Russische aanvallen dwingen Europa tot debat over oorlogsschepen in de Zwarte Zee, Strafhof krijgt Sacharovprijs en Belgische Europarlementsleden trekken naar China en Hongarije

Straatsburg, vrijdag 23 oktober 2026 – Het Europees Parlement sluit zijn plenaire week af met besluiten en aankondigingen over oorlog, internationale gerechtigheid, economische afhankelijkheid, mensenrechten en de bescherming van democratische instellingen. Met 432 stemmen voor vraagt het Parlement dat de Europese Unie een militaire maritieme operatie in de Zwarte Zee overweegt, nadat Russische aanvallen volgens de aangenomen resolutie ook de civiele scheepvaart nabij Roemenië en Bulgarije hebben getroffen. Het Internationaal Strafhof in Den Haag ontvangt de Sacharovprijs 2026, terwijl Amerikaanse sancties de onafhankelijkheid en werkzaamheden van datzelfde Hof onder druk zetten. Het Parlement vraagt 47,39 miljard euro voor Erasmus+ en stuurt de komende dagen delegaties naar onder andere China, Hongarije, Bosnië en Herzegovina en Indonesië. Bij verschillende missies zijn Belgische Europarlementsleden betrokken. Vooral Sophie Wilmès, Kathleen Van Brempt en Rudi Kennes krijgen de komende week een rechtstreekse rol in gesprekken over de rechtsstaat en internationale handel. De besluiten uit Straatsburg tonen hoe Europese veiligheidsvraagstukken steeds vaker samenhangen met economische afhankelijkheden, handelsbetrekkingen en de bescherming van democratische rechten.
Europees Parlement houdt Rusland verantwoordelijk voor aanvallen op koopvaardijschepen
Het Europees Parlement heeft op donderdag 22 oktober 2026 een resolutie aangenomen over de veiligheidssituatie in de Zwarte Zee. De tekst werd goedgekeurd met 432 stemmen voor, 52 tegen en 88 onthoudingen. De Europarlementsleden veroordelen de recente dodelijke aanvallen op civiele koopvaardijschepen nabij de Bulgaarse en Roemeense kust. Ook de herhaalde schendingen van het Roemeense luchtruim worden veroordeeld. Volgens het Parlement zijn deze incidenten onderdeel van de Russische aanvalsoorlog tegen Oekraïne, die zich steeds nadrukkelijker laat voelen in het westelijke deel van de Zwarte Zee. Het Parlement beschouwt Rusland als verantwoordelijk voor aanvallen op civiele schepen en voor de verslechterende veiligheidsomstandigheden in de regio. Daarmee beperkt het probleem zich volgens de Europese volksvertegenwoordigers niet tot Oekraïens grondgebied. Ook schepen die internationale handelsroutes gebruiken en landen die deel uitmaken van de Europese Unie en de NAVO worden ermee geconfronteerd. De aangenomen resolutie is een politieke uitspraak van het Parlement en betekent op zichzelf geen besluit om Europese oorlogsschepen naar de regio te sturen.
Europese maritieme operatie moet volgens parlementair voorstel worden onderzocht
Het Parlement vraagt dat de Europese Unie en haar lidstaten onderzoeken of een maritieme operatie in de Zwarte Zee noodzakelijk en uitvoerbaar is. Zo’n operatie zou kunnen bijdragen aan de bescherming van de scheepvaart en maritieme infrastructuur. Volgens de resolutie raakt de veiligheid van de Zwarte Zee ook aan de bescherming van de oostelijke NAVO-lidstaten en de Donaudelta. De Europarlementsleden willen dat de NAVO de mogelijkheid onderzoekt van een afzonderlijk initiatief voor de regio, voortbouwend op bestaande gesprekken over een eventuele operatie onder de naam Black Sea Sentry. Een grotere samenwerking tussen Roemenië, Bulgarije en Turkije wordt daarbij als wenselijk beschouwd. Turkije heeft door zijn ligging aan de Bosporus en de Dardanellen een bijzondere positie bij de toegang tot de Zwarte Zee. De voorstellen vragen verdere afstemming met de betrokken landen en internationale instellingen. Over de concrete uitvoering, eventuele financiering en operationele opdracht van een Europese maritieme missie is met deze resolutie nog niet beslist.
