Na Brexit blijkt justitiële samenwerking VK-EU wél levensvatbaar – maar tegen welke prijs?

17 juni 2025

Toen de politie van Zone Secova op 10 april een Belgische fraudeur aanhield – internationaal gezocht voor miljoenenoplichting en btw-fraude in het VK – leek het een routineklus. Maar wat volgde, verdient meer dan een voetnoot in de na-Brexit-jurisprudentie. De man werd niet alleen uitgeleverd aan het Verenigd Koninkrijk (een primeur voor het parket Luik), zijn uitlevering op 5 juni op Zaventem symboliseert iets groters: een nieuwe, broze realiteit van grensoverschrijdende rechtshandhaving.

De Brexit-wonde die (nog) niet bloedt

De soepele overdracht was mogelijk dankzij ad-hocakkoorden die wederzijdse uitlevering “EU-stijl” garanderen. Een geruststellend signaal, zou je denken. Maar schijn bedriegt. Terwijl politici in Londen en Brussel zich op de borst kloppen over deze “onverminderde samenwerking”, rijst een prangende vraag: hoe duurzaam is dit compromis? De Brexit brak het vertrouwen in gedeelde rechtsprincipes; deze zaak bewijst dat samenwerking technisch kán werken, maar niet dat ze bestand is tegen politieke aardverschuivingen.

De wederkerigheid die wringt

Neem de parallelle uitlevering van de Albanees die België op 12 juni uit Londen terugkreeg. Een succesverhaal? Niet helemaal. De man – veroordeeld voor drugshandel, misdadige organisatie en identiteitsfraude – zat 100 dagen vast in Britse voorarrest, om vervolgens op borgtocht vrij te komen. Die vertraging toont een zeer belangrijk pijnpunt: procedures zijn formeel gelijkgetrokken, maar praktijkverschillen sluipen binnen. Waarom duurde het vier maanden om een reeds veroordeelde crimineel over te dragen? En wie betaalt de kosten als uitlevering zo lang op zich laat wachten?

Het ongemakkelijke evenwicht

De Luikse procureur mag tevreden zijn: twee zware zaken afgesloten dankzij nieuwe juridische bruggen. Maar achter de schermen knaagt de twijfel. Deze samenwerking berust op politieke goodwill, niet op gedeelde instellingen. Wat als een toekomstige Britse regering uitlevering als “soevereiniteitsverlies” gaat framen? De Albanees ontsnapte bijna aan uitlevering door borgtocht – een procedureel achterpoortje dat in een echt Europees aanhoudingsbevel niet had bestaan.

Kwetsbaar pact

Deze zaken tonen dat justitiële samenwerking post-Brexit overleeft, maar niet gedijt. Het is een kwetsbaar pact, afhankelijk van diplomatieke grillen en dure bilaterale onderhandelingen. Voor elke fraudeur die vliegt, zijn er tien bendeleden die profiteren van vertragingen en bureaucratische mazen. We moeten dit systeem vieren als pragmatische oplossing, maar niet als gelijkwaardig alternatief voor wat we ooit hadden. De echte test komt pas als politiek opportunisme de overhand krijgt – en dan is geen enkel internationaal opsporingsbericht waterdicht.

Andy Vermaut +32499357495