China speelt een heel vuil spel en vergroot druk rond Taiwan en Japan met legeroefeningen en economische hefboom

29 november 2025
De spanningen in Oost-Azië schuiven in snel tempo op. China breidt zijn militaire mogelijkheden rond Taiwan uit met civiele schepen, verhoogt de druk op Japan na uitspraken over Taiwan en zoekt tegelijk economische en diplomatieke hefbomen tot ver buiten de regio. Taiwan reageert met nieuwe defensie-initiatieven, terwijl ook de Verenigde Staten, Europa en verschillende Aziatische landen hun posities aanscherpen.
Chinese leger test civiele schepen voor amfibische landingen
In juli en augustus 2025 oefende het Chinese Volksbevrijdingsleger met civiele schepen voor grootschalige amfibische landingen richting Taiwan. Zes zogenoemde roll-on, roll-off-ferries en zes dek-cargoschepen werden ingezet om militaire voertuigen rechtstreeks op een strand af te zetten, zonder haveninfrastructuur. Satellietbeelden tonen hoe voertuigen aan land gaan via het strand, terwijl landingsvaartuigen eveneens richting kust varen.
Tijdens dezelfde oefening kwam een zelfrijdend tijdelijk pierensysteem in actie, een constructie die in 2021 voor het eerst opdook. China introduceerde in maart 2025 ook grote pontons met uitschuifbare brugdelen, bedoeld om voertuigen op onvoorbereide kusten te lossen en amfibische operaties te ondersteunen.
Toch blijven de beperkingen duidelijk. Het Chinese leger kan naar schatting ongeveer 20.000 militairen tegelijk over de Straat van Taiwan zetten. Voor een volledige verovering van het eiland zouden echter enkele honderdduizenden tot mogelijk een miljoen militairen met materieel in opeenvolgende golven nodig zijn. Marineanalist Thomas Shugart schatte in 2022 dat de inzet van civiele roll-on, roll-off-schepen die capaciteit zou kunnen optrekken tot ongeveer 60.000 manschappen. Dat cijfer houdt nog geen rekening met andere civiele vaartuigen die mogelijk inzetbaar zijn.
China beschikt over een enorme scheepsbouwindustrie en kan daardoor met relatief eenvoudige middelen grote aantallen bruikbare schepen in de vaart brengen. Die vaartuigen zijn echter kwetsbaar. Civiele ferries en dek-cargoschepen missen de bescherming van marineschepen en worden bijzonder gevoelig zodra ze in de buurt van Taiwanese stranden komen, waar korteafstandswapens en raketten in grote aantallen aanwezig zijn. Taiwan investeert juist in goedkope, wegwerpbare wapensystemen die zulke doelen kunnen uitschakelen. Tegelijk blijft de vraag hoe Taiwan zal omgaan met een scenario waarin grote aantallen civiele schepen tegelijk richting zijn kusten varen.
Taiwan bouwt aan drones, satellieten en legerleiding
Taiwan werkt intussen aan eigen antwoorden. Op donderdag 20 november 2025 lanceerde het ministerie van Buitenlandse Zaken een initiatief dat in Taipei omschreven wordt als “dronediplomatie”. De bedoeling is buitenlandse partners en Taiwanese bedrijven dichter bij elkaar te brengen rond testfaciliteiten, opleiding en leveringsketens voor drones. Dat sluit aan bij gesprekken op het Warsaw Security Forum in september 2025, waar Taiwanese delegaties met Europese partners spraken over defensiesamenwerking, met drones als een van de centrale thema’s.
Op dezelfde dag werd een opleidingsbasis voor laagbaansatellieten geopend. Taiwan wil daarmee de veerkracht van zijn communicatie verbeteren, onder meer in het licht van eerdere Chinese dreigementen om onderzeese kabels naar het eiland door te snijden.