Bulgarije krijgt kritiek op reactie tegenover Russische dreiging
De resolutie bevat kritiek op de houding van de Bulgaarse regering tegenover de Russische dreiging. De Europarlementsleden vinden dat Sofia onvoldoende duidelijk heeft gereageerd op de incidenten en op de gevolgen voor de regionale veiligheid. Zij vragen de Bulgaarse premier Rumen Radev om verzoeken om solidariteit tussen bondgenoten te laten samengaan met concrete maatregelen. Het Parlement dringt er ook op aan dat Bulgarije zijn deelname aan een NAVO-initiatief voor de verdediging tegen laagvliegende dreigingen niet langer uitstelt. Daarmee wordt verwezen naar Air Defence Capabilities Against Lower-level Air Threats, dat bedoeld is om de bescherming tegen onder andere drones te verbeteren. Het gaat hier om een politieke beoordeling van het Parlement. De Bulgaarse regering wordt in de aangenomen tekst aangesproken op haar diplomatieke houding en de uitvoering van veiligheidsafspraken. De Europarlementsleden spreken ook hun waardering uit voor de inzet van Roemeense en Bulgaarse reddingsdiensten, grenspolitie en bemanningen van koopvaardijschepen die hulp verleenden na incidenten op zee.
Roemenië en Bulgarije vragen bescherming tegen steeds moeilijker te onderscheppen drones
Het Europees Parlement wil dat lidstaten, in samenwerking met de NAVO, Roemenië en Bulgarije helpen bij de vroegtijdige detectie en opvolging van vijandige drones. De bescherming moet betrekking hebben op zowel het luchtruim als schepen en maritieme infrastructuur. Het Parlement vraagt tevens een snellere uitvoering van het Europese initiatief voor een veiligheidscentrum in de Zwarte Zee. Dat centrum is bedoeld om samenwerking rond maritieme veiligheid te ondersteunen en de bescherming van infrastructuur en het mariene milieu te verbeteren. Voor de financiering wordt onder andere verwezen naar eventuele niet-bestede middelen binnen het Europese SAFE-instrument voor defensiegerelateerde investeringen. De Europarlementsleden willen dat ook de volgende Europese meerjarenbegroting rekening houdt met veiligheidsbehoeften in de Zwarte Zeeregio. De resolutie noemt verder de bescherming van onderzeese telecommunicatie-, elektriciteits- en datakabels. Dergelijke verbindingen kunnen ernstige gevolgen ondervinden van beschadiging of sabotage. Het Parlement vraagt daarom beter maritiem toezicht, nauwere regionale samenwerking en afspraken over snelle reacties wanneer infrastructuur wordt bedreigd.
Internationaal Strafhof wint Sacharovprijs 2026
Op donderdag 22 oktober kondigde Roberta Metsola, voorzitter van het Europees Parlement, aan dat de Sacharovprijs voor de vrijheid van denken 2026 wordt toegekend aan het Internationaal Strafhof en zijn functionarissen. De onderscheiding erkent het werk van de internationale rechtbank bij onderzoeken en vervolgingen van personen die worden verdacht van genocide, oorlogsmisdaden, misdaden tegen de menselijkheid en het misdrijf agressie. Het Internationaal Strafhof is gevestigd in Den Haag en werkt op basis van het Statuut van Rome. Het is opgericht als een permanente internationale strafrechtbank die kan optreden wanneer nationale rechtssystemen niet bereid of niet in staat zijn om bepaalde ernstige misdrijven zelf te vervolgen. De rechtbank richt zich op de strafrechtelijke verantwoordelijkheid van personen, niet op de berechting van staten. De Sacharovprijs werd in 1988 ingesteld en draagt de naam van de Russische natuurkundige en dissident Andrej Sacharov. Het Europees Parlement reikt de prijs jaarlijks uit aan personen of organisaties die zich inzetten voor onder andere mensenrechten, vrijheid van meningsuiting, democratie en internationaal recht. De officiële ceremonie is voorzien tijdens de plenaire vergadering in Straatsburg in december 2026.
Europese steun aan Strafhof komt op moment van Amerikaanse sancties
De toekenning van de Sacharovprijs heeft een bijzondere achtergrond. Het Internationaal Strafhof en verschillende rechters, aanklagers en medewerkers worden sinds 2025 geconfronteerd met opeenvolgende Amerikaanse sanctiemaatregelen. Het Europees Parlement beschouwt die maatregelen als een bedreiging voor de internationale strafrechtspleging. De sancties kunnen gevolgen hebben voor de beroepsuitoefening en het persoonlijke leven van de betrokken functionarissen. In 2025 en 2026 hebben vertegenwoordigers van het Strafhof in parlementaire commissies toegelicht welke problemen daaruit voortvloeien. De Europese volksvertegenwoordigers willen dat de instelling haar onderzoeken en rechtszaken kan blijven uitvoeren zonder dat buitenlandse maatregelen de werking van het Hof onmogelijk maken. Alle lidstaten van de Europese Unie zijn partij bij het Statuut van Rome. Het Parlement beroept zich op die gezamenlijke betrokkenheid om politieke en financiële steun aan de internationale rechtbank te verdedigen. De prijsuitreiking vormt een erkenning, maar verandert op zichzelf niets aan de juridische werking van de Amerikaanse sancties.
