onder extra druk

In 2026 ontvangt China zelf de APEC-top in Shenzhen. Die organisatie krijgt meteen een politiek randje. Peking heeft duidelijk gemaakt dat Taiwan alleen kan deelnemen als het zich openlijk schaart achter het zogenoemde één-China-principe. Taipei erkent dat uitgangspunt niet. De Taiwanese minister van Buitenlandse Zaken Lin Chia-lung verwijt Peking dat het hiermee afwijkt van een eerdere schriftelijke belofte om gelijke participatie van Taiwan te respecteren bij de kandidatuur voor het gastheerschap.

De voorwaarde rond één-China maakt van de top in Shenzhen een extra instrument om Taiwan diplomatiek te isoleren. De inzet is groter dan één conferentie: wie de Taiwanese vertegenwoordiging bij APEC aan banden legt, tast ook de bredere ruimte van het eiland aan in internationale fora. Dat signaal is niet alleen gericht aan Taipei, maar ook aan landen die Taiwan graag zien deelnemen als economische partner, maar huiverig zijn voor openlijk conflict met Peking.

Nieuwe Amerikaans-Filipijnse taakgroep rond Zuid-Chinese Zee

Op donderdag 31 oktober 2025 maakte de Amerikaanse minister van Defensie Pete Hegseth de oprichting bekend van “Task Force Philippines”, een nieuwe samenwerkingsstructuur tussen Amerikaanse en Filipijnse militairen. De taakgroep moet de onderlinge afstemming en paraatheid verhogen en de samenwerking uitbreiden. De Filipijnse president Ferdinand Marcos jr. stelde dat het initiatief dient om de vrije doorvaart in de Zuid-Chinese Zee te beschermen, na een reeks incidenten met Chinese vaartuigen rond betwiste eilanden en riffen.

De aankondiging volgde kort op een gezamenlijke lucht- en zeepatrouille van de Verenigde Staten, Australië, Nieuw-Zeeland en de Filipijnen in de Filipijnse exclusieve economische zone op 30 en 31 oktober 2025. De Chinese zuidelijke legercommandostructuur reageerde diezelfde dag met meldingen over eigen patrouilles rond de omstreden Scarborough Shoal, volgens Peking om “territoriale wateren en luchtruim te beschermen”. Analisten houden er rekening mee dat China bijkomende provocerende manoeuvres zal uitvoeren rond Filipijnse schepen of vliegtuigen, precies om deze nauwere samenwerking te testen.

Voor Washington past de taakgroep in een bredere strategie om de militaire aanwezigheid in de Indo-Pacific te versterken en partners in de regio nauwer te betrekken bij afschrikking tegen Peking. Voor de Filipijnen is het een signaal naar binnenlandse en buitenlandse toehoorders dat het land zich niet wil neerleggen bij Chinese druk rond zijn zeegebieden. De vraag is hoe ver Peking bereid is te gaan in het uitproberen van de grenzen, nu de Amerikaanse steun duidelijker en zichtbaarder wordt.

Taiwan tussen veiligheid en partijpolitiek

Op zaterdag 1 november 2025 werd Cheng Li-wun de nieuwe voorzitster van de Taiwanese oppositiepartij Kuomintang (KMT). In een interview met het Duitse medium Deutsche Welle, een dag voor haar aantreden, schetste zij haar lijn tegenover China. Alle geschillen tussen Taiwan en Peking zijn volgens haar via vreedzame weg op te lossen. Ze stelde zelfs dat zij, als dat nodig is, Xi Jinping “honderd keer” wil ontmoeten. Een uitgesproken standpunt over eventuele hereniging nam ze niet in.

Cheng positioneert zich duidelijk anders dan president William Lai Ching-te van de regerende Democratische Progressieve Partij (DPP). Ze waarschuwt dat Taiwan geen “tweede Oekraïne” mag worden en suggereert dat het beleid van Lai dat risico verhoogt. Daarmee schuift ze inhoudelijk op richting de Russische lezing van de oorlog in Oekraïne, waarin niet alleen Moskou verantwoordelijk wordt geacht voor de invasie. In de analyse van militaire experts gaat ze voorbij aan de grondige modernisering van het Chinese leger, die vrijwel volledig is gericht op een mogelijke aanval op Taiwan, mocht Peking daartoe besluiten.