Binnen het leger gaan de veranderingen ver. Het ministerie van Defensie voerde een brede herschikking door waarbij ongeveer veertig hogere officieren en drie landmachtkorpsen nieuwe bevelhebbers kregen. Liu Jen-yuan, voormalig bevelhebber van de luchtmacht en strategisch adviseur van de president, wordt viceminister van Defensie. De communicatiedienst van het departement krijgt na een jaar leegstand opnieuw een directeur, wat belangrijk is voor de relatie met het parlement in Taipei. Luitenant-generaal Chen Chien-Yi blijft opmerkelijk genoeg stafchef van de landmacht, nadat hij een zichtbare rol speelde in de verdediging van hogere defensiebudgetten.
Tegelijk duiken spionagezaken op. Op maandag 18 november 2025 klaagde het hooggerechtshof in Taiwan een Chinese burger en zes (voormalige) militairen aan wegens spionage. De Chinese hoofdverdachte, Ding Xiaofu uit Hongkong, reisde naar Taiwan namens een werkstation van de politieke afdeling van de Centrale Militaire Commissie in Nanning. Hij rekruteerde eerst de gepensioneerde luitenant-kolonels Wang Wenhao en Tan Chunming, en daarna onder meer sergeant-majoor Lu Fang-chi, stafofficier Yang Pochih, personeelsofficier Yang Chienhui en controle-officier Chiu Hanlin. In totaal werd omgerekend ruim 350.000 dollar naar Taiwan gestuurd om de operatie te betalen.
Volgens de Taiwanese autoriteiten is het voor het eerst sinds 2015 dat een Chinese onderdaan persoonlijk naar het eiland komt om inlichtingennetwerken op te bouwen. De zaak ondergraaft het vertrouwen in de eigen strijdkrachten en voedt de zorg over de kwetsbaarheid van militaire structuren voor infiltratie.
Washington scherpt Taiwan-beleid aan met oude en nieuwe beloften
In de Verenigde Staten ligt intussen een wetsvoorstel op tafel dat de zogeheten Six Assurances aan Taiwan in de wet zou verankeren. Senatoren dienden op donderdag 20 november 2025 de Six Assurances to Taiwan Act in, nadat de Commissie Buitenlandse Zaken van het Huis van Afgevaardigden al in september groen licht had gegeven voor een stemming in de plenaire vergadering.
De Six Assurances gaan terug tot 1982, toen president Ronald Reagan zes informele toezeggingen deed aan Taipei. Daarin staat onder meer dat Washington geen einddatum vastlegt voor wapenleveringen aan Taiwan, geen voorafgaand overleg voert met Peking over die leveringen, de Taiwan Relations Act niet wijzigt en Taiwan niet onder druk zet om met China te onderhandelen. De wet zou het moeilijker maken voor toekomstige Amerikaanse regeringen om die lijn te laten varen zonder het Congres.
Tegelijk keurde het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken op woensdag 13 november 2025 een nieuwe wapenverkoop aan Taiwan goed. Het gaat om reserveonderdelen voor F-16-jagers, inheemse gevechtsvliegtuigen en C-130-transporttoestellen ter waarde van 330 miljoen dollar. Volgens Washington moet dit helpen om de luchtverdediging van Taiwan op peil te houden in het licht van aanhoudende Chinese militaire druk in en rond het Taiwanese luchtruim.
De Amerikaanse koers staat centraal in telefoongesprekken op het hoogste niveau. Op maandag 24 november 2025 spraken president Donald Trump en de Chinese leider Xi Jinping elkaar telefonisch. Xi verwees naar het belang van Taiwan binnen de internationale orde die na de Tweede Wereldoorlog is ontstaan, en koppelde die aan de strijd tegen militarisme en fascisme. Trump legde de nadruk op handelsakkoorden en de voordelen voor Amerikaanse landbouwers en kondigde aan dat hij in april 2026 naar Peking wil reizen. Enkele uren later belde Trump ook met de Japanse premier Sanae Takaichi, waarbij onder meer de relatie met China en de situatie rond Taiwan aan bod kwam.