Europese blokkeringsverordening opnieuw op tafel om rechters en aanklagers te beschermen
Het Europees Parlement vraagt de Europese Commissie om de mogelijkheden van de Europese blokkeringsverordening te benutten. Die verordening werd in 1996 ingevoerd om Europese marktdeelnemers te beschermen tegen de extraterritoriale toepassing van bepaalde buitenlandse wetten. Onder specifieke voorwaarden kunnen buitenlandse rechterlijke beslissingen binnen de Europese Unie buiten werking worden gesteld en kunnen getroffen ondernemingen schadevergoeding proberen te verkrijgen. Het toepassingsgebied is echter afgebakend: de bestaande regeling is niet zonder meer van toepassing op elke Amerikaanse sanctie tegen het Internationaal Strafhof. Daarvoor zijn verdere Europese beslissingen noodzakelijk. Het Parlement wil voorkomen dat banken, dienstverleners en andere ondernemingen uit vrees voor buitenlandse sancties hun samenwerking met het Strafhof beëindigen. De kwestie raakt aan de vraag hoe de Europese Unie de onafhankelijkheid van een internationale rechtbank kan beschermen wanneer buitenlandse economische maatregelen gevolgen hebben voor de werking ervan. Naast politieke verklaringen vragen de Europarlementsleden daarom juridische en financiële maatregelen.
Sophie Wilmès leidt Europese delegatie naar Hongarije
Van maandag 26 tot woensdag 28 oktober 2026 reist een delegatie van de parlementaire commissie Burgerlijke Vrijheden, Justitie en Binnenlandse Zaken naar Boedapest. De Belgische Europarlementariër Sophie Wilmès van Renew Europe leidt de delegatie. Het bezoek is bedoeld om informatie te verzamelen over de toestand van de rechtsstaat, de democratie en de grondrechten in Hongarije na de parlementsverkiezingen van april 2026. Volgens het Europees Parlement heeft de nieuwe Hongaarse premier toezeggingen gedaan om de rechtsstaat te herstellen en het land opnieuw in overeenstemming te brengen met Europese en internationale normen. De delegatie wil nagaan hoe die voornemens zich vertalen naar bestuurlijke maatregelen en de werking van democratische instellingen. De missie vindt plaats op verzoek van de parlementaire toezichtsgroep voor democratie, rechtsstaat en grondrechten. Tijdens het verblijf staan gesprekken gepland met vertegenwoordigers van de regering, parlementaire commissies, oppositiepartijen, het Grondwettelijk Hof, de Nationale Raad voor de Rechtspraak en instellingen die corruptie bestrijden. Ook vertegenwoordigers van maatschappelijke organisaties en de Hongaarse media worden geraadpleegd.
Nederlandse, Poolse, Italiaanse, Finse, Griekse, Slowaakse en Hongaarse parlementsleden nemen deel
Naast Sophie Wilmès nemen zeven andere Europarlementsleden deel aan de missie in Hongarije. Tineke Strik uit Nederland vertegenwoordigt de Groenen/EVA en is rapporteur voor de artikel 7-procedure over Hongarije. Michal Wawrykiewicz uit Polen vertegenwoordigt de Europese Volkspartij. Alessandro Zan uit Italië neemt deel namens de socialistische S&D-fractie. De Hongaar András László vertegenwoordigt Patriotten voor Europa. Sebastian Tynkkynen uit Finland maakt deel uit van ECR, Konstantinos Arvanitis uit Griekenland vertegenwoordigt The Left en Milan Uhrík uit Slowakije neemt deel namens Europa van Soevereine Naties. De aanwezigheid van verschillende fracties maakt het mogelijk dat uiteenlopende politieke opvattingen rechtstreeks betrokken worden bij de beoordeling. Het doel is informatie te verzamelen over de toestand van de rechtsstaat en de uitvoering van aangekondigde hervormingen. Een definitieve parlementaire beoordeling kan niet worden afgeleid uit de aankondiging van het bezoek zelf.
Kathleen Van Brempt en Rudi Kennes reizen naar China voor handelsgesprekken
Van dinsdag 27 tot donderdag 29 oktober 2026 reist een delegatie van de commissie Internationale Handel naar China. De Belgische Europarlementsleden Kathleen Van Brempt van S&D en Rudi Kennes van The Left maken deel uit van de groep. De delegatie staat onder leiding van Bernd Lange, de Duitse voorzitter van de commissie Internationale Handel. Het gaat om het tweede bezoek van een delegatie van deze commissie aan China; het vorige vond plaats in 2018. De Europarlementsleden bezoeken Peking, Hangzhou en Shanghai. Op de agenda staan onder andere handelsbelemmeringen voor Europese ondernemingen, toegang tot de Chinese markt, industriële subsidies, afhankelijkheid van kritieke grondstoffen en de gevolgen van goedkope Chinese invoer voor bedrijven en werknemers in de Europese Unie. Ook nieuwe Europese industrieplannen en afspraken over de invoer van hybride auto’s worden besproken. Het bezoek volgt op contacten tussen EU-commissaris voor Handel Maroš Šefčovič en vertegenwoordigers van de Chinese overheid.