Centraal in het binnenlandse debat staat de vraag hoeveel Taiwan moet investeren in defensie. President Lai wil het defensiebudget tegen 2030 optrekken tot vijf procent van het bruto binnenlands product. In de begroting voor 2026 is al voorzien dat de uitgaven stijgen tot 3,34 procent. Cheng vindt zelfs drie procent te hoog en noemt verdere stijging financieel onverantwoord en gevaarlijk voor de verhoudingen over de Straat van Taiwan. Ze erkent dat het leger extra middelen nodig heeft, maar stelt dat er een duidelijke bovengrens moet zijn. Binnen de KMT leeft al langer twijfel over omvangrijke defensie-uitgaven, maar Cheng kiest een nog restrictievere koers dan sommige interne rivalen.

Voormalig partijvoorzitter Eric Chu probeerde het beeld weg te werken van de KMT als uitgesproken China-vriendelijke partij. Chengs uitspraken over Xi en de Russische president Vladimir Poetin wekken de indruk dat zij minder geneigd is tot dergelijke nuancering. Daarmee krijgt de Taiwanese kiezer opnieuw een scherpere tegenstelling tussen een regering die inzet op hogere defensiebudgetten en een oppositie die meer ruimte ziet in dialoog met Peking, zelfs in een gespannen veiligheidsomgeving.

Grijze zone-tactieken rond Kinmen en Pratas

In oktober 2025 registreerde Taiwan 222 Chinese militaire vluchten in de luchtverdedigingszone rond het eiland. Dat is het laagste aantal sinds december 2024, maar nog altijd beduidend hoger dan de aantallen van vóór 2024. Sinds de inauguratie van president Lai in mei 2024 ligt het maandgemiddelde ruim boven de 300 vluchten. Tussen november 2024 en januari 2025 zakte het aantal kortstondig, al zorgden grote oefenblokkades in oktober vorig jaar en in de lente van dit jaar opnieuw voor pieken.

Het lagere aantal in oktober valt samen met het vierde plenum van het Centraal Comité van de Chinese Communistische Partij. China vermindert zijn militaire activiteit rond Taiwan vaker tijdens zulke grote partijbijeenkomsten. Ook seizoensgebonden weerpatronen spelen waarschijnlijk een rol, al is de algemene trend die van aanhoudende druk in de lucht.

Op zee voert China een vergelijkbaar beleid van stap voor stap optreden. De Chinese kustwacht begon in februari 2025 met regelmatige patrouilles in de aaneengesloten zone rond het Taiwanese eiland Pratas. Singaporese en internationale scheepvaartgegevens tonen aan dat het schip CCG 3102 op 2 oktober ruim een etmaal in de beperkte wateren rond Pratas aanwezig was. Op 10 oktober, de nationale feestdag van Taiwan, voer hetzelfde schip opnieuw in de buurt, grotendeels met uitgeschakelde automatische identificatiesystemen. Op die dag dook het signaal van een ander kustwachtschip, Zhongguo Haijian 9009, kort op binnen de territoriale wateren rond Pratas. De Taiwanese kustwacht meldde die aanwezigheid niet, waardoor de mogelijkheid bestaat dat het signaal werd nagebootst of dat het schip zich grotendeels ongezien verplaatste.

Sinds het begin van dit jaar hebben negen Chinese kustwachtschepen in totaal dertig keer wateren rond Pratas betreden. Deze aanpak wordt in Peking gepresenteerd als een uitbreiding van het “Kinmen-model”, dat in februari 2024 werd ingezet rond het eiland Kinmen. Toen startte China met zogenaamde rechtshandhavingspatrouilles in de beperkte wateren, na de dood van twee Chinese vissers tijdens een achtervolging door de Taiwanese kustwacht. Gemiddeld vier keer per maand voeren sindsdien telkens vier schepen de zone binnen, meestal voor ongeveer twee uur. Door te variëren in vaarroutes en tijdstippen test China de reactie van Taiwan en houdt het de druk constant.