Peking en Tokio botsen over Taiwan en de Ryukyu-eilanden
De relatie tussen China en Japan is de afgelopen weken verder onder druk komen te staan. Op vrijdag 7 november 2025 verklaarde de Japanse premier Sanae Takaichi in het parlement dat een militair conflict rond Taiwan kan uitgroeien tot een situatie waarin het voortbestaan van Japan in het geding is, als China geweld gebruikt of oorlogsschepen inzet.
Peking reageerde stap voor stap. Op zaterdag 8 november schreef de Chinese consul-generaal in Osaka, Xue Jian, op het platform X dat hij de “vuile nekken” wil afhakken van iedereen die naar zijn oordeel in Chinese belangen ingrijpt. Op donderdag 13 november riep het Chinese ministerie van Buitenlandse Zaken Takaichi op om haar woorden in te trekken en waarschuwde dat elke Japanse militaire tussenkomst als een aanval zou worden beschouwd. De Chinese vice-minister van Buitenlandse Zaken, Sun Weidong, ontbood op dezelfde dag de Japanse ambassadeur Kenji Kanasugi. Tokio riep daarop de Chinese ambassadeur Wu Jianghao op het matje.
China zette vervolgens ook economische en militaire instrumenten in. Op donderdag 14 november 2025 gaf Peking een negatief reisadvies voor Japan, wat een onmiddellijke daling veroorzaakte in de beurskoersen van Japanse toerismebedrijven. Op zaterdag 16 november vaardigde de Chinese overheid een advies uit voor Chinese studenten in Japan. Op dinsdag 19 november schortte China opnieuw de invoer van Japanse zeevruchten op.
Tegelijkertijd voerde China zichtbaar de militaire druk op. Op vrijdag 15 november meldde Japan dat straaljagers werden opgestegen omdat een vermoedelijk Chinese drone vloog tussen Taiwan en het Japanse eiland Yonaguni. Een dag later voeren vier Chinese kustwachtschepen de territoriale wateren rond de door Japan bestuurde Senkaku-eilanden binnen. Vanaf maandag 17 november tot en met dinsdag 25 november hield China live-schietoefeningen in het zuidelijke deel van de Gele Zee.
De Chinese druk is niet alleen militair of economisch. Staatsmedia spelen met de idee van onafhankelijkheid voor de Ryukyu-eilanden, waar ook Okinawa onder valt. De krant Global Times vroeg op dinsdag 19 november aandacht voor nieuwe opleidingen “Ryukyu Studies” aan Chinese universiteiten, onder meer aan de Fujian Normal University. De auteur benadrukte vermeende historische banden tussen China en de archipel en betwijfelde het Japanse gezag over het gebied. In andere artikels worden discussies over de Ryukyu-eilanden rechtstreeks gekoppeld aan Takaichi’s uitspraken over Taiwan.
Deze focus raakt ook Amerikaanse belangen. In Okinawa is een belangrijk deel van de Amerikaanse troepen in de Indo-Pacifische regio gestationeerd. Uit recente peilingen blijkt dat ongeveer zeventig procent van de inwoners van Okinawa ontevreden is over de grote Amerikaanse militaire aanwezigheid, terwijl slechts ongeveer drie procent zich uitspreekt voor afscheiding van Japan. Peking lijkt die spanningen nauwlettend te volgen en mogelijk te willen uitbuiten op langere termijn.
Nieuwe Chinese marineschepen en ideologische druk binnen het leger
China investeert intussen fors in zijn marine. Tussen vrijdag 14 en zondag 16 november 2025 voer het amfibische aanvalsschip en droneplatform Sichuan, een Type 076-schip van naar schatting 50.000 ton, voor het eerst uit voor zeeproeven met bemanning. De Sichuan kan twee luchtkussenlandingsvaartuigen en meer dan duizend mariniers meenemen. Opvallend is het gebruik van een katapultsysteem vergelijkbaar met dat van moderne vliegdekschepen, waarmee grote drones zoals de GJ-21 kunnen worden gelanceerd voor verkennings- en elektronische oorlogstaken.