Europees handelstekort met China bedraagt volgens parlementaire toelichting ongeveer één miljard euro per dag
Voorzitter Bernd Lange verwijst naar een Europees handelstekort met China van ongeveer één miljard euro per dag. Dat bedrag wordt gebruikt om de omvang van de economische betrekkingen en de bestaande onevenwichten te beschrijven. De Europese Unie importeert grote hoeveelheden Chinese goederen, terwijl Europese ondernemingen volgens parlementaire analyses op verschillende terreinen worden geconfronteerd met beperkte toegang tot de Chinese markt. Een ander discussiepunt is de productiecapaciteit van Chinese ondernemingen, die met steun van overheidsbeleid tegen lage prijzen goederen kunnen aanbieden op buitenlandse markten. De delegatie wil daarover in gesprek gaan met Chinese overheidsinstanties en met vertegenwoordigers van Europese ondernemingen die in China actief zijn. Ook gesprekken met vertegenwoordigers van het Internationaal Monetair Fonds en de Wereldbank zijn voorzien. In Hangzhou bezoekt de delegatie de technologiebedrijven Unitree en BrainCo. Daarmee wordt ook gekeken naar Chinese technologische ontwikkelingen en de positie van Europese bedrijven in internationale concurrentieverhoudingen.
Twaalf Europarlementsleden nemen deel aan handelsmissie naar Peking, Hangzhou en Shanghai
De volledige handelsdelegatie bestaat uit Bernd Lange, Pascal Canfin, Juan Ignacio Zoido Álvarez, Kathleen Van Brempt, Enikő Győri, Jaak Madison, Markéta Gregorová, Rudi Kennes, Angelika Niebler, Jörgen Warborn, Brando Benifei en Engin Eroglu. De leden vertegenwoordigen verschillende politieke fracties en lidstaten. De gesprekken worden gevoerd in een periode waarin de Europese Unie sterker wil inzetten op eigen industriële productie en op het beperken van economische afhankelijkheden die bij internationale spanningen tot bevoorradingsproblemen kunnen leiden. Vooral de toegang tot kritieke grondstoffen en technologieën speelt daarbij een rol. De Europese Unie en China behoren tot elkaars grote handelspartners. Een handelsmissie levert niet automatisch nieuwe overeenkomsten op. Het doel van dit bezoek is informatie verzamelen, rechtstreeks overleg voeren en de handelsproblemen bespreken die in het Europees Parlement verder moeten worden behandeld.
Europarlementsleden onderzoeken buitenlandse inmenging in Bosnië en Herzegovina
Van maandag 26 tot woensdag 28 oktober 2026 reist een parlementaire delegatie naar Sarajevo om mogelijke buitenlandse inmenging en hybride bedreigingen te onderzoeken. De delegatie bestaat uit leden van de bijzondere commissie voor het Europese democratieschild en staat onder leiding van Nathalie Loiseau uit Frankrijk. Ook Mika Aaltola uit Finland, Ana Catarina Mendes uit Portugal en Cristian Terheș uit Roemenië nemen deel. De missie richt zich op desinformatie, cyberaanvallen, economische beïnvloeding en andere vormen van inmenging die democratische instellingen kunnen treffen. De Europarlementsleden willen nagaan welke kwetsbaarheden bestaan binnen Bosnië en Herzegovina en wat dat kan betekenen voor het Europese toetredingsproces. Daarbij wordt onderzocht hoe buitenlandse informatiecampagnes kunnen ingrijpen op politieke besluitvorming en verkiezingen. Ook de rol van digitale platformen, de bescherming van verkiezingsprocedures en eventuele tekortkomingen in wetgeving worden besproken. De delegatie ontmoet vertegenwoordigers van de overheid, parlementaire commissies, onderzoeksinstellingen, media en maatschappelijke organisaties.