Opvallend genoeg meldde Taiwan in oktober geen enkele nieuwe intrusie van de Chinese kustwacht rond Kinmen. Dat is de eerste maand zonder dergelijke meldingen sinds februari 2024. Mogelijk verschuift China naar een andere timing of methode, of speelde het vierde partijplenum mee in de beslissing om tijdelijk gas terug te nemen. Tegelijk werd tijdens dat plenum de commandant van de gewapende politie, Wang Chunning, uit de partij gezet, samen met verschillende generaals. De kustwacht valt onder die structuur, wat kan wijzen op interne herschikkingen.

Naast schepen werden rond Kinmen in de voorbije jaren ook individuele Chinezen onderschept die al zwemmend of met kleine vaartuigen de Taiwanese kant probeerden te bereiken. Op maandag 14 oktober 2025 hield de Taiwanese kustwacht een Chinese staatsburger aan in de buurt van de Tianmo-berg. Precies een jaar eerder werd nabij Menghu een andere man onderschept tijdens gezamenlijke Chinese oefeningen onder de naam Joint Sword-B. In mei 2025 gebeurde iets gelijkaardigs bij Dadan-eiland, rond de verjaardag van Joint Sword-A. In 2020 meldde Taiwan al een zwemmer die zei te willen vluchten voor politieke repressie.

Taipei bekijkt deze incidenten niet als losse voorvallen, maar als onderdeel van dezelfde grijze zone-strategie. De Taiwanese Nationale Veiligheidsdienst beschreef dit najaar minstens acht methodes waarmee Chinese vaartuigen de beperkte wateren rond Kinmen kunnen binnenglippen, vaak met uitgeschakelde identificatiesystemen. In combinatie met grote oefeningen zoals de Chinese blokkade-oefening Strait Thunder 2025A zorgen zulke acties voor voortdurende druk op de middelen en aandacht van de Taiwanese kustwacht, zeker rond een eiland als Kinmen dat geografisch dicht bij het vasteland ligt en bij een crisis snel kan worden geviseerd.

Voorzichtige herstart van militair overleg tussen Washington en Peking

Op 30 en 31 oktober 2025 sprak de Amerikaanse minister van Defensie Hegseth met zijn Chinese collega Dong Jun tijdens de bijeenkomst van de ASEAN-ministers van Defensie en hun partners. Hegseth pleitte voor bijkomende kanalen voor rechtstreeks militair overleg, om incidenten te kunnen ontmijnen voordat ze uit de hand lopen. Volgens hem is het doel om snel te kunnen ingrijpen wanneer er problemen ontstaan.

De Chinese lezing van het gesprek bleef bij vertrouwde formuleringen over hereniging met Taiwan en de vraag aan de Verenigde Staten om hun taalgebruik en acties rond de kwestie aan te passen. Voor Peking zijn zulke ontmoetingen een middel om druk uit te oefenen, maar ook een manier om zich internationaal te presenteren als redelijke gesprekspartner.

China verbrak in augustus 2022 de meeste militaire contacten met Washington, na het bezoek van toenmalig voorzitter van het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden Nancy Pelosi aan Taiwan. Onder de vorige Amerikaanse regering kwamen in 2024 al enkele contacten op hoog niveau op gang, maar Peking dreigde geregeld met afzeggingen en beperkte de inhoud. De precieze vorm van de nieuwe overlegkanalen moet nog worden uitgewerkt. Ze kunnen het risico op misverstanden verkleinen, maar veranderen op zich niets aan de fundamentele belangen die beide landen tegenover elkaar stellen.

Japan, Zuid-Korea en nucleaire onderzeeërs

Japan kwam op 1 november 2025 in het vizier van Peking toen premier Sanae Takaichi tijdens de APEC-top een gesprek had met de Taiwanese vertegenwoordiger Lin Hsin-I. Een dag eerder had zij Xi Jinping nog ontmoet. Tegenover de Taiwanese delegatie onderstreepte Takaichi dat Taiwan een belangrijke partner is voor Japan, onder meer op economisch vlak en bij rampenbestrijding. Ze sprak de hoop uit op meer praktische samenwerking en uitwisseling.