Deze configuratie maakt het mogelijk dat de Sichuan optreedt als ondersteuning voor oudere vliegdekschepen zoals Shandong en Liaoning, die werken met kortere startbanen. Door de inzet van een droneplatform naast deze schepen kan de Chinese marine informatievergaring en bewaking verder uitbouwen tijdens operaties ver van het Chinese vasteland.
Ook het nieuwste vliegdekschip Fujian zit in een volgende fase. Na de officiële ingebruikname op woensdag 5 november 2025 voerde de Fujian op maandag 18 november een eerste oefening met scherp schietende systemen uit. Daarbij stegen onder meer J-35-gevechtsvliegtuigen, verschillende versies van de J-15 en een vroegtijdige-waarschuwingsvliegtuig van het type EJ-600 op. De Fujian trainde samen met de torpedobootjager Yan’an van het type 055 en de fregat Tongliao van het type 054A. Dat wijst op een taakgroep waarin één groot vliegdekschip wordt afgeschermd door schepen met sterke anti-onderzeebootcapaciteiten, bedoeld om de Amerikaanse voorsprong onder water te verkleinen.
Parallel hieraan vergroot Xi Jinping zijn greep op het leger. Op dinsdag 12 november publiceerde vicevoorzitter van de Centrale Militaire Commissie Zhang Youxia een artikel in de partijkrant People’s Daily, waarin hij absolute trouw aan Xi en zijn ideologie centraal stelt. De militaire krant PLA Daily meldde op 13 en 14 november studiebijeenkomsten doorheen verschillende legeronderdelen, waarin het recente ontslag van hooggeplaatste officieren zoals Miao Hua en He Weidong expliciet in verband werd gebracht met onvoldoende ideologische lijntrouw.
De campagne tegen corruptie in de defensiesector raakt ook universiteiten. Op zondag 9 november maakte het aankoopsysteem van het leger bekend dat vier topuniversiteiten – Beijing Institute of Technology, Harbin Institute of Technology, Harbin Engineering University en Beijing Jiaotong University – (tijdelijk) uitgesloten worden van aanbestedingen wegens gesjoemel. Drie van die instellingen behoren tot de zogenoemde “Zeven zonen van de nationale defensie”, universiteiten die traditioneel intensief samenwerken met militaire onderzoeksprogramma’s. Eerder, op zondag 1 september, werden al andere bedrijven en minder bekende universiteiten uitgesloten in verband met raketkrachten en wapenontwikkeling.
Nederland, Syrië en de bredere reikwijdte van Chinese druk
De invloed van China gaat verder dan Oost-Azië. In Nederland draaide Den Haag in november 2025 een ingreep bij chipproducent Nexperia deels terug. De Nederlandse overheid had op maandag 30 september 2025 het bedrijf onder toezicht geplaatst en op dinsdag 7 oktober de Chinese topman Zhang Xuezheng vervangen, uit vrees dat technologie en activa naar China zouden worden overgeheveld. Nexperia is sinds 2018 in handen van Wingtech, een deels staatseigendom Chinees concern, en produceert een groot deel van de wereldwijd gebruikte autochips.
China reageerde begin oktober met exportbeperkingen op Nexperia-producten die in de Volksrepubliek worden gemaakt. Na onderhandelingen hief Peking op zondag 9 november het grootste deel van die beperkingen op. De Nederlandse minister van Economische Zaken, Vincent Karremans, kondigde op woensdag 19 november aan dat hij de eerdere inbeslagname opschort “als gebaar van goede wil”, hoewel de Chinese topman niet is teruggekeerd. Het dossier illustreert hoe afhankelijk de wereldwijde auto-industrie is van Chinese chipproductie en hoe Peking die positie kan inzetten om beleidswijzigingen af te dwingen.