Europese democraties moeten beter bestand zijn tegen cyberaanvallen en manipulatie
Het onderzoek in Bosnië en Herzegovina maakt deel uit van werkzaamheden rond het Europese democratieschild. Dit beleidsterrein richt zich op de bescherming van democratische instellingen en verkiezingsprocessen tegen buitenlandse inmenging en manipulatie. In landen met kwetsbare instellingen kunnen beïnvloedingscampagnes, financiële afhankelijkheden en cyberaanvallen gevolgen hebben voor het publieke debat en de uitvoering van politieke beslissingen. De Europarlementsleden willen vaststellen welke maatregelen nodig zijn om de weerbaarheid van Bosnië en Herzegovina te vergroten. Het land bevindt zich in een Europees toetredingstraject, waardoor de werking van de democratische instellingen ook vanuit het perspectief van Europese integratie wordt beoordeeld. De geplande gesprekken dienen om mogelijke beleidsaanbevelingen voor de Westelijke Balkan uit te werken. De aankondiging van de missie bevat geen conclusies over concrete schuldigen of vastgestelde buitenlandse operaties. Die beoordeling moet gebaseerd worden op het onderzoek en de gesprekken ter plaatse.
Europese mensenrechtencommissie bezoekt Indonesië en bespreekt rechten van vrouwen, kinderen en minderheden
Van dinsdag 27 tot donderdag 29 oktober 2026 reist een delegatie van de subcommissie Mensenrechten naar Indonesië. De Europarlementsleden bezoeken Jakarta en Bandung. Het bezoek staat onder leiding van Mounir Satouri van de Groenen/EVA uit Frankrijk. De delegatie bestaat verder uit Isabel Wiseler-Lima uit Luxemburg, Adrián Vázquez Lázara uit Spanje, Marta Temido uit Portugal, Robert Biedroń en Arkadiusz Mularczyk uit Polen, Petras Auštrevičius uit Litouwen en Marc Jongen uit Duitsland. In Jakarta worden gesprekken gepland met nationale autoriteiten, parlementsleden, vertegenwoordigers van maatschappelijke organisaties en leden van de Indonesische Nationale Mensenrechtencommissie. Ook organisaties die betrokken zijn bij ASEAN en de interparlementaire samenwerking in Zuidoost-Azië worden geraadpleegd. De gesprekken gaan over burgerlijke vrijheden, vrouwenrechten, kinderrechten, minderheidsrechten, internationaal recht en de verhouding tussen economische activiteiten en mensenrechten. In Bandung zal de delegatie lokale organisaties ontmoeten en projecten bekijken die met Europese middelen worden ondersteund.
Handelsrelaties tussen Europa en Indonesië worden ook aan mensenrechten getoetst
Het bezoek aan Indonesië vindt plaats terwijl de Europese Unie en Indonesië werken aan verdere verdieping van hun economische betrekkingen. De afronding van een uitgebreide economische partnerschapsovereenkomst en een overeenkomst over investeringsbescherming vormt de achtergrond van de missie. De Europarlementsleden willen dat mensenrechten onderdeel blijven van de gesprekken over handel en internationale samenwerking. Daarbij wordt aandacht besteed aan de verantwoordelijkheid van ondernemingen voor hun activiteiten en aan de gevolgen van economische projecten voor lokale bevolkingsgroepen. Ook internationale rechtspraak en de vraag hoe ernstige mensenrechtenschendingen juridisch kunnen worden behandeld, staan op de agenda. De delegatie zal in Bandung gesprekken voeren met lokale groepen en de uitvoering van projecten met Europese financiering bekijken. Het bezoek is bedoeld om rechtstreeks informatie te verzamelen over omstandigheden in Indonesië en om het Europees-Indonesische overleg over mensenrechten verder te ontwikkelen.
Europees Parlement vraagt 47,39 miljard euro voor Erasmus+ tussen 2028 en 2034
Op donderdag 22 oktober 2026 nam het Europees Parlement zijn onderhandelingsmandaat aan voor de volgende periode van Erasmus+. Volgens het officiële parlementaire persbericht werd de tekst goedgekeurd met 454 stemmen voor, 34 tegen en 93 onthoudingen. Het Parlement vraagt een budget van 47,39 miljard euro, tegenover 40,8 miljard euro in het voorstel van de Europese Commissie. Daarmee wil het Parlement de mogelijkheden voor onderwijsuitwisselingen, opleidingen, jongerenactiviteiten, vrijwilligerswerk en sport verruimen. In de voorgestelde verdeling gaat 74,6 procent van de middelen naar onderwijs en opleiding, 15 procent naar jeugd en vrijwilligerswerk en 4,1 procent naar sport. De Europese Commissie moet bij de uitvoering rekening houden met verschillen in woonkosten, huurprijzen en inflatie tussen landen, regio’s en steden. Volgens het Parlement moeten beursbedragen periodiek kunnen worden aangepast aan de werkelijke kosten. Ook studenten en medewerkers van beroepsopleidingen en sporters uit de breedtesport moeten makkelijker kunnen deelnemen. De integratie van het Europees Solidariteitskorps en het Europees vrijwilligerswerk voor humanitaire hulp maakt eveneens deel uit van de voorstellen.