De Chinese ministeries van Buitenlandse Zaken en de Chinese ambassade in Japan reageerden met krachtige protesten. Ze verwijten Takaichi dat zij het één-China-principe schendt en het gesprek met Lin op sociale media heeft uitgelicht. Vooral het gebruik van Lin zijn officiële titel “senior adviseur bij het presidentieel bureau van Taiwan” lag gevoelig. Volgens de Chinese ambassade kan zo’n titel niet bestaan, omdat er volgens Peking geen Taiwanese president is. De reactie past in een bredere poging om Japan te ontmoedigen om Taiwan diplomatiek te steunen en weerspiegelt ook het beeld van Takaichi als een kritische stem tegenover China.

In Zuid-Korea speelt tegelijk een ander dossier. President Lee Jae Myung sprak op 1 november 2025 met Xi Jinping en vroeg om steun bij het herstarten van de dialoog met Noord-Korea. Xi verwees naar de nood aan “positieve energie” voor regionale vrede, maar noemde Noord-Korea niet expliciet en liet de term denuclearisering onbesproken. Dat is een opvallend verschil met eerdere Chinese verklaringen over het Koreaanse schiereiland. Ook tijdens Xi’s ontmoeting met de Noord-Koreaanse leider Kim Jong Un op 3 september bleef die term achterwege.

Tegelijk versterkt Zuid-Korea zijn eigen militaire positie. Op woensdag 30 oktober 2025 gaf de Amerikaanse president Donald Trump groen licht voor de bouw van Zuid-Koreaanse nucleair aangedreven onderzeeërs. President Lee had daar tijdens een top in de Verenigde Staten op 29 oktober om gevraagd, met het argument dat zijn land beter zicht wil op Noord-Koreaanse en Chinese marine-activiteiten in de exclusieve economische zone dicht bij de eigen wateren. Volgens Trump zullen de onderzeeërs in Amerikaanse werven worden gebouwd.

De Zuid-Koreaanse minister van Defensie Ahn Gyu-baek kondigde aan dat Seoul minstens vier van zulke vaartuigen wil hebben tegen het midden van de jaren dertig. Hegseth bevestigde tijdens een bezoek aan Seoul op 4 november dat Washington het project ondersteunt. De huidige Zuid-Koreaanse dieselonderzeeërs varen trager, moeten vaker bovenkomen en hebben beperktere actieradius. Met nucleair aangedreven vaartuigen kan Seoul langer en dieper opereren en Noord-Koreaanse en Chinese schepen beter volgen, ook in de Gele Zee. Chinese marineschepen zouden sinds 2023 jaarlijks ongeveer 300 keer wateren betreden die onder Zuid-Koreaanse controle vallen, bijna dubbel zo vaak als in 2017. Eerder dit jaar meldden Zuid-Koreaanse inlichtingendiensten al dat Rusland twee tot drie modulaire onderdelen voor nucleaire onderzeeërs aan Noord-Korea heeft geleverd, terwijl Kim Jong Un in maart een werf inspecteerde waar aan dergelijke vaartuigen wordt gewerkt. De maritieme veiligheidsdynamiek in de regio wordt daardoor merkbaar scherper.

Chinese druk op universiteiten en steun aan Iran

De invloed van Peking beperkt zich niet tot de Indo-Pacific. In het Verenigd Koninkrijk kreeg de Sheffield Hallam University sinds 2022 te maken met aanhoudende druk van Chinese instanties vanwege onderzoek naar gedwongen arbeid van Oeigoeren in de regio Xinjiang. Het Helena Kennedy Centre for International Justice werkte aan studies over die arbeidsomstandigheden. De Chinese woordvoerder van Buitenlandse Zaken Zhao Lijian noemde dat werk “een schande” en beschuldigde de onderzoekers ervan betaald te zijn door de Verenigde Staten om desinformatie te verspreiden.

Uit interne documenten blijkt dat Chinese internetcensors in augustus 2022 de website en e-mail van de universiteit tijdelijk blokkeerden, waardoor nieuwe inschrijvingen van Chinese studenten stokten. Medewerkers in de Chinese kantoren van de universiteit kregen bezoek van personen die zich voorstelden als leden van een “nationale veiligheidsdienst” en die expliciet verwezen naar het onderzoek als reden voor de blokkade. In augustus 2024 besliste de universiteit het onderzoek en geplande publicaties stop te zetten. Nadien verbeterden de relaties met de Chinese zijde en leek de druk op medewerkers af te nemen.