Ook in het Midden-Oosten zoekt China invloed. Op maandag 17 november 2025 ontmoetten de Syrische minister van Buitenlandse Zaken Asaad al Shaibani en de Chinese minister van Buitenlandse Zaken Wang Yi elkaar in Peking. Syrië verzekerde dat het geen enkele groepering zal toestaan om vanaf Syrisch grondgebied Chinese belangen te schaden. In de gesprekken kwam nadrukkelijk de Turkestan Islamic Party en het daarmee verbonden East Turkestan Islamic Movement aan bod, groeperingen met Oeigoerse strijders die eerder in Syrië actief waren en door China als bedreiging worden gezien.
Peking toont zich bereid om deel te nemen aan de wederopbouw van Syrië, maar koppelt dat duidelijk aan voortgezette samenwerking op het vlak van terrorismebestrijding en het neutraliseren van Oeigoerse militanten in de regio. Daarmee schuift veiligheid ook hier naar voren als hoofdcriterium voor economische steun.
Zuid-Korea, Noord-Korea en Zuid-Chinese Zee blijven brandpunten
Op het Koreaanse schiereiland tekent zich een andere koers af onder de Zuid-Koreaanse president Lee Jae Myung. Zijn regering schaarde zich op dinsdag 19 november 2025 in de Derde Commissie van de Verenigde Naties achter een resolutie die de mensenrechtensituatie en het nucleaire programma van Noord-Korea veroordeelt. Eerdere progressieve regeringen in Seoul onthielden zich geregeld, in de hoop dat terughoudendheid de dialoog met Pyongyang zou vergemakkelijken. Lee zegt te mikken op een aanpak die tegelijk stevig reageert op schendingen en het gesprek openhoudt.
Tegelijk werken de Verenigde Staten en Zuid-Korea nauwer samen rond defensie. Beide landen kwamen op maandag 4 november 2025 overeen om een programma op te zetten voor nucleair aangedreven onderzeeërs en de gezamenlijke afschrikking te versterken. Noord-Korea reageert met nieuwe korteafstandsrakettesten en klaagt wat het beschrijft als vijandige Amerikaanse intenties aan. Volgens Zuid-Koreaanse bronnen leverde Rusland eerder dit jaar onderdelen voor een nucleaire onderzeeër aan Pyongyang, wat de bezorgdheid over verdere escalatie vergroot.
Verder naar het zuiden neemt de spanning tussen China en de Filipijnen toe. Op donderdag 14 en vrijdag 15 november 2025 hielden de Verenigde Staten, de Filipijnen en Japan gezamenlijke maritieme oefeningen in de West-Filipijnse Zee, met onder meer een Amerikaans vliegdekschip van de Nimitz-klasse. Kort daarop stuurde het Chinese Zuidelijk Theatercommando bommenwerpers voor een patrouille in de Zuid-Chinese Zee, officieel als waarschuwing tegen de gezamenlijke oefeningen.
Tijdens een bevoorradingsmissie van de Filipijnse kustwacht naar het wrak van een marineschip bij Second Thomas Shoal op donderdag 14 november werden communicatiesystemen verstoord door Chinese elektronische oorlogvoering. De dagen daarna werden volgens maritieme waarnemers in snel tempo extra Chinese kustwachtschepen en maritieme militieboten naar de basis op Subi-rif overgebracht. Het aantal schepen dat zijn positie uitzond ging in drie dagen tijd van vier naar 31. Dat wijst op voorbereidingen voor striktere handhaving rond betwiste eilanden zoals Thitu en Sandy Cay, met als doel de Filipijnen en hun bondgenoten het gebruik van strategische posities te bemoeilijken.
Bronnen:
Institute for the Study of War
Andy Vermaut +32499357495 (Als je een probleem hebt met de inhoud van een artikel, kan je me altijd mailen op info@indegazette.be – best zo weinig mogelijk mensen in cc zetten, want anders komt dit in de spamfilter terecht. Voor elk artikel geldt een recht op antwoord van betrokkenen tot 3 maanden na publicatie van het artikel)