Erasmusbeurzen moeten rekening houden met woonkosten en lange reisafstanden
De parlementaire voorstellen richten zich niet uitsluitend op de omvang van het budget. Een student die een uitwisseling overweegt, kan worden geconfronteerd met hoge huurprijzen of vervoerskosten die de toegekende beurs onvoldoende compenseert. Daarom vraagt het Parlement meer aandacht voor plaatselijke verschillen in levensonderhoud. Reizen vanuit afgelegen regio’s of naar bestemmingen die moeilijk bereikbaar zijn, kunnen eveneens hogere kosten veroorzaken. De voorstellen willen voorkomen dat jongeren met beperkte financiële middelen daardoor uitgesloten blijven. Ook de samenwerking met andere Europese programma’s krijgt aandacht. Genoemd worden Horizon Europe, het Europese Concurrentievermogensfonds, Global Europe en fondsen die nationale en regionale partnerschappen ondersteunen. Op bepaalde studie- en onderzoeksgebieden zouden aanvullende beurzen kunnen worden gefinancierd via dergelijke programma’s. Rapporteur Bogdan Zdrojewski uit Polen verdedigde het voorstel namens de Europese Volkspartij. Het Parlement kan pas onderhandelen over de definitieve regeling en de financiering zodra ook de lidstaten hun volledige onderhandelingspositie hebben vastgesteld.
Europees Parlement plant onderzoek naar arbeidsomstandigheden bij Amazon in Duitsland en Polen
De commissie Werkgelegenheid en Sociale Zaken stuurt op maandag 26 en dinsdag 27 oktober 2026 een delegatie naar distributiecentra van Amazon in Dortmund en Katowice. De Europarlementsleden willen ter plaatse nagaan hoe werknemers worden ingezet in magazijnen met zowel geautomatiseerde als handmatige processen. Vertegenwoordigers van werknemers hebben volgens de aangekondigde parlementaire missie melding gemaakt van een zeer hoge werkdruk, intensieve controle, gezondheidsproblemen en praktijken die vakbondswerking zouden bemoeilijken. De delegatie zal gesprekken voeren met werknemers en hun vertegenwoordigers. De missie moet inzicht geven in de dagelijkse werkomstandigheden en de gevolgen van nieuwe technologieën voor arbeid. De genoemde klachten zijn beweringen die door werknemersvertegenwoordigers naar voren zijn gebracht. De aangekondigde missie vormt op zichzelf geen vaststelling dat de onderneming in alle genoemde gevallen regels heeft overtreden. De Europarlementsleden willen de omstandigheden zelf bekijken en informatie verzamelen die bij verdere parlementaire werkzaamheden kan worden gebruikt.
Europese delegatie reist naar Den Haag na onderscheiding voor Internationaal Strafhof
De commissie Juridische Zaken plant op woensdag 28 oktober 2026 een bezoek aan het Internationaal Strafhof in Den Haag. Het bezoek sluit aan bij de beslissing van het Europees Parlement om het Strafhof en zijn medewerkers de Sacharovprijs 2026 toe te kennen. De Europarlementsleden willen hun solidariteit uitspreken met de instelling, die onder druk staat door Amerikaanse sancties en internationale politieke meningsverschillen over strafrechtelijke vervolging. Het bezoek maakt deel uit van de parlementaire aandacht voor de onafhankelijkheid van de internationale rechtspraak. Naast de toekenning van een onderscheiding wil het Europees Parlement bekijken hoe de Europese Unie het Strafhof kan ondersteunen bij het voortzetten van zijn werkzaamheden. Het bezoek heeft een politieke en institutionele betekenis. Het is geen rechtszaak, geen onderzoek naar een specifieke verdachte en geen besluit over de toepassing van sancties.
Europese delegatie volgt vervroegde verkiezingen in Servië
Zeven Europarlementsleden maken deel uit van een internationale waarnemingsmissie voor de vervroegde Servische parlementsverkiezingen die volgens de bekendgemaakte agenda op zondag 25 oktober 2026 plaatsvinden. De missie loopt van vrijdag tot maandag. Verkiezingswaarnemers volgen onder andere de organisatie en het verloop van verkiezingen en verzamelen informatie over de omstandigheden waarin kiezers hun stem uitbrengen. De betrokken delegatie maakt deel uit van een bredere internationale waarneming. De aankondiging bevat geen verkiezingsresultaten en evenmin een beoordeling van het verkiezingsproces. Die kunnen pas worden vastgesteld op basis van de waarnemingen en de officiële verdere procedures. Voor de Europese Unie is de werking van democratische instellingen in Servië ook van belang voor de betrekkingen met het land en zijn Europese perspectief.