De beslissing om het onderzoek stil te leggen leidde intern tot verzet. Professor Laura Murphy, die het werk rond dwangarbeid coördineert, kreeg in februari de opdracht om te stoppen, maar ging in beroep bij de rechter. In oktober trok de universiteit die opdracht in. Peking reageerde opnieuw: woordvoerder Mao Ning beschuldigde Murphy begin november ervan deel uit te maken van een “anti-China desinformatieketen”. Het geval toont hoe afhankelijkheid van buitenlandse studenten en het risico op represailles universiteiten ertoe kunnen brengen hun onderzoeksagenda aan te passen. Gelijkaardige tactieken, onder meer via studentenverenigingen en druk op familieleden van academici, zijn eerder ook aan Amerikaanse universiteiten gerapporteerd in dossiers rond Taiwan en Xinjiang.

Parallel blijft China militaire en technologische partnerschappen uitbouwen in het Midden-Oosten. Europese inlichtingenbronnen melden dat Iran in 2025 meerdere grote ladingen natriumperchloraat vanuit China ontving. Op zondag 29 september kwam in de haven van Bandar Abbas een zending van 2.000 ton aan, kort nadat de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties de sancties tegen Iran, inclusief die rond het raketprogramma, opnieuw had geactiveerd. Eerder dat jaar kreeg Iran al twee ladingen van samen 1.000 ton.

Natriumperchloraat is een grondstof voor ammoniumperchloraat, het belangrijkste bestanddeel van vaste raketbrandstof. Volgens eerdere analyses verloor Iran een deel van zijn productiecapaciteit door Israëlische aanvallen op militaire installaties in oktober 2024 en juni 2025. Toch ziet Teheran het raketprogramma, samen met drones, als belangrijkste vorm van afschrikking tegen de Verenigde Staten en Israël. De zendingen uit China passen in dat plaatje. Ze lijken bovendien aan te sluiten bij afspraken uit 2023, waaronder Iraanse interesse in Chinese J-10-gevechtsvliegtuigen en berichten over luchtafweersystemen die kort na het staakt-het-vuren zouden zijn geleverd. Officieel stelt Peking dat het geen wapens levert aan landen in oorlog, maar in de praktijk blijft het regime in Teheran rekenen op Chinese steun bij de wederopbouw van zijn raketcapaciteit.

De recente ontwikkelingen rond APEC, Taiwan, de Zuid-Chinese Zee, universiteiten in Europa en de Iraanse raketcapaciteiten laten zien hoe breed het Chinese spelbord inmiddels is. In één maand tijd vloog het Chinese leger 222 keer langs de Taiwanese luchtverdedigingszone, kregen wetenschappers in Sheffield te maken met druk rond onderzoek naar dwangarbeid en bereikte een grote lading raketbrandstofgrondstoffen Iran over zee. Voor lezers van indegazette.be rijst de vraag hoe lang staten nog tussen al deze lijnen kunnen manoeuvreren zonder duidelijke keuzes te maken. Wie het geheel bekijkt, ziet een China dat tegelijk inzet op diplomatieke charme, economische druk en militaire aanwezigheid, en partners dat vaker moeten aangeven waar hun grens ligt.

Bronnen:

Institute for the Study of War, China & Taiwan Update 7 november 2025
Taiwanese defensie- en kustwachtinformatie zoals geciteerd in bovenstaande analyse
Sheffield Hallam University en Helena Kennedy Centre for International Justice, interne en publieke documenten
CNN, berichtgeving op basis van Europese inlichtingenbronnen over natriumperchloraattransporten
Associated Press, rapportering over beschadigde Iraanse raketcapaciteit sinds 2024

Andy Vermaut +32499357495 (Als je een probleem hebt met de inhoud van een artikel, kan je me altijd mailen op info@indegazette.be – best zo weinig mogelijk mensen in cc zetten, want anders komt dit in de spamfilter terecht. Voor elk artikel geldt een recht op antwoord van betrokkenen tot 3 maanden na publicatie van het artikel)