Europees-Latijns-Amerikaanse parlementaire vergadering bijeen op Tenerife
Van dinsdag 27 tot donderdag 29 oktober 2026 komt de Euro-Latijns-Amerikaanse Parlementaire Vergadering, EuroLat, bijeen in Santa Cruz de Tenerife in Spanje. Ongeveer veertig parlementsleden uit Europa, Latijns-Amerika en het Caribisch gebied nemen deel aan de zeventiende plenaire bijeenkomst. De deelnemers bespreken de betrekkingen tussen beide regio’s, geopolitieke vraagstukken en voorstellen voor verdere samenwerking. EuroLat vormt een parlementair overlegorgaan waarin volksvertegenwoordigers uit verschillende landen gezamenlijke thema’s behandelen. De aangekondigde vergadering is bedoeld om de stand van de relaties en de vooruitzichten voor samenwerking te bespreken. Over concrete gezamenlijke besluiten wordt in de aankondiging nog geen informatie gegeven.
Europese delegatie naar India bespreekt strategische samenwerking
Een delegatie van de commissie Buitenlandse Zaken reist van maandag 26 tot woensdag 28 oktober naar India. De Europarlementsleden ontmoeten Indiase vertegenwoordigers, overheidsfunctionarissen en niet-gouvernementele organisaties. De gesprekken hebben betrekking op de strategische agenda tussen India en de Europese Unie en op internationale geopolitieke vraagstukken. India is voor Europa een gesprekspartner op het gebied van handel, veiligheid en internationale diplomatie. De aangekondigde missie richt zich op het uitwisselen van standpunten en het bespreken van actuele ontwikkelingen. Welke concrete resultaten het overleg zal opleveren, is vooraf niet bekend.
Japan ontvangt Europese delegaties over defensie-industrie en volksgezondheid
Van dinsdag 27 tot donderdag 29 oktober bezoeken leden van de commissies Veiligheid en Defensie en Volksgezondheid Japan. De defensiedelegatie bespreekt mogelijkheden voor nauwere samenwerking tussen Europese en Japanse defensiebedrijven. Daarbij komen gezamenlijke aankopen en de overdracht van technologie aan bod. De delegatie voor Volksgezondheid richt zich op samenwerking rond geneesmiddelen, biotechnologie en gezond ouder worden. Ook geestelijke gezondheid maakt deel uit van de gesprekken. Het Europees Parlement wil via de bezoeken rechtstreeks informatie verzamelen over mogelijkheden voor samenwerking. Er worden in de bekendgemaakte agenda geen concrete contracten of bindende overeenkomsten aangekondigd.
Meer Europese aandacht voor kunstmatige intelligentie, emissiehandel en methaanregels
De plenaire agenda van donderdag 22 oktober bevatte ook debatten en stemmingen over kunstmatige intelligentie, chemische producten, klimaatbeleid en handelsgerelateerde onderwerpen. Tijdens een debat met EU-commissaris Jozef Síkela bespraken de Europarlementsleden de Europese strategie voor mondiale afspraken over het bestuur van kunstmatige intelligentie. Een afzonderlijk debat betrof de vereenvoudiging van regels voor cosmetica, de indeling en etikettering van chemische stoffen en meststoffen. Het Parlement behandelde eveneens voorstellen over de toekenning van gratis emissierechten aan de industrie en de mogelijke uitgestelde toepassing van bepaalde regels voor methaanuitstoot. Ook de veiligheid in verband met Houthi-aanvallen, de Europese positie voor de klimaatconferentie COP31 in Antalya en het cohesiebeleid in grensregio’s in het oosten van de Europese Unie stonden op de stemagenda. De dagagenda vermeldt de behandelde onderwerpen, maar levert op zichzelf niet voor ieder dossier de definitieve uitslag of de uiteindelijke juridische tekst op. Daarom kunnen die stemresultaten niet uit de agenda alleen worden afgeleid.
Europese sancties tegen Russisch sabelbont leiden tot parlementaire vragen
Tijdens de plenaire werkzaamheden van donderdag 22 oktober stond ook de beslissing van de Europese Commissie om sancties tegen Russisch sabelbont op te heffen op de agenda. Europarlementsleden wilden EU-commissaris Jozef Síkela hierover ondervragen. Volgens de parlementaire aankondiging waren de betrokken sancties pas enkele maanden voordien ingevoerd. Het onderwerp raakt aan de vraag hoe Europese sancties worden vastgesteld, gewijzigd en toegepast. De dagagenda geeft echter geen volledige motivering voor de opheffing en bevat geen uitkomst van het aangekondigde debat. Een verdere beoordeling van de maatregel vereist de betrokken juridische besluiten en de toelichting van de Europese Commissie.
Roberta Metsola bezoekt Malta en ontmoet studenten
Voor de week van maandag 26 oktober tot zondag 1 november 2026 staat ook een bezoek van Europees Parlementsvoorzitter Roberta Metsola aan Malta op de agenda. Op dinsdag 27 oktober ontmoet zij Carmelo Abela, voorzitter van het Maltese Huis van Afgevaardigden. Tijdens de week zijn ook ontmoetingen met studenten op Malta en Gozo voorzien. Het bezoek sluit aan bij de institutionele contacten van de voorzitter van het Europees Parlement. De aangekondigde activiteiten hebben betrekking op parlementaire vertegenwoordiging en contacten met jongeren. In de bekendgemaakte agenda worden geen concrete nieuwe wetgevende voorstellen aan deze gesprekken gekoppeld.
Europese veiligheid, handel en mensenrechten bepalen de werkzaamheden na Straatsburg
De parlementaire werkzaamheden van 22 en 23 oktober 2026 brengen verschillende beleidsvraagstukken samen. In de Zwarte Zee vraagt het Parlement militaire en technische maatregelen tegen aanvallen die de veiligheid van schepen en Europese infrastructuur bedreigen. In Den Haag krijgt het Internationaal Strafhof een Europese onderscheiding, terwijl de discussie over bescherming tegen Amerikaanse sancties voortduurt. De komende week onderzoekt Sophie Wilmès de rechtsstaat in Hongarije. Kathleen Van Brempt en Rudi Kennes nemen deel aan gesprekken over Europese handelsbelangen in China. Andere delegaties richten zich op buitenlandse inmenging in Bosnië en Herzegovina, mensenrechten in Indonesië, arbeidsomstandigheden bij Amazon, verkiezingswaarneming in Servië en samenwerking met India, Japan en Latijns-Amerika. De aangekondigde bezoeken moeten nog plaatsvinden. De parlementaire resoluties en onderhandelingsmandaten die reeds zijn aangenomen, leggen politieke posities vast, maar vergen op verschillende onderdelen nog uitvoeringsbesluiten of onderhandelingen met de lidstaten. Die verschillen bepalen welke gevolgen de Europese besluiten op korte termijn daadwerkelijk hebben.
Bronnen
Europese Parlement – officiële berichten van 22 en 23 oktober 2026:
- Aanvallen in de Zwarte Zee: Europees Parlement vraagt onderzoek naar maritieme operatie
- Internationaal Strafhof en zijn functionarissen winnen Sacharovprijs
- Rechtsstaat in Hongarije: bezoek aan Boedapest
- Europese delegatie onderzoekt hybride bedreigingen in Bosnië en Herzegovina
- Europarlementsleden bezoeken China voor handelsgesprekken
- Mensenrechtendelegatie reist naar Indonesië
- Erasmus+ 2028–2034: parlementair onderhandelingsmandaat
- Parlementaire agenda van 26 oktober tot en met 1 november 2026
Andy Vermaut +32499357495 (Als je een probleem hebt met de inhoud van een artikel, kan je me altijd mailen op info@indegazette.be – best zo weinig mogelijk mensen in cc zetten, want anders komt dit in de spamfilter terecht. Voor elk artikel geldt een recht op antwoord van betrokkenen tot 3 maanden na publicatie van het artikel. AI wordt gebruikt als redactioneel hulpmiddel. De journalist controleerde de inhoud en feiten.)
Steun de onafhankelijke journalistiek van indegazette.be
Onafhankelijke journalistiek vraagt tijd, onderzoek en de bereidheid om politieke beslissingen en internationale belangen kritisch te blijven volgen. Andy Vermaut, hoofdredacteur van indegazette.be, zet zich dagelijks en grotendeels onbezoldigd in voor berichtgeving over Europese besluitvorming, oorlog en vrede, internationale rechtspraak, mensenrechten en de gevolgen van politieke keuzes voor burgers. Dit gebeurt zonder dat sponsors of betrokken bestuurders bepalen welke vragen gesteld mogen worden.
Wie dit onafhankelijke journalistieke werk wil ondersteunen, kan rechtstreeks een vrijwillige bijdrage leveren via:
Steun Andy Vermaut via Buy Me a Coffee
Iedere bijdrage, groot of klein, helpt Andy Vermaut om onafhankelijk onderzoek voort te zetten, belangrijke dossiers op te volgen en verhalen te publiceren die anders onvoldoende aandacht krijgen. Ook een maandelijkse bijdrage kan een wezenlijk verschil maken.
Steun vandaag de onafhankelijke journalistiek van indegazette.be. Jouw bijdrage maakt verder onderzoek mogelijk.


